Tien favoriete foto's van Dennis Duijnhouwer

Gabbers, vrouwentoiletten en varkentjes met panterprint: dit zijn de tien favorieten van fotograaf Dennis Duijnhouwer.

door Dennis Duijnhouwer
14 april 2016, 1:41pm

VICE Nederland bestaat tien jaar. In die tien jaar hebben we met een hele rits steengoede schrijvers, fotografen, illustrators, stylisten, modellen, eindredacteurs, hoofdredacteurs en wat al niet meer gewerkt om een eindeloze poel van artikelen en video's te maken. Ter gelegenheid van ons tienjarige bestaan vroegen we een paar van onze lievelingsfotografen om hun tien favoriete foto's te kiezen uit eigen werk, en daar iets over te vertellen.

Bekijk hieronder de selectie van Dennis Duijnhouwer.

Toen ik vijftien jaar geleden voor het eerst een camera ter hand nam, was het niet veel meer dan een laatste wanhopige poging om van de bank af te komen en nog íets van mijn leven te maken. Ik was 25, had mijn droom om ooit rockster in LA te worden zien vervliegen, en was zo goed als terug bij af. Ik woonde weer bij m'n moeder in Gorinchem en draaide tussen het blowen en bierzuipen door ploegendiensten bij de Compaqfabriek, samen met de rest van de lokale losers met sterke verhalen. Ik had in mijn zes jaar in Hollywood heel wat sappige anekdotes opgedaan, maar had nooit fotografisch bewijs verzameld.

Dat zou me nooit meer overkomen; ik besloot fotograaf te worden.

Na een paar jaar meedraaien aan de randen van de fotografiewereld, kreeg ik rond 2005 mijn eerste kans om in opdracht van tijdschriften op pad te gaan. Ik kon m'n geluk niet op toen ik voor Rails (een gratis glossy die in NS-treinen werd verspreid) een reis mocht maken naar Transnistrië, een semi-onafhankelijke schaduwstaat diep in het Oostblok, die door geen enkel land officieel erkend wordt en zijn bestaansrecht enkel ontleent aan de steun van het regime van Poetin. Transnistrië is tevens een veilige haven voor gezochte Russische gangsters en oorlogsmisdadigers, die zich er veilig wanen omdat Interpol er geen gezag heeft.

Je leven is daar nog geen halve roebel waard, en dat ondervond ik aan den lijve toen ik na een paar dagen onzichtbaar leek te zijn geworden voor de lokale bevolking en opeens nergens meer wat te eten kon krijgen; ik werd volledig genegeerd in zowel winkels als restaurants. Toen ben ik 'm maar snel gesmeerd, de grens over, met een handvol fotorolletjes in mijn onderbroek

In 2006 waren social media een nieuw fenomeen. Ik vond het fascinerend hoe jonge meisjes hun MySpaceprofielen vulden met een eindeloze stroom foto's van zichzelf, zorgvuldig geposeerd en bewerkt om de indruk te wekken dat hun leven groots en meeslepend was, en ze niet ergens zes hoog in een flat in Gouda bij hun ouders woonden.

Ik wilde hier graag een serie over maken en na nachtenlang doorklikken viel mijn oog op een bloedmooi roodharig meisje dat, als je haar blog moest geloven, leefde als een topmodel in Parijs, maar in werkelijkheid een zestienjarige scholiere uit Capelle bleek te zijn.

Het resultaat was behalve een gave serie en een vriendschap voor het leven ook een reputatie als halve pedo, maar die nam ik maar op de koop toe.

Een van mijn favoriete dingen aan fotograaf zijn, is dat je je neus mag stoppen in zaken die de jouwe niet zijn. In 2009 werd ik gevraagd om een clip te maken voor gabberproducer DJ Promo, en rolde ik een wereld in waarvan ik niet eens wist dat-ie nog bestond.

Als fotograaf is het makkelijk om subculturen zoals gabber neer te zetten als een karikatuur. Toen ik fotograaf werd, sprak ik met mezelf af nooit mensen of culturen op die manier af te beelden, en te proberen om altijd uit liefde, fascinatie of hooguit verwondering mensen te benaderen.

Als je iemand met een puistenkop op een nogal fors uitgevallen lijf een patatje ziet eten terwijl hij tegen een afgeragde scootmobiel leunt, is het nogal makkelijk scoren met een groothoeklens en een joekel van een flitser. Zo'n elitaire klootzak wilde ik niet zijn. Ik vind gabbers gewoon heel gaaf, daar is niks ironisch aan.

In 2010 vroeg Habbekrats me om een boek te produceren achter de schermen bij hun roadmovie Rabat. Een jaar later zat ik jankend in een internetcafé in Irak omdat Nasrdin Dchar een Gouden Kalf won voor zijn rol in deze film.

Acht jaar geleden werd ik benaderd door collega-fotograaf Bram Spaan met de vraag of ik met hem een blog wilde beginnen met analoge straatfoto's van Amsterdam, in de geest van ons idool, de legendarische Amsterdamse straatschuimer Ed van der Elsken. Ik ben er trots op dat Ed-Amsterdam zoveel jaren later nog springlevend is en een podium biedt aan een nieuwe generatie analoge straatfotografen, zoals Matthijs Diederiks en Maarten van der Kamp.

Ik ben altijd al gefascineerd geweest door plekken en ruimtes die uitsluitend door vrouwen worden bevolkt. Hier spelen zich de zaken af die voor mannen geheim moeten blijven, hier worden plannen gesmeed en strategieën bepaald.

Ik besloot op onderzoek te gaan als man met camera op vrouwentoiletten.

Dat het zulke hysterische toestanden zou opleveren, had ik niet zien aankomen. Alsof je een brandende fakkel in een wespennest steekt. Vandaar de titel van de serie, 'Last Taboo'.

Op deze foto staan drie jongedames uit Liverpool die een jaar bleken te hebben gespaard voor VIP-tickets voor Sensation White. Ik zag ze het toilet binnengaan om daar vervolgens bijna een half uur te blijven. Hier komen ze er net weer uit, klaar voor een volgende ronde.

Toen ik rond 2010 voor het eerst wat geld verdiend had kon ik me eindelijk veroorloven een fatsoenlijke scanner te kopen en tegenlijk een abonnement te nemen op de koeriersservice van Ali, een jonge entrepreneur uit de buurt die handelde in exotische poeders en er voor zorgde dat ik nog maar bar weinig tijd kwijt was aan slapen of eten, en me kon focussen op het inscannen van mijn volledige oeuvre.

Na een tijdje kwam ik erachter dat ik zonder het door te hebben allerlei series had gemaakt, waaronder eentje over nepplanten, die ik overal ter wereld heb vastgelegd.

Twee jaar later exposeerde ik deze serie, 'Never Wither', in een galerie op de Bloemgracht in Amsterdam met heel dure prints in zeer chique lijsten, waar gelukkig veel kunstliefhebbers intrapten.

Nog zo'n serie die verborgen in m'n archief zat was 'Like Beasts', over panterprint. Ik bleek honderden foto's te hebben gemaakt van vrouwen in panterprinten rokjes, maar ook van kinderen, oude mannen, strippers, moslima's, fietszadels, gitaarkoffers, kattenmanden en ga zo maar door. Wat is toch die massale identificatie met grote, wilde katachtigen? Wat communiceer je eigenlijk als je als moslim met een hoofddoek met panterprint rondloopt?

Deze foto, genomen in een Intratuin, zegt wat mij betreft veel over de tijd waarin we leven.

Als je niet een beetje van spanning, confrontatie en avontuur houdt, moet je dit werk niet gaan doen, of je beperken tot foto's waar geen mensen op staan. Het heeft me veel opgeleverd om op wildvreemden af te gaan, hard te flitsen en dan maar te kijken wat er gebeurt. Maar heel af toe, na zo'n klus, sta je je ergens helemaal versuft af te vragen hoe je dit in godsnaam hebt overleefd. Precies dat gevoel had ik toen ik met toenmalig Revu-stagiair en kersverse VICE-hoofdreacteur Casper Sikkema een zondagochtend op de eerste trein stond te wachten op Den Haag Holland Spoor, na 8 uur lang ondergedompeld te zijn in de wondere wereld van "Kinky" feesten. Dat gevoel werd bij het ontwikkelen van m'n foto's versterkt door allerlei details die me tijdens het fotograferen waren ontgaan, zoals het ontbreken van ondergoed bij enkele 60-plussers.Ook waren we in alle opwinding vergeten het briefje op te hangen waarmee we onze opdrachtgever juridisch gezien uit de wind moesten houden, met een handvol rechtszaken tot gevolg.

Na tien jaar obsessief met een camera over de aarbol te hebben gezworven, begon het te knagen: Is het werk dat ik maak nog relevant? Waarom zou ik überhaupt nog foto's maken als iedereen een iPhone en een instagramaccount heeft? Heb ik m'n beste werk al gemaakt? Maakt het ene reet uit of iets op film geschoten is of met een microchip? Precies op tijd ontmoette ik de figuren op de foto hierboven, met wie ik nu al een tijdje mijn rock-'n-rolldroom aan het verwezenlijken ben, met onze band Death Alley. Die camera heb ik nog steeds in m'n broekzak, maar ik voel steeds minder de behoefte om de foto's die ik ermee maak aan de wereld te tonen; misschien hou ik ze wel lekker voor mezelf.