Ik ging als moslima naar een punkshow in een Berlijns crustenkamp

De punks riepen tijdens het optreden “fuck all religion”, maar ik kon ook op een dikke knuffel rekenen.
24.7.17

De film Iron Man veranderde mijn leven voorgoed. Niet omdat de oneliners van Tony Stark zulke dijenkletsers zijn, maar omdat de soundtrack met onder meer ACDC en Black Sabbath een hele nieuwe wereld voor me opende. Eentje van snoeiharde gitaarriffs en duistere teksten. Dat was meteen het officiële einde van mijn Katy Perry- en Lady Gaga-periode. Vanaf dat moment matchte ik mijn hoofddoeken met Iron Maiden-merchandise en plakte ik mijn schoolagenda vol met bandlogo's. Die liefde voor zwaardere muziek ben ik nooit meer kwijtgeraakt. Daarom namen twee vrienden mij op m'n twintigste verjaardag mee naar Køpi, de punkhaven van Berlijn.

Køpi is een crustenkamp in het stadsdeel Mitte. Daar gaan we naar een D-beatshow (een subgenre dat bestaat uit knarsende punk met een politieke lading) van de Zweedse hardcoreband Crutches. De ingang is volgeklad met graffiti en Duitse politieke leuzen die ik maar half kan lezen. Zo goed is mijn Duits nou ook weer niet. Foto's nemen is in Køpi niet toegestaan. Ik stop mijn telefoon in mijn tas zodat ik hem niet uit gewoonte weer pak. Ik wil niet onnodig aandacht op mezelf vestigen omdat ik niet weet hoe men hier gaat reageren op een moslima met een hoofddoek. De huisregels, die op een bord staan, zeggen dat discriminatie niet is toegestaan. Laten we hopen dat deze anarchisten zich in ieder geval wel aan deze regels houden.

Lees verder op Noisey.