Identiteit

Mannen begrijpen nog steeds niet hoe wederzijdse toestemming werkt

In een nieuw onderzoek wordt gesuggereerd dat heteroseksuele mannen geneigd zijn om bepaalde factoren, zoals eerder intiem contact met een vrouw, onjuist te interpreteren als wederzijdse toestemming.
Image by GIC via Stocksy
Image by GIC via Stocksy 

Seksueel misbruik is hét onderwerp van de afgelopen tijd – en met een goede reden. Van een boel mannen in machtsposities werd bekend dat ze vrouwen naar verluidt jarenlang hebben lastiggevallen en seksueel misbruikt. En eindelijk ondervinden velen van hen de consequenties van hun daden. Als gevolg daarvan zijn mannen iets voorzichtiger, zowel op de werkvloer als daarbuiten. Maar als we iets hebben geleerd van de recente beschuldigingen en de daaropvolgende discussies, dan is het wel dat veel mensen (vooral mannen) nog steeds niet helemaal begrijpen wat seksueel grensoverschrijdend gedrag is en wat niet. Uit een nieuw onderzoek blijkt dat mannen, ondanks de inspanningen van activisten en vrouwen op universiteitscampussen, nog steeds behoorlijk slecht zijn in het herkennen van wederzijdse toestemming.

Advertentie

Het onderzoek heet Situational and Dispositional Determinants of College Men’s Perception of Women’s Sexual Desire and Consent to Sex: A Factorial Vignette Analysis en er deden 145 heteroseksuele mannen mee, met een gemiddelde leeftijd van twintig jaar, allemaal studenten van een grote universiteit in een staat in het zuidoosten van de Verenigde Staten. TIjdens een telefoongesprek met dr. Richard E. Mattson, een van de auteurs van het onderzoek, erkende hij dat de steekproefomvang en de diversiteit onder deelnemers (92% wit, 58% protestant) klein is. Hij vertelde ons dat ze momenteel bezig zijn om een vervolgonderzoek op te zetten met een grote diversiteit aan deelnemers. Maar ook dit onderzoek biedt een aantal interessante resultaten.

In een digitale enquête kreeg elke student zes korte, geschreven scenario's met een vrouw voorgelegd. In iedere hypothetische situatie kregen de mannen te horen dat de vrouw “erg aantrekkelijk” was en dat ze “heel erg hoopten om seks met haar te hebben”.

De omschrijving van de vrouw wisselde per scenario, waarbij gevarieerd werd in factoren als kleding, haar seksuele geschiedenis, alcoholgebruik, relatiegeschiedenis en de hoeveelheid intimiteit die ze toont tijdens de interactie. Volgens het onderzoek is aangetoond “dat deze factoren vaak gezien worden als indicatoren van seksuele intentie en ze ook bepalen in welke mate buitenstaanders het seksueel misbruik beschouwen als de ‘verantwoordelijkheid’ van de vrouw.” In elk scenario reageerde de vrouw anders op een expliciete uitnodiging tot seks, waarbij werd gevarieerd tussen verschillende niveaus van toestemming, weigering of passiviteit en de manier waarop dit werd gecommuniceerd: nonverbaal, verbaal of een combinatie van beide.

Advertentie

Nadat elk scenario werd geïntroduceerd, werden de deelnemers gevraagd om aan te geven in welke mate ze het eens waren met de volgende vragen: in hoeverre wil de vrouw doorgaan met de seksuele interactie, in hoeverre heeft de vrouw aangegeven bereid te zijn tot seksuele handelingen, en in welke mate heeft de vrouw toestemming gegeven voor seks. De deelnemers gaven antwoord door aan op een schaal aan te geven of ze het er (1) zeer mee oneens of (7) helemaal mee eens waren.

De resultaten van de enquête zijn angstaanjagend, maar niet verrassend: volgens dr. Mattson hadden de mannen de neiging om toestemming te verwarren met seksueel verlangen. Met andere woorden: als ze dachten dat de vrouw de seksuele interactie wilde voortzetten, dachten ze dat dat ook meteen gold als toestemming. In het scenario waarin de vrouw niet reageert op de seksuele toenadering (“Ze reageert niet meer, maar biedt op geen enkele manier weerstand”) was het gemiddelde antwoord een 3,71 op de toestemmingsschaal – dat is nét niet 4 (niet eens, niet oneens), wat dr. Mattson “het kantelpunt dat toestemming is gegeven” noemt.

Zoals voorspeld hadden mondelinge weigering en instemming respectievelijk de laagste en hoogste gemiddelden. Dat suggereert dat mannen wederzijdse toestemming, of het gebrek daaraan, het beste begrijpen als het mondeling wordt gecommuniceerd. Toch was het gemiddelde voor verbale weigering nog een 2,34. Dat betekent dat wanneer de vrouw de seksuele toenadering weigerde, het door de mannen niet meteen werd begrepen als een indicatie dat ze er niet mee instemde.

Advertentie

Verder interpreteerden veel van de mannen bepaalde situationele factoren consequent verkeerd als toestemming, bijvoorbeeld als ze in het scenario eerder intiem contact met de vrouw hadden gehad. "Onze resultaten bevestigen dat mannen contextuele factoren, die wijzen op seksuele verlangens, met impliciete toestemming verwarren," staat in het onderzoek. Dr. Mattson zegt hierover: "Als de deelnemers begeerte van de vrouw ervoeren, meenden ze dat ze een bereidheid communiceerde om de seksuele interactie door te zetten en geloofden ze daarnaast dat de vrouw haar volledige toestemming voor geslachtsgemeenschap gaf."

Nadat de mannen hun interpretaties van de scenario's hadden ingeleverd, werd hen gevraagd een reeks vragenlijsten over persoonlijkheid en houding in te vullen. Hiermee werden kenmerken van psychopathie en empathie gemeten, en hun houding over hypermasculiniteit bepaald. Daarnaast werd er gekeken hoe de mannen stonden tegenover vijandig seksisme en acceptatie van mythes rondom verkrachting. “Er bestaat goede literatuur, waaruit blijkt dat bepaalde soorten mannen met bepaalde karaktereigenschappen eerder geneigd zijn om iemand seksueel te misbruiken,” zegt dr. Mattson. En hoewel er onderzoek gedaan is om die stelling te ondersteunen, ontdekten Mattson en zijn collega-onderzoekers dat “de meerderheid van de reacties bepaald werd door de verschillende scenario’s, en niet door de natuurlijke neiging van het individu.” Daarnaast onthullen deze resultaten nog een andere oncomfortabele waarheid: zelfs progressieve mannen die vrouwen respecteren, kunnen wederzijdse toestemming, of het gebrek daaraan, onjuist interpreteren en als gevolg daarvan iemands seksuele grens overschrijden.

Het onderzoek van dr. Mattson en zijn collega’s bewijst dat “heteroseksuele mannen afgaan op subtiele verschillen in non-verbale communicatie om wederzijdse toestemming vast te stellen, als het verder onduidelijk is wat de seksuele bedoelingen van de vrouw zijn.” Wanneer de deelnemers een beschrijving kregen van een vrouw “die niet meer reageert [op de seksuele toenadering], maar op geen enkele manier weerstand biedt”, waren de deelnemers eerder geneigd te denken dat ze seksuele verlangens had en toestemming gaf dan wanneer ze “gespannen werd en niets zei.”

Wanneer we lichaamstaal, verbale communicatie, gebaren, gezichtsuitdrukkingen en ander subtiel gedrag gebruiken om te bepalen waartoe onze partners wel of niet bereid zijn, kan wederzijdse toestemming verwarrend en onduidelijk zijn. Maar als het niet helemaal zeker is of er toestemming wordt gegeven, mag je er nooit van uitgaan dat er daadwerkelijk toestemming wordt gegeven.

Kortom, als je niet zeker weet of je partner toestemming geeft, bestaat er een handige manier om erachter te komen: vraag het.