Film

Deze film is een ode aan je favoriete buurtkroeg

‘Bloody Nose, Empty Pockets’ is een documentaire die waar gebeurd had kunnen kúnnen zijn, waarin je de laatste 24 uur van een vunzige bar in Las Vegas volgt.
27.11.20
Barman in Roaring 20s
Screenshot via YouTube

Als ik denk aan Las Vegas, zie ik protserige hotels, mensen (meestal mannen) die alles waar ze jaren voor gespaard hebben in één nacht uitgeven aan een roulettetafel en Hans Klok die elk jaar in een Nederlandse talkshow komt vertellen over z’n goochelcarrière in Amerika. Ver weg van die glamourkant van de stad, van de gigantische fonteinen en de door neonborden verlichte casino’s, bevindt zich de buurtkroeg Roaring 20s. Het is een dive bar die dient als toevluchtsoord voor een indrukwekkende hoeveelheid excentriekelingen – of beter gezegd: dat was het. Roaring 20s sluit namelijk, voorgoed.

Advertentie

In Bloody Nose, Empty Pockets, deze week te zien tijdens filmfestival IDFA, volgen de broers Turner Ross en Bill Ross IV het laatste etmaal van Roaring 20s. We maken kennis met het barpersoneel en de stamgasten die onderdeel zijn geworden van het meubilair – zoals de oude acteur Michael, die op de bank slaapt en zich ’s ochtends staat te scheren in het toilet.

Langzaam maar zeker druppelen er steeds meer vaste bezoekers binnen, waarvan elke man lang haar en/of een majestueuze baard heeft. Samen dansen ze op Celebration van Kool & The Gang en kijken naar Jeopardy. Het is een plek waar minuten overgaan in uren zonder dat je het doorhebt. De documentaire is zo gemaakt dat het lijkt alsof je als kijker na een paar biertjes door een rooskleurige bril spiekt, al kan dat ook komen door de gekleurde lichtbolletjes aan de muur en de rookpluimen die constant door het beeld kringelen. 

De kroeg oogt als een klein koninkrijk, met een eigen taal en rituelen. Iedereen heeft een andere rol: er zijn sfeermakers, narrige stamgasten, probleemzoekers, ongeruste moeders en lievelingetjes. De enige overeenkomst is dat vrijwel iedereen na een bepaalde, ongetwijfeld middels een wiskundige som te berekenen hoeveelheid drank klinkt als Matthew McConaughey die een beschonken cowboy speelt. Welbeschouwd zijn het allemaal buitenbeentjes die binnen Roaring 20s een eigen plek gevonden hebben, of zoals een veteraan snikkend zegt: “When you get lonely (…) you can always come to this bar.”

Het voelt echt, net als wanneer je om 4 uur ’s nachts hechte vriendschappen sluit met wildvreemden, wankelend op je laatste benen in een buurtkroeg

De kracht van de film is dat iedereen zo goed op elkaar is ingespeeld, alle stamgasten zijn zich bewust van hun plaats en rol omdat ze al jaren hun leed wegdrinken in Roaring 20s. Tenminste, dat lijkt zo: het zijn niet de echte stamgasten van Roaring 20s. De regisseurs hebben alle cafébezoekers – afgezien van de oude acteur Michael Martin – gescout in sleazy kroegen en vervolgens in één bar gedropt.

Het is niet het enige geënsceneerde onderdeel van de film: Roaring 20s is wel een bestaande kroeg, maar bevindt zich in New Orleans, in plaats van Las Vegas. Het is niet gesloten en bestaat nog steeds. Tijdens de opnames, die op twee lange draaidagen plaatsvonden, gaven de makers af en toe cues en adviezen aan de aanwezigen.

Bloody Nose, Empty Pockets is dan ook een film die de grenzen tussen fictie en non-fictie doet vervagen. Instinctief is je eerste reactie: jammer. Jammer dat het niet echt is. Jammer dat de man die op een verre oom van Einstein lijkt en over een ijzeren lever beschikt niet echt zijn dagen slijt in deze donkere bar in Las Vegas. Jammer dat de gepensioneerde, langharige womanizer die al tuinbroeken droeg voordat het hip werd niet écht lang moet nadenken over hoe vaak hij getrouwd is.

Aan de andere kant: hoezo is het niet echt? Dat deze kroeg niet daadwerkelijk in Las Vegas staat en deze mensen elkaar niet allemaal kennen, doet eigenlijk niets af aan de film. Het voelt echt, net als het echt voelt wanneer je om 4 uur ’s nachts hechte vriendschappen sluit met wildvreemden terwijl je, exact op het moment dat je overweegt je naam te veranderen in Rémy Martin, wankelend op je laatste benen in een buurtkroeg staat. Bovendien zijn de mensen echt, de rollen die ze aannemen zijn echt, hun verhalen zijn echt en het gedrag dat ze vertonen is – al dan niet geholpen door oneindig veel alcohol – echt, ook al krijgen ze soms een duwtje in de rug van de regisseurs.

De makers hebben de werkelijkheid een handje geholpen door deze paradijsvogels bij elkaar te zetten. Bloody Nose, Empty Pockets werpt een interessante vraag op over wat een documentaire is en wanneer iets binnen het genre past. Maar daarnaast is het ook een ode aan je favoriete buurtkroeg, aan een broodnodige plek waar mensen die zich nergens thuis voelen samenkomen, de nacht van hun leven hebben, en vervolgens ’s ochtends de stad in sloffen en verdwijnen tot de volgende nacht.

Documentairefestival IDFA loopt tot en met 6 december. Bloody Nose, Empty Pockets is op maandag 30 november online te zien.