De dingen die je kan zien met twaalf netvliezen
Afbeelding: Jamie Baldwin Fergus

FYI.

This story is over 5 years old.

De dingen die je kan zien met twaalf netvliezen

Hoe diepzeegarnalen overleven in het duister.
20.1.15

Het leven in de diepe krochten van de oceanen speelt zich af in het pikkedonker. Tenminste, voor ons lijkt dat zo. Hoe donker het ergens is, is namelijk nogal relatief: het hangt volledig af van hoe goed je ogen zijn. Veel dieren zijn uitgerust met een reflectorachtig netvlies, waardoor ze licht vele malen kunnen versterken en kunnen zien in het donker. Het heeft echter één nadeel.

Als je een diepzeegarnaal bent, dan is de duisternis ook je bescherming. En door het ontbreken van fysieke barrières of oriëntatiepunten is het ook gelijk je enige bescherming. Zoals mijn hond zichzelf altijd verraadt in een donkere kamer door zijn oplichtende ogen, zo zouden garnalen met supergrote reflecterende netvliezen zichzelf ook meteen verraden in de inktzwarte duisternis. Een slimme oplossing(evolutionair gezien) die deParaphronima gracilishiervoor heeft bedacht –en onlangs is beschreven in het tijdschriftCurrent Biology– is een volledige reeks aan lichtgevoelige netvliezen.

In totaal zijn het er twaalf: een rij van reusachtige rode netvliezen. Het is een optisch systeem dat bijna het halve lichaam van de garnaal bedekt. Iets dergelijks is nog nooit eerder gezien.

DeParaphronima gracilisleeft in de zogenaamdemesopelagische zone, het gebied dat zich bevindt tussen de tweehonderd en duizend meter onder het oceaanoppervlak. Het staat ook wel bekend als de 'schemerzone'. Het licht ontbreekt hier namelijk niet volledig.

"Het licht van de zon is zichtbaar tot ongeveer duizend meter onder water. Het wordt steeds zwakker en spectraal gefilterd naarmate je dieper onder water gaat – waarbij het steeds meer verandert in een monochrome blauwe gloed," zo staat in het paper. "Enerzijds hebben dieren het weinige licht dat er is nodig om te overleven, anderzijds moeten ze ongezien blijven. Dit legt een enorme contrasterende druk op de ogen van mesopelagische inwoners."

Er is nog iets opvallends aan de hand. De golflengte van het licht datParaphronima graciliskunnen zien is anders dan het licht waar ze normaal gesproken door omringd zijn. Het lijkt erop dat de netvliezen ervoor bedoeld zijn om omhoog te kijken.In een aparte blogpostlegt Jamie Baldwin Fergus, één van de auteurs achter dit nieuwe onderzoek, uit: "Dieren die omhoog richting het licht kijken, zijn beter in staat om doelwitten (prooien) te spotten als ze gebruik maken van een compenserende spectrale gevoeligheid. Lichtmodellen tonen aan dat mesopelagische dieren die boven hun hoofd naar doelwitten zoeken, het meeste profijt hebben van een gevoeligheid die in de buurt van 515nm zit. Dit komt sterk overeen met wat is gevonden bij de Paraphronima gracilis. Het komt er dus op neer dat hun ogen zeer geschikt zijn voor het zoeken naar doelwitten die zich boven hun hoofd bevinden."

Hoe de netvliezen precies werken moet nog worden onderzocht. Het model laat wel zien dat deze opstelling van de netvliezen resulteert in een beter "ruimtelijk waarnemingsvermogen" dan bij andere gevallen die biologen tot nu toe hebben geobserveerd. Binnen dezelfde rangorde als kleine vlokreeftjes bestaat ook de hyperiidea, waarvan er tien verschillende ogenvariaties zijn vastgelegd: van helemaal geen ogen bij diepzeebewoners tot vier gigantische ogen bij mesopelagische zwemmers.

Je kan hier trouwens binnenkort stage komen lopen. Mail alejandro.tauber[@]vice.com voor meer info.