Sports

Hoe Lassina Traoré het schopte van Burkina Faso tot Ajax

"Onana is als een oudere broer voor me."

door Sam van Raalte; foto's door Björn Martens
23 oktober 2019, 6:35am

“I love pindakaas!”, zegt Lassina Franck Traoré. Hij pakt de pot vast en geeft er een dikke kus op. We zitten in de kantine van De Toekomst. In een eerder interview met AjaxTV vertelde Traoré begin dit jaar dat hij van pindakaas houdt, dus heb ik een potje voor hem meegenomen om het ijs te breken. “Heel erg bedankt,” zegt Lassina, en hij zet de pot tussen ons neer op tafel. Hij kijkt er een poosje verliefd naar.

Lassina was ruim drie kwartier te laat voor het interview. Hij was de afspraak even vergeten na een teambespreking van Jong Ajax. Kan gebeuren – ik kon ook niet zo goed plannen toen ik achttien jaar was. Hij is er nu, na een belletje van de perschef van Ajax. Naast de pot pindakaas ligt de telefoon van Lassina. Er komen non-stop appjes binnen. “Lassina!”, roept iemand vanaf de andere kant van de kantine. Het is André Onana. Hij zwaait, steekt lachend zijn middelvingers op en loopt door. Lassina moet erom lachen. “André is mijn vriend,” zegt hij. “Als ik André zie, voel ik me alsof ik in Afrika ben, in Bobo-Dioulasso met mijn vrienden.”

1571811648050-2019-10-17-Lassina-Traore-Bjorn-Martens-0036

Lassina draagt een zwarte Adidas-trui, heeft een sikje en draagt zijn haar in korte dreads. Hij heeft een rustige, vriendelijke uitstraling. Het is de afgelopen tijd snel gegaan met zijn voetbalcarrière. Iets meer dan twee jaar geleden speelde hij nog in Burkina Faso, in de jeugdopleiding van Rahimo FC. “Ik voetbalde daar vooral zonder voetbalschoenen,” vertelt Lassina. “Zo voel je de bal beter en ontwikkel je een goede techniek. Het is voor kinderen in Burkina Faso ook niet altijd makkelijk om aan voetbalschoenen te komen, daarom was het de regel van Rahimo FC om in de jeugd allemaal zonder schoenen te spelen. Ook als de tegenstander wel op schoenen speelde, liepen wij op blote voeten.”

Lassina vertelt er trots over. Hij groeide op in Bobo-Dioulasso, in een echte voetbalfamilie. Zijn vader, Temany, heeft er een voetbalschool en zijn neef Bertrand speelde eerder voor Ajax. Ook Lassina’s moeder, Kadi, speelde op hoog niveau. Op haar is hij het meest trots. “Ze was de aanvoerder van het nationale elftal,” vertelt hij. “Ze was de beste van het land. Maar het was niet makkelijk voor haar. Mijn opa wilde niet dat ze voetbalde, dan werd hij boos, dus ze moest altijd stiekem naar de trainingen en wedstrijden. Haar voetbalkleren lagen dan bij vriendinnen. Die haalde ze onderweg op.” Lassina en zijn moeder trappen nu samen weleens een balletje, als hij haar opzoekt in Parijs.

Toen Lassina zeven jaar was, verhuisde zijn moeder van Bobo-Dioulasso naar Parijs. Daar ging ze werken als verpleegster. Lassina: “Vanuit Parijs probeerde ze ons te helpen door geld op te sturen. Daardoor ben ik opgegroeid in een gemiddelde wijk in Bobo-Dioulasso, we hadden het niet heel slecht.” Na het vertrek van zijn moeder werd hij vooral opgevoed door zijn oma, Mariam. Als Lassina over haar vertelt, krijgt hij een grote glimlach op zijn gezicht. “Ze gaf me altijd snoep, ook als mijn vader zei dat het niet mocht. Dan verstopte mijn oma het en kreeg ik het later alsnog. Als ik ‘s avonds stiekem de deur uit was geweest, klopte ik op haar raam. Dan deed ze de deur voor me open.” Mariam overleed toen Lassina elf was, waarna hij alleen met zijn vader overbleef.

1571815552617-80edaa46-5f19-4906-ab7e-af8db7ae4f5c
Lassina met zijn moeder Kadi en twee halfzusjes. (Foto via Lassina Traoré)

Rahimo FC, de club waar Lassina in Burkina Faso speelde, is opgericht en wordt gerund door Rahim Ouedraogo. Hij speelde in Nederland voor FC Twente, PEC Zwolle, Heracles Almelo en FC Emmen. Ouedraogo probeerde Lassina al jong naar Ajax te brengen, maar door de FIFA-reglementen kon hij niet meteen vanuit Burkina Faso naar Ajax komen. Ajax Cape Town werd de tussenstap. Lassina was zestien toen hij van Bobo-Dioulasso naar Kaapstad verhuisde. Voor die overstap trainde hij hard, dit keer wel op voetbalschoenen. In Kaapstad werd hij opgevangen door Hans Vonk, het hoofd van de jeugdopleiding van Ajax Cape Town. Lassina werd er in een gastgezin geplaatst, bij de familie De Faria.

“Bij Ajax Cape Town leerde ik voor het eerst echt witte mensen kennen,” vertelt hij. “Mijn gastouders waren Luis en Lina de Faria. Na een paar dagen had ik al wel door: deze witte mensen zijn geweldig. Lina was als een moeder voor me. Ze gaf me alles wat ik nodig had. In het begin hadden we wel soms ruzie, maar dat was mijn schuld. Ik zette de muziek van mijn favoriete dj, DJ Arafat uit Ivoorkust, altijd keihard. Dat was ik gewend in Burkina Faso. Ik wist niet dat ik dan geen respect had voor andere mensen. Ik ging ook veel te laat naar bed. Lina en Luis hebben me toen geleerd hoe je je hoort te gedragen als je profvoetballer wil worden.”

Lassina moest in Kaapstad ook een nieuwe taal leren. Hij sprak alleen Frans en moest Engels leren. Zijn teamgenoten spraken in de kleedkamer vooral Afrikaans en Zoeloe. Zij leerden hem eerst de scheldwoorden. “Ik hoorde de jongens vaak ‘jemasepoes’ zeggen, dus dat nam ik over,” zegt hij gniffelend, alsof hij dit eigenlijk niet mag vertellen. “Tijdens een wedstrijd maakte de scheidsrechter een keer een fout. ‘Jemasepoes!’, riep ik naar hem. De scheidsrechter gaf me meteen een gele kaart. Mijn teamgenoten moesten heel hard lachen. ‘Jemasepoes’ bleek ‘de poes van je moeder’ te betekenen. Dat heb ik daarna nooit meer gezegd tegen een scheidsrechter.”

1571811680542-2019-10-17-Lassina-Traore-Bjorn-Martens-0026

Dan onderbreekt Lassina het interview kort. Hij wil even appen met zijn moeder. Ze heeft hem een paar berichten gestuurd en hij wil weten wat er aan de hand is. Gelukkig is het niet dringend, ze wil gewoon even weten wat hij aan het doen is. Lassina typt zorgvuldig een antwoord naar zijn moeder, en stuurt haar een foto van mijn audiorecorder die op tafel ligt. Als ze op de hoogte is van de situatie, legt hij zijn telefoon weer neer.

We praten verder over zijn tijd bij Ajax Cape Town. Sportief ging het daar als een trein met Lassina. Hij scoorde veel in de jeugd, ook tijdens een trainingskamp in Nederland. Eind vorig jaar, vlak nadat Ajax thuis met 3-3 had gelijkgespeeld tegen Bayern München, kreeg Lassina te horen dat hij die winterstop definitief naar Ajax mocht komen. Hij kocht meteen afscheidscadeaus voor zijn gastouders. Lina kreeg een paar schoenen, Luis een bos bloemen. Lassina vloog naar Amsterdam, tekende er een contract voor drieënhalf jaar, en mocht mee op trainingskamp naar Florida. Daar werd hij aan tafel gezet met Dusan Tadic en Klaas-Jan Huntelaar, die zich over hem ontfermden. “Het was alsof ik hun baby was,” zegt Lassina. “Dusan is heel lief. Hij vraagt me nog steeds de hele tijd of alles goed gaat.”

Als pure spits was Lassina in eerste instantie echter vooral onder de indruk van Huntelaar. “Na die eerste maaltijd ging ik meteen naar mijn hotelkamer. Daar ben ik op YouTube alle goals van Klaas-Jan gaan kijken. Ik kon het niet geloven dat ik net met hem aan tafel had gezeten. Ik zag hem als jonge speler bij AC Milan spelen met Ronaldinho, Kaká en Seedorf.” Bij de volgende maaltijd had Lassina wel meteen een grote mond toen Huntelaar hem vroeg of hij ook FIFA speelde. “Ja,” zei Lassina. “Ik speel met Ajax, maar ik ga jou verkopen, want je bent oud. Dan koop ik mezelf, en hou ik nog wat geld over.” Huntelaar moest daar volgens Lassina om lachen en antwoordde: “Ik zorg dat ik over een paar jaar hoofdtrainer van Ajax ben. Dan stuur ik jou terug naar Burkina Faso.”

Dat eerste trainingskamp maakte Lassina meteen aardig wat minuten. Bij Ajax trekt hij nu ook veel op met Hassane Bandé, die hij nog kent uit Burkina Faso. Bandé speelde daar in de jeugd voor Salitas, een grote rivaal van Rahimo FC. Maar het meest gaat Lassina nu om met André Onana. Dat blijkt ook halverwege het interview, als Onana de kantine weer binnen komt lopen. Hij wordt nu gevolgd door een Franse filmploeg en wil zijn maatje Lassina laten zien. Onana geeft me eerst netjes een hand en richt zich dan snel op Lassina. Met een gebalde vuist slaat hij Lassina drie keer keihard op zijn rechterschouder. Lassina trekt een pijnlijk gezicht, waar Onana om moet lachen. Dan geeft Onana hem een knuffel en vertelt de keeper aan de Franse cameraploeg over Lassina, terwijl ze elkaar blijven knuffelen.

Ik spreek geen Frans, dus ik versta er niks van, maar het ziet er lief uit. De twee maken nog snel een babbeltje, dan gaat Onana er vandoor met zijn filmploeg. “Onana heeft me hier laten zien hoe alles werkt,” vertelt Lassina als de keeper weg is. “Hij heeft me de hele stad laten zien en nam me mee naar IJburg, daar hebben we over het water uitgekeken.” Het is fijn voor Lassina om die Afrikaanse connectie te hebben. Dat gevoel mist hij soms wel in Nederland. “In Burkina Faso ken je al je buren en hun slaapkamers. Je kunt gewoon langskomen, met ze eten, daar douchen als je wil, een dutje doen. Wie weet ga je de volgende dag pas naar huis. Dat was in Zuid-Afrika al iets anders, en hier in Amsterdam al helemaal. Iedereen is druk aan het werk, gaat thuis snel slapen. Bij André heb ik wel dat vertrouwde gevoel. Hij is als een oudere broer voor me.”

Gelukkig is er in Nederland wel pindakaas. Aan de Nederlandse soep moest Lassina wel wennen. In Burkina Faso is soep altijd bouillon met vlees erin en brood erbij, vertelt hij. “Toen ik in de winter naar Nederland kwam en soep bestelde, kreeg ik een bakje met een dikke groene soep. ‘Wat is dit? Dit kan ik toch niet drinken?’, vroeg ik. Het was erwtensoep of zo. Dat was ik niet gewend.” Met Bandé en Onana gaat hij weleens naar een Afrikaans restaurant in de Bijlmer, of ze pakken een actiefilm in de bioscoop. Als het even kan, pakt Lassina de Thalys naar Parijs, om zijn moeder te zien. Zij wacht hem dan op op het perron. Daarna gaan ze samen de stad in en eten ze hun favoriete Afrikaanse gerecht: attiéké, een soort rijst gemaakt van cassave.

Lassina’s moeder Kadi heeft in Parijs met een nieuwe man twee jonge dochters, waar Lassina veel van houdt. Zijn moeder kan hij nu ook financieel steunen als het nodig is. Ze woont volgens hem in een goed appartement in Parijs. Ik vraag hem wat hij verder met zijn geld doet, nu hij bij Ajax speelt. “Als je uit Afrika komt, verdien je nooit genoeg,” antwoordt hij lachend. Hij zorgt nu voor zijn hele familie in Burkina Faso. De rol die zijn moeder vroeger op zich nam vanuit Parijs, heeft hij nu ook op zich genomen. “Ik betaal bijvoorbeeld school voor neven en investeer in huizen voor familieleden. En mijn vader rijdt nu in een Ford Mustang.”

1571811892232-2019-10-17-Lassina-Traore-Bjorn-Martens-0028

Tot nu toe gaat het op sportgebied prima met Lassina bij Ajax. Afgelopen seizoen maakte hij in veertien wedstrijden voor Jong Ajax acht goals en leverde drie assists. Dit seizoen staat de teller na elf wedstrijden op negen goals en drie assists. Tijdens zijn debuut in het eerste elftal wist hij vorig seizoen nog bijna te scoren, maar meer dan die paar minuten maakte hij nog niet in Ajax 1. Dat is nu het doel, meer spelen in het eerste elftal. “Dat zit in mijn hoofd,” zegt hij met een serieus gezicht. “Ik wacht op die kans. Als ik me hier goed blijf voelen, kan ik hier mijn hele carrière blijven, zeker als Ajax op zo’n hoog niveau blijft spelen. Maar eerst moet ik het eerste team halen.”

Als het interview erop zit, pakt Lassina zijn pot pindakaas en geeft er nog een kus op. “Bedankt he, ik ben er echt blij mee,” zegt hij. Hij trekt zijn jas aan en pakt zijn telefoon. Voor de ingang van De Toekomst wacht een Amsterdamse taxichauffeur waarmee Lassina bevriend is geraakt, die rijdt hem nu vaak door de stad heen. Maar die taxichauffeur moet nog even wachten: als Lassina zijn jas aan heeft, appt hij eerst zijn moeder hoe het interview is gegaan. Pas als zijn moeder op de hoogte is, stapt hij achterin de taxi. Lassina zwaait nog een keer en rijdt dan Amsterdam in.

1571811915591-2019-10-17-Lassina-Traore-Bjorn-Martens-0022

-

Naast onze geschreven verhalen en video's hebben we nu ook een podcast: De Wereld van VICE Sports. De afleveringen zijn hier te luisteren bij Apple of hier op Spotify:

Tagged:
ajax
afrika
voetbal