Waarom ik me niet langer schaam voor mijn heimwee

Ik was in het mooiste land van Europa, maar lag huilend in mijn hostelbed.

|
17 september 2018, 8:46am

Illustratie door Nanna de Jong

Vier jaar geleden ging ik een semester naar de Verenigde Staten. Dat moest het hoogtepunt van mijn opleiding American Studies worden. Ik had zin in het Amerikaanse leven dat je in films en series altijd ziet. Beerpong, grote rode bekers, sorority- en fraternity-feesten, enorme winkelcentra en nog grotere burgers: je begrijpt het idee. Ik heb altijd al een enorme drang gehad om de wereld te ontdekken, maar was nog nooit verder gekomen dan Europa – en dat was altijd in gezelschap. Dus ging ik naar Ypsilanti, een klein universiteitsstadje in Michigan.

Maar het liep allemaal anders dan ik had verwacht. Het leek op z’n zachtst gezegd niet op het ideaalbeeld dat je in brochures en films ziet of waarover mensen vertellen. En dat kwam niet doordat de VS anders was dan gedacht. Ik kreeg enorm last van heimwee.

Na twee maanden had ik geen tranen meer over.

Ik werd elke dag somber wakker, huilde veel en kon totaal niet genieten van mijn tijd in de VS, terwijl ik ontzettend mijn best deed om het wél leuk te hebben. Ik ging in op alle uitnodigingen voor uitstapjes, feestjes en eetafspraken, ontdekte alles wat er te ontdekken viel in Ypsilanti, maakte veel nieuwe vrienden en stortte me vol overgave op de introductieweek voor internationale studenten.

Dat hielp allemaal maar even, want elke keer dat ik alleen was of na een gezellige avond wakker werd, stortte ik in. Na twee maanden had ik geen tranen meer over. Ik was afgevallen (dat zou je niet denken als je naar de VS gaat) en mijn doorzettingsvermogen was op.

Ik zou eigenlijk vier maanden blijven, maar ben na twee maanden terug naar huis gegaan. Ik had een goede reisverzekering die een vliegticket voor mij regelde en betaalde.

Dat ik dit nu zo opschrijf en online zet - met voor- en achternaam erbij - vind ik helemaal niet vanzelfsprekend. Ik wilde mijn vroege thuiskomst aanvankelijk absoluut geen heimwee noemen. Nee, ik had het er niet naar mijn zin gehad. Een semester in de VS was gewoon niet mijn ding. Bovendien was het geen leuk land. Maar laten we er nu maar over ophouden en verder gaan met leven, dacht ik. Ik schaamde me dat ik toch niet zo avontuurlijk en vrij was als ik had gedacht.

“Mensen met heimwee zijn in feite verliefd op hun thuissituatie.”

Heimwee was naar mijn idee iets voor kinderen die een nachtje bij opa en oma bleven logeren, niet iets voor volwassenen. Maar toen ik nog geen jaar later alleen in Italië was en er weer last van kreeg, bleek dat ik het niet zomaar kon negeren. Ik was in het mooiste land van Europa, maar lag toch huilend in mijn hostelbed. Ik moest een manier vinden om mijn reislust te bevredigen én met mijn heimwee om te leren gaan. Een onderdeel daarvan was accepteren dat ik het nu eenmaal heb en dat ik me daarvoor niet hoef te schamen.

Heimwee staat dan wel niet in het psychologiehandboek – de DSM-5 – en is dus geen officiële stoornis, maar kan wel degelijk voor psychische problemen zorgen. Volgens dé heimweedeskundige van Nederland, Ad Vingerhoets, is heimwee een “reactieve depressie”. Je wordt dus somber als reactie op iets. Het valt wat dat betreft te vergelijken met rouw of liefdesverdriet.

“We hechten ons van kleins af aan allemaal aan bepaalde personen. Maar je kunt je ook hechten aan een plaats, spullen, je routine, eten, je hond of zelfs je favoriete voetbalclub,” zegt Vingerhoets. Als je vervolgens wordt gescheiden van datgene waar je zo aan gehecht bent, kun je last krijgen van heimwee. “Mensen met heimwee zijn in feite verliefd op hun thuissituatie.” We idealiseren de mensen, de sfeer, de routines en denken dat dat allemaal beter is dan in het verre land waar we bijna met tegenzin verblijven.

De een kan er beter mee omgaan dan de ander. Het ligt sterk aan je persoonlijkheid of je vatbaar bent voor heimwee. Het komt bijvoorbeeld vaker voor bij mensen die introvert, minder flexibel, neurotisch of angstig zijn. Als je het moeilijk vindt om te beginnen aan een nieuwe baan of om te verhuizen, is de kans groot dat je thuis ook gaat missen als je op reis bent. Dat betekent overigens niet dat iedereen met heimwee neurotisch of introvert is.

Volgens Vingerhoets schiet onderzoek naar heimwee niet genoeg op. “Ik was eens op een symposium over vluchtelingen en werd gek aangekeken toen ik opperde dat ook zij last van heimwee kunnen hebben. Heimwee wordt, vooral in de VS, niet altijd gezien als serieus onderzoeksterrein.”

Dat blijkt ook uit dit interview met heimwee-kenner Margaret Stroebe uit 2015. Zij zegt in het NRC dat ze van Amerikaanse collega’s hoort dat ze geen geld krijgen om onderzoek te doen naar heimwee, omdat het niet in de DSM-5 staat. Daardoor wordt heimwee niet gezien als een “bloeiend onderzoeksterrein”.

Mensen die er geen last van hebben, kunnen vaak moeilijk een voorstelling maken van heimwee, terwijl iedereen wel weet hoe ingrijpend liefdesverdriet of verlies van een dierbare kan zijn. De geestelijke en lichamelijke gevolgen van heimwee liegen er echter niet om.

Heimwee kan ervoor zorgen dat je slecht slaapt en eet, maagklachten krijgt, somber wordt en veel gaat huilen. Sommige mensen krijgen zelfs koorts. Zelf had ik vooral veel last van somberheid en was ik een groot deel van de tijd erg verdrietig. Ik ging wanhopig op zoek naar afleiding – als ik niks deed, ging ik te veel nadenken – maar putte mezelf op die manier weer uit. Onderzoek van onder anderen Vingerhoets liet zien dat verhuizen naar een andere plek mogelijk al het risico op lichamelijke en mentale aandoeningen vergroot. Zo kwamen onder meer depressie, diabetes en aandoeningen aan het afweersysteem vaker voor bij mensen die in de periode ervoor verhuisd waren.

Dat ik heimwee heb, betekent niet dat ik geen reislust (meer) heb.

Dankzij de verhalen die ik erover heb gelezen, en de mensen die ik heb gesproken, weet ik dat heimwee heel vervelend is. Maar het is niet iets waar ik me tegen hoef te verzetten, zoals ik eerst deed. Sommige mensen kiezen ervoor helemaal niet meer weg te gaan en dat is helemaal prima, maar ik wilde een manier vinden om ermee om te leren gaan.

“Als je niet zo lang weggaat, kun je proberen de hele vakantie de maximale hoeveelheid paracetamol in te nemen, want in de hersenen overlappen de gebieden van fysieke en emotionele pijn,” zegt Vingerhoets. “Wat je ook kunt doen is anticiperen op de momenten dat de heimwee toeslaat. Dat zijn meestal de passieve momenten waarop je niks te doen hebt. Met afleiding kun je heimwee wegdrukken. Maar als die heel heftig is, lukt dat niet. Dan drukt de heimwee alles weg. Dan is de beste oplossing om naar huis te gaan.”

Maar als je dan thuis weer beseft dat je nooit meer op reis kunt door heimwee en dat niet wil? Dan kun je ook cognitieve gedragstherapie proberen. Uit recent onderzoek onder internationale studenten met heimwee in Maleisië bleek dat degenen die therapie kregen, minder last kregen van hun heimwee.

Ik heb een paar gesprekken gehad met een praktijkondersteuner van de GGZ, maar uiteindelijk heb ik geaccepteerd dat ik niet iemand ben die lange tijd in het buitenland kan wonen. Ik heb, door het te doen, een manier van reizen gevonden die wél bij me past en waar ik gelukkig van word.

Dat ik heimwee heb, betekent niet dat ik geen reislust (meer) heb. Het liefst zou ik nog steeds een roadtrip door de VS maken. Maar dan niet alleen, en niet vier maanden lang. Als ik nu op reis ga, neem ik mee waar ik zo gehecht aan ben, bijvoorbeeld mijn vriend. En ik zorg dat ik bezig blijf, wat makkelijker is als je reist dan wanneer je in het buitenland woont. Op die manier heb ik geen of bijna geen heimwee. En als ik het wel heb, dan schaam ik me er niet meer voor.