Ik controleer mijn dwangstoornis door alles wat ik doe te fotograferen
Stuff

Ik controleer mijn dwangstoornis door alles wat ik doe te fotograferen

Andrea heeft duizenden foto's op z'n telefoon, om hem eraan te herinneren dat hij het gasfornuis dicht heeft gedraaid en de deur op slot heeft gedaan.
27.10.16

Als je Andrea Aggradi een paar jaar geleden zou hebben gezien als hij z'n appartement verliet, dan zag je dat hij sowieso een paar seconden later weer terugkeerde naar het appartement. De vraag 'Heb ik eigenlijk het gas wel uitgezet?' spookte op zo'n moment als een wervelstorm door z'n hoofd. Vervolgens was hij naar binnen gegaan om te controleren of alle sigaretten in de asbak wel goed waren uitgemaakt en of hij wel goed de deur achter zich had dicht gedaan. Drie minuten later zou hij op zijn scooter wegrijden, en tien minuten later zou hij weer terug zijn. Hij zou wederom de deur open doen, het gas nogmaals checken, de asbak controleren en vervolgens weer de deur controleren. Mogelijk zou hij het hele tafereel een kwartier later nog eens herhalen.

Advertentie

Dit was Andrea Aggradi's leven tot 2010, toen hij zich realiseerde dat hij zijn smartphone kon gebruiken om zijn dwangstoornis onder controle te krijgen. Die ontdekking opende de deur van een nieuw leven voor Andrea - een Italiaan die in Parijs woont. Hij begon foto's te maken van de dingen die hij altijd moest doen voordat hij vertrok, zoals het gas uitzetten en de deur dichtdoen. Het resulteerde in een archief van duizenden foto's, op zijn telefoon en zijn computer.

Andrea Gandini, fotograaf en oprichter van de Parijse Jitterbug-galerij veranderde zijn gigantische verzameling foto's in een expositie, met de naam TOC (Trouble Obessionnel Compulsif). De twee Andrea's nodigden me uit bij de galerij om te praten over dwangstoornissen en het bijhouden van zo'n archief als middel om ermee om te gaan.

VICE: Hoe kennen jullie elkaar?
Andrea Gandini: Ik ken Andrea al bijna vijftien jaar. Net nadat we elkaar hadden ontmoet, merkte ik dat hij bij bepaalde handelingen heel gefocust was, alsof hij een bepaalde drang onder controle moest houden. Hij moest precies weten wat en wanneer hij iets had gedaan, zoals het gas uitzetten. Het leven is een stuk eenvoudiger voor hem geworden sinds hij een smartphone heeft - hij neemt nu gewoon een foto van het gasfornuis, zodat hij zeker weet dat het gas niet aan staat.

Andrea, hoe kwam je op dit idee?
Andrea Aggradi: Het was gewoon een ingeving, toen ik op een dag naar mijn telefoon keek. Dat was in 2010. In de periode daarvoor ging ik soms wel vijf of zes keer naar huis, om alles te controleren. Om er wat tegen te doen, begon ik er allemaal extra handelingetjes bij te verzinnen, zodat ik het me achteraf beter kon herinneren. Ik klopte bijvoorbeeld op de deur om mezelf eraan te herinneren dat ik hem goed had dichtgedaan. Soms zwaaide ik met mijn hand onder de kraan, om mezelf eraan te herinneren dat er geen water meer uitkwam. Het werkte alleen net niet. Ik ging opeen gegeven moment toch ook twijfelen over of ik die kleine extra handelingetjes nou had uitgevoerd. Toch moet ik ook toegeven dat ik soms onzeker ben over de foto's die op mijn telefoon staan.

Advertentie

Wat moet je van jezelf altijd driedubbel controleren?
AA: De laatste tijd ging het om vier dingen die ik moest controleren voordat ik het huis verliet: de kraan, de gaskraan, de asbak en de deur. Ik dacht de hele dag onophoudelijk aan die vier dingen. En als ik op het huis van een vriend pas of als ik op vakantie ga, neem ik foto's van praktisch alles dat er in m'n huis staat.

Een goed uitgezette gaskraan.

Hoe lang lijd je al aan deze dwangstoornis?
AA: Ik denk dat ik deze vorm van dwangstoornis al iets van vijftien jaar heb. Ik heb ook andere types gehad, die ik met medicatie heb bestreden. Ik had bijvoorbeeld een fobie voor voedselbesmetting. Daardoor verloor ik meer dan tien kilo.

Wat activeert je dwangstoornis?
AA: Zonder twijfel stress. Vandaag de dag, wanneer alles goed gaat, kan ik mijn huis verlaten zonder foto's te nemen. Ik neem ze alleen nog uit gewoonte en voor het geval ik later op de dag gestrest zou raken. Mensen zeggen weleens dat een eventueel ongeluk het ergste is dat er zou kunnen gebeuren als ik niks controleer, en daarvoor zou ik dan ook nog eens verzekerd zijn. Maar ik vind dat raar geredeneerd, ik heb gewoon een bepaalde verantwoordelijkheid, vind ik.

Heb je je dwangstoornis ooit verborgen voor je vrienden?
AA: Nee, nooit.
AG: Door de jaren heen heb ik hem geregeld verteld dat hij zijn foto's niet moest weggooien. Dit was op zich niet eens nodig, omdat hij dat toch nooit deed.
AA: Natuurlijk niet. Ik bewaar altijd alles. Het geheugen op mijn mobiel is alleen bijna vol, dus dan moet ik de oudere foto's wissen, en hopen dat ik ze al op mijn computer heb gezet. Meestal is dat ook zo.

Een lege asbak

Andrea, waarom was jij, als directeur van de galerij, eigenlijk geïnteresseerd in deze gigantische database?
AG: De compulsieve, obsessieve, ongezonde, maar ook creatieve dimensie van zo'n grote hoeveelheid aan afbeeldingen over één bepaald onderwerp, vond ik zeer interessant. Ik begreep in het begin nog niet eens hoe groot dit was. Toen ik de ruimte had om de expositie te organiseren, benaderde ik Andrea om te kijken of hij alles had bijgehouden. En dat had hij. Hij had duizenden foto's. De laatste twee of drie jaar had hij zelfs filmpjes gemaakt. Die laten we ook zien. Elk filmpje duurt ruwweg drie seconden en je hoort Andrea dingen zeggen als: "Het gas staat uit." Dat geluid dient een beetje als de soundtrack van de expositie.
AA: Je moet wel begrijpen dat ik deze foto's niet als foto's zie. Het zijn slechts notities. Ik heb geen artistiek talent.

Een dichtgedraaide kraan

Waarom fascineren dwangstoornissen je zo?
AG: Door het erover te hebben met andere mensen, realiseerden we ons dat een dwangstoornis iets is waar iedereen zich mee kan identificeren. Ik zag veel mensen met een scheef gezicht mee knikken, wanneer ik over het project vertelde. In meer of mindere mate heeft iedereen een vorm van dwangstoornis.