nieuws

Iedereen had het mis

Politieke commentatoren, opiniepeilers, de overgrote meerderheid van de liberalen en linkse progressieven die stukjes typen op internet zagen dit allemaal niet aankomen.
9.11.16

Journalisten bij Hillary Clintons officiële verkiezingsnachtevenement in New York. Foto door Jason Bergman

Nadat de eerste stembureaus dicht gingen, verzamelden miljoenen Amerikanen zich gisternacht voor hun tv, gingen er eens goed voor zitten in kroegen, en lieten zich opslokken door het koude licht van hun telefoons. Veel van ons, degenen onder ons die de peilingen volgden en naar de experts luisterden, dachten dat we wel wisten wat ons te wachten stond. Donald Trump, een man die door een rits vrouwen van aanranding en zelfs verkrachting is beschuldigd, een man die beloofd heeft een muur langs de Mexicaanse grens te bouwen en moslims te verbieden het land in te komen, zou verpletterd worden. En niet alleen cijfermatig – hij zou vernederd worden op de meest dramatische manier mogelijk; een soort cathartisch moment van nationale ontwaking.

In plaats daarvan waren het de media die vernederd werden. Politieke commentatoren, opiniepeilers, de grote meerderheid van de liberalen en linkse progressieven die stukjes typen op internet — bijna niemand van hen zag deze shit aankomen.

Advertentie

Toen de eerste resultaten gemeld werden door de nationale nieuwszenders en op voorspellingswebsites als FiveThirtyEight, werd al snel duidelijk dat dit geen makkie zou worden voor de Democraten. Wat ook vanaf het eerste moment al duidelijk was: er zijn een hoop boze witte mensen in de Verenigde Staten, en die gaan voorlopig nergens heen.

De afgelopen jaren zijn veel Democraten optimistisch geweest over de toekomst van hun partij, gebaseerd op hun draagvlak bij Latijns-Amerikanen en progressieve witte stemgerechtigden. Zij pakten flink uit in de zwevende staten Virginia, North Carolina en Colorado, en het feit dat Obama ze alledrie won in 2008 leek een heldere boodschap af te geven: wit conservatisme was op de retour, het was tijd voor progressieve inclusiviteit. Obama's overwinning in 2012 (hij verloor North Carolina op het nippertje, maar verder ging het vrij soepel) leek het idee te versterken dat de verkiezingen steeds taaier zouden worden voor de Republikeinen, ook al zorgt hun overwicht in de landelijke gebieden ervoor dat ze machtig blijven binnen het Congres.

De boodschap die Amerika vanochtend ontving was simpel: je kan niet blind uitgaan van je geprojecteerde achterban. Nog niet, althans.

Neerwaarts mobiele witte Amerikanen, die vaak weggezet worden als uitstervende racistische vrouwenhaters, hebben hun stem laten horen. De enorme opkomst, veel hoger dan voorspeld , compenseerde ruimschoots voor de golf van vroege stemmen (en sterke steun van de Latijns-Amerikaanse bevolking) die naar Clinton gingen in de meest betwiste staten. En hoewel sommige Clinton-supporters het simpelweg op de vooroordelen van Trumps aanhang gooiden, is het hele verhaal natuurlijk wat ingewikkelder dan dat.

Advertentie

"Ik denk niet dat je er wat aan hebt om het te zien als 'woede over de economie versus woede over cultuur,'" zei Theda Skocpol, politicoloog en socioloog aan Harvard die onderzoek heeft gedaan naar de Tea Party, over de aanhangers van Trump. "Ik denk dat veel mensen zich al tijden gepasseerd voelden, en kampen met een gevoel van statusverlies dat Trump effectief wist aan te spreken."

"Maar we moeten ons ook niet blind staren op het sociologische aspect," voegde Skocpol toe. "Ik denk dat de brief van [FBI-directeur James] Comey cruciaal was. Het zorgde voor een perfect getimede nieuwe golf van aantijgingen, alles borrelde weer op."

Het is makkelijk om de uitslag op het e-mailschandaal af te schuiven, dat — of je het nou terecht of onterecht vindt — als een donkere wolk boven haar campagne bleef hangen. Maar los van haar mogelijke mankementen, zouden de doodsbange Latijns-Amerikaanse stemmers ons niet gaan redden? In de aanloop naar de verkiezingen hoorde je overal hoeveel beter Clinton was in haar aanhangers naar de stembureaus krijgen, wat haar overwinning eigenlijk al zou garanderen.

"Maar voor de mensen in deze wittere gebieden op het platteland was dit waarschijnlijk een seintje dat het een wedloop was, en dat ze zichzelf moesten mobiliseren," zegt Skocpol. "Ik denk dat de peilers dit hebben gemist, omdat de opkomst groter was dan verwacht in de landelijke regio's van Amerika."

Hiermee raakt de professor aan een andere gemeenplaats in de Amerikaanse politiek: dat de peilingen, nou ja, kloppen. Ze zijn over het algemeen wel accuraat, of waren dat in ieder geval bij de laatste twee presidentsverkiezingen. Politieke commentatoren waren er grotendeels van overtuigd dat Obama in 2008 en 2012 de verkiezingen zou winnen, en de peilingen in de belangrijkste staten klopten in bijna elk geval in die verkiezingen. De peilingen anticipeerden de Republikeinse overname van het Congres in 2010, en met uitzondering van een verrassende nederlaag voor Clinton in Michigan, hadden ze bij de voorverkiezingen van dit jaar alles ook goed.

Maar bij deze presidentsverkiezingen ging er ergens iets gruwelijk mis — en de opiniepeilers geven dat als eerste toe.

"We moeten nog uitvogelen wat er mis is gegaan, om eerlijk te zijn" zei Celinda Lake, een prominente Democratische opiniepeiler, toen de eerste uitslagen binnenkwamen. Verder zei ze dat er bewijs is van een "verborgen" of "geheime" stem in de statistieken van haar eigen firma en andere peilingen van afgelopen zomer, waarbij online peilingen meer steun lieten zien voor Trump dan telefonische peilingen. Dit is mogelijk een indicatie van een Trump-variant op het zogenaamde "Bradley Effect", vernoemd naar de Democratische burgemeester van L.A. die volgens de peilingen in 1982 met een overweldigende meerderheid de nieuwe gouverneur van Californië zou worden, maar uiteindelijk toch verloor. Volgens veel analisten en commentatoren was de foute voorspelling te wijten aan witte stemmers die sociaal wenselijke antwoorden hadden gegeven en niet over de telefoon wilden toegeven dat ze niet op een zwarte kandidaat zouden stemmen. Kortom, het kwam erop neer dat ze niet racistisch wilden overkomen.

Trump heeft lang beweerd dat de peilingen partijdig zijn en Clinton te hoog inschatten, maar terwijl ik bezig was met dit artikel, stond hij al voor in staten als Wisconsin en Michigan, waar Clinton volgens de opiniepeilers een sterke favoriet was. Nu ik deze laatste zinnen schrijf, is hij officieel de nieuwe president van de Verenigde Staten. En dat betekent — en dit is voor sommigen nog wel het engste van dit alles — dat we in dit tijdperk van schijnbaar eindeloze kennis en data misschien helemaal niet weten hoe we de publieke opinie kunnen peilen. Misschien is Amerika gewoon één grote, ondoorgrondelijke massa.