Crammed discs
Links : Zazou Bikaye (foto : Xavier Lambours). Rechts : oprichter Marc Hollander (photo : Samuel Kirszenbaum).
Cultuur

Het legendarische Brusselse platenlabel waar je nog nooit van hebt gehoord

Crammed Discs staat al bijna 40 jaar bekend als één van de meest grensverleggende labels ter wereld.
06 maart 2020, 10:00am

Het legendarische en “resoluut onafhankelijke” Brusselse platenlabel Crammed Discs heeft al sinds 1981 een bijzondere passie heeft voor muziek afkomstig uit zowat heel de wereld. Crammed Dics zag daglicht tijdens de hoogdagen van post-rock en new-wave. Sindsdien heeft het label de grenzen tussen verschillende soorten muziek, taal en klanken steeds weer opnieuw weten te doorbreken. Hun releases gaan van rock, Congolese muziek en techno tot zeldzame ‘tradimoderne’ fusies, een Congolese term voor de muziek van artiesten als Konono N°1 en Kasai Allstars. Noem het vooral geen ‘wereldmuziek’ want die term bestaat in hun universum simpelweg niet. Dat was een beslissing waarmee ze een kleine revolutie teweeg brachten en genres als Dabkeh, Kuduro en Bossa Nova hielpen om ook bij ons serieus te worden genomen.

Bijna veertig jaar later zet Crammed Discs zijn wereldtournee verder en blijft het avant-gardistische goudklompjes opgraven. Aan het hoofd van het label staat Marc Hollander, die nog steeds geen greintje van zijn genialiteit heeft verloren.

Wij spraken met hem af om het te hebben over de geschiedenis van Crammed Discs, waarom hij ‘wereldmuziek’ zo’n zinloze term vind en na 30 jaar pauze weer op een podium te staan.

“Where is Marc ?” - RTBF documentaire over Crammed Discs en oprichter Marc Hollander (1987)

VICE : Dag Marc. Welke rol heeft Brussel gespeeld in jouw carrière?
Marc: Ik hoop dat je je namiddag hebt vrijgehouden, want als we ver terug in de tijd gaan, zullen we hier nog wel een flink tijdje zitten. Dus: ik ben opgegroeid in het Brussel van de jaren 60 - een bijzondere stad, zoals je wel weet. In tegenstelling tot landen als Frankrijk of Engeland, is er hier geen nationale cultuur die sterk genoeg is om buitenlandse invloeden tegen te houden. Dat geldt ook voor de muziek: er geen sterke eigen traditie, maar wel een veelheid aan invloeden.

Ik ben opgegroeid met yéyé en Engelse pop. Als tiener werd ik nieuwsgieriger en ik wilde mijn muziekuniversum verruimen. Dus leende ik platen uit van de Discothèque Royale de Belgique (vandaag bekend als Point Culture). Daar ontstond mijn passie voor niet-Europese muziek, free-jazz, blues en psychedelische muziek.

In die tijd was livemuziek trouwens nog een schaars goed in Brussel: er waren niet veel plekken om muzikanten live aan het werk te zien buiten de Ancienne Belgique. Dus namen we de ferry naar Londen - de stad waar ik toen mijn eerste concerten bijwoonde. Kort daarna besloot ik zelf ook muziek te maken. Dus volgde ik een paar lessen, regelde ik een opnametoestel en begon ik mijn eerste nummers te maken.

Aksak Maboul - Onze Danses Contre la Migraine (1977)

Je eerste album, ‘Onze Danses Contre la Migraine’, releaste je als deel van het duo Aksak Maboul in 1977. Hoe kwam je erbij om zo’n explosieve cocktail van Rock, Jazz en Tribale Muziek te maken?
In 1977 wilde Marc Moulin – een invloedrijke Belgische radiomaker, die later bekend werd als de producer van Lio – een label beginnen: Kamikaze. Hij heeft me toen carte blanche gegeven voor een solo album. Ik begon er alleen aan, maar iets later kwam Vincent Kenis erbij: hij was een goede vriend van me. En zo ontstond Aksak Maboul. Met ‘Onze Danses Contre la Migraine’, wilde ik alles waarvan ik hield mengen op een grappige manier en vol energie: hedendaags, rock, psychedelisch, Berbers slagwerk, pseudo-balkanachtige muziek en elektronische tracks die, naar het schijnt, de voorloper waren van techno tien jaar later. Toen we het album in 2003 opnieuw uitbrachten, besefte ik dat deze plaat eigenlijk een soort roadmap bleek te zijn geweest voor alles wat we erna deden met Crammed Discs. Het label vloeide voort uit wat we deden met Aksak Maboul - een ongecompliceerde mix van stijlen, genres en culturen die ontstond via een heleboel samenwerkingen.

Jullie zijn met Crammed Discs begonnen in 1980. Waarom besloten jullie juist dan een platenlabel te lanceren?
Het was voor ons een manier om vrijer te kunnen omgaan met onze muziek, en de hele productieketen zelf te controleren. Moederbedrijf Vogue Label had kort daarvoor besloten om een einde te maken aan Kamikaze van Marc Moulin. Dus besloot ik Aksak Maboul's platen zelf uit te brengen. Ik stuurde ze dan op naar bands die ik bewonderde, zoals Henry Cow, en begon een netwerk op te bouwen. In die tijd zag je plots overal allerlei onafhankelijke labels opduiken. Ik kreeg de smaak te pakken en ging aan de slag met Hanna Gorjackzowska, met wie ik tot op de dag van vandaag ben blijven samenwerken. Zij doet het minder glamoureuze aspect van ons werk: distributie, marketing, enzovoort. Om eerlijk te zijn: zonder haar was het label waarschijnlijk nooit zo lang blijven bestaan.

The Honeymoon Killers - Décollage (Les Tueurs de la Lune de Miel, 1982)

Vanaf 1893 verlegden jullie je focus naar het ondersteunen van nieuwe artiesten. De eerste artiesten die bij jullie tekenden, zoals Minimal Compact, Tuxedomoon of Band Apart, werken al meer dan 30 jaar met jullie samen. Is trouw blijven belangrijk in de muziek?
Natuurlijk is dat belangrijk. Een onafhankelijk label onder leiding van een muzikant is geen ontmenselijkt, groot muziekbedrijf dat bakken geld heeft. Voor ons is het dus essentieel om goede relaties te onderhouden met onze artiesten.

Van de experimentele new-wave van Minimal Compact en de reizen van Hector Zazou tot de techno van Carl Craig: Crammed Discs staat bekend voor muziek die genres en grenzen bewust overschrijdt. Hoe slaag je erin om op al die gebieden tegelijk aanwezig te zijn?
Minimal Compact en Hector Zazou waren absoluut twee van de belangrijkste namen uit de eerste tien jaar van ons bestaan. Maar dan waren er ook nog Tuxedomoon, Colin Newman's albums, de compilaties van Made to Measure... Ik weet niet of er één typisch soort profiel was waartoe we ons aangetrokken voelden.

De rijkdom van Crammed Discs is ontstaan uit onze weigering om ooit stil te blijven zitten. Dat heeft soms zelfs in ons nadeel gespeeld. Mensen willen dat je altijd bij één bepaald beeld blijft. In die tijd was het moeilijk te begrijpen hoe één iemand geïnteresseerd kon zijn in stijlen die elkaar zogezegd zo sterk ‘tegenspraken’; zoals experimentele rock, traditionele Congolese muziek en techno uit Detroit.

25 jaar Crammed Discs in zeven minuten

Eind jaren 80 ontstond dan acid house, en later ook new beat en techno. Rock journalisten hadden een hekel aan techno: "Crammed, maken jullie nu dit soort klote muziek?" In die tijd had ik soms het gevoel dat eender wat we deden, het nooit goed was voor hen. Dus moesten we wel een techno-sublabel, SSR, oprichten om de orde wat op zaken te stellen.

Daarmee hebben we de Freezone compilaties uitgebracht, maar ook platen van grote artiesten als Carl Craig of Kevin Saunderson. Later gebruikten we dezelfde strategie voor niet-Europese artiesten en creëerden we Cramworld en Ziriguiboom, internationale sublabels die ons twee van onze grootste hits opleverden: Zap Mama en Bebel Gilberto. Naarmate de jaren 2000 vorderden, werd muzikaal eclecticisme steeds meer geaccepteerd en konden we stoppen met die sublabels.

Zap Mama - Mupepe (Adventures in Afropea, 1994)

Met artiesten als Konono n°1, Balkan Beat Bow, Taraf de Haïdouks of Yasmine Hamdan specialiseerde Crammed zich geleidelijk aan in sounds uit het (verre) buitenland. Wat vind jij eigenlijk van de term ‘wereldmuziek’?
Heb je nog even? Want daar kan ik eigenlijk urenlang over praten. In 1980 verwees ‘wereldmuziek’ naar alles wat een etnomusicologisch kantje had, maar bijvoorbeeld ook naar Italiaanse pop. Bij ons ging het dan om alles wat niet Franstalig was. En in Verenigd Koninkrijk werden Franse Chansons dan weer geclassificeerd als ‘wereldmuziek’.

Vandaag de dag zijn die strikte onderscheiden steeds meer aan het verdwijnen, en heeft de term “wereldmuziek” een slechte bijklank gekregen, omdat het eigenlijk een oversimplificatie is. Neem bijvoorbeeld elektronische muziek: mensen overal ter wereld maken elektronische muziek. Zijn de releases van het Oegandese label Nyege Nyege dan meer world, of toch eerder electro? Is het ‘wereldmuziek’, of simpelweg muziek?

Al die genres worden eigenlijk alleen maar gebruikt door journalisten en in platenzaken. Pas op, er bestaan wel degelijk een aantal basiscategorieën, maar goede muziek weet die altijd te overstijgen. Dat is ook exact waar het ons om gaat bij Crammed Discs. Neem bijvoorbeeld Minimal Compact, een Iraaks-Israëlische groep die new wave maakt. Of Zazou Bikaye, die brengen ultra-futuristische nummers in het Congolees. Wij noemen zo’n releases liever ‘transnationale muziek’: muziek die mensen uit verschillende landen samenbrengt rond een gemeenschappelijk project, waarbij grenzen en barrières tussen talen, landen en muzikale genres verbroken worden.

In 2014 kwam je opnieuw samen met Véronique Vincent om het album ‘Ex-Futur’ te releasen. Kan je ons wat meer vertellen over dat avontuur?
Ex-Futur is het derde album van Aksak Maboul. Véronique en ik waren er eigenlijk al aan begonnen in 1983. We wilden iets revolutionairs, misschien wel een beetje te revolutionair. Maar dan is Véronique beginnen schilderen, kregen we twee kinderen en nam ook Crammed Discs steeds meer van onze tijd in beslag… Uiteindelijk besloten we de handdoek in de ring te gooien en bleef Ex-Futur bleef meer dan dertig jaar onder het stof liggen.

In 2014 werd de tijd gunstiger voor dit soort project. Dus restaureerde ik de demo's die in 1983 waren opgenomen en probeerde ik het hele album te reconstrueren met instrumenten uit die tijd. De plaat werd goed ontvangen en we kregen zelfs weer concertaanvragen binnen. Dat was echt ondenkbaar: ons laatste optreden was zo’n dertig jaar geleden, maar toch lieten we ons er opnieuw toe verleiden! Vreemd genoeg gebeurde het allemaal vrij natuurlijk. Een paar maanden later gingen we op tournee en speelden we 35 concerten over heel Europa.

Véronique Vincent et Aksak Maboul.

Jullie huidige rooster bestaat uit Belgische, Franse, Nigeriaanse, Oegandese, Chileense en Palestijnse artiesten: veel nationaliteiten en veel verschillende genres. Waar sta je na veertig jaar ontdekken?
Het huidige rooster probeert alles uit de geschiedenis van Crammed Discs weer samen te brengen. Met artiesten als Acid Arab, Ekiti Sound of Juana Molina zijn we echt van alle markten thuis. We hadden het al eerder over loyaliteit: onze artiesten willen ook een carrière op te bouwen. We doen er dan ook alles aan om daarvoor te zorgen als artiesten die bij ons tekenen.

Je neemt dit jaar deel ook aan Listen Festival!, dat de hele Belgische scene in Brussel samenbrengt. Ben je trots op de plek die Brussel vandaag de dag inneemt op muzikaal vlak?
Hoe kan ik niet verheugd zijn over wat er allemaal in Brussel aan het gebeuren is? Toen we met Crammed Discs begonnen, waren er hier nog veel minder boeiende plekken, en ook veel minder creatieve activiteiten. Hoewel de stad een aangename en relatief goedkope omgeving biedt waar kunstenaars zich altijd al door aangetrokken voelden, waren mensen toen toch grotendeels op zichzelf aangewezen.

Wij zijn blij om Acid Arab, Zenobia of Ekiti Sound te mogen verwelkomen op onze avond op Listen! Festival. Het zijn artiesten van overal en nergens, een beetje zoals Crammed Discs eigenlijk.

Ekiti Sound ft. Tasti Dosh - Miss Dynamite (Abeg No Vex, 2019)

Krijg elke week onze 10 beste verhalen gemaild: schrijf je nu in voor de gratis VICE-newsletter.

Volg VICE België op Facebook, Twitter en Instagram voor meer originele verhalen over alles wat ertoe doet in de wereld.

Tagged:België