Mensen met gruwelijke littekens vertellen hoe ze eraan zijn gekomen
Fotos

Mensen met gruwelijke littekens vertellen hoe ze eraan zijn gekomen

Van skateboardongelukjes tot open gezaagde hoofden.
07 mei 2016, 7:38am

Martin Rost wilde zijn fotoproject Narben ("Littekens") in 40 dagen afkrijgen, maar hij haalde zijn eigen deadline niet. "Ik had het verkeerd ingeschat," zegt hij. "Op de 39ste dag realiseerde ik me opeens dat het al de 43ste dag was." Hij deed er uiteindelijk 100 dagen over.

Rost is een skater, en heeft zelf ook de nodige littekens. "Als ik vroeger een litteken zag wilde ik altijd het verhaal erachter weten. Meestal waren het kleine anekdotes, maar als iemand je vertelt dat ze 29 operaties in haar leven heeft gehad, dan wordt het opeens wel een heel ander verhaal," zegt hij.

Rosts project vertelt het verhaal achter het litteken, of het nu door een gevecht in een bar komt of door een levensreddende operatie. Hieronder zijn wat foto's uit zijn project, met de (uit het Duits vertaalde) verhalen erbij.

"In het dorp waar ik opgroeide was het een tijdje een rage om in de apotheek een busje verkoelingsspray te kopen, dat busje vervolgens leeg te spuiten in een tas en vervolgens uit die tas te inhaleren. Je werd zo tering high van dat spul dat je geen idee meer van had wat er om je heen gebeurde. Ik was een keer zo high dat ik na twee meter al van mijn skateboard donderde. Ik landde precies weer op m'n board, alleen helaas wel met mijn mond, in plaats van met mijn schoenen."

"Op donderdag ging ik met mijn ex terug naar de kliniek. Toen de dokter binnenkwam ging hij zitten, en toen – ik zal dit nooit meer vergeten, artsen moeten echt eens aan hun communicatietechnieken met patiënten werken – gooide hij z'n papieren op tafel, en zei: "Nou, ja, je hebt kanker. Dus..." verder zei hij niets. Totaal droog en heel direct: 'Je hebt kanker.'

"De arts onderzocht mijn borst opnieuw. Ik probeer moeilijke situaties altijd wat gemakkelijker te maken door harde grappen te maken, dus toen hij mijn borst aanraakte zei ik dat het misschien praktisch zou zijn als het knobbeltje in de buurt van mijn tepel zou zitten, zodat hij er makkelijker bij kon en het later niet al te veel op zou vallen.

"Hij stond perplex, en keek me aan alsof ik een idioot was en zei: 'Ja, nou, die tepel moet er dus af." Waarschijnlijk vertelt hij vrouwen twintig keer per dag dat ze kanker hebben en dat er iets afgesneden moet worden, maar alsnog had hij best ietsje meer mogen zeggen dan alleen ijskoud dat die tepel eraf moet. Ik was toen pas 39 jaar oud!"

Uit Rosts aantekeningen: "Een gevecht. Buiten een club. Ex-vriendin beschermd. De jongen had een groot hoofd."

Uit Rosts aantekeningen: "Tegemoetkomend verkeer (auto) snijdt een hoek af. Probeert van de weg te raken maar lukt niet. Botsing."

"Anderen betalen geld om een brandmerk te laten zetten. Ik brandde me toen ik aardappelen aan het roosteren was."

"Het begon met buikpijn toen ik heel jong was. Niemand wist wat de oorzaak was, dus onderging ik op mijn dertiende een operatie zodat ze konden zien wat er mis was. Ze merkten op dat ik kleine gezwelletjes had die daar al sinds de geboorte aanwezig moesten zijn. Die gezwelletjes zorgden ervoor dat mij ingewanden en alles aan elkaar plakten. Dat was dus ook wat de pijn veroorzaakte, en het zou nooit beter worden – sterker nog: het werd alleen maar erger. Toen ik veertien of vijftien was had ik nog wat operaties, en op mijn zestiende kwamen ze erachter dat ik endometriose had.

Endometriose is een ziekte waarbij het baarmoederslijmvlies buiten de baarmoederholte groeit. Toen ik 16 was – 28 jaar geleden – hadden ze die ziekte pas net ontdekt. Elke keer dat je ongesteldheid begint, komt je bloed niet uit je baarmoeder maar ook uit al dat weefsel buiten de baarmoeder. Dus bij mij bloedt het overal waar het weefsel zich naar toe heeft verspreid – mijn ingewanden, blaas, baarmoeder. Ze hebben het toentertijd geprobeerd te stoppen met hormonen, waardoor mijn lichaam zou denken dat ik zwanger was."

Uit Rosts aantekeningen: "Wil er niet over praten."

Benjamin: Ik kan je dezelfde vraag stellen die ik je eerder al stelde: of je een bullshitverhaal wil horen, of het echte verhaal.

Rost: Het echte verhaal.

Benjamin: Op 6 april 2014 had ik thuis een epileptische aanval, dus moest ik naar het ziekenhuis. Daar had ik mijn tweede aanval. Ze namen een röntgenfoto en kwamen erachter dat ik een hersentumor had in een formaat van een tennisbal. Tien dagen later moest ik onder het mes en verwijderden ze de tumor. Nu heb ik elke drie maanden een controle waarbij er een scan wordt gemaakt en ik met de neuroloog moet praten. Ik zal er op een gegeven moment waarschijnlijk aan sterven.

Rost: Wow, dat is heftig. Wat is de prognose?

Benjamin: Het ziet er niet bepaald rooskleurig uit. Er zijn tumoren die snel groeien en sommigen die langzaam groeien. Ik zit er tussenin.

Rost: Hoe ga je ermee om?

Benjamin: Dit soort ellende kan iedereen overkomen. Ik bedoel, je kan ook onder een auto komen en doodgaan. Dat betekent niet dat je de hele dag thuis gaat zitten. Het is wat het is. Ik denk dat ik iemand ben die er goed mee omgaat – ik zit er niet zo heel erg mee. Het weerhoudt me niet om de dingen te doen. Ik moet hierna naar ergotherapie, zodat ik dingen beter kan voelen. Ik ben blij dat het mij is overkomen in plaats van een idioot die zijn röntgenfoto's inlijst.

Rost: Maar ze kunnen het dus niet opnieuw verwijderen?

Benjamin: Nou, ze weten niet echt of en waar het zich nog meer heeft verspreid. Ik zou chemotherapie kunnen hebben ondergaan, maar mijn oncoloog zei dat ik jong was, en dat mijn immuunsysteem het wel aankan. Ik ging voor een second opinion naar Göttingen en zij zouden wel direct zijn begonnen met chemotherapie. Ik ben me dus maar eens gaan inlezen, en het ding is dat er een kans bestaat dat ze ook de dingen om de tumor heen doodmaken, met die straling. Dat zou bij mij betekenen dat mijn taalcentrum eraan zou gaan. Dat is een te groot risico.

Rost: Het is indrukwekkend dat je zo positief bent.

Benjamin: Natuurlijk! Als ik heel pessimistisch zou zijn, dan zou ik mijn eigen leven ruïneren. Dat helpt me niet vooruit. Dus leef ik alsof er niks is gebeurd. Waarom zou ik geen meisje leren kennen en kinderen krijgen? Er is tien procent kans dat ik deze ellende overleef – waarom zou ik geen aandeel zijn van die tien procent?

Uit Rosts aantekeningen: "Ik had bij de geboorte een doorboorde long, waardoor ik bijna stikte. Ze duwden er een aantal buizen in zodat ik kon ademen."

Rost: Ik maak een boek over littekens, en ik zou graag weten hoe jij aan de jouwe komt.

Oma: Oh, hartkleppen. Twee nieuwe – ik had een aneurysma. En ik heb ook hier beneden iets op m'n been.

Rost: Kwam het door dezelfde operatie?

Oma: Ik denk niet dat het op dezelfde dag is gebeurd, want ik merkte het pas op toen je moeder me kwam opzoeken in het ziekenhuis – dat was het moment dat ik zag dat ik een litteken had. Ik denk dat ze er later nog een keer in moesten. Als je het graag wil weten, ik moest eerst een sonde doorslikken, net als bij een gastroscopie, en toen ontdekten ze de aneurysma, die gegroeid was. Het was bijna 5 centimeter groot. De arts zei dat het bijna gescheurd was, en dat zou fataal zijn geweest. Ik realiseerde me niet eens dat ik in de operatiekamer was, maar ze brachten me onder narcose, en drie tot vier weken later kwam ik bij.

Uit Rosts aantekeningen: "Een biertje shotgunnen...headbangen."