Identiteit

Wat het met je doet als je lief zich als trans of non-binair out

"Ik cijferde me makkelijk weg, omdat ik het gevoel had dat het vooral rond hem en zijn transitie moest gaan. Maar in feite zijn je gevoelens als partner even belangrijk", vertelt Cheyenne (21) uit Gent.

door Tilke Wouters
18 oktober 2019, 12:00pm

Illustratie door Ashley Goodall via

Tijdens mijn relatie met iemand die als non-binair uit de kast kwam, merkte ik dat dat ook heel wat emoties en vragen bij mezelf losmaakte. Dus ging ik op zoek naar meer informatie daarover, of mensen die ik erover kon spreken, maar de resultaten waren enorm schaars. Voor partners van non-binaire of transpersonen is er weinig tot geen toegankelijke informatie.

Tijd om daar verandering in te brengen door het woord geven aan een aantal Belgische partners van mensen die uit de kast kwamen omdat hun genderidentiteit of -expressie niet overeenkomen met hun toegewezen geboortegeslacht.

Hoe was het om dat als partner mee te maken? Vier partners beschrijven de positieve kanten, maar ook de struikelmomenten die ze beleefden. En ze vertellen je ook wat je kan doen als je zelf in een gelijkaardige situatie terecht komt.

Cheyenne (21)

partner-transgender-non-binair
Illustratie door Ashley Goodall via

Senne ging in transitie toen we een maand samen waren. Hij is daar altijd heel open over geweest. Hij had wel periodes dat hij niet goed in zijn vel zat. Dat zorgde ervoor dat we bijvoorbeeld lang geen seks hadden, terwijl ik daar wel nood aan had. Dat bracht dan ook spanningen met zich mee.

In het begin van het transitieproces ging ik regelmatig mee naar de gesprekken in het ziekenhuis. De eerste keer dat ik meeging, werd ons gevraagd of we al over kinderen hadden nagedacht. Ik was op dat moment nog maar twee maanden samen met Senne. Dat was dus een hele zware vraag om plots op mijn bord te krijgen. Tijdens de gesprekken in het ziekenhuis lag de focus vooral op Senne, en was er amper ruimte voor mijn ervaring.

Ik had graag de optie gehad om ook in gesprek te kunnen gaan en meer informatie te krijgen. Nu moest ik het vooral doen met boeken en het internet. Ik heb ook bij psychologen een tekort aan kennis over lhbt+-thema’s bemerkt, terwijl ik eigenlijk vind dat elke psycholoog daar thuis in zou moeten zijn, en lhbt+ geen specialisatie zou moeten zijn.

Eigenlijk ging ik een gelijkaardig proces door als Senne. We hadden allebei onze vragen en angsten, maar ik sprak me daar minder over uit omdat ik het gevoel had dat het vooral rond Senne moest gaan. Ik cijferde me makkelijk weg, maar in feite zijn je gevoelens als partner even belangrijk. Mensen moeten hun oogkleppen meer leren afzetten, en dat kan alleen maar gebeuren als we al deze dingen meer bespreekbaar maken. Praten is zo belangrijk. Ook de eerlijkheid erin.

Ook in de media gaat het altijd over de trans personen zelf, maar weinig tot nooit over de mensen uit zijn omgeving. Dat is nochtans niet onbelangrijk, want juist de steun van die omgeving zorgt ervoor dat de transitie makkelijker kan verlopen. Tijdens de opnames van M/V/X [reeks die het leven volgt van vijf Vlaamse transgenders, red.] werd er wel veel aandacht aan mij gegeven. Ik was een deel van het verhaal, wat fijn was. Er wordt nog te vaak gefocust op het negatieve, dus vond ik het belangrijk om in de serie ook te tonen dat relaties goed kunnen blijven werken tijdens de transitie.

Jitske (26)

Jitske-Van-de-Veire
Foto door Tilke Wouters

Sinds een jaar is Marthe bewust uit de kast als non-binair en gebruikt die de voornaamwoorden die/hun en zij/haar. Ik had al langer een vermoeden dat dat leefde bij Marthe en zag gaandeweg veranderingen in kledij en onzekerheid over hun lichaam.

In het begin was het makkelijk om heel begripvol te zijn en regelde ik bijvoorbeeld een binder [kledingstuk om de borsten af te binden, red.] voor Marthe. Pas later sloeg de onzekerheid bij mezelf toe. Er spookten heel wat twijfels in mijn hoofd. Zou Marthe ooit in transitie gaan? En wat zou dat dan voor ons betekenen?

Ik had het gevoel dat mijn eigen identiteit aan het verdwijnen was en ik vroeg me af of ik als vrouw die zich lesbisch noemt wel genoeg was. Ik worstelde met mijn eigen labels. Moest onze lesbische relatie nu een queer relatie worden? Binnen de gemeenschap voelde ik ook de druk om hier automatisch heel oké mee te zijn en voelde ik weinig ruimte voor mijn eigen beleving van alles.

Het aanpassen van voornaamwoorden, ons seksueel leven dat veranderingen doorging, je omgeving die vragen stelt: alles was enorm wennen. Er was ook weinig informatie te vinden over wat non-binair juist is en hoe je dat als partner ervaart. Er waren weinig mensen waarmee ik in gesprek kon gaan en het taboe over non-binair weegde ook door op mij.

Wat mij uiteindelijk veel geholpen heeft, was in gesprek gaan met een handvol queer vrienden die gelijkaardige ervaringen hadden en informatie opzoeken bij het Transgender Infopunt. Jezelf informeren is zeker een goed idee. Als je weet waar je juist mee te maken hebt, is het gemakkelijker om er voor elkaar te zijn. Stel de weg die je partner aan het afleggen is ook niet in vraag, maar praat uit je eigen gevoel.

Sandra (32)

Sandra
Foto door Tilke Wouters

Fleur voelt zich noch man, noch vrouw en identificeert zich als non-binair. Toen ik Fleur leerde kennen, was hun genderexpressie nog niet zo uitgesproken als nu.

Anderhalf jaar geleden was ik een transpersoon beginnen volgen op Instagram. Op een dag betrok ik Fleur daarbij, maar die lachtte dat eerst weg. Diezelfde avond kwam Fleur echter met een doos verzamelde vrouwelijkere kleren uit de kelder. Dat was het eerste moment dat we er een echt gesprek over hadden. Het feit dat we beiden protestants waren, heeft het gesprek enorm tegengehouden.

Ondertussen staan we heel wat verder. Fleur heeft Genderspectrum VZW mee opgestart en is met hun job gestopt. Daarvoor was Fleur een protestantse godsdienstleerkracht, net als ik. Ze hebben hen niet verplicht om te stoppen op hun werk, maar Fleur kreeg heel wat commentaar. De stress werd te groot.

In het onderwijs moet er nog veel veranderen. Men is bang om met jonge kinderen te spreken over lhbt+- onderwerpen. Daarmee wordt vaak liever gewacht tot het middelbaar, en gender wordt vaak helemaal niet besproken.

Ik maak me zorgen over Fleurs veiligheid. We zijn aan het kijken om een huis te kopen, maar we moeten rekening houden met de veiligheid van de buurt waar we gaan wonen. We voelen dat mensen zich sinds de verkiezingen minder geremd voelen om te discrimineren.

Voor mij was het eerst moeilijk om samen met Fleur naar buiten te gaan. Mensen noemen Fleur vaak homo omwille van hun genderexpressie, terwijl die zich als hetero indentificeert. Eerst worstelde ik daar wel mee, maar ondertussen ben ik er al veel in gegroeid en wil ik gewoon liefde kunnen tonen. Het is ook super om te gaan shoppen met Fleur. De hele verandering van kledij kost heel wat geld, maar ik ben enorm trots op Fleur en hoe die er uitziet.

Ik ga af en toe eens ook met hun mee naar Genderspectrum, maar ik wil niet te veel aanwezig zijn. Dat is niet mijn plaats, maar een veilige plaats voor hen. Ik wil dat niet verstoren.

Ik zou mensen die in eenzelfde situatie belanden vooral aanraden al hun vragen gewoon te stellen aan hun partner. Als het te moeilijk is om ze uit te spreken, schrijf ze neer. En als er niet onmiddellijk antwoorden zijn, probeer dan vooral rust te vinden.

Ann-Sophie (25)

In het anderhalf jaar dat ik samen ben met Han, besefte ik al vrij snel dat die zich niet comfortabel voelde in de constructies van gender. Voor mij is dat nooit een shock geweest: Han is altijd Han geweest voor mij. Het moeilijkste waren de voornaamwoorden die veranderden naar die/hun.

Binnen onze relatie heeft het weinig veranderd. Het is vooral in de communicatie met anderen dat het voelbaar is. Wanneer ik zei dat ik een partner had, werd er al snel binair gedacht, en het vraagt energie om elke keer uit te leggen dat ik niet samen ben met een man of een vrouw.

Taal is in dat opzicht het grootste probleem. Met Han heb ik daar een aantal discussies over gehad. Voor mij is taal niet zo belangrijk, maar voor hen wel enorm. Door daarover in gesprek te gaan, besef ik dat veel mensen wel op taal gefocust zijn. Soms stellen mensen het belang van de voornaamwoorden die/hun in vraag, zeker omdat het in het Nederlands toch nog anders klinkt dan they/them in het Engels. Voor mij, en voor mensen in het algemeen, is het echter een kleine moeite om ons taalgebruik aan te passen en ervoor te zorgen dat Han, en anderen die niet in het binaire genderconstruct zitten, zich comfortabel voelen.

Ik heb ook het geluk dat ik vanaf het begin een goede queer gemeenschap rond mij heb gehad. Ook online, op Pinterest of Queer It Up, vond ik veel informatie en kon ik in gesprek gaan met anderen. Partners van mensen die non-binair zijn, vond ik niet onmiddellijk in mijn omgeving.

Ik heb het voordeel gehad dat ik mezelf nooit veel labels heb aangemeten qua seksualiteit, maar onmiddellijk queer geclaimd heb. Daardoor heb ik me nooit in een nieuw hokje moeten plaatsen.

Om alles zo goed mogelijk te laten verlopen, is het belangrijk om te communiceren met je partner en hen bij te staan in hun communicatie met anderen, zoals mensen verbeteren wanneer die misgenderd wordt. Je moet ook niet bang zijn om hulp te vragen.

Uiteindelijk gaat het om het besef dat jouw gevoelens even gerechtvaardigd zijn als die van jouw partner, om zo allebei te leren hoe je het beste met elkaars beleving omgaat.

Wil je elke zaterdag een overzicht van onze beste verhalen toegestuurd krijgen? Schrijf je dan nu in voor onze newsletter.

Volg VICE België ook op Instagram.

Tagged:
transgender
België
Identiteit
non-binair