Sports

Wat uitwisselingsstudent Alan Pardew en de Eredivisie van elkaar kunnen leren

Hij mag er dan uitzien als de keurige manager van een middelgroot gordijnenbedrijf, diep van binnen is hij een Feierbiest.

door Michel Doodeman
14 januari 2020, 10:52am

Er ging een behoorlijke schok door voetbalminnend Nederland toen bekend werd dat Alan ‘Pardiola’ Pardew op het punt stond om bij ADO Den Haag te tekenen. Als Nederlandse voetbalfans zijn we wel wat gewend. We hebben knuffelcoach Leonid Slutsky naar de Eredivisie zien komen en Sunderland/Netflix-legende Lee Cattermole – die met zijn degelijke kapsel, werklust en shirt in de broek automatisch de favoriete speler van ieders vader is – speelt bij VVV-Venlo. Maar Alan Pardew, de man die ooit een speler een kopstoot gaf en aan de zijlijn stond te dansen na een doelpunt, bij ADO Den Haag? Onmogelijk.

Tenminste, zo lijkt het. Want wie er langer over nadenkt, begrijpt waarom de Brit hiernaartoe is gekomen: Nederland is voor hem de perfecte plek om iets te leren.

Dat Alan Pardew in de voetballerij terecht zou komen, was lang geen zekerheid. In de jaren tachtig krijgt hij als speler bij non-league club Whyteleafe een salaris van 6 pond per week, dus richt hij zich op een carrière als glaszetter in Londen. Pas op z’n 25ste tekent hij een serieus contract als voetballer bij Crystal Palace. Hij begint jaren later als trainer bij Reading, de club waar hij als speler ook zijn carrière eindigt. Het is moeilijk om de manager Pardew in één zin te vatten: gooi een flinke dosis zelfvertrouwen, een tikje agressie, ouderwetse mind games, een maatpak en een modieus montuurtje in een vat, en je krijgt iets dat lijkt op ‘Pards’ (of Robert Maaskant, minus de bril). Hij promoveert met Reading en komt in de belangstelling van grotere clubs te staan.

Pardew vertrekt naar West Ham, de club die hij zelfs naar de FA Cup-finale leidt. De manager krijgt een kroonprinsachtige status, wat later gezien wordt als een van de problemen bij West Ham. De Ferrari die hij koopt staat symbool voor de overmoed die om de club heen hangt. De ploeg daalt af naar de degradatiezone en de stress lijkt vat te krijgen op de manager, die het zelfs aan de stok krijgt met Arsène Wenger. Het legt de basis voor het imago van Pardew als iemand die nog ruzie zou kunnen krijgen met een grafsteen. Onder meer Sir Alex Ferguson, Hatem Ben Arfa en het halve scheidsrechterskorps kunnen erover meepraten. Het zegt waarschijnlijk genoeg dat Pardews Wiki een apart kopje met ‘Controversies’ heeft.

Na zijn ontslag bij West Ham tekent Pardew – die tussendoor ook bij Charlton Athletic wordt ontslagen – bij derdedivisionist Southampton. Zijn ietwat onorthodoxe manier van spelers managen werkt hier goed: Rickie Lambert vertelde in een podcast dat de manager hem ooit bij zich riep en hem een ‘schande’ noemde. ‘Laat me je buik zien’, beviel de Britse trainer. Zo stond Pardew de ontblote buik van zijn spits te inspecteren. ‘Het was het meest gênante moment uit m’n carrière’, aldus Lambert, die daarna binnen drie maanden zo’n zes kilo verloor en uiteindelijk topscorer van de competitie werd. Als Michiel Kramer aan het einde van het seizoen met de Gouden Schoen in z’n handen staat, weten we dus wat er gebeurd is.

Uiteindelijk wordt Pardew toch bij Southampton ontslagen, naar verluidt vanwege onenigheid met de voorzitter en andere stafleden. Ondanks alles valt de trainer omhoog en krijgt hij een baan bij Premier League-club Newcastle United. Veel fans zien Pardew als een arrogante Londenaar en de spelers laten hem op zijn eerste dag weten dat ze hem niet willen, dus staat hij meteen al met 2-0 achter. In het tweede seizoen verandert alles wat hij aanraakt echter plotseling in goud. De op het oog willekeurig bij elkaar geraapte selectie (met onder meer Tim Krul, een hoop Fransen, Joey Barton en half-mens half-strafblad Nile Ranger) eindigt spectaculair vijfde en Pardew wordt verkozen tot Manager of the Season.

Zoals wel vaker bij Pardew wordt een goed seizoen gevolgd door een enorme bak chaos. In zijn tijd bij Newcastle krijgt hij twee wedstrijden schorsing wegens het duwen van een grensrechter, tekent hij een contract dat hem nog acht (!) jaar aan de club bindt en scheldt hij Manchester City-trainer Manuel Pellegrini uit voor een 'fucking old cunt'. De klap op de vuurpijl moet dan nog komen: in 2014 ontvangt Pardew meerdere boetes en de zwaarste trainersschorsing ooit (7 wedstrijden) nadat hij voetballer David Meyler een kopstoot geeft. Circus Pardew komt uiteindelijk tot z’n einde in december, een paar maanden nadat een grote groep supporters de Sack Pardew-beweging lanceert.

De trainer vertrekt meteen naar Crystal Palace, 18e in de competitie. In Engeland is er een vaste groep managers waar altijd uit gekozen lijkt te worden als er een club in nood verkeert: Sam Allardyce, Tony Pulis, Roy Hodgson, David Moyes en Alan Pardew (in Nederland hebben we daar alleen Dick Advocaat voor, dus in Engeland zijn de taken wat dat betreft beter verdeeld). Waarschijnlijk hebben ze een groepsapp waar ze overleggen wie welke leuke klus neemt (en wie er degradatiecorvee krijgt). Pardew krijgt dus de taak om Crystal Palace in de Premier League te houden, wat hem overtuigend lukt. De fans krijgen bovendien de beste versie van de trainer te zien: een charmante gentleman die na een overwinning de kroeg induikt met de supporters.

De prestaties gaan in 2016 bergafwaarts, hoewel Crystal Palace nog wel de FA Cup-finale haalt. Die wedstrijd levert een moment op dat gezien kan worden als vintage Pardew: nadat zijn ploeg de 1-0 scoort spreidt hij zijn armen, brengt hij z’n handen dicht bij elkaar en doet hij met draaiende schouders een kort dansje, als een soort funky kat in een dwangbuis. Zijn moves komen als een boemerang terug in z’n gezicht: Crystal Palace verliest de finale. Tot aan zijn ontslag – waarbij hij vervangen wordt door groepsappcollega Sam Allardyce – en ver daarna wordt hij met het dansje geconfronteerd.

Als zich wéér een Engelse club in nood aandient, West Brom, is Pardew vastberaden om aan te tonen dat hij het kunstje nog niet verleerd is. Het loopt uit op een catastrofe. In zo’n vier maanden tijd wint de club precies één competitiewedstrijd. Achteraf is de mislukking volgens Pardew vooral toe te schrijven aan een The Hangover-achtig trainingskamp in Barcelona. Een avond nadat Pardews portemonnee, jas en telefoon worden gejat, stelen vier West Brom-spelers rond half 6 ’s ochtends een taxi die voor een McDonald’s staat. Taxi-gate is, uiteraard, groot nieuws in Engeland en zorgt voor veel onrust. Als Pardew terugkeert van Het Meest Wilde Trainingskamp Ooit, waar eigenlijk nauwelijks getraind is, voelt hij al aan dat het seizoen verloren is. Na een paar maanden wordt hij ontslagen.

De trainer neemt een stap terug en verdwijnt uit de spotlights. In een interview met The Telegraph vertelt Pardew dat hij naar het buitenland wil gaan om meer te leren en zich verder te ontwikkelen. Amerika wordt genoemd als mogelijke bestemming, maar eind december komt dan eindelijk het definitieve besluit. Het wordt… ADO Den Haag. Het is een transfer die zelfs in Football Manager onrealistisch zou lijken.

Niemand begrijpt precies wat hij bij ADO komt doen. Op het eerste, tweede en derde gezicht lijkt het een belachelijke combinatie, een potsierlijk experiment van Royston-Drenthe-bij-Real-Madrid-achtige proporties. Maar wie er langer over nadenkt, snapt het: als Pardew iets wil leren, moet hij naar de Eredivisie komen. De competitie waar Keisuke Honda anderhalve maand na z’n rentree alweer vertrekt. Waar jongens van 18 dragende spelers kunnen zijn. Waar Jordy Clasie als centrale verdediger speelt.

Natúúrlijk moet Pardew in de Eredivisie zijn om zich te ontwikkelen als mens en trainer. Als een soort uitwisselingsstudent zal hij een half jaar lang de Nederlandse cultuur opsnuiven. Je ziet het al voor je, de Britse manager die met een Cobra 7 door Duindorp loopt. Of Pardew, zittend op z’n hurken in het Cars Jeans Stadion. Tussen zijn vingers heeft hij een korreltje, dat hij voorzichtig naar z’n neus brengt om te kunnen ruiken.

‘Is dit nou nepgras?’

‘Het heet kunstgras, Alan.’

Als Pardew wil leren, is hij bij ADO aan het goede adres. De ultieme ladies’ man – die weleens de boulevardpers haalt – bij het elftal waar net een assistent op non-actief is gezet omdat hij, volgens de verhalen, min of meer in de DM’s van de partner van een speler is gegleden. Het past perfect. De man die ooit toegaf dat zijn natuurlijke instinct is om mee te gaan in de agressie van zijn spelers, kan als trainer van een 'VAR-gevoelig ploegje' met spelers als Michiel Kramer, Tom Beugelsdijk en Lex Immers bewijzen dat hij geleerd heeft van het verleden.

En andersom werkt het ook: de Eredivisie kan van Pardew leren. Bijvoorbeeld dat ‘doe maar gewoon, dan doe je al gek genoeg’ onzin is. In het land waar vier Willem II’ers vorig seizoen uit de selectie werden gezet omdat ze ‘te luidruchtig kaartten’ gaat Pardew, de man die zijn spelers op een als trainingskamp vermomd vrijgezellenweekend naar Barcelona stuurde, orde op zaken stellen. De overwinningsfeesten van ADO worden waarschijnlijk de beste evenementen in Nederland sinds Project X Haren.

Pardew gaat ons leren dat je van succes mag genieten, dat je soms best mag dansen na een doelpunt, of een Ferrari kan kopen na een lekker seizoen. Dan loop je maar de kans om de jaren daarna geridiculiseerd te worden, het is altijd nog beter dan je hele leven een grijze muis te zijn. Alle excentriciteit die verloren is gegaan in de Eredivisie na het vertrek van Leonid Slutsky en het ontslag van Robert Maaskant, brengt Pardew in één klap terug. Hij mag er dan uitzien als de keurige manager van een middelgroot gordijnenbedrijf, diep vanbinnen is hij een Feierbiest (dixit Louis van Gaal).

Als Pardew ADO, de club in nood, weet te redden – zonder de taal te spreken of de competitie te kennen – heeft hij een nieuwe ervaring opgedaan én kan hij aan clubs in Engeland laten zien dat hij ‘het’ nog steeds heeft. Tegelijkertijd kan iedereen in de omgeving van Den Haag dan rustig ademhalen en wordt de bestuurlijke onrust niet nog groter. Kortom: ADO en Pardew hebben elkaar nodig. Dat ze van elkaar gaan leren is zeker, nu nog afwachten of uitwisselingsstudent Alan ook daadwerkelijk gaat slagen.

Dit is een verhaal uit de serie Voetbalgeschiedenis met Doodeman. In deze serie belicht Michel Doodeman bijzondere teams of individuen uit de sportgeschiedenis. Zie hier alle verhalen uit deze serie.

Tagged:
voetbal