We spraken Ronald Giphart over hoe hij zijn nieuwe werk samen met AI maakte
Alle foto's door Kas van Vliet

We spraken Ronald Giphart over hoe hij zijn nieuwe werk samen met AI maakte

“Soms waren er vondsten waarbij ik het gevoel had als een jager achter een taalgnoe aan te rennen.”
1.11.17

Als mens en machine samenwerken aan een tekst, wie is er dan verantwoordelijk voor de poëzie die uit die samenwerking voortkomt?

Ronald Giphart, de schrijver van onder meer Phileine zegt sorry, werd gevraagd om met een computerprogramma (Asibot) samen te werken om zo een extra hoofdstuk te schrijven voor Ik, Robot, de SF-klassieker van Isaac Asimov. Deze versie van het boek, dus inclusief het door Giphart en Asibot geschreven hoofdstuk, is vanaf vandaag gratis op te halen bij alle bibliotheken in Nederland in het kader van de Nederland Leest-campagne van het CPNB.

Advertentie

Ik, robot is oorspronkelijk in 1950 gepubliceerd en is een zeer invloedrijk geweest binnen en buiten de science fiction - het feit dat we het woord 'robot' gebruiken op de manier waarop we dat doen is deels te danken aan Asimov. Het boek staat vol verhalen over mensen die het in een toekomstige samenleving moeten rooien met robots. Hoe gaan ze om met die overal aanwezige machines? Hoe gaan die machines met de mens om? Hoe invoelend moet een machine zich gedragen voor je het apparaat een ziel kunt toedichten? Hoe zit het met het voelen van empathie voor de machine? Zoals het goede scifi betaamt gaan deze verhalen rechtstreeks over de wereld waar wij zelf in leven. Dat het ook de gelijknamige wanstaltige film met Will Smith voortbracht nemen we maar op de koop toe.

Het aan deze publicatie toegevoegde hoofdstuk van Giphart en Asibot is een schot in de roos. Het gaat over – waarschijnlijk – een mens die zich paranoïde afvraagt wie om hem heen robots zijn en wie niet. De wereld waarin dit personage leeft is bevolkt door robots, die het de mensheid niet langer toestaan zichzelf pijn te doen. Daarom hebben ze op allerlei terreinen de touwtjes in handen genomen en is het de vraag of de mens zichzelf nog kan zijn.

Alle foto's door Kas van Vliet

Het verhaal staat vol bizarre zinnen en mooie vondsten, beginnende bij de titel: "De robot van de machine is de mens". Door de tekst heen staan meer vreemde uitdrukkingen ("Ik wil dat ik moreel op mijn tenen kan lopen") en zinnen ("het is een kwestie van de voorzichtigheid"), die vaak door robots worden uitgesproken. Er staat ook een mooie vondst in: doordat robots de mensheid tegen zichzelf in bescherming nemen zullen mensen eindigen in de "Optimaal Veilige Plek", een "positronomgeving, waar de televisie constant aanstaat, aanhoudend kan worden gecommuniceerd met andere mensen, temperatuur en voeding permanent worden gereguleerd […] en de geest voortdurend wordt gevoed." Het is deels Black Mirror, deels Brave New World en deels Wall-E. Maar doordat je weet dat de tekst is geschreven door mens en machine, is het voor de lezer een boeiende speurtocht door de tekst, die daardoor op meerdere lagen werkt.

Bij de persdag ter promotie van de actie, vorige week in Utrecht, toonden Giphart en taal- en computerwetenschapper Folgert Karsdorp (die is verbonden aan het Meertens Instituut) hoe dit soort zinnen tot stand zijn gekomen. Karsdorp: "Het CPNB benaderde ons met de vraag of een computer een heel verhaal kan schrijven. We vertelden dat we best een bot 8000 woorden konden laten schrijven, maar we konden zeker niet garanderen dat die coherent zouden zijn. Het leek ons dan leuker om de samenwerking met een auteur aan te gaan, om zo een co-creatie te maken."

Giphart laat zien hoe het werkt. Hij tikt een paar woorden in op het programma dat op de laptop draait – "De lezers van Vice vonden" – en het programma geeft een aantal opties aan om de zinnen aan te vullen. We kunnen kiezen uit: "De lezers van Vice vonden dat de prijs voor het menselijke brein niet zo gemakkelijk te bepalen was. Toen de lezing voltooid was, kwam", of: "De lezers van Vice vonden dat een van de eerste mogelijkheden een gevoel van triomf was te bezitten. Het was een karwei dat ze zich maar."

Giphart: "Het programma heeft zo'n 10.000 boeken gelezen en berekent per letter wat de logische volgende zou kunnen zijn." Met die dataset – waarvoor boeken van onder andere Gerard Reve, Giphart zelf en Kristien Hemmerechts zijn gebruikt – is een waarschijnlijkheidsmodel gemaakt. Als je een letter intypt, gaat het programma berekenen wat een 'logische' volgende letter zou kunnen zijn. Per woord gaat het nog niet, dat zou te veel rekenkracht kosten, vanwege de vele mogelijkheden die het op zou leveren.

Advertentie

Ikzelf was een poosje bovenmatig geïnteresseerd in kunstmatige intelligentie en las toen iets over willekeur en oneindigheid. Als je een aap oneindig lang willekeurige aanslagen op een toetsenbord zou laten maken, is het onvermijdelijk dat die aap op den duur ook alle werken van Shakespeare produceert. Met dat gegeven in het achterhoofd schreef ik een programmaatje dat willekeurige letters, spaties en leestekens produceerde, en dat liet ik toen lopen. Kwam er iets moois uit? Iets zinnigs? Ik herinner me dat ik uit de pagina's lange woordenbrij vooral lidwoorden haalde, en een enkel kort zelfstandig naamwoord. Ik maakte een klein gedichtje van die oogst (ik kan het niet terugvinden) en besloot dat oneindigheid mij te lang duurde.

Ik vertel dit verhaal tussendoor omdat ik me afvroeg wie nu precies verantwoordelijk was voor de poëzie in Gipharts verhaal. Die vondst van de Optimaal Veilige Plek bijvoorbeeld, hoe zit dat? "Ja, dat heb ik zelf bedacht," vertelt hij. En ook de lijn van de rest van het verhaal is van hem afkomstig. "Kijk, ik had een deadline, en op die dag moest er een verhaal liggen waar mijn naam bij komt te staan. Dus dan moet het goed zijn." Wel waren er momenten van poëzie voor hem. "Soms waren er vondsten, dat je zinnen leest en die stoot van endorfine krijgt die iedere schrijver kent. Dat je het gevoel hebt als een jager achter de taalgnoe aan te rennen."

Het experiment met de bot werkt in dit geval goed omdat de soms wat vreemde zinnen thematisch kloppen met de rest van het verhaal. Maar zou Giphart deze bot altijd gebruiken om samen mee te schrijven? "Kijk, het is een tool," zegt hij. "Je hebt een piramide, met drie punten: de schrijver, het kunstwerk en het publiek. Ik hou er als schrijver van woorden te zoeken voor gevoelens, voor dingen die me dwarszitten. Toen mijn jongste zoon geboren werd was hij heel erg ziek. Dus toen heb ik een verhaal geschreven over hoe het was toen hij gereanimeerd moest worden. Dat was echt een dieptepunt in mijn leven. Dat kan ik alleen schrijvend vormgeven. Geen computer die me daarbij kan helpen. Maar het kunstwerk zelf, hoe je dat maakt: daar kan het computerprogramma bij helpen. Ik hou van experimenten waarbij we tekst op alternatieve manieren produceren."

De waarde van de bot en het onderzoek zit hem er nu vooral in dat het algoritme duizenden boeken heeft gescand en dat die dataset is opgeslagen. Het is daarom interessant om te zien wat er zal gebeuren als het algoritme wordt vrijgegeven voor publiek gebruik, en wat mensen er zelf voor zinnen uit zullen halen. De taalvondsten die het algoritme uiteindelijk nu produceert zijn eigenlijk precies dat: vondsten, geen creaties. En de vinder is Giphart. Conclusie: leuk experiment, Giphart goede schrijver, macht aan de lezer.

Het boek Ik, robot is nu in alle bibliotheken in Nederland gratis af te halen. Doen hoor! Is echt een aanrader. Vanaf 6 november kan iedereen zelf een verhaal proberen te schrijven met de literaire robot via www.nederlandleest.nl en www.asibot.nl . Half november wordt overigens bekend gemaakt welke delen van de tekst door Giphart zelf, en welke delen door de computer zijn geschreven.