Digging record store wereldmuziek
Photo : Kevin Laminto / Unsplash

‘Wereldmuziek’ is geen genre, maar een westerse versimpeling

Ethiopische jazz heeft weinig te maken met Congolese rumba of rai, maar ze worden toch op hetzelfde muzikale hoopje gegooid.
Souria Cheurfi
Brussels, Belgium
8.9.20

House, minimal house, micro house, house-techno, leftfield house… Alleen al bij house kun je niet specifiek genoeg zijn als je aan wilt duiden welk subgenre je nou precies bedoelt. Bij westerse muziek dan. Want zodra het gaat om muziek die toevallig níet uit Europa of Noord-Amerika komt, lijkt het alsof onze oren verstopt zitten en we de onderlinge verschillen niet meer opmerken – hoe groot die ook zijn. Maar waar je in de platenwinkel wel een apart vakje met Detroit techno kunt vinden, worden Congolese rumba, rai of Ethiopische jazz allemaal ‘wereldmuziek’ genoemd.

Florian Doucet (Ozferti) is een muzikant die Ethiopische jazz mixt met elektronische muziek uit het westen, zoals bass, dubstep en 2-step. Hij wil muzikale genres samen laten smelten, en ook zijn muziek wordt vaak als wereldmuziek bestempeld. “Zelf heb ik die term vroeger ook wel gebruikt, omdat de muziekindustrie nu eenmaal van je verlangt dat je je werk labelt en in een bepaalde categorie plaatst. Maar ik geloof dat mensen nu beginnen te begrijpen dat het zo eigenlijk niet helemaal oké is.” Wat Ozferti betreft, zou je op z’n minst de regio kunnen specificeren. “Alleen al de elektronische muziek van Ethiopië is heel anders dan die uit de rest van Afrika – want ja, ook in Afrika bestaat een grote electroscene.”

DJ en producer Rokia Bamba heeft er ook een duidelijke mening over. “Ik ben erop tegen om muziek in hokjes te plaatsen, en eigenlijk alles wat de muziekindustrie aan artiesten op wil leggen. Iets in genres categoriseren doet geen recht aan wat het echt is.” Wat haar betreft kunnen we beter spreken van muzikale ‘ontwikkelingen’ in plaats van genres, en moeten we niet vergeten hoezeer ze met elkaar verbonden zijn. “Rock komt voort uit blues, maar ze worden als wezenlijk andere genres gezien.”

Rokia heeft moeite met het labelen van genres, maar met de term ‘wereldmuziek’ nog meer. Ze zegt dat dit begrip is bedacht door platenmaatschappijen vanuit commerciële doeleinden: de verkoop van niet-westerse muziek aan een westers publiek. Al deze verschillende soorten muziek hebben echter hele verschillende kenmerken, die soms nauw verbonden zijn aan een bepaalde cultuur, boodschap of traditie. “Er bestaat ook veel muziek met een verhaal erachter,” zegt ze. “Ik heb zelf Malinese en Ivoriaanse roots, en in onze cultuur heb je bijvoorbeeld griotten _[een_ dichter, lofzanger of muzikant die tradities doorgeeft aan volgende generaties, red.]. Er zijn bepaalde instrumenten die aankondigen dat zijn verhaal gaat beginnen.” En dit soort verhalen laat je vervagen als je al die muzieksoorten op één hoop gooit.

Oorsprong van de term

Hoogleraar etnomusicologie Carl Rahkonen definieerde wereldmuziek als “een algemene term voor muziek die geen deel uitmaakt van de belangrijkste hedendaagse westerse stromingen zoals pop, rock, klassiek, jazz, rap en elektronische muziek, en die etnische of traditionele componenten bevatten.”

Vervolgens begon er ook muziek onder te vallen die een mix is tussen dit soort ‘traditionele’ muziek en meer westerse, een beetje zoals wat Ozferti maakt. Maar dat maakt de definitie er niet bepaald duidelijker op en zorgt vooral voor verwarring: artiesten die oude tradities met zich meedragen worden op hetzelfde hoopje gegooid als muzikanten die vooral de globalisering als ‘erfgoed’ hebben.

De term is bedoeld om westerse muziek, zoals pop en rock, van niet-westerse muziek van elkaar te onderscheiden. Rokia wijst er echter op dat deze stijlen lang niet allemaal ook echt volledig uit het westen komen. “Laten we niet vergeten dat rock van de blues komt, en dus voortkomt uit de slavernij. Dat heeft deze ritmes voortgebracht, zoals gospel in de kerk werd gezongen om de mensen moed te geven. En elektronische muziek wordt ook vaak als puur westers gezien, maar toen Kraftwerk opkwam ontstond het tegelijkertijd ook in Kenia en Ethiopië. Alleen heeft niemand het daarover.”

Er is een grote kans dat de Britse muzikant Peter Gabriel een rol heeft gespeeld in het ontstaan van de term, aangezien hij een van de eerste artiesten was die het in zijn eigen producties gebruikte en dit promootte met zijn platenlabel Real World. Ozferti denkt in ieder geval dat de term daarvandaan komt. “Ik was toen nog jong, maar herinner me dat hij met artiesten samenwerkte waar Europeanen nog nooit van gehoord hadden, met bijvoorbeeld religieuze Pakistaanse muziek.” 

Of dat klopt of niet: het zal niet Gabriels intentie zijn geweest om respectloos om te gaan met deze artiesten en hun muziek, die hij juist in het zonlicht wilde zetten. Rokia beaamt dat labels als Real World, Crammed Discs en World Circuit Records ook veel hebben opgeleverd. Maar dat neemt niet weg dat Indiase, Noord-Afrikaanse en Zuid-Afrikaanse muziek hierdoor allemaal in hetzelfde hokje werden gedreven.

Geen erkenning

Wanneer stijlen uit andere werelddelen worden gebruikt – of het nou om samplen of het doorverkopen van platen gaat – is het ook belangrijk dat de juiste mensen daarvoor beloond worden. Verdienen de ‘traditionele’ artiesten wel wat ze horen te verdienen? Hoeveel is hun muziek eigenlijk precies waard?

Wat Rokia betreft, is naamsvermelding en betalen voor de rechten het minste wat je kunt doen – je maakt  immers gebruik van het werk van een ander. Maar hoe logisch dat ook klinkt, het gaat in de praktijk vaak anders. “Serge Gainsbourg gebruikte voor Couleur Cafe en zijn hele album een hoop Afrikaanse muziek, maar gaf de artiesten helemaal geen credits. Het is gewoon business. Er is wel toegegeven dat Michael Jackson voor Wanna Be Startin' Somethin' gebruikmaakte van Soul Makossa van Manu Dibango, maar dan heb je het over de grote namen. Het is de vraag of veel artiesten überhaupt wel weten dat hun muziek wordt gebruikt.”

Als witte producer die ‘wereldmuziek’ maakt, voelt Ozferti zich soms wat ongemakkelijk ten opzichte van andere producers. “Sommigen maken er massaal gebruik van en doen niks aan copyright. Wij doen ons best om iedereen te betalen wat ze horen te krijgen. Er zijn er ook die dat niet zoveel boeit, dat is vervelend.”

Zelf wordt Ozferti nog weleens beticht van culturele toe-eigening, aangezien hij gebruikmaakt van Ethiopische muziek. Maar hij probeert er respectvol mee om te gaan en is er oprecht geïnteresseerd in. Zijn laatste album Solarius Gamma werd ook in Ethiopië opgenomen, met Ethiopische muzikanten. “Ik ben al jaren geïnteresseerd in de Ethiopische muziek en cultuur. Ik doe mijn research en weet waar ik mee bezig ben.” En nogmaals: zo vanzelfsprekend is dat niet. “Sommige producers voegen gewoon wat samples toe aan een technonummer, zonder zelf op de plek te zijn geweest waar het vandaan komt, en te weten wat daar gebeurt. Ik vind dat we wel wat verder mogen gaan dan dat.”

Ook Rokia is graag ter plaatse. “Er zijn miljoenen artiesten in Afrika, je hoeft er alleen heen te gaan en eentje te kiezen, bij wijze van. Ik ga zelf het liefst naar de bron, of vraag het aan vrienden of familieleden die naar Benin, Mali of Ivoorkust gaan. En voor wie deze luxe niet heeft: er zijn veel radiostations die podcasts delen, waar je een hoop kunt vinden zonder afhankelijk te zijn van platenmaatschappijen.”

Exotisch is leuk, maar ook weer niet te veel

Hier en daar een oriëntaals deuntje of afro-tintje toevoegen is één ding, maar de westerse wereld raakt na een bepaald punt ook verzadigd. Ozferti merkt dat met name in de elektronische muziek, waarin invloeden uit het Midden-Oosten en Noord-Afrika de laatste tijd hun intrede doen – vooral sinds de opkomst van Acid Arab. “Als er technoklanken in zitten en het een beetje mixbaar is voor een dj is het prima, maar als het veel traditioneler wordt hoeven mensen er minder van te hebben,” zegt hij. “Dat is ergens best hypocriet, want je pretendeert open te staan voor een andere cultuur, maar bent niet écht open.”

“De liedjes van Bob Marley zijn aangepast door zijn Londense manager, zodat het westerse publiek er makkelijker naar kon luisteren,” voegt Rokia toe. “Terwijl het origineel juist zo bijzonder was.”

Het promoten is dan ook een stuk ingewikkelder, zegt Ozferti. “En dat is jammer, want het zou echt een verrijking zijn voor het muzikale landschap. Er zijn heus wel bands die aan de weg timmeren, maar bekendheid vergaren is nog een tweede.”

Wat gelukkig wel wat lijkt te veranderen, is dat de term wereldmuziek steeds meer vragen oproept – bij de kenners althans. Want het is mooi dat al deze muzikale ontwikkelingen samenvloeien en al die muziek wordt gedeeld, maar we moeten niet vergeten waar het vandaan komt.

Volg Ozferti en Rokia Bamba op Instagram.

Tagged:België