Het gras van het Malieveld is nu te koop, zodat je overal kunt protesteren

Kunstenaar Willem de Haan vindt dat je je mening ook vanuit de achtertuin moet kunnen verkondingen.
Tim Fraanje
Amsterdam, Netherlands
4.9.20
Malieveldgras
Malieveldgras, foto's met dank aan Willem de Haan

Het Malieveld in Den Haag is de geijkte plek om je onvrede wereldkundig te maken. En aangezien er de afgelopen tijd veel gebeurt waar je je over op kunt winden, was het er druk. Boze boeren, klimaatstrijders, anti-racismedemonstranten, viruswaanzinnigen en andere actiegroepen met allerlei, vaak tegenstrijdige, belangen ploegden het veld om. Soms letterlijk.

Om het aura van deze heilige demonstratiegrond ter discussie te stellen, besloot kunstenaar Willem de Haan het gras van het Malieveld op de markt te brengen, onder de naam ‘Malieveldgras’. Op die manier kun je ook in je eigen achtertuin of op je balkon op het Malieveld demonstreren. We spraken Willem over zijn haat-liefdeverhouding met het meest iconische meningen-strijdperk van Nederland.

Het Malieveldgras is het echte authentieke gras dat ook op het Malieveld groeit. De eerste zaadjes oogstte Willem van een plag die hij zelf in Den Haag had uitgestoken, maar omdat het er niet zoveel waren, besloot hij Staatsbosbeheer te bellen. Het Malieveld bleek onderdeel te zijn van het Haagse Bos, en de boswachter was bereid om het recept van dit weerbarstige gras prijs te geven. Nu verkoopt Willem die unieke zaadmix in kleine zakjes, waarmee je je eigen anderhalve vierkante meter Malieveld kunt inzaaien. Het product is te koop via de protestsuppliesstore, een project van collega-kunstenaar Eef Veldkamp. In dit filmpje kun je precies zien hoe het Malieveldgras werd gemaakt:

Willem vindt het zowel een goed als een slecht teken dat er veel op het Malieveld wordt gedemonstreerd. “Er is vanaf 2019 echt een piek in protesten ontstaan, en die heeft zich dit jaar doorgezet. Je ziet dat protest plaatsvindt op plekken in de wereld waar het relatief goed gaat. In landen waar de toestand echt heel slecht is, lijkt het zinloos om te protesteren. Dat mensen het gevoel hebben dat er iets te redden valt, dat is een goed teken. Maar dat er überhaupt veel op het spel staat op het moment, is daarentegen juist zorgwekkend.”

Zelf heeft Willem nog nooit op het Malieveld gedemonstreerd. Hij is meer van het onverwachte statement. “Het Malieveld is altijd een soort uitwedstrijd. Het is de plek die door de overheid wordt aangewezen als protestlocatie, waardoor zo'n actie totaal voorspelbaar wordt.” In een goede protestactie moet volgens hem een verrassingselement zitten. “Het moet ontregelend zijn, maar het Malieveld is een bekende en vertrouwde plek, ook voor degene die de regels maakt. Je boodschap krijgt een bepaalde waarde door op het Malieveld te gaan staan: nu is het menens. Maar tegelijkertijd is iedereen ook wel gewend aan een protest op het Malieveld.”

Een ander zwak punt van het Malieveld is volgens Willem dat er geen context is: “Als je voor het tiny house protesteert waar je noodgedwongen in woont omdat je geen echt huis in de stad kunt vinden, dan is op de achtergrond van het protest meteen een effect van het probleem zichtbaar: die huisjes.” Hij vergelijkt het Malieveld met een steriele museumzaal: “Het is een soort white cube van het activisme.”

Willem is niet bang dat zijn project de waarde van een protest op het Malieveld verder aantast. “Daar zou ik juist heel blij mee zijn, omdat de noodzaak voor iets nieuws dan nog groter wordt. Ik wil mensen met dit project juist laten nadenken over nieuwe vormen van lokaal protest. Nu wordt het voor mensen die niet in de buurt van Den Haag wonen, makkelijker worden om te protesteren.” Het eerste mini-Malieveld ligt dan ook in de Limburgse tuin van de ouders van collega-kunstenaar Eef. Willem: “Hij vertelde me dat zijn vader zich altijd over van alles druk maakt, maar zich nooit ergens over uitspreekt. Dat kan komen doordat hij in Limburg woont, als hij vlakbij Den Haag zou wonen had hij zich misschien wel bij een protestactie aangesloten. In ieder geval kan hij nu iets met zijn mening gaan doen in zijn eigen achtertuin.”

Het lijkt tegenstrijdig: de populariteit van het Malieveld gebruiken om een product te verkopen dat juist die populariteit ter discussie stelt. Heel hard cashen is dan ook niet Willems doel. “Het woord ‘product’ klinkt een beetje vies, maar ik ben erachter gekomen dat iets een bepaalde waarde krijgt als je het aanbiedt in een webshop. Als je het zomaar weggeeft wordt het minder bijzonder, en als je het als kunst verkoopt wordt het heel duur. Dit is gewoon gras van acht euro, daardoor valt het binnen de categorie van spullen die je in een tuinwinkel koopt. Dat is volgens mij de beste manier om het Malieveldgras door het land te verspreiden.”

Net als een protest is het project van Willem geslaagd als het zichzelf overbodig heeft gemaakt. Voordat iedereen in Nederland het Malieveld in de achtertuin heeft, zal er al wel een nieuwe manier van protest zijn gevonden. Hij ziet wel mogelijkheden om zijn business op te schalen. “Internationaal gaan. In Rusland heeft iemand zich bijvoorbeeld ooit uit protest tegen de politiestaat met zijn balzak vastgespijkerd aan het Rode Plein. Ik zou die tegeltjes kunnen inkopen bij de fabriek waar ze die maken, en doorverkopen als mobiele protestgrond.”