Berlijn in een sluitertijd van honderd jaar

Tijdens het 'Century Camera'-project zullen honderd camera's verspreid over de stad de komende eeuw gaan vastleggen.

|
05 juni 2014, 12:06pm


Verandering is altijd en overal om ons heen, en toch merken we het zelf maar zelden op. Toen ik jong was kreeg ik bijvoorbeeld regelmatig van mijn grootmoeders te horen hoeveel ik “wel niet gegroeid was.” Het was iets dat alleen hen opviel. Zij zagen me een aantal keer per jaar met een verschil van een paar centimeter door de deur komen lopen. Maar mijzelf, en mijn ouders, viel het eigenlijk nauwelijks op.

Ook als je na een lange tijd weer in een stad komt, valt je pas echt op wat er allemaal wel niet veranderd is. Vaak veel meer nog dan iemand die dagelijks door al die veranderingen heenloopt. Voor hen is de voortdurende verandering een onopvallende vanzelfsprekendheid - de rivier stroomt nu eenmaal. Daar wil experimenteel filosoof en kunstenaar Jonathan Keats nu verandering in gaan brengen. Afgelopen maand ging op 16 mei in Berlijn zijn "Century Camera"-project van start, een ambitieus plan waarin honderd speciale pinhole camera's verspreid over de stad de komende eeuw in beeld gaan vastleggen. 


Enkele van de honderd pinhole camera's die straks door Berlijn verspreid gaan worden.

De camera's van Keats hebben een 'sluitertijd' van honderd jaar en werken op het principe van een camera obscura. Wanneer de zwarte sticker van het doosje wordt getrokken, vormt zich een klein gat of lens en begint de blootstelling. Het invallende licht valt op de andere zijde van het doosje op een zwart stuk papier, dat door de lichtinval tijdens de komende decennia zal verbleken. Het resultaat is een unieke afbeelding dat laat zien hoe de locaties door de tijd heen zijn veranderd. 

Voor een borg van tien euro kun je een van de camera's aanschaffen en ben je vervolgens vrij hem ergens in de stad te plaatsen. Als in mei 2114 de honderd jaar verstreken zijn, is het idee dat de eigenaars van de camera's, of, iets waarschijnlijker, hun nageslacht, de camera's weer opsporen en terugbrengen naar de kunstgallerij Team Titanic (ervan uitgaande dat die dan nog bestaat natuurlijk). Bij het inleveren ontvang jij of je (klein)kind de tien euro weer terug. Daarnaast, en nog belangrijker dan die schamele en bovendien compleet waardeloze "euro's," zullen de gecombineerde afbeeldingen die via de pinholes zijn gemaakt een documentatie zijn van hoe Berlijn in de komende eeuw gaat veranderen. 


Zo zag de Alexanderplatz er een eeuw geleden nog uit.

"We zijn niet natuurlijk geprogrammeerd om te zien hoe verandering in een stad plaatsvindt," vertelt Keats aan FastCompany. "Ik wilde die verandering opmerken en observeren - om intelligenter na te kunnen denken wat er van een stad waarin we leven verwordt.” 

Hoe de foto’s er uiteindelijk uit zullen gaan zien, is dus nog wel even wachten. De eeuw moet immers nog plaatsvinden. Ik stel me meteen voor dat iemand heel dwars gewoon zestig jaar voor zijn of haar pinhole camera blijft staan, maar nu ik erbij nadenk acht ik de kans dat iemand dit in zijn hoofd haalt niet erg waarschijnlijk. Het gebrek aan mensen, en het feit dat degenen die de camera's neerzetten niet de mensen zullen zijn die de foto's uiteindelijk te zien krijgen, verplaatst het menselijke aspect van de mens naar de stad.

Het project past daarbij ook perfect bij het idee van de stad: we leven er vaak bijna een eeuw lang in zonder onze individuele sporen terug te zien. Pas als je terug in de tijd kan kijken, door de hulp van generaties die voor je hebben geleefd, krijg je een idee hoe de stad is veranderd en met haar inwoners is meegegroeid. Misschien dat onze kleinkinderen na het bekijken van honderd jaar geschiedenis in één foto straks kunnen zeggen: "Berlijn, wat ben je groot geworden."