Advertentie
VICE Guide to Work

Wat er gebeurt als je als onverzekerde freelancer je botten breekt

Ben brak zijn sleutelbeen en moest noodgedwongen in zijn vaders hobbykamer slapen.

door Gwen van der Zwan; foto's door David Meulenbeld
08 mei 2019, 11:23am

Ben Minnema zit met een paar vrienden in een jacuzzi om te vieren dat hij zojuist ontslag heeft genomen van zijn bijbaan. Vanaf nu gaat hij zich volledig richten op het ondernemerschap: op freelancebasis de productie doen van culturele festivals. Op het moment dat Ben een lekker drankje voor zichzelf wil inschenken om het heugelijke nieuws te vieren, glijdt hij uit op de trap. Het laatste wat hij zich herinnert is de enorme spuit ketamine in zijn bovenarm die hij van het ambulancepersoneel krijgt. Een paar uur later komt hij weer bij kennis in het ziekenhuis, waar hij te horen krijgt dat zijn sleutelbeen ernstig is gebroken. Ben kan niet werken en zit zonder inkomen. Een verzekering voor arbeidsongeschiktheid (AOV) heeft hij niet.

Ben is niet de enige. Volgens het laatste onderzoek van het Centraal Bureau voor de Statistiek is maar één op de vijf zzp'ers verzekerd tegen arbeidsongeschiktheid, en blijft dat aantal dalen. En dat terwijl je als arbeidsongeschikte ondernemer (anders dan wanneer je in loondienst bent) niet voor een uitkering van het UWV in aanmerking komt. De enige uitkering waar je als arbeidsongeschikte ondernemer eventueel recht op hebt is een bijstandsuitkering, maar die krijg je niet snel. Heb je een koophuis, geld opzijgezet voor je pensioen of nog geld in je bedrijf zitten, dan geldt dat als vermogen. Dat moet eerst worden opgemaakt voordat je bijstand krijgt – ook het vermogen van je partner en eventueel thuiswonende kinderen. Mocht je toch voor bijstand in aanmerking komen, dan is de kans groot dat je minder krijgt uitgekeerd dan wat je verdiende voordat je arbeidsongeschikt werd, waardoor je bijvoorbeeld je huur niet meer kunt betalen.

Ben kan geen bijstand krijgen. Ook heeft hij geen reserves. Hij is genoodzaakt om bij zijn ouders aan te kloppen. Ze betalen zijn huur, zorgen dat hij te eten heeft en geven hem onderdak. Dat is geen feest: hij slaapt in de hobbykamer van zijn vader, loopt hele dagen rond in een trainingspak – anders krijgt hij zijn broek niet uit om te plassen – en kan haast niet douchen. Toch realiseert hij zich dat hij tot de geluksvogels behoort. Hij vraagt zich af hoe het arbeidsongeschikte zzp’ers die geen lieve ouders hebben zou vergaan. Die steken zich waarschijnlijk in de schulden door geld te lenen van vrienden of opdrachtgevers – als dat al lukt.

Twee weken later krijgt hij goed nieuws: de breuk groeit, tegen de verwachting van de artsen in, op de juiste manier aan elkaar. Wel moet hij minimaal twee maanden rust houden. Dat advies zou hij graag opvolgen, maar hij is bang dat hij dan zijn huis kwijtraakt. Hij heeft geen geld achter de hand om de huur te betalen en wil geen huurschuld opbouwen en deurwaarders op zijn stoep.

1556791514628-000010

Een maand later leidt hij daarom alweer een volledige productie: een evenement in een hotel met exposities en muziek, waar hij zware spullen zoals dj-apparatuur moet sjouwen. Na die eerste productie gaat Ben weer gewoon fulltime aan het werk. Zijn mobiliteit is nooit volledig hersteld en zijn sleutelbeen maakt nog altijd krakende geluiden als hij zijn schouder beweegt. Dat hij beter hersteld zou zijn als hij wel voldoende rust had genomen, lijkt hem niet onwaarschijnlijk.

Verzekerd tegen arbeidsongeschiktheid is Ben nog steeds niet, omdat hij de premie te hoog vindt. Hij overweegt daarom eerder om zich aan te sluiten bij een broodfonds – een fonds waar een groep zelfstandigen collectief geld in stort, waar ze dan vervolgens aanspraak op kunnen maken als ze arbeidsongeschikt raken.

Alhoewel je bij ziekte maximaal twee jaar uitgekeerd krijgt, lijkt zo’n broodfonds Ben een betere besteding dan een dure AOV, omdat een broodfonds vaak wat meer uitkeert.*

Volgens Ben is het niet per definitie verkeerd dat zzp’ers hun eigen AOV moeten regelen, als ze tenminste een fatsoenlijk uurtarief kunnen krijgen. Maar zzp’ers hebben vaak juist een laag tarief omdat ze bijvoorbeeld geen AOV hebben. Volgens Ben is het daarom noodzakelijk dat een AOV voor zelfstandigen verplicht wordt, omdat veel zzp’ers door hun werkgevers worden uitgebuit. Hij vergelijkt de moderne freelancer met dagloners uit de 19e eeuw: werknemers die per dag betaald kregen en op elk moment konden worden ingeruild voor een ander.

Ben vindt het schandalig dat deze omzeiling van de rechten van werknemers wordt toegelaten na een hele geschiedenis van socialisme, vakbonden en vechten voor de rechten van de werknemer. Freelancers werken voor absurd lage tarieven zonder dat ze ergens recht op hebben.

Hoewel Ben uit noodzaak begon met freelancen, zou hij inmiddels niet anders meer willen. Behalve de productie van culturele festivals verzorgt hij inmiddels ook de programmering van drie broedplaatsen in Amsterdam. Inmiddels verdient hij genoeg geld om een AOV te kunnen betalen, maar kiest hij er toch voor om dat niet te doen, omdat hij het te duur vindt.

Dus zolang hij onverzekerd is voor arbeidsongeschiktheid, zal hij wat beter op moeten letten in de buurt van jacuzzi’s.

*In een eerdere versie van dit artikel werd onterecht de suggestie gewekt dat een AOV niet uitkeert als je nog eigen vermogen hebt. Dit is onjuist. Het artikel is aangepast.