FYI.

This story is over 5 years old.

"Uiterlijk speelt een rol in onze show, daar zijn we gewoon eerlijk over"

Een gesprek met dj-duo Manuel & Geza over authenticiteit, gillende meisjes en leven als een rockster.
3.2.16

Zodra we gaan zitten, en ik mijn apparatuur klaar zet, raken de twee jongens met elkaar in een onnavolgbaar gesprek:

“Ik heb drie nieuwe lampjes gekocht voor in mijn huis, en het helpt.”
“Ja, slecht licht is echt funest. Zelfs in een donker huis zonder ramen kun je het licht nog zo manipuleren dat het goed voelt.”
“Mijn truc is: ik koop alleen nog maar gele lichtjes. Geen led, maar gele lampjes.”
“Ja, warm licht zoals je dat ook in Florence hebt, of het licht dat vroeger uit de lantaarnpalen aan de grachten kwam. Nu is het heel wit, why?”
“De ledlamp is er nog niet. Het heeft nog niet de warmte als van de gloeilamp.”

Advertentie

Geza Weisz – de geruchten kloppen, hij is klein van stuk – zit rechts van me in een onopvallende zwarte trui op een zwarte broek. Manuel Broekman zit onderuit gezakt in een stoel naast hem, pantertrui over een rood shirt, groene sokken in zijn witte sportschoenen. Een paar maanden terug vroeg ik of ik ze mocht interviewen, en nu, na veel heen en weer mailen met de manager (“Wat is je intentie? Hoe kan het een positief interview worden als in een ander Noisey-artikel het duo wordt gebasht?”), zitten ze tegenover me.

De jongens zijn dus verwikkeld in een gesprek over lichten en lampen, terwijl ik de opnameknop op mijn telefoon probeer te vinden. Af en toe probeer ik aan te haken: “Heb je zo’n donker huis dan, Geza?” Maar er is haast niet tussen te komen, en hun conversatie komt zo snel op een absurdistisch niveau dat ik het idee krijg dat ik voor de gek word gehouden. Ik aarzel, maar vraag het dan toch maar op de man af.

Noisey: Voeren jullie vaker dit soort gesprekken, of houden jullie me voor de gek?
Geza: Jij dacht dat we twee gasten waren die alleen maar over kutten praten?
Manuel: We voeren gesprekken met elkaar. Die kunnen over eten gaan, maar ook over licht.
Geza: Dacht je echt dat we je voor de gek hielden?

Ik dacht een ironische ondertoon te bespeuren.
Manuel (laat een oerkreet ontsnappen): We nemen dit interview serieus.
Geza: Wanneer je bekend bent, gebeurt er iets. Mensen vormen een idee van je, maar dat beeld hoeft niet altijd te kloppen. Natuurlijk zijn we van het feesten en van het gek doen.
Manuel: Gek doen, verschrikkelijk eigenlijk.
Geza: We zijn extravagante mannen, maar we hebben het ook over serieuze dingen.
Manuel: Zoals poep en plas.
Geza: Daar nou juist niet over. Jij kan in één zin mijn hele antwoord onderuit halen.

Advertentie

Manuel Broekman en Geza Weisz zijn vooral bekend van het grote scherm en het Amsterdamse nachtleven, en vormen daarnaast al langere tijd een act samen. Geza draait al minstens de helft van zijn leven op feestjes in Amsterdam, en in 2010 begon hij samen met wat vrienden Klassenfeestje in de Amsterdamse Bitterzoet. Chaos op het podium, slingers aan het plafond, en Manuel hing er rond. Op een gegeven moment greep hij de microfoon – zie daar het ontstaan van het duo met Geza achter de draaitafel en Manuel als mc.

Halverwege vorig jaar startte ze een videoserie, De Manuel & Geza Show, geproduceerd door een productieteam dat ook verantwoordelijk is voor video’s van dancegrootheden als Nicky Romero. De video’s kijken als een trailer voor een nieuw dancefestival waar dj’s worden aanbeden als rocksterren: er gaat een onbegrensde, wilde energie vanuit, er komen gillende meisjes in voor, en het leven backstage wordt in al zijn glorie getoond. De aantrekkingskracht van het dj-bestaan, daar wil ik het graag met ze over hebben. En over het succes, de festival-line-ups waar ze steeds vaker opduiken, het Amsterdamse nachtleven en de ‘urban tribe’ waar ze toe behoren (maar waar blijkbaar niet over gesproken mocht worden).

Wanneer werd jullie act een serieus ding voor jullie?
Manuel: Klassenfeestje duurde iets van vijf jaar. Wij wilden daarna door, door het land touren.
Geza: Het feest was best populair, dus toen kwamen er al wat aanvragen voor ons binnen. Maar in het begin ging het niet zo vanzelf als nu. Dj’en is bij mij al vroeg begonnen, op twaalfjarige leeftijd kocht ik mijn eerste draaitafel. Mr. Wix was toen echt mijn grote voorbeeld. Iedereen wil nu dj worden, dat was toen nog helemaal niet aan de orde. Wij werden vooral geconfronteerd met het feit dat we bn’ers zijn. Maar wij keken elkaar op een gegeven moment aan en besloten: wat er ook over ons gezegd wordt, laten we hier goed in worden.
Manuel: En dat we er vooral eigen in worden.

Advertentie

Hoe ziet dat eruit?
Manuel: Niet zo van petjes op en de dj uithangen. Wij zijn feestende mensen, excentriek. We horen het ook vaak van boekers terug: jullie geven echt een show.
Geza: Manuel is bijna niet te vergelijken met andere mc’s. Hij is veel theatraler en daardoor veel kwetsbaarder. Bij een mc denk je al snel aan iemand die door de microfoon ‘yo yo put your hands in the air’ roept. Manuel is wat dat betreft grilliger, maar dat is ook zijn kracht. Dat wat we in de theaterwereld hebben geleerd, willen we terug laten komen in onze optredens.
Manuel: Er is een continue chaos bij onze show. Je wordt de hele tijd geprikkeld, daar hou ik van, en ik denk dat dat ons eigen maakt.
Geza: De Roxy heb ik nooit meegemaakt, maar door de verhalen heb je echt het idee dat je iets gemist hebt. We willen die sfeer opnieuw creëren. Niet dat we de Roxy na willen doen, maar wel het soort chaos dat er heerste. Je hebt de dag en de nacht, en alles wat niet in het stramien in het dagelijkse leven past, het excentrieke, dat mag bij ons los komen.

Levert dat weleens ongemakkelijke gesprekken na de show op, met Manuel als grillige mc?
Geza: Vooral de eerste optredens eindigden in heftige discussies.
Manuel: Dat heeft ons wel geleerd dat we het beter niet direct na de show moeten bespreken. Je zit dan nog zo in een adrenalinerush.
Geza: Waar we wel echt eens discussie over hebben gehad is de manier waarop jij zwaaide. Jij zwaaide raar. Niet goed. Ik zag dat en dacht: ik moet het er toch even over hebben. Want wat is een mc die niet goed zwaait?
Manuel: Dus kwam hij naast me staan om het voor te doen. Hij heeft ook gelijk: hoe goed is een mc nou echt als-ie niet kan zwaaien?
Geza: En Manuel vond dat de set in het midden een inkakmoment had.
Manuel: Ik zit tijdens de show bijna in het publiek, maak alles van dichtbij mee. Soms merkte ik dat het publiek niet echt reageerde. Toen heb ik dat een keer tijdens het optreden zelf gezegd: je moet effe een beuker erin knallen. Na die keer hebben we afgesproken dat we tijdens de show geen kritiek op elkaar mogen leveren. Tegenwoordig hebben we al genoeg aan een blik.

Wat is de aantrekkingskracht van het geven van honderd procent energieke shows?
Geza: Ik denk dat we daar zelf veel energie uithalen. Ik heb het afgelopen jaar, hoe pittig het ook was, iets gevoeld. Ik ga dit nooit meer voelen. Ik heb iets gevoeld dat je als acteur nooit zal voelen. Het is toch een beetje alsof je een rockster bent.
Manuel: De trance. Hoe groter het publiek, hoe groter de rockster-vibe die er hangt. De energie die je dan voelt, dat voelt bijna als vliegen. Ik zeg wel eens gekscherend: ik ben de artiest aan het uithangen op andermans nummers. We willen niet per se rockster zijn, maar we willen wel een idee krijgen van wat het kan zijn. Vierhonderd meiden die je willen aanraken en beginnen te gillen als ze je zien, dat is vet.

Geeft dat een kick?
Manuel: We hebben een keer een meisje knock-out zien gaan. Dat is in zekere zin geestig, maar het geeft ook een boost. Je moet het door een roze bril bekijken.
Geza: Ik liep een keer op straat met mijn vader toen meisjes begonnen te gillen. Het was voor het eerst dat dat gebeurde waar hij bij was. Hij vroeg verwonderd hoe het is om dat mee te maken; het is vleiend, maar tegelijkertijd weet je dat het niet over jou gaat. Dat compliment komt nooit helemaal binnen. Ik zei tegen mijn vader: ik kan er niet honderd procent van genieten, maar ik kan me toch ook voorstellen dat wanneer het er niet meer is, ik er somber van kan worden.

Advertentie

Hoe belangrijk is de rol van muziek in jullie show? Is muziek ondergeschikt aan de act?
Manuel: Het moet goed in elkaar steken. Ik vind de balans die Geza heeft gevonden tussen commercie en vette trap-platen erg goed. Dat je er staat van broem broem broem, en dat het helemaal losgaat. En tegelijkertijd het meezingen, dat is ook een belangrijk onderdeel.
Geza: Ik denk dat het zelfs andersom is, dat de show ondergeschikt is aan de muziek. Wij proberen er alles aan te doen om de muziek op te liften. We maken er een show van, maar de muziek staat centraal.
Manuel: Wat ik heel tof vind is dat er zo veel remixes bestaan, van deephouse tot aan reggaeton, maar dat wij de originele tracks draaien. Heel veel mensen hebben toch een stijltje, zo papapapap, maar al die nummers gaan dan zo op elkaar lijken. Als je een origineel nummer draait, reageert het publiek daar meteen op. En waarom zou je ook swung aan een nummer geven? Ik vind het fijn dat we de kracht zien van originele nummers.

Over de urban tribe, waar jullie toebehoren…
Manuel: Daar ga ik echt helemaal niets over zeggen. Dit duurt al drie jaar en ik ben er echt klaar mee. Ja, we zijn een groep vrienden die ook acteurs zijn. Ik krijg er kriebels en zeikhanden van als we het daar nog over moeten hebben.

Ik wilde weten of jullie een bepaalde kijk op het uitgaansleven in Amsterdam delen.
Geza: Wat een algemene vraag ook. Je ging vrij lekker.
Manuel: Skip deze vraag. De term is ooit gebruikt door Halina Reijn in een column, dat is toen zo opgepikt dat elk interview nu nog steeds begint over die urban tribe. Elke interviewer.
Geza: Ik vind het ook wel een beetje naïef.
Manuel: Nogal!
Geza: Doe even rustig. Ik vind het woord urban tribe ook verschrikkelijk. Alleen vind ik het niet per se raar dat ernaar gevraagd wordt.
Manuel: Maar niet drie jaar lang dezelfde vraag. Ik vind het zo gek: je maakt vrienden en dat zijn bekende mensen. Maar we zijn niet meer dan gasten die met elkaar chillen. We doen leuke dingen, we doen saaie dingen. Niet meer, niet minder.

Laat ik de vraag dan stellen zonder die term. Op welke manier heeft het Amsterdamse uitgaansleven jullie geïnspireerd tot deze show?
Manuel: Toen ik zeventien, achttien jaar was, ging iedereen tijdens het uitgaan los. Het was zweterig, het was niet stug. Die periode heeft me geïnspireerd.
Geza: Goed verwoord. Het moet vies zijn. Uitgaan is toch een soort escapisme.
Manuel: Het gaat erom dat je het gevoel hebt dat het dampt zoals in Brazilië. Dat iedereen boven zichzelf uitstijgt.
Geza: We leven steeds meer in een stramien van structuur, van regels. We worden steeds meer robots. We proberen daar op onze eigen manier tegen te vechten. Dat klinkt heroïsch, dat is niet de bedoeling, maar we willen niet met die trend meedoen. Ik vind Brazilië een goed voorbeeld. Het moet leven. Het moet niet cool zijn.
Manuel: We willen niet dat mensen geilen op zichzelf. Als we een show geven, geilen we op elkaar. Dat vind ik wel iets dankbaars en ik vind het wel kwetsbaar en goed in elkaar steken. Vaak is het zo dat hoe bekender je wordt, je een schild bouwt en in een bubbel terechtkomt. Dat is bij ons niet zo. Over dat niet cool willen zijn – op persfoto’s vind ik jullie opvallend cool overkomen.
Manuel: Is dat zo?
Geza: Ik snap wel wat je bedoelt. We verkopen als het ware onszelf, en dus spelen we daarmee. We weten dat er meisjes zijn die ons aantrekkelijk vinden, dus we gaan niet in een boerka het podium op. We spelen met seksualiteit en al die dingen. We spelen daar op in. Je kan daarover liegen, of er een mooi verhaal over ophouden, maar waarom zouden we? Uiterlijk speelt een rol in onze show, daar zijn we gewoon eerlijk over.
Manuel: Ik vind het ook fijn om ermee te mogen spelen. Zo van: vind mij maar knap. Waarom doe ik soms een bril op? Omdat als je dan het podium opkomt met lange jas en bril, het veel meer een bang-moment is. Het is een soort theater.
Geza: We zijn acteurs, het zou gek zijn als we die achtergrond tijdens onze show niet zouden gebruiken. Het is niet zo van: nu moeten we dj’s zijn, dus laten we het acteren maar achterwege. We zijn geen dj’s, we zijn geen acteurs. Hij is Manuel, ik ben Geza en voor deze act hebben we de handen ineengeslagen.

In muziek is authenticiteit belangrijk. Het moet echt zijn, en anders wel echt aanvoelen. Jullie spreken openlijk over het spelen van een rol.
Geza: Dat wordt de komende tijd onze zoektocht – we moeten zelf muziek gaan maken.
Manuel: Daar zal je die authenticiteit tegenkomen.
Geza: Er zit ook authenticiteit in onze act.
Manuel: En die act zal je ook in onze muziek terughoren.
Geza: Je moet kleur bekennen. Je kunt je niet meer verschuilen achter andermans muziek.
Manuel: Mensen zullen dan wel zeggen: gaan ze nu ook zelf muziek maken? Laten we gewoon als artiest zijnde hopen dat ze het goed vinden.
Geza: Ik hoop dat we ons daar juist zo min mogelijk mee bezig gaan houden, maar dat we vooral veel plezier gaan hebben in het maken van muziek.
Manuel: Dat gaan we doen.

Kun jullie je voorstellen dat jullie net als Gordon ooit de muziekindustrie de rug zullen toekeren?
Manuel: Mooi dat je ons vergelijkt met Gordon. Dank je.
Geza: Ik denk, om heel eerlijk te zijn, dat wij nog wel eens voor de comeback van Gordon gaan zorgen.

Doe eens iets waar je geen spijt van zult krijgen, like Noisey Nederland.