Foto

Hartverscheurende foto's van de met genocide bedreigde Rohingya in Myanmar

De Rohingya vrezen gedwongen geëuthanaseerd te worden als ze naar het dichtstbijzijnde ziekenhuis gaan.

door Mridula Amin
09 juli 2016, 12:00am

Anjuma in haar hut. Alle foto's door Mridula Amin

Als ik Anjuma tref, zit ze op een kinderbedje in de hoek van haar bamboehut. Ze houdt een doek voor haar gezicht. Ze huilt, terwijl haar ogen gericht zijn op de groep kinderen die naar binnen gluurt. Er wordt een gordijn dichtgetrokken, en de kinderen rekken zich uit om iets te kunnen horen, maar het wordt al snel duidelijk dat het verspilde moeite is. Anjuma kan niet meer praten, als gevolg van de kanker die haar gezicht heeft aangevreten in de jaren die ze doorbracht in het ongeregistreerde Dar Paing-kamp. Ze is 22 jaar oud.

Anjuma behoort tot de Rohingya-minderheid in Myanmar. De gemeenschap belijdt een door het soefisme beïnvloedde variant van de soennitische islam, waardoor ze systematisch vervolgd worden door de boeddhistische meerderheid. Toen ze 18 was brak het geweld los in de provincie Rakhine, waarbij Rohinhya-dorpen werden platgebrand door lokale boeddhisten. Er vielen 192 doden, en 140.000 Rohingya-kinderen, -vrouwen en -mannen werden gedwongen in het kamp te gaan wonen, war ze de afgelopen vier jaar hebben doorgebracht.

Ik verontschuldig mezelf om aan Anjuma's zus, die buiten wacht, te vragen waarom niemand Anjuma naar het Sittwe-ziekenhuis brengt. Ze antwoordt dat "de dokters in Rakhine haar leven voortijdig zouden beëindigen."

Als ik terugkeer naar de rand van Anjuma's bed, om te vragen of zij er ook zo over denkt, zit ze met haar polsen gekruist – ze zijn twee keer zo dun als die van mij, wat me eraan herinnert dat dit kamp niet geregistreerd is bij het Wereld Voedselprogramma.

"Denk je dat de dokters uit Rakhine je dood zullen maken?"

Ze knikt, en voegt niets toe. Anjuma weet zeker dat ze in een ziekenhuis eerder zou sterven dan in haar eigen vieze hut, waar ze overleeft op twee maaltijden per dag.

Het Dar Paing vluchtelingenkamp ligt halverwege de westkust van Myanmar

Dat idee leeft onder de meeste van de 140.000 Rohingya die in het kamp wonen. Nadat Artsen Zonder Grenzen in 2014 uit het kamp werd verbannen, heeft het idee dat ambtenaren en medisch personeel meewerken aan genocide voet aan de grond gekregen in de gemeenschap. Voormalig advocaat en prominent Rohingya-leider binnen het kamp U Kyaw Hla Aung, denkt er net zo over.

"Het is waar, 's nachts voeren ze verkeerde behandelingen uit om patiënten te vermoorden. De afgelopen vier jaar zijn bijna honderd patiënten op die manier gedood. Niemand die daar naartoe gaat, komt terug naar huis. Er komen alleen lijken uit het ziekenhuis," vertelde hij me.

Er zijn mobiele ziekenhuizen die door de overheid worden gerund, en die drie dagen per week open zijn. Maar voor velen is een consultatie van twintig minuten niet genoeg voor een behandeling. Overplaatsing naar het Sittwe-ziekenhuis wordt meestal afgewezen, vanwege de angst in de gemeenschap om te worden geëuthanaseerd.

Ondertussen blijft het aantal zieken groeien, terwijl hutten die door storm ernstig zijn beschadigd niet worden gerepareerd. Het kamp dat ik achterlaat verkeert tussen hoop en vrees – tussen wantrouwen en een stille hoop op waardigheid.

Een Rohingya-vrouw draagt haar zieke zoon in een vrachtwagen die haar terugbrengt door het kamp naar haar eigen hut, een rit van een uur.

Vier maanden nadat de Nationale Liga voor Democratie, geleid door Nobelprijswinnares Aung San Suu Kyi, de nationale verkiezingen met een ruime meerderheid won, wordt de roep om een betere behandeling van de Rohingya niet gehoord. Het Internationale State Crime Initiative publiceerde in november 2015 een rapport, waarin stond dat de Rohingya nu te maken krijgen met de laatste fasen van door de staat gesteunde genocide.

Een groot deel van de vluchtelingen die in Australië worden opgevangen bestaat uit Rohingya die vervolging in Myanmar zijn ontvlucht. De mensenrechtenafdeling van ASEAN, een samenwerkingsverband tussen tien Aziatische landen, schreef in 2015: "De langdurige vervolging van Rohingya heeft geleid tot de grootste uittocht van asielzoekers over zee [in de regio] sinds de Vietnamoorlog."

Terwijl de overheid in Myanmar lijkt in te zetten op haar beleid van stille uitroeiing, blijft Australië zich afzijdig houden, en blijven mensen als Anjuma sterven.

Anjuma overleed op 28 maart 2016 in het kamp, twee maanden nadat de foto bovenaan dit artikel werd genomen.

Meer over de Rohingya:

Left for Dead: de onderdrukking van de Rohingya in Myanmar
Hoe de Nederlandse overheid een dubieuze krant in Myanmar steunde

Rohingya hebben geen recht op onderwijs en mogen geen politieke partij beginnen of staatsburger van Myanmar worden. Met een medisch systeem dat er niet voor hen is, is het een onvertegenwoordigde groep geworden die alle hoop dreigt te verliezen.

Hasina Begum (23) is voor de tweede keer zwanger. Haar eerste kind stierf na vier dagen aan de gevolgen van hepatitis.

Hasina draagt een Thabiss, een islamitische talisman die geluk moet brengen.

Dair Paing heeft al acht maanden geen voedselhulp ontvangen. Omdat ze niet geregistreerd zijn bij het Wereld Voedselprogramma, zijn ze afhankelijk van donoren en landbouw. Daarmee hebben ze genoeg eten voor hooguit twee maaltijden per dag.

Rehena en haar vier kinderen wonen in deze hut, waar ze veertien dagen geleden is bevallen. Tijdens een storm een paar maanden geleden is ze de meeste van haar bezittingen kwijtgeraakt. Ze voedt haar kinderen alleen op, omdat haar man ervandoor is gegaan met een andere vrouw.

Sura Khati (65) is het afgelopen halfjaar drie keer in het Sittwe-ziekenhuis geweest vanwege de infectie aan haar nek. Hoewel er röntgenfoto’s zijn gemaakt en er een diagnose is gesteld, is ze drie keer naar huis gestuurd zonder medicatie.

140.000 Rohingyakinderen, -vrouwen en -mannen werden in 2012 gedwongen in het kamp te gaan wonen. Ze worden er al vier jaar vastgehouden.

Saed Ahmed (70), met zijn kleinkind Arfat Husain (4). Saeds huis werd tijdens een storm vernietigd. “Het is koud,” zegt hij. “Al onze kleren zijn tijdens de storm verloren gegaan.”