Rellen in Rotterdam.
Een brandende scooter ligt op straat na rellen in Rotterdam. Foto: Marco de Swart/Getty Images
Coronavirus

Laat kansarme jongeren niet het symbool worden van deze rellen

Volgens jeugdwerkers schept de berichtgeving over de rellen een verkeerd beeld van hoe kansarme jongeren omgaan met de pandemie. "We doen alle jongens die gisteren, ondanks hun frustraties, thuisgebleven zijn hier echt mee tekort.”
26.1.21

Sinds de invoering van de avondklok zaterdag is het chaos in Nederland. De afgelopen dagen lieten relschoppers in meerdere steden een spoor van vernieling achter: busjes en vuilnisbakken gingen in vlammen op, een ziekenhuis werd aangevallen, winkels werden geplunderd en de politie kreeg stenen en vuurwerk naar hun hoofd geslingerd. 

Waar de anarchie nog begon met uit de hand gelopen demonstraties door onder meer aanhangers van actiegroep Viruswaanzin, is dat beeld in anderhalve dag omgeslagen: vooral (kansarme) jongeren zouden de straat op gaan om te rellen. Het Nederlands Jeugdinstituut communiceert dat jongeren elkaar via sociale media elkaar opjutten, burgemeester Femke Halsema roept ouders op hun kinderen thuis te houden. PVV-voorman Geert Wilders maakt het — verrassing! — nog wat specifieker en spreekt over ‘bontkraagjes’. Zo ontaardde een protest tegen de avondklok in drie dagen tijd vooral in een gesprek over de jeugd, en hoe we die in vredesnaam kunnen beteugelen. 

Jongerenwerker Ismail El Hadioui waarschuwde twee weken geleden al in radioprogramma Spraakmakers dat een avondklok voor onrust zou zorgen. Volgens hem voelen de jongeren waarmee hij werkt zich ongehoord: ze geven aan dat alles hen al ontnomen wordt, en dat voor sommigen thuisblijven gewoon geen optie is. Toch is het volgens Nadia Barquioua, directeur van de Rotterdamse stichting Jongeren Op Zuid (JOZ), heel belangrijk om kansarme jongeren niet het symbool te maken van deze rellen. 

Jongeren hebben het ontzettend zwaar, beaamt Barquiouna. “113 Zelfmoordpreventie ziet een toename in het aantal hulpvragen en er is sprake van meer depressie en andere psychische problemen onder jongeren door corona. Er groeit nu een generatie op die in een cruciaal moment van hun ontwikkeling volledig beperkt wordt,” vertelt ze aan VICE.

Advertentie

Die signalen moeten serieus genomen worden, al is de uitzichtloosheid geen reden om de boel kort en klein te slaan. “Of je je nou verveelt of de coronamaatregelen beu bent, je kan simpelweg niet je eigen stad slopen,” aldus Barquioua. “Dit is baldadig, crimineel gedrag van een kleine groep mensen die vooral zin hebben in rellen. We moeten dat geluid blijven ventileren, anders wordt het argument ‘ik voel me niet gehoord’ een vrijbrief voor geweld.”

“Of je je nou verveelt of de coronamaatregelen beu bent, je kan simpelweg niet je eigen stad slopen”

De berichtgeving over de rellen schept volgens haar vooral een verkeerd beeld van hoe kansarme jongeren van kleur echt omgaan met de crisis. “We hebben zoveel jongeren in moeilijke gezinssituaties, of die in armoede leven en nu de dupe zijn van deze rellen. Zij doen wel ontzettend hard hun best, maar worden door de samenleving nu te gemakkelijk in hetzelfde hokje geplaatst als die rellende jongeren. We doen alle jongens die gisteren, ondanks hun frustraties, thuisgebleven zijn hier echt mee tekort.” Bovenal is volgens haar dat verhaal van ‘de rellende kansarme jongeren’, een te nauw, stereotyperend beeld. “In verschillende steden relden verschillende jongeren, ook witte jongeren. Elke stad had haar eigen rellende groep jongeren.” 

Dat zegt ook Monique Staps, communicatiemanager bij Dynamo Jeugdwerk van Lumens in Eindhoven, de stad die zondag misschien wel het hardst werd getroffen door de rellen. “Die kleine rellende groep jongeren is niet representatief voor de jongeren die Lumens tegenkomt,” zegt ze. “Veel jongeren vertellen ons dat ze die avondklok wel tolereren, omdat ze op lange termijn gewoon hun vrijheid terugwillen. Ze willen meewerken, maar weten soms nog niet zo goed hoe ze dat moeten doen. Zo’n 80 procent van de jongeren waarmee we werken, doet er alles aan om mee te werken. Zo’n 10 procent heeft ondersteuning nodig, wat wij of partners ook geven. En dan heb je nog eens 10 procent die niet meewerkt.” Die laatste groep wordt nu volledig uitvergroot in de media, wat volgens Staps grote gevolgen heeft. 

Advertentie

“Het is demotiverend om keer op keer te lezen hoe slecht ze het doen,” vertelt ze. Dat is extra slecht voor het moraal, en kan volgens Staps zelfs leiden tot depressieve klachten. Echte problemen waarmee jongeren nu te maken krijgen, worden volledig ondergesneeuwd. “Daarbij zijn die kerngroep van honderdvijftig tot tweehonderd jongeren, die naar verschillende steden gaan om er te rellen, ook niet de jongeren die wij in ons jeugdwerk tegenkomen. Die zijn vaak ook ongevoelig voor jeugdwerk.” 

Alhoewel het vooral over een minimale groep ‘reljongeren’ gaat, heeft het dus wel een effect op de situatie van (kansarme) jongeren. Wat kan jeugdzorg hier dan aan doen?

“We voelden de voorbije dagen al dat er wat zat te borrelen,” zegt Barquioua. Volgens haar hebben jeugdwerkers zich dan ook actief ingezet om jongeren te weerhouden mee te gaan rellen. Dat deden ze door de straat op te gaan, maar ook door een oogje in het zeil te houden op social media. “We zitten in verschillende groepen op Snapchat, Telegram, Facebook en Instagram. Daar vangen jeugdwerkers signalen op, of ze nemen deel in het gesprek dat gaande is. Ook DM’en we jongeren die posten over rellen en vragen we ze waarom ze dit doen en of ze bewust zijn van de consequenties van dat rellen.”

Daarmee is niet iedere jongere te overtuigen om thuis te blijven. “Wie in zijn hoofd heeft gehaald om te gaan rellen, gaat dat uiteindelijk ook doen. Maar de sensatiezoekers en de twijfelaars kun je wel gezond verstand bijbrengen. Dat is de rol van jeugdwerk. De rest ligt in de handen van de handhavers.” 

“Baudet, Klaver, Segers en Wilders wijzen met de vinger naar elkaar: ‘het zijn jouw bontkraagjes’, of ’het zijn jullie hooligans’. Zulke harde woorden zijn alleen maar olie op het vuur”

Staps benadrukt het belang van blijven communiceren. “We stimuleren jongeren om zich aan te sluiten bij groepen waarin ze zich kunnen ontwikkelen en groeien. We leggen ook uit bij welke gemeenschappen ze zich beter niet kunnen aansluiten. Preventie hierin is ontzettend belangrijk. Daarbij is het ook belangrijk om ze te waarschuwen: wat leer je hiervan? Welk effect heeft het op de rest van je leven als je de straat op gaat om met stenen te gooien? Het is schrijnend, want veel jongeren hebben geen idee wat dit betekent voor hun toekomst. Zit je eenmaal vast, dan krijg je vijf jaar lang geen VOG, en dan word je nog veel langer beperkt in je vrijheid.” 

Volgens Barquioua ligt het probleem vooral bij de politiek, die niet de verantwoordelijkheid neemt voor de verdeeldheid die het zelf creëert. “Als je kijkt naar dat debat over de rellen in Den Haag, hoor je hoe Baudet, Klaver, Segers en Wilders elkaar aanvallen. Ze wijzen met de vinger naar elkaar: ‘het zijn jouw bontkraagjes’, of ’het zijn jullie hooligans’. Die verdeeldheid wordt vervolgens gelivestreamd voor alle burgers in heel Nederland. Zulke harde woorden zijn alleen maar olie op het vuur.” Door die verharding zullen groepen zich altijd ongehoord voelen, of zich gelegitimeerd voelen om te gaan rellen. “De verbindende rol van de politiek is er niet. En daar moet de politiek zijn verantwoordelijkheid in nemen, niet de kansarme jongeren.”