Tech by VICE

Hoe politici taal gebruiken om onze privacy in te perken

Het is geen nieuws dat politici aan framing doen om hun plannen te verkopen. Wel is het goed om er wat beter bewust van te worden.

door Andrea Speijer-Beek
02 februari 2017, 10:55am

Het is geen nieuws dat politici aan framing doen om hun plannen te verkopen. Tot op zekere hoogte hoort dit gewoon bij politiek, of we het leuk vinden of niet. Wel is het goed om er wat beter bewust van te worden, zeker als het gaat om onderwerpen die ons direct raken, zoals privacy en veiligheid.

De moeder aller veiligheidseufemismen is nog altijd de Amerikaanse USA PATRIOT Act. Een acroniem van heb-ik-jou-daar. De afkorting komt van 'Uniting and Strengthening America by Providing Appropriate Tools Required to Intercept and Obstruct Terrorism Act.'

Het doel van een wet zo'n naam geven is niet (alleen) het tot tranen bewegen van stenografen, maar vooral het lastiger maken voor de oppositie om tegenwicht te bieden. Hoe kun je als patriot nu tegen een wet zijn die in de titel heeft het Verenigen en Versterken van Amerika? En wat kun je in godsnaam hebben tegen 'Appropriate Tools'?

Wat natuurlijk niet werd verteld, maar we nu dankzij Snowden wel weten, is dat onder 'Appropriate Tools' door geheime diensten werd verstaan 'al het internetverkeer onderscheppen en doorzoekbaar maken', inclusief persoonlijke chat- en e-mailberichten.

Ook in Nederland zien we deze tactiek terug, met name in de discussie over de gespannen verhouding tussen individuele vrijheid en nationale veiligheid.

Evelyn Austin van Bits of Freedom beschreef stap voor stap hoe politici het privacydebat eufemiseren. Wij vroegen haar om meer voorbeelden en werden niet teleurgesteld. Zo vertelde Austin dat het hackvoorstel, officieel de Wet Computercriminaliteit III geheten, eerst de 'terughackwet' werd genoemd. Alleen had de wet helemaal niets te maken met het 'terughacken' van cybercriminelen, maar ging het om meer bevoegdheden voor de politie om te hacken.

Ronald Plasterk probeerde iets soortgelijks met de sleepnetwet die binnenkort het onderwerp zal zijn van een plenair debat. Austin verwijst naar een interview met Plasterk, waarin hij zich verzet tegen de accurate term 'ongerichte interceptie.' De burger zou immers kunnen denken: maar wacht, dat klinkt wel heel erg hetzelfde als wat de NSA doet. Plasterk staat daarom op het eufemistische gedrocht 'onderzoeksopdracht gerichte interceptie'.

Waar het kabinet gevoelige concepten zo voordelig mogelijk wil afschilderen, heeft de oppositie natuurlijk het tegenovergestelde doel.

Het voorbeeld dat hij in het interview noemt? 'Straks zouden de geheime diensten bijvoorbeeld voor een bepaalde periode al het internetverkeer tussen Nederland en Syrië kunnen afluisteren en doorzoeken.' Austin: "Syrië, hoor ik je denken, dan is het goed. (Grapje, maar daar hoopt Plasterk natuurlijk wel op.)" Syrië is natuurlijk zorgvuldig gekozen om een reactie bij de luisteraar teweeg te brengen, 'Syrië, brr dat is eng, oké, dan mag het.'

Hoewel kritiek op termen opzettelijk verpakken in eufemismen (ook wel bekend onder de term doublespeak – een hybride van de concepten 'doublethink' en 'newspeak' die George Orwell in 1984 introduceert) hout snijdt, maken de criticasters zich er net zo goed schuldig aan. Hun dysfemismen zijn vaak een spiegelbeeld van de eufemistische schoonspraak die door politici wordt gebezigd. Waar het kabinet gevoelige concepten zo voordelig mogelijk wil afschilderen, heeft de oppositie natuurlijk het tegenovergestelde doel.

Voorbeelden van het gebruik van dysfemismen zijn mijn term 'eufemistisch gedrocht' die ik hierboven heb laten vallen en het artikel van Bits of Freedom tegen de door Plasterk voorgestelde wetswijzigingen: 'Plasterk wil onschuldige burgers massaal tappen met sleepnetwet'. Het benadrukken van 'onschuldige' burgers maakt de kop sturend. Alsof Plasterk de wetswijziging voorstelt omdat hij specifiek onschuldige burgers wil aftappen.

Plasterk vindt dat hij juist bezig is met onschuldige burgers beschermen tegen criminelen die zich verschansen waar veiligheidsdiensten wettelijk (nog) niet mogen komen. Bits of Freedom hoopt natuurlijk dat je na het lezen van hun headline denkt: dit kan toch niet zomaar, stop deze waanzin! Zoals Plasterk juist wil dat je vooral aan Syrië blijft denken.  

Afhankelijk van waar je staat is er dus ofwel sprake van een NSA-achtige sleepnetwet, ofwel van 'onderzoeksopdracht gerichte interceptie'. Maar welke van de twee visies is waar? Daar kom je alleen achter door de politici en actiegroepen te negeren en gewoon zelf de 114 pagina's tellende 'Nota naar aanleiding van het verslag Wet op de inlichtingen- en veiligheidsdiensten' te lezen. Het is even wat werk, maar dan heb je ook het recht om je eigen eufemisme te bedenken.