We vroegen aan marktverkopers of vroeger echt alles beter was

We vroegen aan marktverkopers of vroeger echt alles beter was

De Amsterdamse marktcultuur is aan het verdwijnen. We gingen langs bij verschillende marktkooplui om te vragen naar hun leukste en vreselijkste herinneringen, hun band met de markt, en wat zij graag anders zouden zien.
24.2.16

Iedereen, bezoeker of verkoper, heeft een eigen reden waarom hij of zij van de Amsterdamse markt houdt. Voor mij is boodschappen doen op Plein '40-'45, de markt om de hoek van mijn huis, een manier om mijn ernstige vorm van supermarktstress te ontvluchten – volle winkelkarren, lange wachtrijen en een veel te lastige zoektocht naar een stuk gember maken van mij een vreselijk persoon. Daarentegen ben ik als winkelend mens in mijn nopjes als ik door de geur van versgeroosterde noten loop nadat de visboer me net een gigantisch stuk versgesneden, in krantenpapier gerolde zalm heeft toegestopt. Helaas lokken kiloknallers steeds meer mensen naar de supermarkt, waardoor de Amsterdamse marktcultuur stilaan aan het uitsterven is.

In elk stadsdeel zijn dagelijks tientallen tot honderden kramen te vinden, maar Saskia Spijkers van Marktzaken Amsterdam vertelt me dat steeds minder van die kramen gevuld worden: "Het bezoekersaantal daalt, waardoor het voor marktkooplui moeilijker wordt om hun brood te verdienen. Mensen gaan iets anders doen; ze hebben geen zin meer om in de kou te staan. Of ze worden ouder, en omdat kramen binnen de familie moeten blijven, is er vaak geen familielid dat hen wil opvolgen." Tot tien jaar geleden kon je bij de Albert Cuyp fluiten naar een plekje op de markt, elke dag stonden beide rijen vol. Tegenwoordig is er genoeg plek voor iedereen die zich wil inschrijven.

Gemeente Amsterdam is volop bezig het marktleven weer aantrekkelijker te maken: "We zijn van plan de regels te versoepelen, zodat verkopers de rechten van hun kraam kunnen overdragen aan werknemers. Dat staat echter nog in de kinderschoenen. We willen ook werken met experimentele zones, bijvoorbeeld een stuk markt met alleen maar eetkraampjes en tafels waaraan mensen kunnen zitten." De eerste pogingen om meer mensen naar de markt te lokken zijn al zichtbaar op de Pekmarkt in Noord, waar authentieke groentekramen naast ambachtelijke biokaas- en broodkramen staan.

"Het is heel moeilijk om oplossingen te bedenken voor de teloorgang van de markt, omdat we niet weten waaraan het ligt. We kunnen enkel speculeren. Bij de ene markt zou het aan de bestrating kunnen liggen, bij de andere aan geen goed verdeeld assortiment. Elke markt is anders," sluit Saskia af.

DSC_5556

Deze dames drinken al meer dan twintig jaar lang elke ochtend koffie op Plein '40 - '45. Foto door Niké Donker.

Elke markt heeft inderdaad een eigen karakter door de locatie, het aanbod en de mensen die in de kraampjes staan. We gingen langs bij vijf verschillende markten om kooplui te vragen naar hun leukste en vreselijkste herinneringen, hun band met de markt, en wat zij graag anders zouden zien.

Buikslotermeerplein: "De nekslag van de markt is betaald parkeren"

Wie even wat dieper het centrum van Amsterdam-Noord in fietst, komt op de markt op het Buikslotermeerplein terecht. Het plein is dagelijks gevuld met 24 kramen die veel verschillende en multiculturele producten aanbieden. Er is een poelier, een kaasboer, een snoepkraam, een notenbar, en meerdere stalletjes met fruit, exotische groenten en verse kruiden. Je kunt er ook verse Surinaamse snacks en Vietnamese loempia's halen. Elke zaterdag wordt het aanbod aangevuld met de Boerenmarkt, waarbij een hoop boeren uit de buurt van Amsterdam hun verse kazen, groente, fruit en vlees komen verkopen.

Marktkramer: Frank

Frank draagt af en toe opzettelijk dezelfde trui als zijn collega, om het knuffelgehalte van de groente- en fruitkraam waarin hij staat hoog te houden. Hij is van mening dat een warme trui, een forse stem en een leuke lach de belangrijkste dingen zijn die een marktkramer moet bezitten.

"Ik sta al zeventien jaar op de markt. Als achtjarig jongetje was ik al boodschappen aan het doen voor de mensen op de Albert Cuyp, maar ik heb nooit mijn eigen kraam gehad. Ik geniet onwijs van het vrije leven en van naar huis gaan zonder al te veel moeten opkramen omdat je zo goed verkocht hebt die dag. Dat geeft voldoening.

DSC_9571

Marktkramer Frank. Foto door Rebecca Camphens.

"Mijn ergste werkdag ooit was toen er een windhoos over Amsterdam heen trok. Het weerbericht had het niet voorspeld, maar we zagen de zwarte wolken en wind naar ons toekomen. Het werd zo donker dat het wel nacht leek. Alle zeilen en stallen gingen als parapluutjes de lucht in, kassa's vol geld rolden de straten op – alles was chaos. Iemand raakte gewond aan zijn hoofd en bezoekers gingen in het midden van de storm de marktkramen plunderen."

Marktkramer: Ed

"Dat het achteruit gaat met de markt is heel erg voelbaar in Noord, zeker sinds alle parkeerplaatsen rond het Buikslotermeerplein betalend zijn geworden. Voordien kwamen mensen hier boodschappen doen om even lekker te kletsen met de marktkramer, maar als mensen daarvoor moeten betalen, gaan ze liever naar de supermarkt waar ze hun inkopen kunnen doen zonder dat de teller van de parkeermeter loopt."

"Wat ik het mooiste vind aan de markt is zomerfruit, en hoe je kraam eruitziet als je dat allemaal uitstalt. En dan lekker in het zonnetje staan en goed verkopen. Wintergroenten zijn redelijk saai. We proberen het op te leuken door bijvoorbeeld slaatjes of versgekookte bietjes te verkopen, maar toch, de zomer is leuker."

DSC_9640

Marktkramer Ed. Foto door Rebecca Camphens.

Bos- en Lommerplein: "Je hoor marktkramers vaak zeggen dat vroeger alles beter was, maar dat is niet waar. Nú is alles beter. Vroeger was het gewoon leuker."

Wie in de buurt komt van het Bos- en Lommerplein komt, kan van dinsdag tot en met zaterdag van ver stemmen horen roepen wat de prijzen van de avocado's en andijvie die dag zijn. Elke dag opnieuw zetten marktkramers hun volumeknop op loeihard om voorbijgangers van de stoep de trappen op te lokken voor hun verse vis, groente en fruit. Deze markt, die al sinds de jaren veertig net buiten de Amsterdamse binnenstad ligt, werkt met flexplekken. Los van enkele vaste marktkramers verandert het aanbod en het aantal stalletjes dus van dag tot dag.

Marktkramer: Leo

Leo is de pater familias van de Bos- en Lommermarkt. Toen hij zestien was begon hij er zijn ouders te helpen, en nu staat hij er zelf met een indrukwekkende fruit- en groentekraam. Vroeger had hij twee zulke kramen en vijftien jongens in dienst, maar omdat de bezoekersstroom tegenwoordig zo sloom is, doet hij nu alles alleen met een Turkse jongen die hij als zijn eigen zoon beschouwt.

"Je hoort marktkramers vaak zeggen dat vroeger alles beter was, maar dat is niet waar. Mijn moeder kon toen ik jong was niet eens schoenen voor me kopen. Nú is alles beter. Vroeger was het gewoon leuker. Iedereen hier gunde elkaar zijn boterham, en er was een goeie onderlinge klik tussen verkopers. Bij het opkramen gingen alle marktkramers lekker een balletje trappen met elkaar, en we sloten de week af door samen in de kroeg een biertje te drinken. Nu is er niet eens meer een kroeg en er is meer afgunst dan collegialiteit. Dat is jammer – handel is een kwestie van gunnen."

DSC_0136

Marktkramer Leo. Foto door Rebecca Camphens.

Volgens Leo is de sfeer van de markt, en daarmee ook het aantal bezoekers, erop achteruit gegaan sinds de vernieuwing van het Bos- en Lommerplein.

"Veertien jaar geleden stonden we beneden in een soort kuil voor een dijk, op ooghoogte van voorbijgangers. Sinds de verbouwingen is dit een afschuwelijke markt. Deze plek is zelfs uitgeroepen tot het lelijkste plein van Nederland. Wie hier komt, heeft geen minuut het idee dat hij op een markt loopt: de nieuwe gebouwen zijn lelijk, de winkels zijn marginaal en zelfs de laatste koffiebar gaat vertrekken. Daarnaast is de verdeling van de kramen hier ook onlogisch. Op sommige dagen staan er acht groentekramen en niks anders. Er is te weinig aanbod. Geen wonder dat geen hond nog komt opdagen."

Leo wil graag naar een andere markt verhuizen, maar dan komt hij weer onderaan de lijst te staan, waardoor hij zijn eigen staanplek niet zal kunnen kiezen: "Wie eerder ingeschreven staat kan als eerste een goeie plek uitkiezen. Hier heb ik de beste plek, vaste klanten, en ik verdien een goeie boterham."

Marktkramer: Claus

Claus is de enige visboer op de Bos- en Lommermarkt, en dat is precies de reden waarom hij niet weg wil, hoe lelijk het plein ook geworden is.

"Ik heb door heel Nederland op markten gestaan. Toen ik op mezelf ben begonnen, ben ik naar Amsterdam gekomen. De vis die ik verkoop is zo vers als maar zijn kan, goedkoper dan die van de supermarkt en blijft veel langer goed."

DSC_0262

Alan en Adnan, de twee jongens die al jarenlang voor Claus werken. Foto door Rebecca Camphens.

"Vroeger kon je hier over de koppen lopen, nu is dat niet meer het geval. Ik weet nog dat ik een tafeltje aan mijn kraam wilde zetten om het gezelliger te maken, maar dat mocht niet van de gemeente. Pas nu het te laat is en er haast niks meer van deze markt overblijft – kijk naar hoe de straat erbij ligt, mensen vallen zichzelf een ongeluk – willen ze de regels gaan versoepelen. Dat is idioot."

"Eigenlijk begrijp ik niet dat marktkramer zijn nog steeds niet onder de zware beroepen valt. Ik sta om zes uur op, ga inkopen doen bij ons in het dorp, rij naar Amsterdam, laad alles uit - dat zijn kisten van twintig tot veertig kilo - en sta tot ongeveer half vijf. Dan pak ik alles weer in, rij naar huis, en spendeer nog een dik uur met het nakijken van de facturen van de dag en boekhouding doen. Om een uurtje of acht ben ik pas klaar. Dat ga ik moeten blijven doen tot ik 73 ben."

Ten Katemarkt: "Door op de markt te werken heb ik Nederlands geleerd."

Dwars op de Kinkerstraat ligt de Ten Katemarkt, een markt die inmiddels al 103 jaar deel uitmaakt van Amsterdam-West. Van maandag tot en met zaterdag kun je er, tussen druk gewriemel van mensen met dikgevulde boodschappentassen, geweldige koopjes doen.

Marktkramer: Asker Er is niemand op de Ten Katenmarkt die zo vrolijk en charmant 'dame' roept als Asker. Hij staat twee dagen per week op de Albert Cuypmarkt en drie dagen per week op de Ten Katenmarkt met olijven en noten.

DSC_0315

Marktkramer Asker. Foto door Rebecca Camphens.

"Ik ben dertien jaar geleden vanuit Turkije naar Nederland gekomen en ben direct begonnen als marktkramer. Door op de markt te werken heb ik Nederlands geleerd. De eerste woorden die ik kende waren de namen van alle verschillende soorten noten." Sinds dit jaar staat ook zijn zus Özgül bij hem, met een gigantische bakplaat waarop ze gözleme bereidt, een hartig Turks gerecht met aardappel, fetakaas of spinazie. Vooral op de Albert Cuyp verkopen deze hartstikke goed, want daar komen meer toeristen.

DSC_0330

De zus van Asker Özgül. Foto door Rebecca Camphens.

"De gözleme maken we een stuk minder pittig dan dat we ze in Turkije zouden maken. Slechts tien op de honderd mensen zou het anders in zijn mond kunnen houden."

Marktkramer: Dan

"Deze kraam bestaat al ongeveer acht jaar en ondertussen zijn we best bekend, vooral om onze mango- en gegrilde groentehummus. We werken samen met een professionele chef-kok uit Israël, maar sommige gerechten geven we een Perzische touch. Zo gebruiken we in elke gerecht heel veel saffraan."

DSC_0350

Marktkramer Dan. Foto door Rebecca Camphens.

Dan was op slag verliefd op de Ten Katenmarkt toen hij er begon: "Deze markt is de belichaming van het karakter van Oud-West. De buurt is prachtig en iedereen komt hier, zowel rasechte Amsterdammers als toeristen. Ik doe niets liever dan proevertjes uitdelen en lol maken met collega's en bezoekers. We merken niet echt dat het hier rustiger is dan andere jaren. Het zou jammer zijn als dat zo is. We mogen de Amsterdamse marktcultuur niet laten sterven."

Plein '40-'45: "De markt is een van de enige plekken waar mensen nog openlijk met elkaar praten"

In 1963 stond de dagmarkt op Plein '40-'45 bekend als de modernste markt van Amsterdam. Inmiddels is het plein omsloten door een overdekt winkelcentrum, een Aldi en een hoop eettenten, en staat het nog steeds van dinsdag tot en met zaterdag volgeplakt met kraampjes.

Marktkramer: Rakesh

"Toen ik achttien was ben ik van het noorden van India naar hier gekomen. Tot een half jaar geleden verkocht ik dameskledij op de markt, maar ik ben overgeschakeld naar fruit en groenten omdat ik met trainingsbroeken en t-shirts niet genoeg geld meer verdiende. Ik vind het marktkramen een verbazingwekkend spel. Er is hele harde concurrentie, dus ik moet mijn spullen enorm goedkoop aanbieden. Erg veel winst heb ik dus eigenlijk niet. Ik moet ook nog iets verzinnen op de resten die ik aan het einde van de dag over heb. Op dit moment geef ik wat ik niet meer kan verkopen weg aan een boerderij."

IMG_8074

Marktkramer Rakesh. Foto door Niké Donker.

"Ik heb het vooral moeilijk met de kou en de lange dagen. Ik sta om vier uur op en vertrek rond half zeven naar huis. Eigenlijk wil ik best tot later blijven staan, want dan zijn mensen klaar met werken of met school. Maar als we langer blijven, krijgen we een boete."

Marktkramer: MiguelAmsterdamse hitjes, frikandellen van een halve meter en een keuze tussen hoe goud je je friet gebakken wilt. Miguel bakt vanuit zijn kraam de beste patat van West, en dat is te zien aan de hoeveelheid mensen die altijd de kleine tafeltjes rond zijn tent inpalmen.

DSC_0100

Marktkramer Miguel. Foto door Rebecca Camphens.

"Deze kraam bestaat al vijftig jaar. Hij was van mijn schoonouders en ik heb 'm vijftien jaar geleden overgenomen. Marktkramen betekent voor mij altijd al vrijheid: je staat buiten en je bent onder de mensen. De markt is een van de weinige plekken waar mensen nog openlijk met elkaar praten. Dat is jammer maar waar. We moeten het marktleven waarborgen."