japan

Studio Ghibli inspireert een nieuwe Zuid-Afrikaanse animatiefilm

In de nieuwe graphic novel Kariba groeit een klein meisje met speciale gaven op in een mysterieuze wereld vol Afrikaanse geschiedenis en folklore.
31 maart 2016, 12:17pm
Een conceptversie van Siku, de hoofdpersoon uit Kariba. Afbeeldingen met dank aan de kunstenaar

In de nieuwe graphic novel Kariba groeit een klein meisje met speciale gaven op in een mysterieuze wereld, waarin Afrikaanse geschiedenis en folklore kriskras door elkaar lopen. Het initiatief voor korte film is afkomstig van het Blue Forest Collective, het Zuid-Afrikaanse animatiecollectief dat momenteel bezig is hun project te financieren met behulp van Kickstarter. Het verhaal achter Kariba gaat over Siku, de dochter van de Riviergod Zambezi. Siku probeert haar ouders, die gescheiden werden door de Kariba-dam, weer samen te brengen.

Het verhaal is gebaseerd op de geschiedenis van de regio: de Kariba-dam is ruim 128 meter hoog en staat in het meer van Kariba, waar het de grens vormt tussen Zimbabwe en Zambia. De bouw van de dam in 1950 werd gekenmerkt door ongeluk en tegenslag. In Kariba vertellen directeur Daniel Clarke en onderdirecteur Daniel Snaddon van het Blue Forest Collective dit verhaal opnieuw, maar dit keer vanuit het (bij)geloof van de lokale bevolking. Veel van de kunstenaars achter het collectief zijn afkomstig van de Triggerfish Animation Studios, die je misschien wel kent van Stick Man (2015). Het komt dus niet geheel als een verrassing dat ze nu een animatiefilm willen gaan maken van Kariba. In de onderstaande trailer kun je alvast zien hoe cool dat er ongeveer uit gaat zien.

Als verhalen over een kleine meisjes die machtige riviergoden te hulp schieten je doen denken aan Hayao Miyazaki’sSpirited Away, dan denk je in de juiste richting. De films van Studio Ghibli zijn namelijk van enorm grote invloed op het werk van het Blue Forest Collective. Net zoals producer Yoshiaki Nishimura, die onder andere meewerkte aan When Marnie was There (2014), The Tale of Princess Kaguya (2013) en Howl’s Moving Castle (2004). Net zoals het onlangs gekickstartte The Glassworker, van Pakistaanse regisseur Usman Riaz, tonen Clarke en Snaddon aan hoe groot de impact van Studio Ghibli films eigenlijk is. Ze zorgen ervoor dat mensen met verschillende achtergronden en uit allerlei culturen zich gesterkt voelen in het vertellen van hun verhalen, en ze laten zien dat het mogelijk is dat deze verhalen op globale schaal weerklank vinden. Zo kaart Karibaonderwerpen als imperialisme, milieuactivisme, spiritualiteit en het botsen van culturen aan op manieren die kinderen kunnen begrijpen en volwassenen kunnen waarderen.

Op moment van schrijver is de Kickstarter voor Kariba nét gesloten. De campagne heeft haar doel van $20.000 met $45.000 ruim gehaald. We spraken met Daniel Clarke en Daniel Snaddon van het Blue Forest Collective, over het belang van het verhaal en waarom hun aanpak zo revolutionair is voor de Afrikaanse animatiewereld.

The Creators Project: Waarom is dit verhaal zo belangrijk?

Daniel Snaddon: Het verhaal achter de Kariba-dam is buiten Zuid-Afrika niet heel bekend, maar het is voor ons heel belangrijk omdat het een heel duidelijk beeld oproept van wat er gebeurt als twee werelden botsen. In 1950 begonnen Europese bouwbedrijven met de bouw van de toenmalig grootste hydro-elektrische dam ter wereld. De locale BaTonga-bevoking waarschuwde dat het project zou falen. De dam zou de Zambazi Riviergod namelijk scheiden van zijn vrouw Nyaminyami, die stroomafwaarts zou wonen. De bouwlieden sloegen die waarschuwingen in de wind, totdat een enorme overstroming alle bouwwerkzaamheden en arbeiders wegspoelde. Meteorologen verzekerden de resterende bouwploegen dat de overstroming maar één keer in de tienduizend jaar kon voorkomen, en dat ze gerust verder konden gaan met de bouw. Nog geen seizoen later overstroomde de bouwplaats opnieuw.

Ons verhaal gaat verder op de vraag waarom Nyaminyami uiteindelijk toestond dat de dam toch gebouwd werd. We proberen om de mix van geschiedenis en mythologie te doen herleven op een manier waarop dat in Afrika nog nooit eerder gedaan is.

Vertel eens wat over de animatiewereld in Kaapstad. Hoe onderscheid je je op dat gebied?

DS: Kaapstad is absoluut een voorloper op het gebied van Afrikaanse animatie. We hebben drie speelfilms en een aantal series geproduceerd die het op internationaal vlak heel goed gedaan hebben. Alle werknemers van de Blue Forest hebben elkaar ontmoet tijdens werkzaamheden voor de Triggerfish Animation Studios, die bekend staan als voorloper op dit continent. Ze hebben bijvoorbeeld een reputatie opgebouwd voor het produceren van CGI-werk van zeer hoge kwaliteit. Vorig jaar maakten ze bijvoorbeeld Stick Man, een kerstanimatie die wel 9.2 miljoen bekeken werd.

Veel van onze concurrenten proberen nog steeds het succes van de grotere Amerikaanse studio’s te evenaren, dat kun je bijvoorbeeld zien aan de onderwerpskeuze. Blue Forest Collective is ontstaan om daar een antwoord op te formuleren; we willen juist verhalen vertellen die persoonlijk en lokaal zijn en een Afrikaanse identiteit ademen. Want we hebben zoveel fantastische verhalen te vertellen. Bovendien is animatie daar een fantastisch medium voor. Het spreekt een breed publiek aan terwijl het er tegelijkertijd ook voor zorgt dat je je makkelijker tot andere werelden kan verhouden. Mensen zijn door animatie beter in staat om begrip te krijgen voor bepaalde relaties en andere culturen, waardoor ze in het echte leven misschien ook wat voorzichtiger met hun naasten omgaan.

Hayao Miyazaki is duidelijk van grote invloed geweest op de stijl en verhaallijn van Kariba. Vertel eens wat over jullie relatie met zijn films.

Daniel Clarke (DC): Ik ontdekte Studio Ghibli en diens oprichter Hayao Miyazki pas aan het einde van mijn tienerjaren, maar toch kan ik bij het kijken naar die films het gevoel van nostalgie naar mijn vroegere kindertijd niet onderdrukken. Zijn films spreken je aan op een manier die niet neerbuigend is. Ondanks dat ze vaak uitgaan van milieuactivistische of feministische thema’s, zijn ze nooit belerend en proberen ze ook geen antwoorden te formuleren. Bovendien zijn de films die hij gemaakt heeft ontzettend uiteenlopend; zo heeft hij bijvoorbeeld Ponyo gemaakt maar ook The Wind Rises. Wat die films dan weer wel gemeen hebben is dat ze beide doordrenkt zijn van een soort oprechte ‘menselijkheid.’

Wat heb je geleerd van de producer van Studio Ghibli, Yoshiaki Nishimura? Hoe heb je zijn invloed op het project ervaren?

DC: Meneer Nishimura was zo vriendelijk om ons feedback te geven op de trailer die we vorig jaar maakten. Dat was voor ons van onschatbare waarde en we voelden ons ontzettend vereerd, aangezien het advies kwam van iemand die heeft meegewerkt aan twee van onze favoriete Ghibli-films. We hebben allemaal een grote passie voor 2D-animatie, maar we zijn ons ervan bewust dat we nog een lange weg te gaan hebben en dat er nog veel te leren is. Zijn bemoedigende houding betekende heel veel voor ons.

Wat staat er de komende vijf tot tien jaar nog op de agenda? Bestaat de droom om met het Blue Forest Collective een soort Studio Ghibli van Afrika te worden?

DS: We werken allemaal al een behoorlijke tijd in de animatie, dus we beseffen ons dat we nog een hele lastige weg voor ons hebben liggen willen we daar ooit komen. Maar we zijn zo blij dat de eerste stap die we op dit pad hebben gezet zo goed is verlopen. Studio Ghibli is van een andere orde, dus het is onmogelijk om te streven naar het effect dat Studio Ghibli in Japan bereikt heet. We hopen nu vooral dat we Kariba binnen de komende vijf jaar kunnen uitbrengen. Tegen die tijd hebben we vast wel weer uitgevogeld wat de volgende stap zal zijn.

Hier kun je via Kickstarter een donatie voor Kariba doen. Kijk hier om meer te weten te komen over het Blue Forest Collective.