De tuinen van de koning van Ixelles waren oorspronkelijk een terrein als geschenk van Leopold II aan Brussel. Zijn evenbeeld hier in 1969 toont aan hoe koppig enkele neo-koloniale politieke kringen zijn in het rehabiliteren van zijn beeld met een misleidend narratief dat de koning in een positie zet van een simpele, welbedoelde filantropist. Foto van Philippe Braquenier
De Grand Eldorado-zaal in het UGC De Brouckère cinema zit vol iconologie, vooral in de muurschilderingen. De zaal werd gebouwd in de jaren ‘30 en wijst erop hoe koloniaal symbolisme belangrijk was in het rechtvaardigen van koloniale veroveringen, maar het werd ook gebruikt als een marketingtool voor bedrijven die wilden verdienen op de koloniale trots van het interbellum. Foto van Philippe Braquenier
Met zijn fresco bij Porte de Namur stelt hedendaagse congolese kunstenaar Chéri Samba op een ironische wijze de discriminerende discoursen waarmee de congolese diaspora en België vandaag nog steeds mee worden geconfronteerd aan de kaak. Foto van Philippe Braquenier
Het stereotype beeld van een boogschutter, ingehuldigd in 1962 - overdreven spieren, dreigende blik, suggererende pose en een intimiderende houding - was een hulpmiddel om het koloniale basisidee van de congolezen als primitieven in behoefte aan beschaving te versterken. Foto van Philippe Braquenier
Dit archiefbeeld is een luchtfoto van een kopermijn in de mijnersunie van Haut-Katanga. Het bekritiseert het winstmakend karakter van de activiteiten van het Belgische bedrijf Umicore, waar de congolese bevolking pijn, trauma en dood aan overhouden. Foto van HP. 1956.15.13240, MRAC TERVUREN COLLECTION; PHOTO C. LAMOTE (INFORCONGO), 1950.
Neergezet in 1895, “Nègres marrons surpris par des chiens” (bruine negers verrast door honden), blijft een van de meest allegorische en wrede monumenten in Brussel waarmee het in marmer een gefabriceerd beeld optekent van een zwarte man als een beestachtig, quasi-dierlijk en sub-menselijke wezen. Foto van Philippe Braquenier
Het beeld van de luipaardman - te bezichtigen in de beeldengalerij ‘stored away’ van het Afrikamuseum - moet gezien worden als een visuele voorstelling met een dehumaniserende bedoeling die zozeer tot de verbeelding van het Belgische onderbewustzijn sprak dat het zelfs opdook in Hergé’s “Kuifje in Congo” (Tintin au Congo), wat in recente jaren onderhevig was aan stevige kritiek. Foto van Philippe Braquenier
Het rondpunt in het Afrikamuseum illustreert de poging tot dekolonisatie van het museum en hoe enkele van diens meest gewelddadige allegorieën uit te roeien werd gehinderd door de bureaucratie. Desondanks hun onmiskenbare racisme, werden de beelden die het rondpunt omringen niet weggehaald toen het museum in 2018 opnieuw openging, wat zowel zorgde voor een hevige openbare verontwaardiging als ook een officiële terechtwijzing van de VN. Foto van Philippe Braquenier
Dit archiefbeeld toont een van de “congolese dorpen” die werden opgericht tijdens de internationale Brusselse tentoonstelling in 1897 op de oevers van de rivier in het Tervuren park. Op deze foto wandelen bezoekers door het dorp van Vader van Impe die trots zijn verwezenlijkingen tentoonstelt. Van Impe was een Belgische missionaris die 60 congolese kinder had meegenomen om ze een Europese opvoeding te geven. Foto van Philippe Braquenier
