In mei 1940 pleegden Nederlanders massaal zelfmoord

De gruwel van de Tweede Wereldoorlog wordt akelig invoelbaar als je leest over mensen die zelfmoord pleegden om het leed te ontlopen.

|
mei 4 2017, 1:30pm

In de nacht van 14 op 15 mei 1940, vijf dagen na de inval van de Duitsers in Nederland, liep de joodse schrijver Abel Herzberg door Amsterdam. Hij werkte voor de luchtbeschermingsdienst, een dienst die 's nachts controleerde of alle lichten wel uit waren, zodat bombardementen minder makkelijk konden worden uitgevoerd. Herzberg werd aangeklampt door een dienstmeid die hem smeekte mee te komen. Hij liep een huis in, waar een oud echtpaar op bed lag. Meneer was al overleden, mevrouw kreunde nog. Herzberg belde een ambulance, maar die kwam pas veel later omdat er zoveel mensen geholpen moesten worden. Het aantal zelfmoorden en zelfmoordpogingen was krankzinnig hoog in die maand mei: meer dan 350 mensen stierven door eigen hand, soms met hele gezinnen tegelijkertijd, iets meer dan de helft van hen was joods.

Dat schrijft Lucas Ligtenberg in zijn op 14 mei te verschijnen boek Mij krijgen ze niet levend. In het boek onderzoekt hij dit verschrikkelijk duistere stuk vaderlandse geschiedenis, en het resultaat is een boek dat vele verhalen bevat over wie die mensen waren die ervoor kozen in mei 1940 te sterven. Ik had het recensie-exemplaar in principe ruim op tijd voor het interview ontvangen, maar kwam toch in tijdnood om het uit te lezen voor het interview, omdat het zo onthutsend was en ik het steeds moest wegleggen. Ondanks, of dankzij de zwaarte maakt het boek de gruwelen van de Tweede Wereldoorlog vers invoelbaar.

Ik vroeg Lucas wat hij heeft geleerd, en waarom het belangrijk is dat er aandacht is voor deze geschiedenis.

VICE: Waarom heeft u dit boek gemaakt?
Lucas Ligtenberg: Het begon met een simpele vraag: 'Hoe zat het ook alweer met die zelfmoorden in mei 1940?' Dat vroeg ik me opeens af. Er zijn een aantal mensen die in dat verband altijd worden aangehaald: de schrijver Menno ter Braak, de oudere zus van de schrijver W.F. Hermans en de criminoloog Willem Bonger. Maar hoe zat het met de rest? Dat wilde ik weten. Ik sloeg Loe de Jongs standaardwerk over de Tweede Wereldoorlog er nog eens op na, en daar vond ik dat er over die zelfmoorden in mei 1940 slechts drie pagina's waren geschreven. Het bleef heel algemeen, er werden amper namen of individuele geschiedenissen genoemd. Ook in andere werken over WOII werd niet veel over de zelfdodingen gezegd. Ik dacht: daar zit een boek in.

Waarom moest dit volgens u verteld worden?
Voor mij maken deze verhalen de paniek en de schok van mei 1940 echt invoelbaar. Ik denk dat wij ons gewoonweg niet meer kunnen voorstellen hoe Nederlanders zich voelden toen de Duitsers binnenvielen. Met romans of films kan je soms in de buurt komen van dat gevoel. Maar als je puur kijkt naar deze aantallen… Er waren ontzettend veel mensen die geen andere uitweg zagen dan de hand aan zichzelf slaan. In mijn research onderzocht ik de achtergronden, levensverhalen en wijzen van overlijden van de namen van de mensen die ik kon achterhalen. En als je dat doet, en die verhalen leest, krijg je pas echt een idee van hoe wereldschokkend het was. Het was zo overweldigend dat mensen vijf dagen na de inval geen toekomst meer zagen. Ze moeten absoluut geen lichtpunt meer hebben gezien. Het idee dat Duitsers, ze wisten iets over Hitler, dat Duitsers de baas zouden worden, was voor de mensen zo'n afschrikwekkend idee.

Een van de bronnen die Lucas Ligtenberg was dit ooggetuigenverslag van Jo Spier

Voor mij zat de gruwel hem in de details. U beschrijft hoe Loe de Jong na de inval van de Duitsers vluchtte naar IJmuiden. Maar omdat de auto vol zat, besloot hij dat de grootouders van het gezin dan maar achter moesten blijven. Of: De Amsterdamse politie kwam de weduwe van uitgever Levi Fles halen, om haar naar Westerbork te deporteren. Celine Fles zei "wacht even", en nam toen snel genoeg vergif in om zelfmoord te plegen. Of: Het verhaal van de dichter Leo Vroman, die 200 gulden bood aan een visser om hem mee naar Engeland te nemen. De man lachte hem vervolgens vierkant uit, en zei dat anderen hem 10.000 gulden hadden geboden.
Ja, het zijn precies dit soort verhalen die het voor mij ook inzichtelijk maakten hoe groot die schok was. Ik denk dat veel historici zich dat niet voldoende beseft hebben.

Heeft het onderzoek u iets meer geleerd over het onderwerp suïcide zelf?
Ik denk dat ik eerlijk gezegd meer heb geleerd over de schok die de invasie veroorzaakte. Mensen die zelfmoord plegen zijn vaak meer in zichzelf gekeerd. Hier voelde het voor mij vooral als een grote schok van buitenaf, die mensen aanzette tot die daad. Het was iets anders dan een reguliere depressie. En zoals ik al zei: ik kan uiteindelijk alleen speculeren over de toedracht van iemands keuze of daad. Alle factoren die ik noem, brieven die ik las, geven een deel van het verhaal waarom iemand zelfmoord pleegde, geven een beetje inzicht. Maar waarom precies, daar kom je nooit achter.

Wat heeft het boek voor u veranderd?
Ik kan niet meer normaal door Amsterdam fietsen. Heel vreemd is dat. Overal waar ik kom bedenk ik me nu: O ja, in deze straat pleegde die zelfmoord, en hier stierf deze persoon. Noem maar op. Heel veel plekken in de stad zijn voor mij getekend.

Waarom denkt u dat er in de geschiedenisboeken zo'n beperkte aandacht is geweest voor deze zelfdodingen?
In het geval van Jacques Presser, die Ondergang : de vervolging en verdelging van het Nederlandse Jodendom 1940-1945 heeft geschreven, was het heel persoonlijk, denk ik. Hij heeft zelf op 16 mei een poging tot zelfmoord gedaan. Misschien was hij daarom geïnteresseerd in het fenomeen, maar misschien heeft hij er daarom ook niet buitensporig veel over geschreven. Hij heeft bijvoorbeeld geen individuele gevallen opgespoord en beschreven. Misschien wilde hij het op een afstand houden.

Voor Loe de Jong, die Het Koninkrijk der Nederlanden in de Tweede Wereldoorlog schreef, geldt misschien hetzelfde. Hij vluchtte op de dag van de invasie naar IJmuiden, samen met de buurman en een clubje vrienden. Ze raakten elkaar kwijt, maar zijn vrienden, de familie Wins, moesten onverrichter zaken terugkeren. Die avond nog openden ze het gasfornuis en zo pleegde het hele gezin zelfmoord. En met die mensen ging hij vroeger op zeilkamp. Hij kende ze door en door. Misschien is dat te pijnlijk geweest, kwam het te dichtbij. In zijn werk was hij heel persoonlijk soms, hij beschreef zelfs wanneer hij met welk meisje was. Maar die zelfmoord vernoemde hij slechts in een bijzin in zijn werk.

Linkerfoto: v.l..n.r. Bruno Asch, Miriam, Renate, Grete Hauschner en Ruth in Renen, 1939. Rechterfoto: familieportret van de familie Wins. Beide foto's uit het boek 'Mij krijgen ze niet levend'.

Waren er momenten dat u het zelf te kwaad kreeg tijdens dit onderzoek?
Voor mij persoonlijk zat een van de schokkendste details in het verhaal van Bruno Asch. Dat was een prominente Duitser, een voormalig wethouder van Frankfurt en Berlijn die in 1940 in Nederland woonde met zijn gezin. Toen het Duitse leger Amsterdam binnenviel, heeft hij een eind aan zijn leven gemaakt. Je kan over de werkelijke motivatie alleen speculeren, maar ik denk dat hij spijt had van het feit dat hij niet met zijn vrouw en kinderen naar New York was verhuisd. Zijn vrouw en kinderen zijn later opgehaald door de Duitsers, om afgevoerd te worden naar een concentratiekamp. Op een dochter na: zij was net met een vriendin op weg naar huis. Toen ze haar zussen en moeder bij de tramhalte zag staan, wilde ze erheen rennen, maar haar vriendin hield haar tegen. Haar moeder en zussen zijn vergast. Het meisje dat in eerste instantie ontkwam, werd vier maanden later alsnog opgepakt en is ook vergast.

Het boek Mij krijgen ze niet levend is op 14 mei 2017 verschenen bij uitgeverij Balans

Volg VICE via Facebook, Instagram en Twitter.

Meer VICE
VICE-kanalen