Sports

Feyenoorder Adrie klom uit een diep dal door deze iconische kampioensfoto

"De foto staat symbool voor de goede tijden van Feyenoord, maar ook voor de wederopstanding van mezelf."

door Dave Aalbers; illustraties door Dan Evans
25 oktober 2019, 11:44am

Adrie Willemstein (56) is voor mij het symbool van betere tijden van Feyenoord. In 2017 surfte hij tijdens het kampioensfeest in zijn rolstoel dolgelukkig over een hossende massa Feyenoord-supporters heen. De foto ging viral. Adrie had destijds een loodzware tijd achter de rug. Hij verloor allebei zijn benen en kon zijn bed niet meer uitkomen door een burn-out. Sinds die foto gaat alles weer lekker in het leven van Adrie.

Het gaat inmiddels zo goed met hem dat hij eigenlijk drukker is dan ooit tevoren. Het was daarom ook erg ingewikkeld om een afspraak voor een interview te maken met Adrie. De ene keer staat hij meerdere dagen op het boerenprotest in Den Haag, dan heeft hij een vergadering en eind deze week reisde hij Feyenoord achterna richting Bern voor de wedstrijd tegen Young Boys. Vlak voor De Klassieker krijg ik hem toch nog te pakken.

Adrie Willemstein

VICE: Ha Adrie, hoe gaat het?
Adrie Willemstein: Het gaat goed, alleen ben ik strontverkouden vanwege die pokkeregen tijdens de boerenprotesten. Ik sliep daar een aantal nachten in de auto. We hadden een keer ‘s nachts de lichten laten branden, dus die auto startte niet meer. Stonden we daar te wachten tot er een boer met startkabels kwam. Verder was het heel erg gezellig.

Kun je twee jaar na de foto alweer rustig over straat in Rotterdam?
Nou, veel mensen die ik tegenkom toeteren en zwaaien nog steeds naar me. Ze roepen ook vaak mijn naam. Ik ken die mensen helemaal niet, maar zij mij natuurlijk wel. Het is de dag van mijn leven geweest. Ik hing daar vijftien minuten in de lucht en daarna was ik ineens beroemd. Zoiets maak ik nooit meer mee.

Hoe kwam die foto tot stand?
Ik was tijdens die kampioenswedstrijd al vroeg op het Stadhuisplein. Toen was ik daar al met allemaal jongens aan het feesten, joh. Dirk Kuijt knalde er gelijk eentje in, en het barstte helemaal los. Bij de 3-0 vroeg een groepje gasten: “Mogen we je optillen?” Natuurlijk joh! Voor ik het wist, hing ik in de lucht.

Dat moet een mooi uitzicht zijn geweest.
Geweldig, echt geweldig. Ik stak boven alles en iedereen uit en kon over het hele Stadhuisplein heen kijken. Er werden rookbommen en vuurwerk afgestoken. Gelukkig heb ik geen last van hoogtevrees. Op een gegeven moment hield ik met twee handen een vlag in de lucht, maar mijn rolstoel kantelde een beetje naar voren. Toen heb ik toch maar met een hand mijn wiel vastgepakt, anders was ik zo uit m’n stoel gekukeld.

Goed feestje gebouwd die dag?
Jazeker. Ik had beloofd om bij een kampioenschap de vijver in te gaan. Ik ben op het randje van de Hofpleinvijver geklommen en zo in het water gesprongen. Andere mensen hielpen me er al gelijk weer uit. Ik zat helemaal onder de blubber, en hoorde achteraf dat er allemaal glas in die vijver lag. Daar heb ik mooi geluk mee gehad. Ik heb er echt van genoten, zeker omdat ik bij eerdere grote prijzen wat pech heb gehad.

O ja?
Bij het een na laatste kampioenschap in 1999 heb ik niks van het feestelijke gebeuren meegekregen. Mijn vader kwam in die tijd ziek op bed te liggen met kanker. Niet veel later is hij eraan overleden. In 2002 bij het winnen van de UEFA Cup lag ik in een scheiding. Toen was ik veel te druk met een huisje zoeken en noem het allemaal maar op.

Hoe ben je allebei je benen verloren?
In 2002 speelde ik in een veteranenteam en in de zomer wilde ik gaan draven om een beetje aan mijn conditie te werken. Toen kreeg ik voor het eerst last van mijn voet. Volgens de dokter werkte ik te hard als cv-monteur, en weet ik het allemaal. De pijn werd erger en erger. Na een aantal jaar kreeg ik een likdoorn op mijn teen. Die hebben ze er toen uitgesneden. Alleen ging-ie daarna niet meer dicht en toen kwamen ze er achter dat ik een bloedvatvernauwing heb. Daardoor moest mijn onderbeen in 2007 worden geamputeerd. Vanwege een bloedvergiftiging hebben ze mijn knie ook maar meteen verwijderd.

Hoe was het om dat nieuws te horen?
Het was in het Zuiderziekenhuis in Rotterdam. Ik klapte helemaal dicht. Wat moest ik verwachten? Hoe moest ik nu verder? ‘s Nachts kon ik niet slapen en ben ik in het ziekenhuis bij zo’n restaurantje gaan zitten. Het restaurant was dicht, maar ik kon er wel bij zo’n automaat chocomel drinken. Heel toevallig was het vlakbij het rokershokkie. Er kwam een man met een stokkie aanlopen en die heeft me gerustgesteld. Hij had precies hetzelfde gehad, maar vertelde dat hij dankzij een kunstbeen weer kon lopen. Ik heb zelf ook weer kunnen lopen op die manier, alleen in 2013 raakte ik ook mijn tweede been kwijt.

Wat gebeurde daar mee?
Ik kreeg weer last van mijn teen, dit keer niet mijn grote, maar de middelste. Ik heb toen zelf bij het ziekenhuis aangegeven: “Haal mijn been er maar af.” Ik wilde niet nog een keer jarenlang door diezelfde pijn heen. “Maar meneer, dat kunnen we niet zomaar doen,” zeiden ze. Nou, dat bepaal ik zelf wel. Ze hebben mijn andere onderbeen er ook afgehaald. In het revalidatiecentrum liep ik een bacterie op, waardoor ook deze knie eraf moest. In 2015 heb ik er nog een burn-out overheen gehad. Hoe graag ik het ook wilde, ik kon anderhalf jaar lang mijn bed niet uitkomen.

Hoe ben je er weer bovenop gekomen?
Die man met dat stokkie heeft me ook verteld dat ik moest kijken naar wat ik nog wél kon. Mijn werk als cv-monteur kon ik niet meer doen, maar nu probeer ik mensen met financiële problemen te helpen. Zo’n kantoorbaan vind ik inmiddels ook hartstikke leuk. Ik zou ook nog best graag willen voetballen, maar daarover nadenken schiet niet op. Ik kan nog zelfstandig naar de wc, douchen en mezelf aankleden. Ik kan eigenlijk nog heel erg veel. Ik leerde vlak na die burn-out ook een groep Feyenoorders kennen. Ze namen me mee naar wedstrijden en hebben me er helemaal uitgetrokken.

Adrie Willemstein


Wat is dat voor groep?
Het is een hele hechte groep. We drinken gezellig een biertje, roken een sigaretje en eten wat met z’n allen. We hebben ook een keer met z’n achten een huisje gehuurd in Center Parcs. Het is altijd heel leuk en vooral de humor is heel belangrijk in die groep. Misschien ben ik zelf wel de grootste humorist van het stel.

Bestrijden jullie wat jou is overkomen ook met humor?
Ik ben geboren met humor en ga er ook mee dood. Ik lach altijd en maak overal grappen over. Als er een grap over mij wordt gemaakt, zeggen ze weleens: “Adrie kan daar wel tegen, die is niet zo snel op z’n teentjes getrapt.” Dan reageer ik: “En ik stap ook nooit met mijn verkeerde been uit bed.” Mede dankzij die groep gaat het me sinds 2016 weer helemaal voor de wind. Ik ben gezond en het gaat fantastisch. En dan ook nog die foto erachteraan.

Heeft die foto je leven veranderd?
Ja, die foto staat symbool voor de goede tijden van Feyenoord, maar ook voor de wederopstanding van mezelf. Ik kijk er nog vaak naar, want hij hangt in mijn woonkamer boven de bank. Ik ben sindsdien uit de sleur getrokken, weer gaan werken en noem het allemaal maar op. Ik heb het altijd naar mijn zin. En als ik het niet naar m’n zin heb, maak ik het wel naar mijn zin.

-

Naast onze geschreven verhalen en video's hebben we nu ook een podcast: De Wereld van VICE Sports. De afleveringen zijn hier te luisteren bij Apple of hier op Spotify:

Tagged:
Feyenoord