Een avondje dromen met de fans van Union Saint-Gilloise

Pas bij een nederlaag krijg je het echte gezicht van een club te zien.

|
31 januari 2019, 1:01pm

Mis nooit meer iets van VICE: schrijf je in voor onze newsletter.

Afgelopen dinsdagavond was het Dudenpark in Brussel het decor van een klein stukje voetbalgeschiedenis. De Brusselse tweedeklasser Union Saint-Gilloise is op dan moment namelijk nog volop aan het dromen van de bekerfinale. Ik breng de avond door tussen haar vurige supporters, waaronder de fans van het eerste uur, die bekend staan als de Union Bhoys. Iedereen keek uit naar deze historische halve finale: een overwinning tegen Mechelen zou voor Union de voorlaatste horde zijn om de Europa League te bereiken - iets waar een paar maanden terug niemand hier van had durven dromen.

USG slaagde er in een eerdere ronde al in om hun reusachtige Brusselse rivaal Anderlecht te verslaan met een overduidelijke 3-0. Dat zorgde voor euforie bij de fans, die naast de oude garde ondertussen ook uit heel wat bio-hipsters bestaan.

De spanning en de sfeer op de avond van de halve finale is zo groot dat er zelfs supporters uit Brugge naar de hoofdstad zijn afgereisd. Niet om op de tribunes te zitten, maar om de match te bekijken in een van de naburige cafés. “We zijn hier om de match van dichterbij te zien”, zegt Jos me. De tickets voor deze match vlogen even snel de deur uit als bekers bier tijdens de rust. Daarom kom ik ook heel wat mensen tegen die nog op zoek zijn naar een plekje op de tribunes, zoals Ahmed en zijn zoon van acht. Hij vertelt me dat hij een ticket van 10 euro kan overkopen voor 60 euro, maar dat wil hij niet. De supporters zijn duidelijk niet de enigen die denken dat vanavond alles mogelijk is.

1548853462753-usg-0004ok

Ik heb eigenlijk ook geen kaartje en begin te overwegen om de match gewoon te volgen vanuit het clubhuis van Union. Dat is een de waar veel doorgewinterde fans, heel wat beginners en zelfs een paar voormalige spelers die naar de bar rennen om een biertje te bestellen.

Binnen spot ik ex-speler Ignazio Cochierre, die zich hier rustig heeft geïnstalleerd in een trenchcoat en blauwgele sjaal. Kort daarna begint een deel van de Union Bhoys, dat zichzelf 'de Apaches' noemt, te zingen: “Viva Ignazio, viva Ignazio, il préfère le stoemp au pesto.” Apache was de bijnaam van een groep gewelddadige misdadigers in Parijs aan het begin van vorige eeuw. In 1902 besloten de Union-spelers die naam over te nemen, omdat ze zo strijdlustig en populair waren.

Andere USG-fans vertellen me over recentere tijden, toen de spelers - toen nog in klasse D4 - na hun wedstrijden pinten kwamen pakken in het clubhuis. Een van hen legt uit dat zijn grootmoeder hem een pet in de kleuren van de club had genaaid. En dan slaan de mensen rond ons weer aan het zingen:

« Bruxelles,
Ma ville,
Je t’aime,
Je porte ton emblème,
Tes couleurs dans mon cœur,
Et quand vient le week-end,
Au parc Duden,
Je chante pour mon club,
Allez l’Union »

Er komt steeds meer leven in de brouwerij. Veel fans zijn nog steeds op zoek naar tickets. "Dit is de eerste keer dat er zoveel mensen op zoek zijn naar tickets en er geen kunnen bemachtigen. Als je wilt, neem ik je mee onder mijn jas”, zegt een van de vaste klanten tegen me. Ik bedank hem, maar zeg dat ik liever op zoek ga naar een legale manier om binnen te geraken. Grappen in de stijl van "Voor 100 ballen geef ik je mijn plaats" en gekwelde telefoontjes met "Heb je echt geen plek meer over?” zijn overal te horen. Ondertussen groeit het enthousiasme van de fans. "Ici c’est Saint-Gilles", beginnen ze nu te zingen.

1548853485181-usg-0014ok

Dit is inderdaad Saint-Gilles, ook al bevinden we ons in principe in Vorst. Maar hier is het toch Saint-Gilles, want dit is al sinds meer dan een eeuw de thuishaven van Union. Even verhuisden ze naar het nationale Koning Boudewijnstadion, maar na renovatiewerken keerden ze toch weer terug naar het Marienstadion in het Dudenpark.

Een man roept: 'Wie wil er nog een plekje?!' Ik natuurlijk. 15 euro later sta ik op de tribunes.

Terwijl ik naar de TV tuur en stilaan het eerste fluitsignaal verwacht, hoor ik plots geroep: “Wie wil er nog een plekje?!” Ik natuurlijk. 15 euro later sta ik op de tribunes. Op een avond als deze is nu eenmaal alles mogelijk. Mijn geluk kan niet op, want in het stadion blijk ik vlakbij de Union Bhoys te zitten. Samen heffen we onze glazen en zingen:

« On reste au bar
On tient ce putain de comptoir
Et on va continuer à boire
Et on va chanter
sans jamais rien lâcher
Allez, allez, allez USG »

Dan begint de wedstrijd. Het publiek springt, het bier stroomt en ik voel een bijzondere soort spanning rondom me terwijl de tribunes strijdlustig bruisen. Vergeleken met de opkomst voor Union, zijn de supporters van Mechelen een beetje eenzaam en dus ook wat discreter. Er zijn misschien wel een of twee heethoofden aan hun kant, maar bij Union zijn dat er veel meer. Natuurlijk wordt er vanuit de tribunes geroepen wanneer een tegenstander te snel valt, wanneer de scheidsrechter een Union-speler bestraft, maar eigenlijk gaat het hier vooral om de collectieve energie die uit dit unionistische platform naar voren komt.

Het is net een grote familie wiens leden hun liefde voor de club, de stad en het bier met elkaar delen, en uit ontevredenheid ook wel eens hun beker richting veld gooien. "De laatste keer dat we dat deden, op verplaatsing, werden we gestraft", zegt een van de vrouwen die de voor de match achter de bar stond in het clubhuis.

Uit het niets scoort De Camargo in de 29e minuut de 0-1 voor Mechelen. Nu is het aan hen om herrie te maken. Aan de kant van Saint-Gilloise wordt er plots iets minder fanatiek met de vlaggen gezwaaid. Maar al snel herstellen ze weer. "Ici c’est Saint-Gilles!" Tijdens de rust halen we bier, zeggen we dat het er niet zo goed uitziet, maar we het hoofd niet gaan laten hangen.

1548853528570-usg-0003ok

Eens de spelers weer op het veld verschijnen, staat het stadion in vuur en vlam. Bijna letterlijk. Ook de spelers geven alles wat ze kunnen. Ondanks enkele grote kansen voor Union, is het uiteindelijk Mechelen dat er opnieuw in slaagt om te scoren: 2-0. Pas bij een nederlaag zie je het echte gezicht van een club. Een beetje zoals wanneer Liverpool-supporters ‘You’ll never walk alone’ zingen wanneer het slecht loopt voor hun team.

De Union Bhoys doen het op hun manier, en slagen erin heel het stadion op te zwepen. We geven niet op. De spelers op het veld ook niet. Union-speler Lemoine slaagt er met een goeie actie in de eer van zijn club te redden, de tussenstand is nu 2-1. Een minuut later moeten brandweermannen een vuurtje aan de zijkant van het veld doven, en nog iets later is het aan de scheidsrechter om een ander soort vuur te doven, door het spel af te fluiten.

Het einde van de match zorgt bij de Union-supporters voor teleurstelling en verdriet, maar ze gaan niet snel naar huis. Union Saint-Gilloise, de meest Brusselse club van heel de hoofdstad, stond op twee matchen van de Europa League. Da’s niet niks. En dus zingt iedereen in koor: “We blijven aan de bar. We houden van deze verdomde toog. En we zullen blijven drinken.”

Volg VICE België razendsnel op Instagram.

1548854614045-usg-00013okok