Bulgarije sluit z’n immigranten gewoon lekker op

By Martin Tsekov

 
 
In 1994 verhuisde Oladotun Oluwapelumi met zijn moeder van Nigeria naar Bulgarije, om zich bij z’n vader te voegen, die daar studeerde. Ze kregen langdurige verblijfsvergunningen en werden productieve burgers. Ola ging naar school, en zijn vader richtte zijn eigen vertaalbureau op. Ola’s vader stierf later onverwacht. Zijn moeder ging toen terug naar Nigeria, en Ola had niet genoeg geld om zijn verblijfsvergunning te verlengen. In 2006 werd hij opgepakt door de politie omdat hij geen ID-kaart had. Hij bracht zestien maanden door in het Speciale Centrum voor de Tijdelijke Opvang van Buitenlanders in de wijk Bousmantsi in Sofia, ondanks het feit dat hij geen enkele misdaad had begaan, behalve dan zijn illegale verblijf in Bulgarije—dat twaalf jaar lang zijn thuis was geweest. 
 
De 'speciale centra' van Bulgarije zijn eigenlijk gewoon gevangenissen voor immigranten. De officiële functie van deze centra (er is er een in Bousmantsi en een in Lyubimet, die in totaal zevenhonderd mensen kunnen opvangen) is om illegale immigranten vast te houden tot ze gedeporteerd worden. Maar veel van de gedetineerden zijn vluchtelingen die asiel wilden aanvragen en vast zijn komen te zitten in het systeem. Het gebeurt vaak dat immigranten die bij de grens worden aangehouden, direct naar deze locaties worden gebracht. Die locaties zijn beveiligd met prikkeldraad, zware metalen deuren en beveiligingscamera’s. Meestal krijgen de asielzoekers weinig juridische hulp als ze eenmaal binnen zijn.
 
Als vluchtelingen de juiste procedures weten te doorlopen, kunnen ze in opvangcentra worden geplaatst waar ze vrij zijn om te komen en gaan wanneer ze willen, totdat hun asielaanvraag is verwerkt. Dit lukt echter bijna nooit. In 2011 kregen van de 890 asielzoekers die een aanvraag indienden, maar 10 een vluchtelingenstatus toegewezen. Vaak is het zo dat mensen die vluchten uit Afrika of het Midden-Oosten worden aangehouden aan de grens en naar Bousmantsi worden gestuurd, zelfs als ze zeggen dat ze asiel willen aanvragen. Het Bulgaarse Helsinki Comité zegt dat 63% van de asielzoekers die in 2011 het land binnenkwamen, aangeklaagd werden voor het illegaal oversteken van de grens. Deze aanklachten zijn niet alleen een overtreding van de Geneefse conventie, maar ook van de Bulgaarse wet. 
 
Het aanvragen van asiel kan een lang en zwaar proces zijn, en asielzoekers zitten soms meer dan achttien maanden vast in de Bulgaarse detentiecentra. Dit heeft tot protesten geleid tegen de manier waarop immigranten zowel binnen als buiten de centra worden behandeld: in het begin van dit jaar stak een Marokkaanse gevangene zijn matras in brand als protest tegen de afwijzing van zijn aanvraag.
 
Niet alle asielzoekers zijn daadwerkelijk op de vlucht voor politieke vervolging, natuurlijk. Sommige van de gedetineerden zijn alleen op zoek naar een beter leven, en vragen asiel aan om gevangenisstraffen in hun eigen land te ontlopen. Maar zoals Ola’s zaak aantoont, zijn er ook anderen die het slachtoffer zijn van omstandigheden, en eerder wel legale inwoners van Bulgarije waren.
 
Ola werd vrijgelaten in 2008 nadat hij claimde dat hij homoseksueel was, en vervolgd zou worden als hij terugkeerde naar Nigeria. Hij is nu 24 jaar oud, blut en wacht nog steeds op een permanente verblijfsvergunning. Hij heeft ook nog steeds geen ID-kaart, en kan dus niet werken. Het enige dat hij heeft is een 'Registratiekaart voor een Buitenlander' die hem toestemming geeft om in het land te wonen. “Ik heb deze kaart alleen zodat ze kunnen zien dat ik besta,” zegt hij. “Maar voor de wet besta ik eigenlijk niet.”
 

Comments