Advertentie
Food by VICE

Danitzah gaat de Nederlandse supermarkten veroveren met Afro-Caribische magnetronmaaltijden

De Curaçaose cateraar wil dat er méér in de schappen komt te liggen dan een paar mislukte diepvriesroti’s.

door Iris Bouwmeester
06 augustus 2019, 10:19am

Danitzah Jacobs. Foto door Sofie van Kemenade met dank aan Danitzah

Als je in de afgelopen jaren weleens dronken en hongerig de Lima-tent op Lowlands uit bent gerold, zou je Danitzah’s al kunnen kennen. Wanneer je je een weg hebt gebaand tussen de jungle van gezonde sapjes en Nutella-pannenkoeken, komen de overweldigende geuren van de Cariben je tegemoet. En iedereen die een keer bij eigenaar Danitzah Jacobs (40) is aangeschoven weet dat je niet alleen een goed bord roti, jerk chicken of arepa krijgt voorgeschoteld, maar ook een gratis gepassioneerd gesprek over vrouwenemancipatie of Afro-Caribische geschiedenis geserveerd krijgt.

Danitzah staat onder andere op Lowlands, North Sea Jazz en Down the Rabbit Hole. En als het aan haar ligt vult ze binnenkort, naast de magen van festivalgangers, ook die van de thuisblijvers: ze is namelijk van plan om onze harten te veroveren met authentieke Afro-Caribische magnetronmaaltijden. Om ons een stukje van haar cultuur te laten proeven, maar ook om een statement te maken. Nederlandse bedrijven die graag Caribische gerechten op de markt brengen slaan volgens haar nogal vaak de plank mis, omdat ze de culturele kennis niet altijd in huis hebben. Een gemiste kans, vindt Danitzah. Daarom stapte zij zelf op hen af om met ze samen te werken.

Ik belde Danitzah op en sprak haar over de geschiedenis van Afro-Caribische gerechten, haar passie voor vrouwenemancipatie en hoe authentiek een magnetronmaaltijd eigenlijk kan zijn.

VICE: Hoi Danitzah, wat voor maaltijden maak je allemaal?
Danitzah Jacobs: Ik focus me op de West-Afrikaanse, Latijns-Amerikaanse, Afro-Caribische en Surinaamse keukens. Op ieder festival sta ik met minimaal twee van deze concepten: altijd een Caribische stand en een van de andere drie keukens.

Waarom precies deze keukens?
Ik ben geboren op Curaçao, maar verhuisde al snel naar Venezuela, waar mijn vader vandaan komt. Later gingen we terug naar Curaçao, en daar groeide ik op binnen een Surinaamse gemeenschap. Daardoor ken ik al die keukens goed. Maar er zijn ook veel onderlinge overeenkomsten, omdat de roots van deze keukens allemaal in West-Afrika liggen. We zijn met de trans-Atlantische mensenhandel overal in de wereld terechtgekomen en hebben op verschillende plekken onze keukens ontwikkeld.

Neem de Caribische funchi – vergelijkbaar met polenta, maar dan wat dikker. Dat heeft een link met de West-Afrikaanse fufu. Oorspronkelijk werd er cassavemeel voor gebruikt, maar omdat ze dat op Curaçao niet voorhanden hadden gebruikte men maïsmeel. Los van eten zijn er ook op het gebied van dans, tradities en spiritualiteit veel overeenkomsten tussen deze culturen. Op festivals probeer ik mensen daar nieuwsgierig naar te maken, door erover te vertellen en mezelf traditioneel te kleden. Uiteindelijk zijn we één grote wereldfamilie: we hebben meer overeenkomsten dan we denken en van onze verschillen kunnen we weer leren.

1565084868647-_DSC3245-Copy
De festivalcatering van Danitzah. Foto door Nunu Ngema met dank aan Danitzah

Ben je daarom ook festivalcateraar geworden?
Ja, al was ik eerst ook nog sociaal werker. Ik werkte veel met vrouwen – ik heb altijd al een passie gehad voor de vrouwenemancipatie. Van daaruit heb ik tien jaar geleden Màrshé Breda opgezet: dat begon met een proeverij met Caribische gerechten, maar groeide uit tot grote overdekte markthal waar je verschillende authentieke gerechten kunt krijgen. Het idee was om de culinaire talenten te laten zien van vrouwen van verschillende culturen, en tegelijkertijd vrouwen met een afstand tot de arbeidsmarkt de mogelijkheid te geven om samen te ondernemen.

Ook bij mijn cateringbedrijf Danitzah’s spelen vrouwen de hoofdrol: 25 van de 40 mensen die ik inhuur zijn vrouw. Zij zijn het gezicht van de onderneming en de ambassadeurs van onze landen. Ze delen onze gerechten, maar ook de schoonheid, warmte en rijkdommen van onze culturen. De mannen doen vooral de productiekant en werken met de zware pannen. Aangezien het seizoensgebonden werk is werk ik vooral met freelancers, maar sommigen zijn al zes jaar onderdeel van de familie.

Hoe is het idee ontstaan om Afro-Caribische magnetronmaaltijden te verkopen?
Zo’n zes jaar geleden liep ik de AH to go binnen en zag ik een roti liggen, Albert Heijn-huismerk. Het smaakte wel lekker, maar ik dacht toch: hoe authentiek kan dat eigenlijk zijn? Je ziet steeds vaker dat grote bedrijven onze gerechten op de markt brengen, maar zonder ons erbij te betrekken, waardoor ze de plank soms volledig misslaan.

Dat kan af en toe behoorlijk ver gaan. Vorig jaar moest Ethiopië bijvoorbeeld een rechtszaak aanspannen tegen twee Nederlandse ondernemers die patent hadden aangevraagd op teff – een graansoort waarmee Ethiopiërs al duizenden jaren hun traditionele injera maken. Dat is toch te gek voor woorden? Alsof iemand uit Afrika een octrooi aanvraagt op een ingrediënt van stroopwafel of hutspot. Gelukkig heeft Ethiopië de zaak gewonnen.

1565084902224-20190523_220919
Danitzah's magnetronmaaltijden. Foto door Christian Manuel

Maar je ziet er tegelijkertijd dus ook kansen in.
Aan de ene kant vind ik het pijnlijk dat zulke dingen gebeuren, maar als zakenvrouw zie ik inderdaad mogelijkheden: het is een bevestiging dat er veel interesse in dit soort gerechten is. Er is nog veel ruimte voor Caribische gerechten in de supermarkt, want op een paar mislukte diepvriesroti’s na ligt er nog bijna niks. Dus laten we onze krachten juist bundelen: onze culinaire en culturele kennis, en de infrastructuur en verkoopkanalen van de supermarkten. Dan komt de consument er als winnaar uit.

Kan een magnetronmaaltijd eigenlijk wel authentiek zijn?
Waarom niet? Het zijn authentieke recepten en gerechten. Ik warm mijn maaltijden thuis ook vaak op in de magnetron.

Maar je zal toch dingen moeten aanpassen?
Ja, dat wel. Veel Caribische gerechten zijn bijvoorbeeld niet compleet zonder bakbanaan, maar die kun je gewoon niet vers verkopen. Het doet pijn in mijn hart, maar dat gaat gewoon niet. Dus dan zet ik het maar als serveertip op de verpakking: haal die bakbanaan! Echt doen hoor.

Een ander voorbeeld is arroz moro, een Antiliaans rijstgerecht met bonen. Mijn oma gebruikte vroeger altijd verse bonen, die ze altijd een dag liet wellen zodat ze zacht genoeg werden om te koken. Wij gebruiken gewoon bonen uit een potje. Totdat onze producent liever juist verse bonen wilde gebruiken, omdat dat goedkoper is – dus dat is eigenlijk heel authentiek. Die moet je wel weer op een andere manier koken, dus het was even puzzelen. Dat moet ik sowieso altijd met kruiden: wat voor mij normaal is, is voor de gemiddelde Nederlander superpittig.

1565084994454-_DSC3257-Copy
Een medewerker van Danitzah's festivalcatering. Foto door Nunu Ngema

Wanneer kunnen we jouw gerechten in de schappen verwachten?
Het is nog niet helemaal zeker, maar waarschijnlijk komen mijn Caribische pastechi’s in het najaar in een bekende supermarktketen. Daarna hoop ik ook andere gerechten in de schappen te krijgen, zoals roti, Jamaicaanse jerk chicken en vegan Jollof-rijst.

Van iedere verkochte maaltijd ga ik een percentage doneren aan de Girls first-projecten van Plan International. Dat zijn projecten die het doel hebben om wereldwijd meisjes en jonge vrouwen te helpen, bijvoorbeeld door ze onderwijs te bieden en voor hun rechten op te komen. Ik geloof echt dat we als vrouwen in onze authentieke kracht moeten staan, als we een verandering teweeg willen brengen.

Wat betekent dat, in je authentieke kracht staan?
Dat je doet wat je zelf wilt, en niet wat de maatschappij je opdraagt. Als vrouw val je vaak tussen wal en schip: als je je op je carrière richt ben je geen goede moeder, maar als je je op je gezin focust ben je weer niet geëmancipeerd genoeg. Als we iets gedaan willen krijgen moeten we de confrontatie niet uit de weg gaan, want je krijgt het niet cadeau. Maar ik denk ook niet dat we er een oorlog tegen de mannen van moeten maken – ook op het gebied van emancipatie zullen we het samen moeten doen.