Eten met Arnhemse daklozen: toetjes delen, pokeren en warme glühwein
Kars. Alle foto's door de auteur

Eten met Arnhemse daklozen: toetjes delen, pokeren en warme glühwein

We proefden de sfeer in opvang het Kruispunt.

Als je vrienden uitnodigt voor een etentje slaat de “dadelijk-heb-ik-niet-genoeg”-paniek al snel toe. Dus wordt in de supermarkt het winkelwagentje volgestouwd met nog wat meer stokbroden, pak je nog een extra portie biefstuk en koop je een kaasgang die helemaal niet op het menu stond. Een groot deel van deze producten belandt onaangeroerd weer in de prullenbak. Per inwoner verspillen Nederlanders door dit soort gedrag maar liefst 41 kilo eten per jaar.

Advertentie

Er is een groep in Nederland die het zich minder kan veroorloven om zo achteloos met eten om te gaan. Voor mensen zonder vaste woonplek is een maaltijd minder vanzelfsprekend en moeten ze vaak aankloppen bij een daklozenopvang. Maar houden ze bij zo’n opvang rekening met dieetwensen of is het eten wat de pot schaft? Is het er een beetje gezellig? En zouden de bezoekers tevreden zijn met het eten wat ze voorgeschoteld krijgen? MUNCHIES zocht het uit en bezocht daklozenopvang het Kruispunt in Arnhem.

Edson Polania (rechts)

Om wat meer te weten te komen over het Kruispunt, gaan we langs bij Edson Polonia (50). Polonia is ongeveer tien jaar dakloos geweest, maar heeft sinds anderhalf jaar weer een woning. Hij is een echte beroemdheid in Arnhem en met hem over straat lopen is een hele onderneming: om de vijf minuten moeten we stoppen om mensen te begroeten.

“Toen ik hier voor de eerste keer kwam schaamde ik me. Je beseft dan dat je het niet alleen kan. Maar de mensen zijn lief en het eten is altijd goed. Er komen ook personen eten die gewoon een dak boven hun hoofd hebben. Ze zien het Kruispunt als een sociale plek, waar ze zich minder eenzaam voelen.”

“Er zijn mensen die liever niet bij een daklozenopvang eten en op straat blijven. Je moet je voorstellen dat als je dag en nacht op straat leeft, je op een gegeven moment overschakelt naar een overlevingsstand waarin je niks meer voelt. Als je ergens gaat eten waar het warm is, heb je tijd om na te denken en begin je weer te voelen. Dat kan ondraaglijk zijn. Hetzelfde geldt voor douchen: veel mensen vinden zichzelf het niet meer waard om schoon te zijn.”

Advertentie

Ik wil het liefst met een ervaringsdeskundige bij het Kruispunt eten en vraag Polonia mee. Maar hij mag daar niet meer komen, omdat iemand ruzie met hem heeft gemaakt. Polonia stuurt zijn goede vriend Kars* (22) mee om me te vergezellen.

Kars vertelt dat de maatschappij niet een thuis voor iedereen is. Hij noemt zichzelf een “nomade”: een zwerver die altijd zijn huis met zich meedraagt. Kars kreeg een infectie aan zijn arm en moest noodgedwongen stoppen met zijn werk in de bediening. Hierdoor was hij eenzaam. Al snel kwam hij Polonia tegen en Kars herkent veel van zichzelf in hem. Hij is ook de eerste persoon die Kars meeneemt naar het Kruispunt. Inmiddels gaat het weer beter met Kars en helpt hij nu anderen meer van het leven te genieten.

Doordat Kars een bekend gezicht is bij het Kruispunt val ik wat minder op. De bezoekers weten dat ik een journalist ben en ik hoop dat mensen zich meer op hun gemak voelen als Kars erbij is.

De etensbon

We staan al om half 5 voor de deur om een avondmaaltijd te bemachtigen – er mogen maar 35 mensen naar binnen. Zeker in de wintermaanden staan mensen te popelen om hier een plekje te bemachtigen. Bij de ingang geef je je voornaam op en koop je voor een euro een eetbonnetje. Die euro dekt maar een klein deel van de kosten voor het eten; het grootste gedeelte kan worden betaald met collectes en acties van de kerk en doordat de koks hier vrijwillig werken.

Als je eenmaal binnen bent mag je niet meer naar buiten. Edson vertelde mij tijdens ons gesprek dat veel mensen dit een probleem vinden, omdat ze zich opgesloten voelen. Vooral voor mensen een verslaving is dat lastig, omdat ze binnen niet mogen gebruiken.

Advertentie

Kars zoekt een goede plek voor ons uit naast betrouwbare mensen die hij kent en waarvan hij weet dat ze geen stennis schoppen. De sfeer is best gezellig en iedereen is blij met de warmte. Er is een groepje aan het pokeren, anderen vallen meteen in een hoekje in slaap. Ik verwacht allerlei vragen van mensen, maar iedereen laat elkaar met rust.

In de keuken van het Kruispunt

Aan vrijwilliger Peter* vraag ik wat een menswaardige maaltijd betekent voor iemand die dakloos is. “Het is van essentieel belang dat iedereen een gewone maaltijd kan eten. Voor veel dak- en thuislozen is eten het enige rustmoment van de dag waar ze zich veilig voelen.”

“Iedereen moet zich hier mens kunnen voelen en geen nummertje. We proberen ook rekening te houden met het eten dat we maken, want thuislozen hebben ook gewoon voorkeuren en behoeftes. Veel personen missen tanden en daarvoor pureren we het eten. We houden ook rekening met geloofs- en dieetwensen. Zo gebruiken we nooit varkensvlees en is er bijna altijd wel een vegetarische optie.”

Vrijwilliger Peter

“De grootste uitdaging is om het binnen een beetje rustig te houden. Vooral ‘s ochtends en ‘s middags is het onrustig, omdat mensen dan in de kou hebben geslapen en een kort lontje hebben. We proberen waar het kan op de kwetsbare mensen te letten, want die worden vaak gemanipuleerd door de sterkere mensen.”

Ondertussen kan het feest beginnen, we mogen eten. We krijgen pasta bolognese met kaas en salade en er is zelfs een vegetarische optie. Als toetje is er vla met fruit en slagroom. De man tegenover me lust de stukken fruit in zijn toetje niet en degene naast mij zijn salade niet. De sla krijg ik aangeboden en neem ik dankbaar aan.

Advertentie

Tijdens het eten vertelt iemand dat hij dit de beste opvang van Arnhem vindt. Beter dan bijvoorbeeld de Iriszorg. “Bij de Iriszorg vind ik dat je meer als een cliënt wordt behandeld. Je moet ook eerst een intake doen. Overal hangen camera’s en je krijgt je eten niet van een bord, maar uit plastic bakjes. Dat voelt voor mij minder menswaardig. Het loopt daar ook sneller uit de hand, want het voelt alsof je in een gevangenis zit. En tja, daar worden mensen gewoon opstandiger van. Veel mensen roken daar stiekem heroïne op de wc, omdat ze zo onrustig worden door alle controle.”

Twee dagen later probeer ik met Polonia langs te gaan bij de Iriszorg in Arnhem. We komen niet verder dan de receptie, die ook wel de “vissenkom” wordt genoemd, omdat er zoveel camerabewaking hangt en alles van glas is. De sfeer is hier inderdaad een stuk formeler. Ik snap wel dat iemand zich hier meer cliënt voelt.

Tijdens het diner bij het Kruispunt worden er bijzondere verhalen vertelt. Zo vertelt iemand dat “lollipoppen” (pijpen zonder kunstgebit) het ding onder daklozen is. Een ander vertelt dat hij tegen de muur heeft gekakt bij de Iriszorg, omdat hij niet naar de wc mocht. Als het zeven uur is moet iedereen weer naar buiten.

De volgende ochtend kom ik terug om te kijken hoe de sfeer is. Peter de vrijwilliger vertelt dat mensen ‘s ochtends het meest prikkelbaar zijn. De sfeer is inderdaad wat gespannen en een aantal mensen praat in zichzelf. Foto’s maken durf ik bijna niet, want mensen reageren geïrriteerd op de camera. Het heeft gevroren die nacht en dat is klote als je geen dak boven je hoofd hebt. Mensen zitten in stilte hun boterhammen met kaas en worst naar binnen te werken, of warmen zich op aan een bekertje koffie. Ik spreek amper iemand, maar krijg wel de tip om ‘s avonds langs te gaan bij het Arnhemse Gele Rijders Plein. Daar wordt gratis erwtensoep en glühwein uitgedeeld.

Een vrijwilliger schept erwtensoep op

‘s Avonds bij het Gele Rijders Plein zie ik een aantal bekende gezichten uit het Kruispunt. Tien dagen lang wordt hier op het plein onder het motto ‘Arnhem Samen’ rond de kerstdagen gratis glühwein, oliebollen en erwtensoep uitgedeeld door de gemeente Arnhem. Ze willen dat iedereen kan genieten van de kerstdagen, ook de mensen die geen dak boven hun hoofd hebben.

Ik spreek een vrouw aan die ik herken uit het Kruispunt. Ze vertelt dat ze vooral blij is met de glühwein de helpt tegen de kou en de nacht op straat wat draaglijker maakt. Ik vraag of ze toch nog wat erwtensoep wil, maar ze gaat toch voor de glühwein. Om zes uur is het afgelopen en vertrekken er wat daklozen naar de nachtopvang, andere mensen zoeken een plek op straat om de nacht door te brengen. Morgenvroeg kunnen ze weer vroeg in de rij van het Kruispunt aansluiten voor een ontbijtje. *De volledige namen van Kars en Peter zijn bekend bij de redactie van MUNCHIES.