Quantcast
De Marokkaanse homoactivisten die naar Nederland zijn gevlucht

"De politie zette ons onder druk om te vertellen wie er precies bij ons hoorde en wie voor ons lobbyde. Ze zijn overal; ze volgen je en komen ook bij je thuis, bij je familie."

Rayan. Foto met dank aan de geïnterviewde

Rayan, Hazma en Ismael wilden liever in Marokko blijven, maar dat ging niet. Ze werden achtervolgd door de politie, of zelfs gearresteerd. Omdat ze homo zijn – wat strafbaar is in Marokko – en opkomen voor hun eigen rechten en die van andere lhbt'ers. Nu zijn ze naar Europa gevlucht, en zonder de drie activisten staat het gevecht tegen homofobie in Marokko op een laag pitje.

"Ik kan Marokko niet verlaten," zei Rayan nog in 2014. Hij is homo en komt daar openlijk voor uit. Hij was zelfs een van de personages in de documentaire I am Gay and Muslim, waarin islamitische Marokkanen praten over hun seksuele geaardheid en geloof. Door interviews te geven aan de media, hoopte hij internationale steun te krijgen om homofobie in zijn land te bestrijden. "Ik ben dé gay-ambassadeur voor alle Marokkaanse homo's geworden," lachte hij.

Nu, bijna drie jaar later, woont hij in Nederland. Hij kon niet anders, vertelt hij aan de telefoon. Hij wist dat hij niet gewenst was door de autoriteiten van zijn land, maar vanaf maart 2016 maakten ze het onmogelijk voor hem om te blijven. Toen bood Rayan steun aan twee mannen die betrapt werden op homoseksuele activiteiten door burgers. Zij sloegen en schopten de homoseksuele mannen – die nog naakt waren – tot bloedens toe. Toen de politie arriveerde in het plaatsje Beni Mellal, ten zuidoosten van Casablanca, wist één slachtoffer te vluchten; de ander werd gearresteerd. Want op homoseksualiteit staat in Marokko drie jaar gevangenisstraf.

Rayan probeerde voor de mannen op te komen door zijn mening te uiten op Twitter en Facebook, en via internationale media. Hij schreef en vertelde dat er veel homofobie heerst in Marokko en dat hij deze wil bestrijden, net als de wet die homoseksualiteit criminaliseert. Ook zocht hij de samenwerking op met lhbt-organisaties als Aswat om acties te organiseren. Aswat is vooral bekend door hun Arabischtalige (digitale) magazine rondom homoseksualiteit, dat de enige in z'n soort is in de Arabische wereld. Hun acties leverden ze veel media-aandacht op; zo fotografeerden ze mannen met bordjes waarop dingen stonden als "ik ben homo, Marokkaans en moslim en deel van de maatschappij" en verspreidden ze deze foto's door het hele land. Ze kregen zelfs een aantal bekende Marokkanen zover om zich tegen homofobie uit te spreken.

Een politieagent in Ouarzazate. Foto door Flickr-gebruiker Erwyn van der Meer

Het gevecht dat de activisten via (social) media en protesten aangingen met de regering kwam ze duur te staan. "De politie zette ons onder druk om te vertellen wie er precies bij ons hoorde en wie voor ons lobbyde. Ze zijn overal; ze volgen je en komen ook bij je thuis, je familie," zegt Rayan. "Ze begonnen bij Hamza, de leider van Aswat. Hij voelde zich uiteindelijk zo bedreigd dat hij het land heeft verlaten. Vanaf dat moment was ik hun nieuwe doelwit. Na mijn vakantie in juni kwam ik terug op werk, en toen vroeg mijn werkgever me naar 'de boodschap die ik met mijn activisme aan de samenleving geef.' Daarna dwong hij me ontslagpapieren te tekenen."

Zonder baan en met de politie die hem en zijn familie lastigviel, zag hij geen andere optie. Rayan besloot Marokko te verlaten met het visum dat nog geldig was van zijn vakantie in Spanje. Hij boekte een vlucht naar Nederland, want daar was zijn medestander van Aswat ook te vinden. Later sloot zich nog een activist bij hen aan, die ook gedwongen was Marokko te verlaten.

Naast Rayan en de jongens van Aswat was ook de organisatie Mali erg actief in de strijd tegen homofobie. In september gaven initiatiefnemers Ismael Bakkar en Ibtissame Lachgar de politie de kans om hen daarvoor te laten boeten. Toen ze midden in de nacht een klein meisje op straat zagen, spraken ze haar moeder daar op aan. "Toen werd ze boos op ons, en zei ze dat het niet onze zaak was. We belden de politie, maar die waren alleen geïnteresseerd in ons," zegt Bakkar. "Ze vroegen naar onze ideeën, onze organisatie en ons geloof. We probeerden ze te vertellen dat het ons ging om dat meisje, maar het had geen zin. Ze beledigden en kleineerden ons, en uiteindelijk werden we gearresteerd. Eenmaal op het politiebureau greep een agent me vast, zodat een andere me een stomp in mijn buik en in mijn gezicht kon geven. Daarna gooiden ze ons in een cel, samen met andere criminelen. Ze gaven een van hen een mes en de opdracht me te vermoorden omdat ik een atheïst zou zijn. De anderen hebben me gelukkig verdedigd," vertelt Bakkar duidelijk opgelucht.

"De politie viel mij al lastig, maar op een bepaald punt kwamen ze ook bij mijn ouders aan de deur. Ze wilden zelfs mijn kamer doorzoeken."

Na 48 uur zonder eten en drinken moesten Bakkar en Lachgar voor de rechter komen, waar de politieagenten beweerden dat de twee mannen ze hadden aangevallen. De rechter zei dat ze voor nu mochten gaan, maar eind oktober opnieuw voor de rechtbank moesten verschijnen vanwege openbare dronkenschap en het aanvallen van politieagenten. Uiteindelijk werd de zittingsdatum uitgesteld, maar toen was Ismael Bakkar al naar Duitsland vertrokken, waar hij een geliefde heeft. "Ik ben vooral Marokko ontvlucht voor mijn familie. Ik wil niet dat zij problemen krijgen vanwege mijn geaardheid en idealen. De politie viel mij al lastig, maar op een gegeven moment kwamen ze ook aan de deur bij mijn ouders naar mij vragen. Ze wilden zelfs mijn kamer doorzoeken, maar dat liet mijn familie gelukkig niet toe." Nu kijkt hij vanuit Duitsland met een schuin oog naar zijn geboorteland en wacht hij af wat voor uitspraak er volgt in zijn rechtszaak. Ondertussen is hij getrouwd met zijn geliefde, zodat hij op basis daarvan in Duitsland zou kunnen blijven.

Rayan, Hamza en Ismael zijn niet de enigen die Marokko ontvluchten vanwege hun geaardheid. Vanaf juni vorig jaar steeg het aantal Marokkaanse asielzoekers dat naar Nederland kwam gestaag; in oktober 2016 bereikte het z'n hoogtepunt met 390 Marokkanen die die maand in Nederland asiel aanvroegen. De enige basis waarop een Marokkaan asiel kan krijgen in Nederland, is homoseksualiteit. Nederland markeert Marokko – net als Tunesië en Algerije – namelijk als veilige landen, met één uitzondering: als je homo bent. Dat Marokkanen nu massaal naar Nederland komen en de 'homokaart' spelen is volgens Philip Tijsma, woordvoerder van het COC, uitgesloten. "Asielzoekers uit landen met slechte rechten voor lhbt'ers zijn vaak als de dood om te zeggen dat ze lhbt'er zijn, omdat ze bang zijn hun landgenoten in asielzoekerscentra tegen te komen en zo alsnog problemen te krijgen. Wij zien juist vaak dat ze pas heel laat voor hun seksualiteit uitkomen." Om te voorkomen dat Marokkanen onterecht aangeven homo te zijn, worden ze ondervraagd over hun geaardheid, seksleven en relaties. Ook speelt hun vriendenkring een rol, omdat deze vaak bestaat vaak uit meerdere lhbt'ers.

Nu de belangrijkste Marokkaanse homoactivisten zich in Nederland of Duitsland bevinden, staat het gevecht tegen homofobie in het land op een laag pitje. "Ik doe mijn best, maar om eerlijk te zijn gebeurt er nu niet meer zoveel. Ik hoop dat er nieuwe activisten opstaan die ons werk oppakken," zegt Ismael. Aswat houdt nog wel hun socialmediakanalen bij en maakt hun magazine vanuit Nederland, maar ze kunnen niet meer naar Marokko om mensen in levende lijve bij te staan. Zo was het bij de rechtszaak van twee mannen die verdacht werden van homoseksualiteit in Tanger eind februari erg stil. De mannen werden uiteindelijk veroordeeld tot drie maanden cel.

Toch zijn er wel jongeren die het werk van Aswat en Mali proberen voort te zetten. De 24-jarige Hajar Moutaouakil heeft de nieuwe stichting Akaliyat opgezet waarmee ze homo's wil bijstaan en steunen in de rechtbank, en een vuist wil maken tegen de wet die homoseksuele activiteiten verbiedt. Zo was ze eind vorig jaar bij de rechtszaak waar twee minderjarige meisjes (van 16 en 17) voor moesten komen, omdat een van hun moeders de politie had gebeld toen ze hen naar verluidt zag kussen. Samen met Aswat en Mali bracht Moutaouakil een verklaring uit die pleitte voor vrijlating van de meisjes, en dat is gelukt. Maar niet zonder gevolgen: toen ze een officiële titel aanvroeg bij de overheid voor haar stichting, werd deze afgewezen. "Als onze stichting een officiële naam heeft, kunnen we de lhbt-gemeenschap meer helpen. We kunnen een kantoor openen waar we ze steun kunnen geven als ze bijvoorbeeld opgepakt zijn of slachtoffer zijn geworden van geweld, en we kunnen ze bezoeken als ze toch naar de gevangenis moeten. We hebben in deze aanvraag niets fout gedaan; we hebben elke noodzakelijke stap gevolgd. Dus wij gaan dit zeker aanvechten," zegt Moutaouakil.

"Of het ons gaat lukken weten we niet, maar we proberen positief te blijven. Internationale media-aandacht helpt daarbij, dat zagen we ook bij de rechtszaak voor de jonge meisjes. Daar was enorm veel persaandacht voor en uiteindelijk zijn zij vrijgelaten." Ondertussen blijft ze doorvechten voor de goede zaak. "Lhbt'ers worden steeds opener over hun seksualiteit het afgelopen jaar en zo vechten we tegen homofobie. Het duurt wel even voordat de wet ook wordt aangepast denk ik, maar ik ben optimistisch. In vijf jaar zal deze wet misschien wel veranderen."

Ondertussen zijn de activisten in Nederland druk bezig te wennen aan het klimaat en in te burgeren. En dat is lastig. "Ik had echt veel moeilijke momenten. Vooral omdat ik hier niet één plek had, maar van kamp naar kamp werd verplaatst," vertelt Rayan. "Ik mis mijn familie en vrienden. Ik vond het echt heel moeilijk om mijn land te verlaten, ondanks dat ik me hier veiliger en sterker voel." Inmiddels zit hij in Groningen, en probeert hij zijn papieren op orde te krijgen, wat hem behoorlijk veel bezoekjes aan het gemeentehuis en consulaat kost. Daarnaast probeert hij zijn medeactivisten vaak te zien en bezoekt hij met hen regelmatig een gaybar.

Hij heeft in Nederland nog nooit last gehad van homofobie. "Toch is het geen paradijs hier. Ik weet dat hier ook aanvallen plaatsvinden op homo's. Maar hier kun je tenminste naar de politie als je iets overkomt, dat kon ik in Marokko niet. Dus ik ben hier veel veiliger." Rayan is nu druk bezig om een toekomst op te bouwen in zijn nieuwe thuisstad. In Marokko heeft hij computertechniek gestudeerd omdat dat een van de weinige richtingen is waar werk in is te vinden in het land, maar nu wil hij doen wat echt bij hem past: een sociale studie. Wat voor studie weet hij nog niet precies maar hij is druk bezig dat uit te vogelen, want aankomend schooljaar wil hij beginnen. "Maar eerst moet ik goed Nederlands leren en dat is echt lastig. Vooral die grammatica, haha."

*Om veiligheidsredenen zijn sommige namen in dit verhaal gefingeerd.