FYI.

This story is over 5 years old.

De helft van alle ouders weet het wachtwoord voor de emailaccount van hun kind

Het Pew Research Center ondervroeg duizend ouders met tieners over hoe zij omgaan met het internetgebruik van hun kinderen.
8.1.16

Volgens een onderzoek van het Pew Research Center vertrouwen de meeste ouders hun kinderen niet met het internet toe. Ongeveer de helft van alle ouders weet de wachtwoorden van de accounts van hun kinderen.

Voor dit onderzoek heeft Pew 1,000 ouders met tieners geïnterviewd over hoeveel zij weten over de online activiteiten van hun kinderen. Meer dan 60 procent van alle ouders gaf toe de browsergeschiedenis te checken, 48 procent wist de wachtwoorden voor de emailaccounts en 35 procent kon inloggen op minimaal één social media-account. De meeste van deze ouders hebben deze wachtwoorden niet met cyberspionage verkregen, maar deze transparantie simpelweg als voorwaarde gesteld toen hun kind een facebookaccount wilde hebben.

Daarnaast zegt 65 procent dat zij weleens als straf de toegang tot een smartphone of het internet hebben ontzegd. Pew noemt dit "digitaal huisarrest."

Een maatregel als dit lijkt erg redelijk, maar naarmate digitale connectiviteit steeds meer een constante factor in het dagelijks leven wordt, wordt het ontzeggen van toegang tot of privacy op het internet een steeds draconischere straf. Nu de Verenigde Naties de toegang tot internet als een fundamenteel mensenrecht zien, kan "digitaal huisarrest" zomaar eens een erg onethische straf worden.

Het schenden van de online privacy klinkt nu ook veel erger dan tien jaar geleden – een beetje als het lezen van het dagboek van je kind. Volgens het onderzoek van Pew zijn tieners ook veel voorzichtiger geworden met het delen van persoonlijke informatie, waardoor de risico's op het internet een stuk kleiner worden.

Over één ding zijn bijna alle ondervraagden het eens: het is belangrijk om met kinderen te praten over welke informatie online gedeeld mag worden, welke media zij mogen consumeren en hoe zij anderen online moeten behandelen. Ik durf er rustig een maandje van mijn internet op in te zetten dat dit soort gesprekken veel effectiever zijn dan rondneuzen in het digitale leven van tieners.