Marokkaanse moeders doen een boekje open over hun zoons

Uit angst voor roddels worden ze niet graag geïnterviewd voor de camera. Filmmakers Marjolein en Rebekka lukten het toch om dertien Marokkaanse moeders te spreken.

door Pete Wu
|
okt. 15 2014, 11:22am

Filmmaker Marjolein Busstra (35) werd anderhalf jaar geleden door een Marokkaanse jongen uitgescholden voor hoer, en greep vervolgens naar haar iPhone om een foto van hem te maken. Ze schrok zelf van de stigmatiserende foto die dat opleverde, en begon na te denken over het creëren van een tegengeluid tegen dit al te bekende mediabeeld.

Anderhalf jaar later is het resultaat een interviewserie met Marokkaanse moeders, die Marjolein samen met collega-filmmaker Rebekka van Hartskamp (35) maakte. In de serie vragen ze de moeders alles wat ze wilden weten binnen thema's als opvoeding en discriminatie. De interviews staan centraal in een expositie in de Melkweg, Marokkaanse Moeders, waarin ook het maakproces van de serie te zien is, en foto's van Marokkaanse jongens die onherkenbaar in beeld komen.

Ik stelde Marjolein en Rebekka wat vragen over het project.

VICE: Waarom gingen jullie juist met Marokkaanse moeders in gesprek?

Marjolein: Omdat we zelf vrouwen zijn, en omdat je de Marokkaanse vrouwen bijna niet in de Nederlandse media terughoort.

Rebekka: Die mannen zijn natuurlijk al vrij dominant in de gemeenschap, dus we wilden weten hoe moeders over dingen denken. Het is bizar, maar die hoor je gewoon nooit. Dus we waren wel benieuwd wat zij ervan zeiden.

Waarom spraken jullie niet ook wat Marokkaanse jongens? Hebben die niet het meest te maken met het beeld in de media?

Marjolein: We wilden het via een andere invalshoek laten zien. De jongens heb ik stigmatiserend maar wel kwetsbaar afgebeeld in de fotoserie. Ik heb het geromantiseerd om zo te laten zien wat voor schade die jongens wordt berokkend door ze altijd maar zo in de media af te beelden. Maar daar wilden we het bij laten. We zoeken het verhaal achter de capuchon bij de moeders.

Hoe kwamen jullie aan die moeders?

Marjolein: Alleen als het via via ging, bleek het te werken, anders konden we het vergeten. Maar ook dan werden we heel veel afgesms't. Dat proces van afzeggingen hebben we ook vastgelegd, want dat is een groot cultureel verschil: Nederlanders zeggen gewoon "Ga weg met je project, ik heb geen zin," maar Marokkanen verzinnen smoesjes als: "Ik moet naar het ziekenhuis", "Mijn huis is afgebrand", of "Ik heb last van hoge bloeddruk", omdat het onfatsoenlijk is om zo direct te zeggen dat ze niet willen meedoen.

Hoe ging zo'n eerste interview?

Marjolein: Ik liet ze hun verhaal doen, zodat er wat vertrouwen werd opgebouwd. Toen gingen ze best wel snel los over of ze gediscrimineerd worden door hun hoofddoek, en of hun zoons zich gediscrimineerd voelen. Dus toen dacht ik: ik moet nu ook zeggen wat ik te zeggen heb. Dat ik me ook weleens gediscrimineerd voel en door Marokkaanse jongens word uitgescholden voor hoer. Ze schrokken wel, maar gingen er ook serieus op in om een verklaring te vinden. Dat is precies wat we met zo'n gesprek wilden: dat het niet een hulpverleningsproject werd maar juist een gelijkwaardig gesprek.

Je bent nog steeds de interviewer die de kritische vragen stelt en kiest wat je laat zien.

Marjolein: Maar zij vertelden over hoe zij zich in Nederland voelen en ik ben natuurlijk een Nederlander. Dat het hier niet meer leuk is en ze niet goed worden behandeld - dat vertelden ze ook.

Rebekka: Marjolein nam ook elke keer een andere rol aan. Dan ging het niet meer over de Marokkaanse en de Nederlandse gemeenschap, maar over bijvoorbeeld mannen.

Marjolein: Eén vrouw vertelde bijvoorbeeld dat zij ook wordt uitgescholden door Nederlandse mannen.

Zijn jullie niet bang dat de expo toch stigmatiserend wordt? Er komen gevoelige onderwerpen als 'Wij en zij', 'Opvoeding', 'Discriminatie' en 'Roddels' langs waarvan ik het goed vind dat jullie ze aansnijden, maar juist die hoofdonderwerpen geven het een bepaald kader mee. Het gaat niet over koken of een zaterdagmiddagje winkelen met Marokkaanse moeders.

Rebekka: Iedereen kan gewoon zijn eigen waarheid uit de expositie halen. Zowel wij als de geïnterviewden konden zeggen wat we wilden zeggen over die vier onderwerpen. Dat kan tegenwoordig bijna niet meer.

Marjolein: Je moet zo snel bang zijn dat je mensen discrimineert en altijd politiek correct willen zijn.

Dacht je tijdens het interviewen dan niet soms van: dit had ik misschien anders kunnen verwoorden?

Marjolein: Wel toen we het over homoseksualiteit hadden met één vrouw. Toen vroeg ik: "Wat als jouw zoon homo blijkt te zijn?" Dat is natuurlijk niet helemaal eerlijk want dat antwoord weet je van tevoren al.

Is dat zo?

Marjolein: Ja.

Wat dacht je dan dat het antwoord zou zijn?

Marjolein: Dat willen ze niet. Er zijn natuurlijk ook genoeg Nederlanders die dat niet zouden willen, dus dan is het niet helemaal eerlijk dat je een project doet over Marokkanen en het toch vraagt, terwijl je weet dat ze daarin achterlopen - het grote gedeelte dan, dus niet iedereen. Maar het is ook goed dat we die reflectie in de expositie laten zien en het ons wel beseffen. Vooroordelen worden bevestigd, maar doordat je het erover hebt, gaat de druk van de ketel.

Wat is het belangrijkste dat jullie zelf hebben geleerd in die anderhalf jaar?

Marjolein: Je moet gewoon blijven praten, je moet mensen in de ogen aankijken en alles zeggen en vragen en doen.

Rebekka: En niet zo generaliseren. Want dan maak je een hele bevolkingsgroep kapot.

Hoe brengen jullie die les in de praktijk?

Marjolein: Als ik alleen een groepje Marokkaanse jongens zie, dan ben ik helemaal niet meer bang. En als ik nu zo'n opmerking krijg, dan kijk ik hem recht aan en in plaats van boos worden zeg ik "Bedankt, hoor".

Dat kon je eerder hiervoor toch ook al?

Rebekka: Nee, want je denkt al gauw: die klojo's gedragen zich allemaal hetzelfde. Maar als ik dan hoor hoe die moeders hun zoon opvoeden - dat er bijvoorbeeld weinig emoties vertoond mogen van hun vaders - dan snap ik wel dat ze machogedrag gaan vertonen op straat.
Marjolein: Eén van de moeders had negen zoons. Die eerste paar jongens zijn door haar man opgevoed, en na hun scheiding voedde ze zelf de jongere zoons op. Daarin ziet ze zelf ook veel verschil: ze mocht die oudere zoons nooit knuffelen en die mochten ook nooit huilen, want de vader zei altijd: "Hij moet een man worden, geen mietje."

Wat was nog meer verrassend voor jullie?

Rebekka: Dat je als Marokkaan een oudere vrouw niet recht in de ogen mag aankijken, terwijl de juffrouw hier op scholen constant: "Kijk me aan!" zegt. Of dat zonen vaak ook tolk zijn voor hun moeder, en daardoor overwicht hebben in de opvoeding, omdat ze alles weten - dan heb je als ouder niet zoveel meer te zeggen over een kind.

Marjolein: Wat mij ook opviel is dat alle vrouwen zeggen dat het na de moord op Theo van Gogh een stuk grimmiger is geworden. Dat het vroeger echt gezelliger was, maar dat er nu geen praatjes aangeknoopt worden door de buren. Nu worden ze op straat uitgescholden en wordt er op ze gespuugd.

Is jullie expositie een optimistische of een cynische kijk op de kwestie?

Rebekka: Het is realistisch. Ik geloof dat ik een minder pessimistisch toekomstbeeld krijg als er meer van dit soort dingen worden gemaakt. Dan denk ik dat het wel goed gaat komen.

Marokkaanse Moeders is van 24 oktober tot en met 30 november 2014 te zien in Melkweg Galerie in Amsterdam.

Marjolein (l) en Rebekka zelf.

Meer VICE
VICE-kanalen