Broadly

'We werden gehersenspoeld': de vrouwen die uit Noord-Korea wisten te ontsnappen

Mensen die uit het Kluizenaars Koninkrijk weten te ontsnappen, betalen een hoge prijs voor hun vrijheid: hun familie loopt het gevaar om geëxecuteerd te worden, en schuldgevoelens en achtervolgingswaanzin komen veel voor.

door Bobbie van der List
28 februari 2018, 9:01am

In Japan staan de Noord-Koreaanse vissersboten inmiddels bekend als spookschepen.

In 2017 werden er in totaal 104 van zulke schepen ontdekt bij de westkust van Japan. Twee jaar geleden werden er 66 boten gevonden, aldus de Japanse kustwacht. Vaak werden er in of vlakbij de schepen dode lichamen gevonden van Noord-Koreaanse burgers.

Analisten zeggen dat de toename van aangespoelde Noord-Koreaanse schepen een direct resultaat is van het ernstige voedseltekort daar, wat weer een resultaat is van de hardere sancties die in de laatste jaren aan Noord-Korea zijn opgelegd.

De spookschepen, en het grote aantal granaten dat Noord-Korea heeft afgevuurd richting Japans grondgebied, stroken niet met de ingestudeerde diplomatie tussen Noord- en Zuid-Korea, die te zien was tijdens de openingsceremonie van de Olympische Winterspelen 2018 in Pyeongchang: Kim Jong-uns zus, Kim Yo-jong, zat slechts meters verwijderd van de Zuid-Koreaanse president Moon-Jae-in.

Noord-Koreaanse overlopers die inmiddels in Japan wonen, weten wel beter dan te geloven in de farce van zulke ‘glimlachdiplomatie’. De nieuwsberichten over spookschepen brengen dan ook een golf van pijnlijke herinneringen aan voedseltekorten en ellende met zich mee.

Ik ontmoet Eiko Kawasaki (75 jaar) in een winkelcentrum in een buitenwijk van Tokio. Tot ze meer dan tien jaar geleden naar Japan vluchtte, had ze überhaupt geen idee dat dergelijke plekken bestonden.

Kawasaki’s verhaal heeft wel wat weg van een Orwelliaanse thriller. Ze werd in 1942 geboren als kind van twee Koreaanse ouders, die in Japan waren gearriveerd tijdens de Japanse bezetting van een toen nog verenigd Korea. “Vlak na de oorlog ging het niet goed met de Japanse economie, en wij zainichi [etnische Koreanen die in Japan wonen] hadden een lage maatschappelijke positie,” vertelt ze.

Nadat de Koreaanse Oorlog Korea in tweeën deelde, lanceerde het bewind in het noorden een repatriëringscampagne om Koreanen die in andere Aziatische landen leefden terug te laten keren. “Ik kende het communisme alleen uit mijn schoolboeken,” zegt Kawasaki. “Japan was destijds arm, dus het was een aantrekkelijke optie om te ondervinden hoe het nou eigenlijk was om in een communistisch land te wonen.” Daar kwam nog eens bij dat de Noord-Koreaanse overheid gratis educatie, huisvesting, gezondheidszorg en kleding beloofde. “Ik vertrok in m’n eentje, en mijn familie zou later volgen.”

Kawasaki vertrok per boot – in totaal zouden zo’n 93.000 zainichi dezelfde reis maken – en herinnert zich nog maar al te goed hoe ze in de haven aankwamen. “Mensen schreeuwden naar ons dat die beloftes van gratis voedsel en gezondheidszorg allemaal leugens waren. ‘Ga terug,’ riepen ze naar ons. Maar dat konden we niet.”

Eiko Kawasaki wijst naar de regio in Noord-Korea waar ze voorheen woonde met haar familie, ver weg van de hoofdstad Pyongyang

Eiko Kawasaki wijst naar de regio in Noord-Korea waar ze voorheen woonde met haar familie, ver weg van de hoofdstad Pyongyang

Het ergste was nog dat Kawasaki niet terug kon keren naar Japan: de Noord-Koreaanse overheid verbood het hen. Ze was nu een gevangene van het Noord-Koreaanse regime.

Kawasaki besloot dan maar een zo normaal mogelijk leven te leiden, zo goed als ze kon. Ze deed haar best op school en haalde haar diploma als ingenieur, kreeg een goede baan, trouwde met een Noord-Koreaanse man en kreeg vijf kinderen met hem.

Pas toen begon de echte ellende. “Ik kon mijn familie niet vertellen dat het leven buiten Noord-Korea zoveel beter was. Ze hadden me misschien aangegeven bij de overheid: als ik kwaad had gesproken over het regime, was ik mogelijk in de gevangenis beland. En ik wist niet wat mijn kinderen precies dachten, maar ik weet wel dat ze op school gehersenspoeld werden.”

Haar kinderen wantrouwden iedereen, behalve de partij en de almachtige leider, Kim Jong-il. “Ik durfde met hen niet over mijn leven in Japan te praten, of mijn wens om uit Noord-Korea te vertrekken. Op een dag realiseerde ik me dat ik moest ontsnappen. Mijn man was al overleden, en ik zou nog liever doodgaan in Noord-Korea dan er nog een dag langer te moeten blijven.”

Noord-Koreaanse schoolkinderen die in Pyongyang op weg zijn hun respect te betuigen aan de Noord-Koreaanse leider – ze werpen achterdochtige blikken op buitenlandse bezoekers

Ze liet haar kinderen helemaal niets weten over haar geplande vertrek. “Dan zou ik verraad riskeren, of zou ik ze medeplichtig maken aan mijn misdaad. Het was geen kwestie van vertrouwen of gebrek daaraan, maar ik moest uitgaan van het ongunstigste scenario.”

Maar een van haar vijf kinderen heeft sindsdien ook besloten over te lopen vanuit Noord-Korea. “We zijn buren in Tokio,” zegt ze met een grote glimlach. “Ik maak me wel zorgen over mijn andere vier kinderen. Tot november van vorig jaar heb ik langer dan een jaar geen contact met ze kunnen maken. Gelukkig ontving ik in november een brief, waarin stond dat alles goed met ze gaat.”

In een rustige buurt van Tokio ontmoet ik nog een ander Noord-Koreaanse vrouw, Mitsuko (47 jaar) met de Japanse Hiroshi Kato, die voor de ngo Life Funds for North Korean Refugees werkt. Deze organisatie biedt hulp aan vrouwelijke overlopers.

Misuko’s naam is aangepast om haar privacy te beschermen. In 2011 vluchtte ze naar Japan, en al snel realiseerde ze zich dat haar ontsnapping consequenties had voor degenen die ze achterliet. “Toen ik ontsnapte, werd mijn zwager gevangen genomen, gemarteld en vermoord in de gevangenis. Een andere zwager verloor zijn baan als directeur van een groot ziekenhuis.”

Mitsuko (niet haar echte naam) geeft er de voorkeur aan onherkenbaar op de foto te gaan. Ze is nog steeds bang voor wraak vanuit het Noord-Koreaanse regime

Kato zit naast Mitsuko, en knikt met zijn hoofd. “Je moet begrijpen dat het Noord-Koreaanse regime een obsessie heeft met het in bedwang houden van hun eigen mensen, dat is het systeem waar ze in leven. En het legt ook uit waarom ze, zelfs nu ze in Japan woont, nog steeds bang is.”

Tijdens ons gesprek in een fastfoodrestaurant verkent ze continu angstig haar omgeving. De achtervolgingswaanzin waarmee ze is opgegroeid in Noord-Korea is nooit helemaal verdwenen. Ze legt uit hoe er in Noord-Korea sprake is van een zogenaamde drie-generatieregel. Dat betekent dat een hele familie kan worden gestraft als een van de familieleden een misdrijf begaat. Overlopen wordt als een van de ergste misdaden beschouwd.

Als kind vroeg Mitsuko zich altijd af hoe het leven buiten Noord-Korea eruitzag. “Ik droomde van een leven buiten Noord-Korea,” zegt ze. “Ik wist dat ik een abnormaal leven leidde. Ik kan me niet herinneren dat ik daar ooit gelukkig was.” Haar jeugdvrienden waren bang om iets negatiefs over Noord-Korea te zeggen, en ze ontdekte al snel dat het riskant was om over politiek te praten. De enige veilige plek om te klagen was het huis van haar ouders. Haar ouders stonden kritisch tegenover het regime. Ze veronderstelde dat de andere kinderen in soortgelijke omstandigheden opgroeiden, en alleen de leider toejuichten in te voorkomen dat ze in de problemen kwamen.

Een Noord-Koreaanse boerderij op de weg van Pyongyang naar Kaesŏng. Ondanks de inspanningen van de boeren is Noord-Korea nog steeds afhankelijk van de voedselvoorraden van de internationale gemeenschap

Maar toen Kim Jong-il in 2011 overleed in een trein, was ze verbaasd over de reactie van haar landgenoten. “Mensen gingen met tranen de straat op. Sommige mensen konden niet meer eten en stierven van de honger. Toen besefte ik dat ik iets moest doen: mijn mensen zijn gehersenspoeld.”

Haar man begon mensen in Zuid-Korea te helpen om contact te leggen met hun familieleden in het noorden, waardoor Mitsuko medeplichtig werd aan verraad. Ze riskeerden allebei een openbare executie als de regering iets te weten zou komen over de activiteiten van haar man. De drie-generatie-regel betekent dat een hele familie kan worden gestraft voor het verraad van één familielid. Toen ze hoorde dat de Noord-Koreaanse inlichtingendienst bewust was van de ondergrondse activiteit van haar man, besloten ze over te lopen.

Mitsuko woont nu samen met haar man hun enige kind in Tokio, maar er gaat geen dag voorbij dat ze zich niet diep schuldig voelt tegenover de familieleden die ze achterliet. Haar jaren in Noord-Korea hebben een diep emotioneel litteken achtergelaten, zegt Mitsuko.

Hoe denkt Mitsuko over het charmeoffensief van Noord-Korea op de Olympische Spelen? “De Noord-Koreaanse regering zal nooit stoppen met de ambitie om een raket te bouwen die een nucleaire kop kan dragen, zodat ze de Verenigde Staten aan kunnen vallen. Er zijn Amerikaanse militaire bases hier in Japan, en ik twijfel er niet aan dat ze die uiteindelijk zullen proberen te raken. We moeten deze wrede dictatuur stoppen.”

Dit artikel is oorspronkelijk verschenen op VICE NL.

Tagged:
japan
Kim Jong-il
kim jong-un
Communisme
pyongyang
Noord-Korea
Olympische Spelen