Charlotte Adigéry wil niet teveel nadenken
Foto door Dinaya Waeyaert

Charlotte Adigéry wil niet teveel nadenken

We spraken de zangeres uit Gent over sprookjes, textielfabrieken en haar vrienden van Soulwax.
Wouter van Dijk
Amsterdam, NL
05 september 2017, 10:20am

Charlotte Adigéry is een zangeres uit Gent met een naam als een sprookjesprinses. Spreek het maar eens hardop uit, als je me niet gelooft. Ze bracht eerder dit jaar een EP uit op DEEWEE, het label van Soulwax, en stond ook op de soundtrack van de film Belgica, die eveneens door de gebroeders Dewaele werd geproduceerd.

Dat ze zelf ook uitstekend kan produceren, bewijst ze met haar alias WWWater: ze maakt duistere, krachtige beats waar ze soms met vervormde stem overheen zingt. Later deze maand komt de eerste WWWater-EP uit, ze stond op Dour Festival en komend weekend staat ze op Horst Festival in Holsbeek (vlakbij Leuven), in de schaduw van een heus kasteel.

Om erachter te komen of ze een echte prinses is, of dat haar naam enkel zo klinkt, belde ik haar op via Skype. Omdat de verbinding een beetje raar doet, vraagt ze meteen of ik haar wel goed kan verstaan.

Noisey: Ik kan je prima verstaan, hoor. Of heb je het over je Vlaamse accent?
Charlotte Adigéry: Nou, het is toch best wel plat Gents. Tijdens de industriële revolutie trokken veel West-Vlamingen met een zwaar accent naar Gent om in de textielfabrieken te werken. Mijn docent Nederlands vertelde dat het Gentse accent ontstond doordat de fabrieksarbeiders over het harde geluid van de machines heen moesten schreeuwen om zichzelf verstaanbaar te maken.

Oja, nu hoor ik het.
Ja? Klink ik lomp?

Nee joh. Maar bedankt voor de geschiedenisles.
Ik hou van geschiedenis. Afgelopen jaar ben ik afgestudeerd aan de Pop- en Rockschool. Daar heb ik heel veel geleerd, maar ik merk dat ik mijn hersenen verder wil ontwikkelen. Van de geschiedenis kun je veel leren.

Wat is je favoriete periode uit de geschiedenis?
Als ik een tijdmachine had, zou ik het liefst naar de tijd net na de Eerste Wereldoorlog gaan, de roaring twenties. Daar ontstond langzaam de ruimte om je artistiek te uiten. Tegenwoordig is alles bereikbaar via het internet, en dat maakt deze generatie misschien een beetje lui. Maar goed, voordat ik kan tijdreizen moet ik eerst wel een raciale verandering doorstaan, vrees ik.

Hm, goed punt. Je staat dit weekend op het Horst Festival, wat gehouden wordt bij een kasteel.
Ja, echt zalig. Ik kijk daar echt naar uit.

Las je vroeger veel boeken over prinsessen en ridders?
Jawel, maar daar komen we ook weer uit op een raciale kwestie. Afgezien van De prinses en de kikker zijn er geen zwarte Disney-prinsessen. Er waren toen ik jong was geen prinsessen of andere personages waar ik me mee kon identificeren. Ik herinner me nog dat ik huilend tegen mijn moeder zei dat ik blond wilde zijn en blauwe ogen wilde hebben. Dat was nadat ik een film zag over vrolijke prinsessen met lange, blonde haren. Het was alsof je alleen kans maakte op een mooie prins als je er zo uitzag.

Heb je net zulke hoge verwachtingen van een festival bij een kasteel als wij?
Nee, ik probeer eigenlijk geen verwachtingen te hebben, dat zorgt voor teleurstellingen. Als ik muziek maak of op een podium sta, probeer ik mijn gedachten uit te zetten. Ik denk dat ik dan oprechter overkom en beter contact kan leggen met het publiek. Een podium is de enige plek waar ik mijn gedachten los kan laten. Dat vind ik zo waardevol dat ik liever geen verwachtingen schep.

Ik probeer m'n gedachten in het dagelijks leven ook uit te zetten, maar dat is moeilijk. Minder nadenken is een strijd voor veel mensen, denk ik. Dat is ook weer terug te koppelen naar de geschiedenis. De manier waarop wij als mensen ons brein gebruiken is nog relatief nieuw. We zijn ons overal hyperbewust van, hebben het woord ontwikkeld, zijn ons bewust van onze emoties. We proberen geforceerd over alles na te denken en dat zorgt snel voor conflicten. We moeten ons niet te veel identificeren met onze gedachten.

Maar gedachten maken ons toch wie we zijn?
Descartes zei dat, maar dat hoeft niet zo te zijn. Om een voorbeeld te geven: je kunt iemand een lul vinden, en dat ook zeggen, maar zo'n gedachte komt ergens uit voort. Angst of jaloezie, bijvoorbeeld. Voor artiesten zijn dat misschien stemmetjes die vertellen dat je niet goed genoeg bent, of niet kunt zingen. Maar je moet jezelf daar los van zien, want dat is niet wat jou definieert.

Hoe ben je eigenlijk in contact gekomen met Soulwax?
Ik speelde eerst in een andere band, en daar hadden we dezelfde podiumtechnicus als Soulwax. Zo leerden we elkaar kennen. Een paar maanden later vroegen ze of ik langs wilde komen in de studio. Ze zochten eigenlijk iemand die wilde playbacken voor een nummer dat ze hadden gemaakt voor de film Belgica. Dat heb ik niet gedaan, maar ze vroegen wel of ik wilde zingen op een ander nummer voor die film.

Kun je veel van ze leren?
Ik kan ze altijd bellen met vragen, of als ik iets nodig heb. Natuurlijk ben ik daar ontzettend dankbaar voor, maar wat ik het mooiste vind, is dat zij potentie in mij zien die ik zelf soms nog niet zie. Het is alsof ze me altijd twee stappen voor zijn. Ze laten mij dingen doen waarvan ikzelf denk: nou, ik weet niet of ik dat wel kan of durf. Uiteindelijk lukt het altijd.