Onze cyberkoning gebruikte het woordje “cyber” lekker vaak in de troonrede

Maar overheid, laten we nu echt ophouden met dit woordje.
19.9.17

Vandaag las onze cyberkoning de troonrede voor aan het demissionair cyberkabinet. Je kunt daaruit een beetje opmaken waar de aandachtspunten de komende tijd zullen liggen. Leuk ding: het aandachtspunt ligt op 'cyber'.

"Cybercriminaliteit", "cyberspionage" en "cybersabotage" – yes! De cyberoverheid wordt modern en wil graag dat de burgerij daarvan bewust is. In de cybercommunity wordt inmiddels een beetje schamper gedaan over het alles wat met internet te maken heeft altijd maar cyber noemen. Zie hier:

Cyber wordt voor alles gebruikt dat het internet is, maar waarvan wordt gedacht dat het te complex is voor de gemiddelde mens. Dit, terwijl iedereen, zelfs je cyberoma, gebruik maakt van het internet.

Juist omdat iedereen het internet gebruikt, is het belangrijk dat we leren praten over dat internet. "Cyber" lijkt dus een handig woordje. Het internet is een "cloud" die ligt verankerd met "echte" kabels in rijen servers en raamloze datacentra die "bits en bytes" versturen waarmee "cybercriminelen" hun boze werk doen in de vorm van "cyberwapens".

Advertentie

Niemand snapt dit. Het doel van "cyber" is dus om aan te geven dat er in de criminele daad gebruik is gemaakt van het internet, maar het enige dat we bereiken is dat alles wat cyber is te maken heeft met iets onbegrijpelijks. Dat is uiteindelijk schadelijk, vooral in zoiets laagdrempeligs als de miljoenennota.

Kijk voor de gein even naar deze krantenkoppen:

Cybercrimineel steelt miljoenen

Cyberveiligheidsexpert waarschuwt voor gevaar

Cyberpesten loopt de spuigaten uit

Meer nederlandse bedrijven getroffen door cyberaanval

Kep ze zelf verzonnen, maar ze lijken wel op echte krantkoppen.

Cyber is een soort nepwoord waarmee mensen in een staat van paniek worden gebracht: cYbEr, de onzichtbare vijand. Mensen die niets van het internet weten, of willen weten, haken bij het woordje 'cyber' af. Mensen die wel nieuwsgierig zijn naar de nieuwe risico's, of de stappen die de overheid wil nemen om internetveiligheid te verbeteren, zegt het niet zoveel. Cyber is niets meer dan het woordje dat in de jaren 80 werd gebruikt voor het internet toen nog niemand wist wat het internet was.

En journalisten (en onze cyberkoning) gebruiken het woord cyber eigenlijk nog steeds alleen maar om aan te geven dat iets 'op het internet is'. Laten we dat dus ook gewoon zeggen: internet.

Cyber = ongrijpbaar.

Internet = alledaags.

Laten we de cybercrimineel: een mastermind die met een druk op de knop het kapitalistische systeem tot stilstand brengt, gewoon internetcrimineel noemen: een tasjesdief die gebruik maakt van internet en outlook om de creditcardgegevens van je moeder te vragen. Dat is namelijk helemaal niet niet complex. Beveiliging ertegen is ook niet: zorg dat je wachtwoorden niet te makkelijk zijn, en reageer niet op rare mails. Dat is niet heel anders dan: berg je portemonnee goed op en praat niet met rare mannen

In plaats van de bevolking op de zwepen door het internet te beschrijven als een griezelbus van cyberspionnen, cybercriminelen en cybermonsters waar je alleen wat van kan begrijpen als je een iq van 1000 hebt, kan in de volgende miljoenennota misschien gewoon simpel worden gezegd dat er meer geld vrijkomt om het internet veiliger te maken. Dat is namelijk niet onmogelijk, en ook niet onbegrijpelijk voor mensen wiens hoofd sinds 1997 geen update meer heeft gehad.

Verder: goed nieuws internetveiligheid nu eindelijk een ding lijkt te worden.