De vergeten surrealistische schilder die ‘geen tijd had om iemands muze te zijn’
FOTO VIA WIKIMEDIA COMMONS
Identiteit

De vergeten surrealistische schilder die ‘geen tijd had om iemands muze te zijn’

Leonora Carringtons leven was op haar dertigste al interessant genoeg om minstens twee boeken over vol te schrijven, en dat is nu gebeurd.
18 april 2017, 7:36amUpdated on 23 augustus 2018, 7:36am

Tegen de tijd dat ze dertig was, had de formidabele schilder en schrijver Leonora Carrington een affaire met Max Ernst achter de rug, had ze een zenuwinzinking gehad, werd ze onder dwang naar een psychiatrische inrichting gebracht, was ze naar Mexico gevlucht en had ze haar schokkende ervaringen met waanzinnigheid opgetekend in memoires. Twee recent uitgebrachte boeken eren het leven en het werk van deze opmerkelijke vrouw.

In het korte verhaal uit 1937 van Leonora Carrington, The Debutante, is een hyena de enige bondgenoot van een rebels meisje uit een elitaire familie. Als vaste bezoeker van de dierentuin klaagt ze tegen de hyena dat ze naar een bal moet dat ter ere van haar gehouden wordt; de hyena biedt aan om in haar plaats te gaan. Om dat voor elkaar te krijgen scheurt de hyena het gezicht van het dienstmeisje van de familie af en draagt het als vermomming. Hoewel de truc voor even werkt, wordt de hyena uiteindelijk ontmaskerd tijdens het diner en springt hij uit het raam. Hij laat de de familie van het meisje gruwelend en beschaamd achter.

Samen met een bijbehorend zelfportret, drukt dit verhaal direct en op intense wijze de gevoelens van Carrington uit over de maatschappij waar ze in die tijd voor werd klaargestoomd. De hyena – een stinkend, harig dier dat wordt geassocieerd met hekserij en androgynie – was een vreemd dier om sympathie voor te hebben, maar het paste bij Carringtons gevoeligheid. "Ik ben net als een hyena, ik snuffel in vuilnisbakken," zei ze tegen een journalist in 1999. "Ik heb een onverzadigbare nieuwsgierigheid." Die nieuwsgierigheid voedde het thema van haar oeuvre, dat kan worden omschreven als een zoektocht naar de verborgen, verloren verhalen die het gevoel zouden verklaren dat er iets ontbrak.

Leonora Carrington was vooral bekend, als je überhaupt over bekendheid kan spreken, als fantasierijk beeldend kunstenaar die met het surrealisme werd geassocieerd. Ze is geboren in 1917 in Lancashire in Engeland en was het enige meisje van vier kinderen. Haar opstandige aard was zowat direct zichtbaar, zo werd ze van verschillende scholen gestuurd vanwege "anti-maatschappelijke neigingen en bepaalde bovennatuurlijke neigingen."

Haar strenge vader, een textielfabrikant uit de hogere klasse, weerhield haar ervan om het enige vak wat ze leuk vond op school, kunst, te beoefenen en drong haar in plaats daarvan de leefstijl van een debutante op. Zelfs temidden van deze verstikkende opvoeding deed Carrington een wilde, fantasierijke inspiratie op – het zien van een hyena in de dierentuin; haar moeders en oppas' vertellingen van Keltische mythes, die haar interesse in magie wekten en haar inspireerde tot het vertellen van verhalen; en het boek van Herbert Read, Surrealism, met een werk van Max Ernst op de omslag. Toen ze 19 was ontmoette ze de 46 jaar oude Ernst in Londen en vertrok ze met hem naar Frankrijk, maar tijdens de Tweede Wereldoorlog werd hij opgepakt, en nooit heeft ze hem teruggezien. Vervolgens vluchtte ze naar New York, om zich uiteindelijk in Mexico te vestigen, waar ze de rest van haar leven zou blijven.

Carrington maakte kunst op bijna alle plekken die ze bezocht. Ze verwerkte haar ervaringen van over de hele wereld in een zich voortdurend ontwikkelende stijl die zijn hoogtepunt bereikte in Mexico. Daar werd ze als "nationale schat" gezien, een scherp contrast met hoe ze zich voelde in haar geboorteland Engeland. Het proces ging gemoeid met een constant verzet om haar onafhankelijkheid veilig te stellen en haar zorgvuldige en indringende onderzoek naar de onderwerpen die ze afbeeldde. Hoewel haar schilderijen grillig kunnen lijken, bevatten ze de vergeten verhalen en heldere maatschappelijke kritiek die ervoor zorgde dat ze haar opvoeding verafschuwde en waardoor ze in de eerste instantie kunst ging maken. En hoewel haar erfenis enigszins overschaduwd wordt door mannelijke surrealisten indiceren twee nieuwe boeken, The Complete Stories of Leonora Carrington en de heruitgave van haar eigen memoires uit 1944, Down Below, een hernieuwde belangstelling voor de uitdagende en onbevangen kunstenaar en schrijver.

Carringtons betrokkenheid met de surrealistische stroming was complex, maar weerspiegelt ook de vruchtbare en soms bekrompen fetisjistische weg die de stroming voor vrouwen voor ogen had. Haar relatie met de veel oudere schilder Max Ernst had het potentieel een muze van haar te maken, maar ze verklaarde de rol bondig als "onzin," en verduidelijkte bij een andere gelegenheid: "Ik had geen tijd om iemands muze te zijn. Ik was veel te druk met me te verzetten tegen mijn familie en het leren om kunstenaar te zijn. " Ze had ook geen tijd voor de streken waar veel mannen uit het surrealisme bekendheid mee verwierven. Ernsts lange reeks aan veroveringen en affaires met veel jongere vrouwen veroorzaakte heftige spanningen, maar toen Carrington zich bewust was van deze dynamiek, wist ze grotendeels dit probleem te omzeilen door tijdens hun relatie vrienden te worden met veel van Ernsts minnaressen. Een van hen, de Argentijnse schilder Leonor Fini, verklaarde dat Carrington een "echte revolutionair" was en ze zich "losgemaakt had van het beeld van vrouwelijkheid dat mannen hadden gecreëerd." In 1939 schilderde Fini een portret van Carrington in een ridderharnas, een strijder die twee andere vrouwen bewaakt, genaamd "The Alcove."

Veel vrouwen in of rond het surrealisme hadden sterke banden met elkaar. Carrington bleek een bijzonder talent te hebben voor het opbouwen van een internationaal netwerk van vrouwen, waar ook haar latere kring in Mexico met Remedios Varo en Kati Horna aan toebehoort. De foto van Roland Penrose Four Women Asleep illustreert de connecties die gedeeld worden door vrouwen van die tijd. De foto laat vier vrouwen zien die in de beweging werkten, sommigen misschien vooral bekend als muze of wederhelft: Carrington, fotograaf Lee Miller, Nusch Éluard en Ady Fidelin (de laatste drie werden in verband gebracht met Man Ray, hoewel Miller ook een open huwelijk had met Penrose). Carrington had de neiging om de kant te kiezen van de vrouwen van het surrealisme: Ze gaf aan dat ze Frida Kahlo verkoos boven Diego Riviera en Fidelin boven Man Ray ("Wat ze in hem zag zal ik nooit weten." En zei tegen haar nicht Joanna Moorhead "het was zeker niet zijn uiterlijk"). Ze bezat een sterke vastberadenheid om haar plek in de kunst te behouden en dat betekende dat ze weinig tolerantie had voor mensen met een bekrompen visie jegens vrouwelijke kunstenaars. Ze zei over de belangrijke mannen in de stroming: "Ik liet me door geen van hen afschrikken."

"Ik ben net als een hyena, ik snuffel in vuilnisbakken. Ik heb een onverzadigbare nieuwsgierigheid."

In 1940, tijdens de Tweede Wereldoorlog, werd Ernst opgepakt en vastgehouden, omdat hij een "ongewenste vreemdeling" was en dat veroorzaakte bij Carrington een zenuwinzinking toen ze 23 was (Ernst werd vrijgelaten en opnieuw gearresteerd, maar vluchtte uiteindelijk naar de VS.) Ze werd "ongeneeslijk gek" verklaard en moest naar een gesticht in Spanje, waar ze een behandeling kreeg die het meest weg had van elektroshocktherapie. Ze deelde haar ervaringen in haar memoires Down Below en kreeg daardoor meer aandacht van de surrealistische beweging. De harde realiteit van een psychische aandoening, maar vooral de gruwelijke behandeling die ze onderging, rijmde niet met hun geromantiseerde opvatting van waanzin: "Niemand, ook Breton niet, heeft ooit de binnenkant van een Spaans gekkenhuis gezien," zei Carrington, volgens de biografie van de kunstenaar door Susan Aberth.

Net als veel Europese emigranten die surrealist waren, belandde Carrington in Mexico-Stad tegen het einde van de oorlog. Haar verhuizing leidde tot haar ontwikkeling als kunstenaar; ze was eindelijk in staat om een omgeving te creëren die haar brede ambities en belangen voedde. Haar vriendschap met de schilder Remedios Varo ontwikkelde zich in iets waarvan Carrington zegt dat het haar "leven veranderde" en samen begonnen ze aan een nieuwe serie onderzoeken, experimenten, recepten, verhalen en kunst. Hun schilderijen groeiden uit tot vaak ingewikkelde taferelen, waarin de afbraak van tweedelingen centraal stonden: huiselijkheid en macht, hekserij en wetenschap, astrologie en wiskunde, gender (in de verhalen van Varo en Carrington kwamen ze allebei voor als mannen, of, in het geval van de novelle van Carrington The Hearing Trumpet, als een negentig jaar oude vrouw). In tegenstelling tot de neiging van hun mannelijke collega's om vrouwen dun, broos, statisch en vooral als naakte muzen af te beelden, bevonden de vrouwen van Carrington zich over het gehele spectrum: vaak heel oud, krachtig en bedreigend, in een state van transformatie en beweging. Haar eigenzinnige manier om ze te filteren door haar verbeelding en ervaringen betekende dat een schilderij of verhaal van Carrington een unieke, multidimensionale betekenis had. Als haar beschermer zei Edward James dat haar schilderijen "niet alleen geschilderd waren. Ze werden gebrouwen."

De gewelddadige humor van The Debutante had een bevrijdend gevoel van anarchie en ontsnapping, dat Carrington aanscherpte en verfijnde toen ze ouder werd. In 1970 werd Carrington een van de oprichters van de vrijheidsbeweging voor vrouwen in Mexico. Het was voor haar een kwestie van 'herovering:' In een tentoonstellingstekst uit 1976 schreef ze: "Een vrouw hoeft haar rechten niet op te eisen. De rechten waren er vanaf het begin, ze moeten weer worden teruggeëist, net als de mysteries die de onze waren en die werden geschonden, gestolen of vernietigd, ons achterlatend met de ondankbare hoop om het mannelijke dier te behagen."

Carrington riep mensen op om vraagtekens te zetten bij het onderbelichten van vrouwen in de geschiedenis, en kritisch te zijn ten opzichte van mannen en andere machtige figuren. Ze citeerde uit The Cabbage is a Rose: "de geschiedenis' (....) gelegen gaten en eigenaardigheden die alleen logisch zijn als ze opgevat worden als rookgordijn voor een heel ander soort beschaving die weggeveegd was."

Ze sprak regelmatig over de meervoudige identiteiten die ze had, blij dat ze de complexiteit van het Zelf kon verbeelden en worstelde met het idee om zich over te geven aan de rollen die haar opgelegd waren door anderen – of dat nu was als debutante, als surrealistische muze, of als waanzinnige. Ondanks haar relatieve onbekendheid, sloop de kracht van haar onderscheidende visie toch in de popcultuur, zoals in Tim Walkers editorials en Madonna's veelgeprezen videoclip Bedtime Story: In de clip worden veel referenties gemaakt naar vrouwelijke surrealisten. Het schilderij van Carrington, The Giantess, wordt weerspiegeld in de zwerm vogels die uit de jurk van Madonna vliegen. Als het grote publiek de vergeten vrouwelijke kunstenaars uit het verleden begint te erkennen, hoort Carrington, een schrijver en schilder die zich in hoge mate wijdde aan het opkomen voor het verwaarloosde en het verborgene, daar zeker bij.