FYI.

This story is over 5 years old.

Stuff

De queeste om mijn handschrift te verbeteren bracht misstanden in het schrijfonderwijs aan het licht

Ik wilde mijn handschrift verbeteren, maar vond belangrijkere dingen uit over het schrijfonderwijs.
16.4.13

Vandaag trok het Platform Handschriftontwikkeling aan de bel vanwege het beroerde handschrift van kinderen. Jan van Tienen signaleerde in 2013 al dat er iets vreselijk mis is met het Nederlandse schrijfonderwijs.

Laatst moest ik een tentamen afleggen en omdat ik zo lang niet grote stukken met de hand geschreven had strompelde ik na afloop met een verkrampte ijsklauw de tentamenzaal uit. De tekst zag eruit alsof men een truffelzwijn een pen had gegeven en had gezegd: “Schrijf het allemaal maar van je af, Otto.” Ik wilde daarom mijn handschrift verbeteren. In mijn zoektocht naar informatie om dat te doen liep ik echter tegen de stichting schriftontwikkeling aan, die schrijfonderwijsja

Advertentie

aanbieden, maar tegelijkertijd niet blij zijn met hoe het met dat schrijfonderwijs is geregeld in Nederland. Ik vond het tamelijk hilarisch hoe ze op getergde wijze nieuwe lesmaterialen voor schrijfonderwijs affakkelen op hun site (de recensie van het boek Zo leer je kinderen schrijven kreeg van de mensen van Schriftontwikkeling een spreuk mee: “De haan gaapte, sprak de dove”), en nieuwsgierig geworden belde ik ze op.

Mijn handschrift.

Jan van Tienen: Waarom is mijn handschrift zo lelijk?
Ben Hamerling: Wij werken niet met de term lelijk. Wij houden ons aan een aantal regels waaraan een handschrift moet voldoen om leesbaar te zijn. U zult zich om een of andere reden niet aan die regels houden.

Waarom is het eigenlijk belangrijk dat je handschrift netjes of goed is?
Goed kunnen schrijven is van belang voor je totale ontwikkeling. Mensen met een goed handschrift doen het over het algemeen beter op school. Handgeschreven aantekeningen worden ook beter onthouden dan aantekeningen die zijn ingetoetst op een keyboard. Daarnaast is in diverse onderzoeken aangetoond dat onregelmatige handschriften onbewust met een lager cijfer worden beoordeeld dan regelmatig gevormde handschriften, bij gelijke inhoudelijke kwaliteit.

Waarom is Stichting Schriftontwikkeling precies opgericht?
We hebben de stichting met een paar collega’s uit het handschriftonderwijs in 2000 opgericht, omdat er vele lesmethoden uit werden gebracht met verschrikkelijke vormfouten en een gebrek aan vakkennis. Daarnaast zagen we dat kinderen voortdurend werden gelabeld. Je kunt alleen presteren als je gelooft dat je iets kunt, dus als je gelabeld wordt met een aandoening, dan begin je zelf te geloven dat je niet in staat bent tot iets. Dat zie je bij de zogenaamde dyssen – dyscalculatie, dyslexie, dysgrafie. Mensen die dat label opgeplakt krijgen denken dat ze niet kunnen rekenen, schrijven, lezen, en dat wordt dan een self fulfilling prophecy. Wij kunnen elk kind binnen een kwartier een woord laten schrijven dat aan alle regels voor het correct schrijven voldoet. Daarom is het dus onzin dat er zoiets zou bestaan als dysgrafie. Hetzelfde geldt voor dyslexie. Dat is helemaal geen aangeboren afwijking. Het is een noodsprong van een zich ontwikkelend brein dat zich opeens moet aanpassen en dan rare dingen gaat doen. Als je ze echter op de goede manier lesonderwijs geeft, zie je dat alle kinderen het uiteindelijk goed leren. Labelen is dus verschrikkelijk fout.

Advertentie

Op uw website schrijft u dat uw organisatie misstanden aan de kaak wil stellen, en dat u ongemakkelijke waarheden te verkondigen heeft.
Dat geldt voor mensen die dik geld verdienen aan slecht onderwijs. Voor de talloze hulpverleners die glimlachend met vlindernetjes kinderen aan de zijkant naar zich toehalen. Voor fysiotherapeuten die aan scholen verbonden zijn. Die zijn dan diagnosesteller en hulpverlener tegelijkertijd. Dat is professioneel gezien een doodzonde: iemand heeft er dan direct financieel belang bij om een kind te labelen met een aandoening.

Wat heeft dat laatste met schrijven te maken?
Kinderen die slecht schrijven worden naar de fysiotherapeut gestuurd. Die stelt dan dat gebrekkig schrijven komt door een motorische storing of achterstand en gaat bewegingsoefeningen met zo’n kind doen. Terwijl juist iets anders nodig is: kennis over de juiste vorm van schrijven. Ook moet je de juiste manier van lesgeven hanteren. We merkten dat handschriftonderwijs vaak vanuit de motoriek wordt geoefend, om zo de bevordering van het handschrift via beweging tot stand te brengen. Maar uit meer dan 180 onderzoeken is gebleken dat alleen motorische oefeningen niet werken. Er is gewoon geen bewijs voor. Vergelijk het met viool spelen. Je kunt je spieren en gewrichten trainen en soepel maken zo veel je wilt: daar krijg je geen mooier geluid uit de viool van. Hetzelfde geldt voor schrijven. Je moet leren schrijven, niet beter leren bewegen.

Nogmaals mijn handschrift, met daaronder hoe het eruit zou moeten zien, volgens Schriftontwikkeling.

Heeft u tot slot nog concrete tips voor mij?
Alle rompen, de gedeeltes van de letters onder de uitstekende stok of lus, moeten even hoog zijn en moeten op dezelfde grondlijn geschreven worden. In jouw handschrift geldt dat de rompen ongeveer een derde van de regelafstand zijn. Dat is goed. Maar de rompzone moet ook worden uitgevuld. In jouw handschrift golft dat. Dat is niet goed, het moet consistent zijn. Ook moeten alle neerhalen, dus de penstreken die naar beneden lopen, evenwijdig zijn. Dat is bij jou ook niet het geval. Voor kinderen tot groep 8 zeggen we: geef een romplijn mee. Voor jou zou ik hetzelfde aanraden. En dan goed oefenen. Via Eduplaza kun je goede lesmaterialen bestellen als je het echt goed wilt leren.

Advertentie

Een beetje geschrokken door de harde woorden die Ben had voor de fysiotherapie belde ik met Anneloes Overvelde. Zij is kinderfysiotherapeut en onderzoeker. Voor de Nederlandse Vereniging voor Kinderfysiotherapie (NVFK) schreef ze samen met collega’s het Evidence Statement Motorische schrijfproblemen bij kinderen. Om maar te zeggen: ze weet dingen van dingen.

Mevrouw Overvelde, Stichting Schriftontwikkeling, zegt lelijke dingen over het werk van kinderfysiotherapeuten.
Anneloes Overvelde: Die kritiek is ons bekend.

Hoe bedoelt u?
Bij de start van ons werk aan het Evidence Statement, een paar jaar geleden, hebben wij verschillende organisaties die zich met handschriftonderwijs bezighouden, uitgenodigd voor deelname aan de klankbordgroep. Stichting Schriftontwikkeling wilde toen niet bij die gesprekken aanwezig zijn.

Maar wat zegt u over het verwijt dat schrijven niet kan worden aangeleerd als een motorische activiteit?
Kijk, schrijven is een activiteit. Het product van het geschrevene wordt bepaald door verschillende onderdelen. Er is ten eerste een creatief gedeelte: de tekst die je bedenkt, die je op gaat schrijven. Ten tweede is er kennis van de spelling: weten waar de a, de b en de dt’s moeten komen te staan. Ten derde is er dan het motorische aspect, de fijne motoriek. In de literatuur wordt gesproken over Language by Hand. Klopt het eindresultaat, het uiteindelijke product van het schrijven niet? Dan is er iets mis met een van de componenten die ik noemde. De taalkant - language - kan de falende component zijn, maar ook de motoriek. Wij als NVFK-projectgroep hebben alle literatuur hierover op een rijtje gezet. Daaruit blijkt dat een deel van de kinderen moeite heeft met spelling, een deel met de motoriek en een ander deel heeft gewoon te weinig geoefend. Als kinderfysiotherapeuten behandelen wij alleen kinderen met een motorisch schrijfprobleem.

Advertentie

Stichting Schriftontwikkeling zegt dat het voorkomt dat er fysiotherapeuten zijn die zowel de diagnose stellen als de behandeling uitvoeren.
Dat klopt, maar dan gaat het uitsluitend om een kinderfysiotherapeutische indicatiestelling, dus om een diagnose en behandeling van de motorische kant van het schrijven. In het Evidence Statement dat ik voor de NVFK schreef over motorische schrijfproblemen bij kinderen vindt u een stroomdiagram. Daarin staat zeer nauwkeurig aangegeven welke stappen er in het proces moeten worden gevolgd. Wij onderscheiden vijf profielen, waarvan het eerste een motorisch profiel is, de onhandige kinderen of kinderen met DCD. In andere profielen passen kinderen met andere problemen. Iemand met ADHD kan bijvoorbeeld heus niet netjes schrijven. Maar die behandelen wij niet, tenzij er ook sprake is van een motorische achterstand! Het proces is bedoeld om te differentiëren wie wij wel en niet behandelen.

Dit is die flowchart. Dit is een link naar het hele ding.

Maar zo’n diagram neemt toch niet weg dat er het simpele feit bestaat dat er een therapeut is die er een reëel financieel belang bij heeft om iemand te diagnosticeren met een motorische aandoening?
Wij zijn kinderfysiotherapeuten en onderzoeken en behandelen conform onze richtlijnen. Daarbij beperken we ons tot het motorisch domein. Al wat daar buiten valt, daarvan zeggen onze richtlijnen dat we ze niet moeten behandelen, maar moeten doorverwijzen naar andere disciplines.

Advertentie

Maar u kunt zich toch voorstellen dat er fysiotherapeuten zijn die dit doen?
Ik weet niet of iedereen zich hieraan houdt. Maar ik ga er wel van uit dat iedereen zich daaraan houdt. Ik weet echter wel dat steeds meer kinderen met schrijfproblemen eerst extra oefening op school krijgen voorgeschreven. Een periode extra oefening blijkt tot een verbetering van het schrijfresultaat te leiden.

Heeft de NVFK inzicht in hoeveel kinderfysiotherapeuten er aan scholen verbonden zijn? En is het stellen van verkeerde diagnoses iets wat op een of andere manier gemonitord of gecontroleerd wordt?
Schrijven leer je op school en schrijfproblemen komen regelmatig voor: ruim 30% van de kinderen heeft problemen met leren schrijven. Onderzoek heeft uitgewezen dat de vraag om onderzoek bij kinderen met schrijfproblemen nagenoeg altijd via de leerkrachten bij ons terechtkomt. Er is dus regelmatig contact tussen leerkrachten en kinderfysio's en een aantal collega's is verbonden aan een Speciaal Onderwijs of Speciale Basisschool. Daarom heeft de NVFK een gedragsprotocol vastgesteld, waarin de voorwaarden voor het werken op basisscholen zijn beschreven. In dit gedragsprotocol wordt ook de indicatiestelling benoemd: alleen kinderen met motorische schrijfproblemen komen in aanmerking voor kinderfysiotherapeutische behandeling. In 2011 is het Evidence Statement online gepubliceerd. Na twee jaar willen we als NVFK de implementatie ervan toetsen. De voorbereidingen voor dit onderzoek zijn gaande.

Goed. Wat zou u me tot slot aanraden om beter te leren schrijven?
Was u vroeger onhandig?

Kunt u ‘onhandig’ definiëren?
Nou, dat weet u zelf wel. Was niet geïnteresseerd in sporten, in bouwen, in knutselen?

Nou, dat kan ik niet echt zeggen. Ik hield van prikken. In zo’n viltmat. En van kleien. Maar ik was wel een jongetje dat veel binnen zat om te lezen ja. Kruistocht in Spijkerbroek. Hmm.
Heeft u een spellingsprobleem? Of nee, u bent journalist, dat zal wel niet.

Ik maak nog weleens een dt-foutje, moet ik bekennen.
Vanaf hier kan ik dit niet direct beoordelen, maar het is wel bekend dat het handschrift van jongens minder goed is dan dat van meisjes. Misschien was er vroeger tijdens het leren ook sprake van een zekere achteloosheid, waardoor de verkeerde beweging erin geslepen is. Het kan een motorisch verhaal zijn, maar dat hoeft niet. Ik adviseer u om eerst maar eens zes weken te oefenen, tien minuten per dag.