Quantcast
Illustratie door Titia Hoogendoorn

Renate Dorrestein over de tijd die ze doorbracht in een Libanese harem

DoorCharlotte Simonsillustraties doorTitia Hoogendoorn

"Zoals Alice in het konijnenhol was gevallen, zo was ik in die harem gevallen. Ik dacht: laat ik hier maar van genieten, want dit komt niet nog een keer op m'n pad."

Illustratie door Titia Hoogendoorn

Ik ging bij Renate langs en vroeg haar hoe ze destijds in vredesnaam in een harem is beland, hoe een gemiddelde dag in een harem eruitziet en waarom ze uiteindelijk besloot weer te vertrekken.


Renate Dorrestein, schrijfster, journalist en vooraanstaand feminist, bracht begin juni van dit jaar haar nieuwste roman uit: Zeven soorten honger. Het verhaal speelt zich af in een exclusief kuuroord dat zich ontfermt over rijke, moddervette mannen die hier in alle rust, afgezonderd van de rest van de wereld, hun overtollige kilo's kwijt kunnen raken. Nadine, mede-oprichter van het instituut en één van de twee hoofdpersonages, blikt in de roman terug op de korte periode die ze doorbracht in een harem.

Tijdens de boekpresentatie van Zeven soorten honger onthulde Renate, verbazingwekkend genoeg, dat dit fragment gebaseerd is op haar eigen ervaringen van zo'n veertig jaar geleden. Ik ging bij haar langs en vroeg haar hoe ze destijds in vredesnaam in een harem beland is, hoe een gemiddelde dag in een harem eruitziet en waarom ze uiteindelijk besloot weer te vertrekken.

Broadly: Ha, Renate. Hoe ontmoette je de man in wiens harem je uiteindelijk belandde?
Renate: Ik was begin 20 – ik denk 22, 23 – en werkte in de journalistiek, maar ik wilde daarnaast ontzettend graag een roman schrijven. Het schoot maar niet op, en toen kon ik voor een paar weken een appartement in Londen overnemen van een vriend van me, waar ik in alle rust aan m'n boek kon werken. Dat appartement bleek ondergronds te zijn – en was zo verschrikkelijk naargeestig, dat ik meteen dacht: ik moet een andere werkplek vinden. Toen herinnerde ik me dat het British Museum die fantastische Reading Room heeft, dat had ik wel eens voorbij zien komen in een encyclopedie of tijdschrift. Daar ging ik dus iedere ochtend heen, met m'n schrift – computers en internet waren er nog niet in die tijd – en dan zat ik daar te schrijven. Het was een hele grote bibliotheek met een enorme koepel, met een soort stervormige opzet van bankjes waaraan mensen zaten te werken.

De bibliotheekzaal waar Renate en Nobel elkaar ontmoet hebben

En hij was daar ook aan het werk?
Ja, in het gangpad naast mij zat een man van een jaar of 35, Nobel Ayad heette hij, die rond de vierde dag aan me vroeg waar ik toch al die tijd mee bezig was. Ik vertelde hem dat ik een roman aan het schrijven was, waarna hij voorstelde om een kopje thee te gaan drinken. Dat zijn we toen gaan doen, en hij vertelde me dat hij uit Libanon kwam en dat-ie nota bene voor PLO-doeleinden in Londen was. Op zondagen stond hij in Hyde Park op een zeepkist de PLO-zaak te bepleiten, en hij schreef artikelen over Palestina en de problemen die zich voordeden in het Midden-Oosten.

Eigenlijk drong wat hij zei allemaal niet zozeer tot me door, want het was echt een betoverend knappe man. Toen hij aan me vroeg of ik 's avonds bij hem wilde komen eten, dacht ik: ja, hartstikke leuk. Ik dacht: dit is hoe een nette man dit soort dingen aanpakt, er moet eerst gegeten worden, voordat we tot de rest overgaan.

Ik werd een vertrek ingeduwd en daar zaten vier gesluierde vrouwen op kussens op de grond gedrapeerd.

En vervolgens ben je 's avonds inderdaad bij hem thuis gaan eten?
Ja, hij had me een adres gegeven in Bloomsbury, die hele chique wijk in Londen. Ik kwam 's avonds aan bij een reusachtig huis, belde aan en de deur werd opengedaan door iemand die helemaal in lappen en sluiers was gewikkeld. Toen dacht ik nog: zou hij hier op kamers wonen, of zo? We liepen door een gang en aan het einde van die gang werd ik min of meer een vertrek ingeduwd, en daar zaten vier gesluierde vrouwen op kussens op de grond gedrapeerd. En ik dacht: ik geloof dat ik in een harem ben beland. Die vrouwen spraken verder geen Engels en leken niet echt op te kijken van mijn aanwezigheid. Blijkbaar nam hij wel vaker vrouwen mee naar huis. Na ongeveer een kwartier kwam hijzelf tevoorschijn, in een gewaad – eerder droeg-ie een spijkerbroek. Hij zei: "Kom mee, we hebben voor je gekookt."

Hoe was dat, samen eten?
Hij deed een deur open en daar stond een buffet klaar voor wel twintig man. Hij vertelde dat hij één gerecht zelf had gemaakt, de rest was door zijn vrouwen bereid. Ik vroeg nog of zij niet mee hoefden te eten, maar dat was volgens hem nergens voor nodig. Toen gooiden wij ons op dat eten – het was eigenlijk een vrij idiote situatie, want we hadden verder ook niet heel veel gespreksstof. Afgezien van het feit dat hij heel aantrekkelijk was, was hij ook nog eens heel aanstekelijk – hij zat zó te smullen, dat ik dacht: nou, die weet wel wat genieten is. Vervolgens hadden we tussen de bedrijven door, op de tafel en tussen al die schalen, seks – wat overigens helemaal níks voorstelde.

Waardoor viel je eigenlijk voor hem, als de seks zo anticlimactisch was?
's Avonds zei hij: "Kom, we moeten de vrouwen gaan luchten." De vrouwen mochten iedere dag een uurtje naar buiten, en hij had zo'n stretched limousine waar we dan met z'n allen in werden gehesen. Hij had zich speciaal voor die gelegenheid weer omgekleed en droeg een wit, The Great Gatsby-achtig pak. Het was de bedoeling dat ik met zijn vrouwen om de Serpentine [een meer in Hyde Park] liep, en hij stond dan – terwijl hij ons in de gaten hield – onder een treurwilg een sigaret te roken. Dat had zoiets sprookjesachtigs, daar ben ik toen geloof ik voor gevallen. Ik had het gevoel dat ik nooit meer de kans zou krijgen zoiets mee te maken. Een echt leuk avontuur moet je natuurlijk nooit laten schieten. Uiteindelijk ben ik toen een dag of tien gebleven.

De vrouwen mochten iedere dag een uurtje naar buiten. Hij had zo'n stretched limousine waar we dan met z'n allen in werden gehesen.

Hoe zag een gemiddelde dag eruit, in Nobels harem?
's Ochtends ging ik een paar uurtjes naar die bibliotheek, en dan kwam ik thuis. Ondertussen stonden zijn vrouwen zich waarschijnlijk het schompes te koken, want er werd voor iedere avond zo'n buffet klaargemaakt. Die vrouwen waren ook ontzettend lief voor me: urenlang zaten we te snoepen, te giechelen en te lachen en aan elkaar te frunniken, elkaars haar en nagels te doen, elkaar in te smeren met olie en te masseren. Het was bijna een soort wellness center. Ze vonden het allemaal reuzegezellig, ook al konden we elkaar niet verstaan. Het was een supervrouwelijke wereld die ik, als één van de voortrekkers van de tweede feministische golf, helemaal niet kende. Dat maakte het ook zo exotisch en bijzonder. 's Avonds aten Nobel en ik dan samen, daar waren de andere vrouwen nooit bij.

Hadden die vrouwen onderling eigenlijk ook seks met elkaar? Het klinkt zo sensueel.
Dat weet ik eigenlijk niet. Er was wel sprake van een hoge mate van lichamelijkheid. Ik denk dat wanneer je zo'n leven met elkaar leidt – je bent eigenlijk tot elkaar veroordeeld – seks er misschien wel onderdeel van wordt. En die man bakte er dus vrij weinig van – misschien moet je elkaar dan maar vermaken. Ik kreeg ook totaal geen hoogte van hoe hij met die vrouwen communiceerde en wat voor band hij met ze had. Ik was er natuurlijk wel benieuwd naar, maar hij was daar erg terughoudend over. Gek genoeg had dat een soort preuts aspect, waar hij liever niet over praatte.

Illustratie door Titia Hoogendoorn

Hebben jij en Nobel in de tijd dat je daar zat nog vaker seks met elkaar gehad?
Ja, hij sprong tijdens het eten iedere keer bovenop me. Omdat we altijd te midden van al dat eten seks hadden, werden we een soort van gemarineerd in allerlei kostelijke spijzen. Hij was een enorme smulpaap en eten leek hem altijd op te winden, maar hij was tijdens de seks erg op zichzelf gefixeerd. Op een gegeven moment wilde ik het wat spannender maken door wat verbetering in het repertoire aan te brengen, en ik herinnerde me opeens de film Deep Throat met Linda Lovelace, waarin ze een clitoris in haar keel heeft zitten. Ik begon toen heel aanschouwelijk aan flesjes cola te lurken, om hem op bepaalde gedachten te brengen. Hij zag toen al snel het licht, maar eigenlijk was het gewoon de bedoeling dat ik hém zou pijpen, in plaats van dat hij mij zou bevredigen. Dat was vooral de eerste keer nog een hele worsteling, maar uiteindelijk kreeg ik hem zover. Toen ik wegging had ik wel het gevoel dat ik hem wat had geleerd, waar die vrouwen misschien ook nog profijt van zouden hebben.

Het was eigenlijk een intermezzo, een droom die helemaal niets met mijn eigen leven te maken had.

Ging het hele principe van een harem niet helemaal tegen jouw principes in, als feminist pur sang?
Het stond zó ver van mijn eigen werkelijkheid af dat ik er eigenlijk niet eens een oordeel over had. Ik was echt in Duizend-en-een-nacht gekatapulteerd, het was stom toeval. Zoals Alice in het konijnenhol was gevallen, zo was ik in die harem gevallen. Ik dacht vooral: laat ik hier nou maar van genieten, want dit komt niet nog een keer op m'n pad. Het was eigenlijk een intermezzo, een droom die helemaal niets met mijn eigen leven te maken had.

Waardoor besloot je uiteindelijk weer te vertrekken?
Op een gegeven moment was ik het wel zat. Ik kon ook niet meer slapen, omdat ik zoveel last had van maagzuur – we aten zó verschrikkelijk veel, ik plofte bijna uit m'n lichaam. Ik ben echt kilo's aangekomen in die tien dagen tijd.

Ben je eigenlijk altijd zo open geweest over je ervaring in die harem?
Nee, ik heb het jarenlang aan niemand durven te vertellen, omdat ik het ergens ook heel vreemd vond. Ik was bang dat mensen zouden zeggen: dat hoor je als feminist niet te doen. Toen ik veertig jaar later met dit boek bezig was, dacht ik: ik wil Nadine [de hoofdpersoon van Zeven soorten honger, die een ingewikkelde relatie met eten heeft] een ervaring met eten meegeven die wél fijn is. Doordat mijn ervaring in het boek ingebed is, is het een gelegitimeerde ervaring geworden. 'Ik heb het niet zomaar gedaan, het was research voor een boek dat ik ooit nog wil schrijven,' zoiets.

Heb je Nobel Ayad ooit nog wel eens gezien of gesproken?
Een jaar of vijf na mijn haremtijd in Londen – ik woonde toen in Haarlem – ging de telefoon. Het was Nobel Ayad, die op Schiphol was gearriveerd. Het zweet brak me uit, het was helemaal niet de bedoeling om hem nog eens te zien. Buiten die context in Londen had ik al helemáál niets met die man, het ging mij meer om het hele sprookjesachtige dan om die man zelf. Ik heb toen een enorm ingewikkelde smoes opgehangen, dat ik die dag toevallig zelf op reis moest en dat ik helaas geen tijd voor hem had. Veel later, toen het internet er inmiddels was, heb ik hem nog wel eens gegoogeld, maar ik heb nooit meer iets gevonden. Best jammer – je hebt een inkijkje gehad in iets waar je niets van hebt begrepen, maar blijkbaar was dat ook precies de bedoeling.

Bedankt, Renate.

-

Vrouwen praten misschien veel, maar we horen ze te weinig. Daarom is Broadly Nederland er. Like onze pagina.