De leukste kunst van afgelopen halve maand

Aziatische kunst is nogal crazy (en dus leuker dan Nederlandse kunst)

Kunstenaar en schrijver Jan Hoek was op vakantie in Azië en ontdekte onder andere de allerbeste tatoeëerder ooit.

door Jan Hoek
04 oktober 2016, 8:00am

Elke twee weken maakt schrijver/kunstenaar Jan Hoek een lijstje van de kunstwerken die zijn kunstenaarshart sneller lieten kloppen. Deze week over de crazy overweldigende kunst die hij zag toen hij Taiwan en Zuid-Korea bezocht.

Eerst even over de titel van deze column. Toen ik hem tikte dacht ik: oei, als ik dat over Afrikaanse kunst zou zeggen dan waren de poppen aan het dansen geweest. Je moet nooit de enorme variëteit van alle Afrikaanse landen en hun kunst over één kam scheren.

Toch doe ik dat veel makkelijker nu het over Azië gaat, terwijl ik in dit stuk slechts kunst beschrijf die ik in twee verschillende landen (Taiwan en Zuid-Korea) heb ontdekt.

Daarom eerst wat relativerende context: het is niet zo dat er in Taiwan strikt enkel Taiwanese kunst te vinden is en hetzelfde geldt voor Zuid-Korea. Zo kon ik hier ook Japanse, Chinese en Thaise kunstenaars ontdekken. Daarnaast was er natuurlijk ook westerse kunst, maar over het algemeen zag ik toch vooral Aziatische kunst. En hoe verschillend al die Aziatische kunst ook was, het verschilde allemaal vooral heel erg van de meeste Aziatische kunst die je in Nederland tegenkomt.

Deze spaghetti bolognese mag in een museum

Dat ik in de titel alle Aziatische kunst 'crazy' noem, komt natuurlijk omdat ik een domme boer ben die in eerste instantie gewoon wat overrompeld is van hoe verschrikkelijk anders alles is, als je in een megastad als Taipei of Seoul over straat loopt, met overal krankzinnige hoeveelheden knipperende lichtjes, neon-reclameborden en bakken met eten die op geen enkele manier iets van herkenning bij je oproepen. Het is niet het soort gek in veroordelende zin – zo van dat je thuis in je eigen land alles beter vindt, maar eerder een beetje alsof je 's ochtends lsd door je drinkyoghurt hebt gedaan. Het soort crazy waarbij het je niet eens meer zo erg zou verbazen als je een Uber bestelt en er even later een ruimteschip neerdaalt om op je te halen.

Ik bedoel: kijk naar deze foto's van hoe ze in een restaurant een spaghetti bolognese (of een omeletgerecht) aan de man brengen. In Seoul is zoiets de normaalste zaak van de wereld, bij ons zou zoiets zo in het Stedelijk Museum kunnen, toch?

Pin's single karaoke-machine

Diezelfde cultuurshock – waarbij je bijvoorbeeld al uren naar iets saais als een lotenwinkel kunt kijken omdat het er allemaal zo anders uitziet – maakt dat het ook moeilijk is om kunst te beoordelen.

Zo ontmoette ik in Taipei de pas afgestudeerde kunstenares Pin Chun Kuo die me haar werk liet zien van een eenpersoons-karaoke-machine omdat ze vindt dat je ook karaoke moet kunnen doen als je single bent.

Goh, oké, dacht ik toen ze erover vertelde, nog niet compleet overrompeld door het idee, totdat ze er de foto's van liet zien en ik een duizelingwekkende roze toekomstwereld in werd gezogen. Helemaal te gek, vond ik het. Later dacht ik: misschien is het ook wel zo dat ik gewoon snel door m'n knieën ga, als iets zo'n hysterisch Aziatisch uiterlijk heeft.

De Thaise popsterkunstenaar die zich meer in de markt moest zetten als Thaise kunstenaar

Korakrit Arunanondchai is een kunstenaar die juist bewust gebruik maakt van het westerse verlangen om overweldigd te worden door Aziatische esthetiek. Het schijnt dat hij eerst een popster wilde worden in Bangkok, maar toen dat niet lukte besloot hij kunst te gaan studeren in New York. Hij vond het daar moeilijk om al die moeilijke westerse kunstcodes onder de knie te krijgen, totdat een leraar tegen hem zei dat dat ook niet hoefde, en hij zich meer als Thaise kunstenaar moest profileren. Sindsdien heeft hij solo's over de hele wereld, van de grote musea in New York tot aan Parijs. Ik zag zijn videowerk trouwens op de Digital Media City-biënnale in Seoul.

De meest funky tatoeëerder van de aarde woont in Taipei

Ik ben dol op tattoos, maar toch kom ik zelden een tattoo-artist tegen die ik echt een kunstenaar vind. Dat komt voornamelijk omdat ze altijd uit hetzelfde reservoir van clichématige stijlen lijken te grabbelen. Het zijn altijd tribals, heavy metal-doodskop-figuren, of verfijnde Japanse bloesems waar ze zichzelf mee profileren. Mensen die echt iets origineels op hun lijf hebben, hebben dat meestal zelf bedacht. Of ze zijn in Taipei naar tatoeëerder York geweest. Want mijn god, alles wat hij maakt is zo raar en zo verschrikkelijk goed.

Toen ik al zijn creaties op Instagram bekeek moest ik me inhouden om niet in een taxi te springen, op naar York, om elke tattoo die hij ooit gemaakt heeft (een pinda die 'Hey You!' zegt, E.T. met een hoedje op, een groen-roze kat met een mensengezicht) op mijn lijf te laten zetten.

Inmiddels heb ik vooral spijt dat ik dat niet gedaan heb.

De Japanse reclameman die zo hard werkte dat hij niet meer wist wanneer hij sliep of wakker was

Dat in sommige Aziatische landen mensen soms ook een beetje crazy kunnen worden van hun eigen cultuur, zag ik een film van de Noorse Ane Hjort Guttu,

die te zien was op de Gwangju Biennalie in Zuid-Korea (overigens een van de meest imposante kunstmanifestaties die er bestaan – de Biënnale in Venetië is er niks bij).

De hele film draait om de echt bestaande Japanse art director Naoki Hayakawa, die zo hard werkte (gemiddeld 12 tot 16 uur per dag, ook in het weekend) dat hij in een staat raakte waarin hij niet meer doorhad wanneer hij wakker was of sliep, want zijn dromen gingen overdag gewoon door.

In de film wordt deze vermenging van kantoorleven en surrealistische dromen in beeld gebracht met Naoki zelf in de hoofdrol. Een must-see, zou ik willen zeggen, behalve dat je daarvoor dus naar Zuid-Korea moet (wat ik dan wel weer iedereen kan aanraden).

Foto's van gecrashte dronken zakenmannen

Dat de Japanse zakencultuur soms een tikkie heftig kan zijn, zag ik al een keer eerder in een galerie in Tokyo waar Pawel Jaszczuk een tentoonstelling had. In Japan is werken en naar je baas luisteren zo belangrijk, dat veel mensen hun eigen grenzen vergeten. Bijvoorbeeld als op vrijdagmiddag je baas jou en je collega's nog vraagt een borrel te drinken en hij vervolgens rondje na rondje bestelt. Dat weigeren staat daar ongeveer gelijk als hier ongevraagd met je tong de oogbal van je baas likken.

Op vrijdagmiddag moeten zoveel werknemers dan ook zoveel drinken dat aan het einde van de dag de stad bezaaid is met totaal gecrashte zakenmannen, die als vogeltjes uit de lucht lijken te zijn gevallen.

Pawel maakte er een prachtig boek over, je kunt het bestellen op zijn site.

De plattelandsjongen die bewijst dat je enkel met takken een levend fashionista-kunstwerk kunt worden

In de metro op weg naar een museum in Seoul zat ik naast iemand die giechelend op haar telefoon naar foto's zat te kijken. Stiekem probeerde ik mee te gluren op haar scherm, en toen zag ik dat ze op de Instagram zat van Thai Dovima.

Deze 16-jarige Thaise jongen plaatst op zijn Instagram foto's van zichzelf, in outfits gemaakt van de meest uiteenlopende alledaagse voorwerpen: van takken tot pannen, hij weet er high fashion van te maken. En vooral bewijst hij dat het leven veel leuker is als je een beetje ~crazy~ durft te zijn.