FYI.

This story is over 5 years old.

Ik was in een karaokebar met Joseph Gordon-Levitt

Hij was veel beter dan ik, maar deed alsof dat niet zo was.
7.5.13

Karaoke is echt mijn ding. Iedereen heeft zijn eigen ding, zoals ‘dochters’ of ‘drugs’, maar die dingen zullen nooit zo veel voor mij betekenen als karaoke. Dat is mijn ding.

Ik wil echt het allerliefst de frontman van een rockband zijn. Ik wil dat zo graag dat ik doodsbang ben voor een daadwerkelijke poging om een band samen te stellen. Er is geen manier om dit te zeggen zonder als een lul over te komen, maar ik weet dat ik echt fucking goed zou zijn. Ik heb charisma en kan goed genoeg zingen. Maar het is een droom. En dat is waar karaoke de uitkomst biedt. Ik kan voor heel even een rockster zijn, zonder enig risico. Ik blijk daarbij ook nog eens heel erg goed te zijn in deze vrij betekenisloze activiteit.

Ik heb drie dikke littekens op m’n knieën van het glijden over het podium. Mooie meisjes vragen mij en m’n vrienden zo vaak of we in een band zitten dat we een nepband hebben bedacht: Rock City Railroad, waardoor ik vaker heb geneukt dan ik eigenlijk verdiende.

Afgelopen woensdag nog won ik een bong van een halve meter bij een karaokewedstrijd. Ik won van de meest energieke dikke kerel ter wereld, die de kleren van z’n lijf scheurde zodat hij niks anders meer aan had dan een gouden legging, die maar amper zijn dikheid wist te verhullen. Het was te gek, maar niet goed genoeg om te winnen van mijn act. Want tja, karaoke is mijn ding.

Vorige week kreeg ik een sms’je van een van mijn beste vrienden en karaokemaatjes. Hij was klaar met werken en zei dat ik naar Silverlake moest komen om te karaokeën. Het was in een bar waar ik nog nooit eerder was geweest, maar die wel een soort legendarische status bereikt had. Blijkbaar zit Jonathan Taylor Thomas daar altijd te zuipen en mensen te smeken om een lift naar huis. Volgens een kerel die hem ooit een lift had gegeven, vroeg hij om midden op de weg te worden afgezet, anderhalve kilometer van z’n huis.

Ik liep de karaoketent binnen en zag mijn maat Eric drinken aan de bar. En toen vertelde hij me iets wat ik totaal niet hoefde te horen.

“Joseph Gordon-Levitt is er.”

Dus ik moest een beetje mijn ding gaan doen terwijl een van de coolste dudes ter wereld kwam kijken. Bekijk ’t, ik moest ‘m verslaan. Dit was mijn avond. Ik begon mezelf meteen moed in te praten op de enige manier die ik kende: door te twitteren met caps lock aan.

Ik heb vaker voor televisieacteurs staan karaoken: voor die rooie uit That 70s Show, Kenneth uit 30 Rock, Andy Dick… Maar nog nooit voor een filmster. Ik was zo zenuwachtig als de pest.

Ik ging naar Gio, de karaokeorganisator en een goede vriend van me, en vroeg hem of hij mijn prijsnummer kon opzetten: Angelina Zooma Zooma van Louie Prima. Daarmee is het keer op keer kat in ‘t bakkie. Als er een Idols-variant was op karaoke, zou ik dit nummer zingen. Ik kreeg ’n idee en zei tegen Gio:

“Hé, laat mij vlak voor Joseph Gordon-Levitt opkomen, hij bekijkt het maar. Eens zien of hij me bij kan houden.”

Zijn gezicht trok in een serieuze plooi.

“Wacht, dat is gewoon lullig man. Hij is hier ook gewoon om een beetje lol te trappen. En iedereen houdt van hem.”

Hij had gelijk. Waarom zou ik hem willen naaien? Ik gunde hem ook z’n lolletje en zou twee nummers na hem opkomen om iedereen te laten zien wat deze onzin nou daadwerkelijk inhield.

Ik ging terug naar mijn plek aan de bar, vlak naast het podium, en haalde nog ’n biertje.

“Dan is het nu tijd voor Joseph om het podium op te komen en Joe Cocker te zingen!”

De bar werd helemaal stil. Iedereen keek naar JGL. Het nummer begon en natuurlijk was hij goed. Dat niet alleen; hij werd spastisch, net als Cocker. Hij maakte wat grapjes tussen de lyrics door en was de baas van het podium. Het was fantastisch om te zien. Het is duidelijk dat hij een geweldige performer was, en hij liet zich helemaal gaan. Diegenen die konden zongen mee, en de rest van de bar was gewoon onder de indruk.

Ik praatte mezelf moed in. Ik moet dit nog beter doen. JGL mag z’n films, z’n geld, z’n respect, z’n goeie kop, perfecte stijl en prachtige vrouwen hebben, maar godverdomme, niet dit. Dit is van mij. Dit heb ik nodig.

Ik werd het podium op geroepen, en het nummer begon.

Ik stond daar als een natte krant en zong zo vals als de pest.

Ik deed dit niet voor de lol, ik deed dit niet voor mezelf, ik deed dit voor de bevestiging. En waarom? Het is Joseph Gordon-Levitt maar. Het is niet alsof m’n vader daar zit. En plotseling belichaamde ik alles wat ik haatte aan de karaokescene van LA: veertigjarige botoxpatiënten die Patsy Cline zingen en bro’s met een gelkop die hopen ontdekt te worden door Usher te zingen. Op dat moment werd ik even beroerd. Dit zag ik allemaal in toen ik begon met zingen. Aan het eind van het nummer wist ik het allemaal van me af te gooien.

Maar toch: ik was baggerslecht.

Het was de enige keer dat ik het idee had dat ik slecht was in karaoke. Ik ging naar buiten om de schaamte van me af te roken, maar toen ik de trap afliep hoorde ik iemand me roepen.

Ik draaide me om en het was niemand minder dan JGL zelf.

“Dude! Je was supergoed man!”

Joseph Gorden-Levitt vertelde me dat ik goed was. En voor het eerst in mijn leven had ik het idee dat hij het meende.

De moraal van het verhaal valt samen te vatten in een eeuwenoude wijsheid: Joseph Gordon-Levitt is echt suuuuuperchill.

(PS: JGL, als je dit leest, een paar dingen: 1. Hoi. 2. Het spijt me. 3. Ik heb die foto niet van je genomen, ik weet zeker dat het superirritant is als iedereen altijd maar foto’s van je neemt. Ik ben trouwens die lamstraal die boe riep naar het meisje buiten dat probeerde een foto van je te nemen. 4. Ik geef een David Bowie-themafeest in juni, je bent uitgenodigd.)