WINNE
Foto door: Stacii Samidin 

Na de dood van zijn beste vriend Feis moet Winne door

Na elf jaar brengt hij het vervolg uit van zijn plaat 'So So Lobi'. We spraken de rapper over het verlies van een Rotterdams icoon, het nieuwe album en positieve zaadjes planten.
Wouter van Dijk
Amsterdam, Netherlands
20.11.20

Een indrukwekkend moment, afgelopen dinsdag. In een uitgebouwde, geïmproviseerde studio van 101Barz is een hoop rappers opgetrommeld. Gevestigde, haast vergeten namen, als RBDjan, Rocks en Kleine Viezerik, maar ook jongeling ADF Samski en de Brusselse wildcard Zwangere Guy, onder begeleiding van Winne – allemaal voor de promotie van zijn nieuwe project So So Lobi 2, het vervolg op het inmiddels legendarische verzamelwerk So So Lobi uit 2009. 

Normaal gesproken zou deze line-up op zichzelf al voor het nodige spektakel zorgen, maar dat verbleekt eigenlijk volledig, omdat er een vraag veel belangrijker is: hoe gaat het nu met Winne? 

Het is een kleine twee jaar geleden dat zijn beste vriend en metgezel Feis werd doodgeschoten. De schutter werd vorige maand veroordeeld, de zaak is afgesloten. Voor de buitenwereld dan, want kijk aan het einde van de sessie goed in de ogen van Winne, en je ziet diepe, verlammende pijn, uit een verse wond. Wat hij daar rapt gaat door merg en been. 

‘Alleen Gado kan dit co-signen, solo in de stu, maar ik heb ghostwriters / dus heb ik beats maar geen lines voor je, vloeit er toch inkt op papier – dan schrijft Feis voor me’. 

Ik belde hem om te praten over zijn nieuwe werk, maar toch vooral om te vragen hoe het nu met hem gaat. 

VICE: Wanneer dacht je: de eerste So So Lobi moet een vervolg krijgen?
Winne: Ik heb in voorgaande jaren al eerder het gevoel gehad dat het daar tijd voor was. Maar goed; we zitten nu met z’n allen in een crisisjaar, waarin we ook de Black Lives Matter movement hebben gevoeld en geconfronteerd zijn met een hele hoop wapengeweld – dus ik voelde de drang om meer liefde te kunnen injecteren. 

Voel jij het als een crisis?
Zeker wel. Ik denk dat we met z’n allen in een depressie zitten, nu het voor zo veel mensen een vraagteken is hoe hun volgende jaar eruitziet. Ik ben heel positief van nature, en als ik naar mezelf kijk, zie ik geen crisis, maar nu is het niet te tijd om alleen naar jezelf te kijken. Mensen kunnen niet naar geliefden die in het ziekenhuis liggen, banen gaan verloren, en we staan nog maar aan het begin. Het gaat niet makkelijker worden, in ieder geval. 

Misschien gek, maar ik had bij jou automatisch gehoopt op optimisme.
Realisme is hierin belangrijker, en we kunnen het maar beter uitspreken, omdat we het met elkaar moeten gaan doen. Er moet een hoop menselijkheid terugkomen in de manier waarop we met elkaar omgaan. We gaan elkaars hulp nodig moeten hebben. We wonen allemaal op ons eigen eilandje, wat we vakkundig hebben afgebakend en waar we onze eigen boontjes doppen. Maar ik denk niet dat dit helemaal houdbaar is. Ik denk dat we weer op elkaar moeten gaan leunen. 

Denk je dat we dat nog kunnen?
We zullen wel moeten. En ik denk dat mensen er lang tegen gaan vechten, maar financieel gaat het niet makkelijk worden de komende jaren. De echte financiële klappen moeten nog vallen. 

Ik koppel een sociale gemeenschap, waarin iedereen elkaar helpt maar ook in de gaten houdt, altijd direct aan angst. Het voelt beklemmend. 
Ik denk niet dat dat nodig is. Een gemeenschap kan heel mooi zijn. Van niemand afhankelijk zijn is een droom, maar die droom zorgt voor afstand. De droom is een leugen. Je kunt dit niet alleen, wat je ook doet. En stel het lukt wel; je hebt in je eentje financiële onafhankelijkheid bereikt. Wat ga je doen met dat geld? Wat is plezier als je het niet kan delen? Ik spreek uit ervaring hier. 

Je hebt dit – het uitbrengen van zo’n tape – natuurlijk al een keer gedaan. Je bent nu uiteraard ouder en we leven in een andere wereld, maar wat is er qua mindstate veranderd?
De mindstate is hetzelfde. Het grootste verschil is dat ik bij het vorige project op een roze wolk zat, en de rest van de mensen wilden liever daar deel van uitmaken dan van de gedachte achter het project. Ze vonden het gewoon tof om gezien en gehoord te worden, en onderdeel te zijn van een project waarvan ze wisten dat het impact ging hebben. Nu was het vertrekpunt bij iedereen: we gaan zo veel mogelijk geven met dit project. We gaan delen, we gaan bruggen bouwen. Een bijdrage leveren aan iets moois.

Ik denk dat ik, en met mij veel andere jonge mensen, actiever bezig moeten zijn om niet ‘aan’ te gaan op sensatie die voortkomt uit negativiteit. Iemand als 6ix9ine is daar misschien het beste voorbeeld van. Clout en succes lijken met elkaar verweven, zonder nog enige waarde te hechten aan waar het vandaan komt. 
Ik zie dit gebeuren en denk er veel over na, maar op het moment dat je er aandacht aan besteedt, maak je het groter. Ik denk dat een verlangen naar sensatie te diep in ons zit om te veranderen, maar wat we wel kunnen doen, is een alternatief bieden. Dit is waarom ik hoop dat dit project een succes wordt, puur om te bewijzen dat “de good guys” ook kunnen winnen. 

Ik probeer niet een gast te zijn die het te veel over drill wil hebben, en zeker niet iemand die wil zeggen dat daar het kwaad zit. Maar het geweld in jouw stad is heftig. Ben je daar veel mee bezig? 
Ja, en vooral met het feit dat wij allemaal slechte daden belonen. Deze jongens komen ergens vandaan, en zijn een reflectie van wat er in hun omgeving gebeurt. Stuk voor stuk zoeken ze naar een uitweg, maar weten niet goed hoe ze die moeten vinden. Een van de manieren waarop dat wel lukt, is door een populair voorbeeld te volgen. Als er een ruzie uitbreekt waardoor volgers en belangstelling groeien, groeien de streams ook en daarmee het geld. Daardoor lijkt het een uitweg, maar zijn ze eigenlijk een dieper gat voor zichzelf aan het graven. 

En dat wij hier met z’n allen als ramptoerist naar staan te kijken, is eigenlijk nog erger. We voeden het. We zouden ze moeten belonen voor alle goede muziek, maar moeten veroordelen voor de puinzooi. En dit moeten we met z’n allen doen. Media, outlets, collega’s; iedereen moet hier een bijdrage aan leveren. Ik heb niet de antwoorden of oplossingen voor dit probleem, maar ik probeer wel positieve zaadjes te planten, en hopelijk groeit daar iets moois uit. Dat is af en toe een heel eng proces. 

Hoe bedoel je dat? 
Het is heel eng om in de studio te zitten met mensen die je niet goed kent, en wel iets moois te maken wat diep vanuit jou komt. Je bent naakt als je achter de microfoon staat, maar het moet, om anderen te laten zien dat je ook kan leven zonder altijd je dekking hoog te hebben. Pas dan kun je goed contact maken, namelijk. 

Maar dat is ontzettend moeilijk. Op dit moment zitten mijn dm’s vol met reacties op de 101 Barz-sessie die we hebben gedaan, maar ik zeg je eerlijk: ik wilde niet dat die aflevering gepubliceerd werd. Ik stond te huilen voor we gingen opnemen, dat is ook waarom ik er zo uitzie. Na de opnames keek ik het terug, en dacht ik: moet ik nou weer dat kruis dragen? Ik heb daar helemaal geen zin in. 

Komt die tegenzin uit vermoeidheid?
Deels wel, denk ik. Ik heb publiekelijk moeten rouwen. En dit is de eerste keer dat ik een project uitbreng zonder Feis aan mijn zijde. Dat ik daar sta, zonder hem, raakt mij heel diep. We staan deels bekend om wat wij daar samen hebben gedaan. 

Dit is iets wat me al lang bezighoudt als ik aan jou denk. Feis en jij zijn iconen in Rotterdam. Het verliezen van een dierbare is al zwaar genoeg in de luwte, maar iedereen die jou nu, en waarschijnlijk voor de rest van je leven ziet, gaat weten dat jij iets mist. Jij, de man die zoveel kalmte uitstraalt, en overal een antwoord op lijkt te hebben. 
Ja, dat is moeilijk. In de afgelopen tien jaar heb ik heel erg hard aan mezelf gewerkt. Ik heb mezelf levensvragen gesteld. Waarom ben ik hier? Wat ben ik aan het doen met de tijd die ik krijg? Ben ik met een doel aan het leven? Dit heb ik voor een groot deel aan mezelf kunnen beantwoorden, waardoor ik een dieper besef heb van wat het leven inhoudt. In ieder geval voor mij. Doordat ik daarmee bezig ben geweest sta ik er toch sterker in dan iemand die dat niet doet. 

Dit verlies is iets waar ik publiekelijk doorheen moet, maar ik heb in de afgelopen jaren meer heftige dingen meegemaakt. Dingen waar de wereld niets van af weet. Toen dit mij, nee, toen dit ons overkwam, voelde ik me gedwongen om dit om te buigen naar iets positiefs. Alleen al ter ere van hem. Dus ik heb voor niemand antwoorden nu, maar ik probeer wel een energie uit te stralen waar mensen iets aan hebben.

Is er bijvoorbeeld iets veranderd aan hoe je over straat gaat in Rotterdam?
Het eerste jaar wel. De eerste maanden vond ik het sowieso moeilijk om in het openbaar te zijn, omdat ik er constant met iedereen over moest praten. Als ik dat niet deed, werd het the elephant in the room. Als tijd verstrijkt, wordt dat minder, maar vorige maand – tijdens de rechtszaak – merkte ik dat ik in een flits terug kan zijn bij af. Overal waar ik kom gaat het erover. En zoals jij goed schetste, is dit iets wat ik voor altijd met me mee moet gaan dragen.

Er werd me in een ander interview gevraagd of ik niet boos ben. Natuurlijk ben ik boos. Maar ik kan niet in woede blijven hangen. Ik moet het ombuigen in iets constructiefs. Feis is er niet meer, maar zijn energie is er wel. Dat is iets waar ik in geloof. En ik kan hem blijven eren, op een positieve manier, door de wereld te laten weten wat de impact is die hij had op mijn leven. Daardoor gaat hij altijd een stem hebben. 

In hoeverre is dit een keuze? Ik kan me voorstellen dat de verwachtingen van het publiek enorm verlammend kunnen zijn. Jij bent namelijk Winne. De positieve gast, die altijd sterk en wijs is. 
Deze keuze is voor mij gemaakt toen hij van mij werd weggenomen. Maar ik was al onlosmakelijk aan hem verbonden. Er mist een deel van mij, voor altijd. En omdat ik die artiest ben, en omdat ik die man ben, voelt dit als een logische manier om er mee om te gaan. En zoals ik al zei: ik heb geen antwoorden. Maar ik kan je wel laten zien hoe ik er mee omga, en daarom wilde ik uiteindelijk toch die sessie online hebben. Ik heb namelijk geen keuze, ik moet vroeg of laat toch laten zien hoe ik het doe. 

Werkt dat niet ontzettend verlammend?
Eerst verlammend, daarna bevrijdend. Zodra het is gelukt. 

Wat betekent ‘gelukt’? Wanneer is zoiets geslaagd?
Zodra dat bevrijde gevoel overslaat op anderen. Als je anderen meer kracht kan geven om om te gaan met hun verlies, dan is het gelukt. 

Je had ook kunnen zeggen: fuck dit, ik wil dit nooit meer doen. 
Nee, natuurlijk niet, man! Het is m’n broertje. Als ik stop met wat ik doe, doe ik mezelf tekort, maar hem zeker. Na zijn overlijden heb ik ook een tour gedaan. Want ik wist: als ik nu niet dat podium opklim, ga ik dat waarschijnlijk nooit meer durven. Ik moest door. 

Ik heb genoeg rouwverwerkingstrajecten van dichtbij gezien om te weten dat ze aan elkaar hangen van abstracte dingen. Mensen vertellen je shit als ‘geef je verdriet een plekje’, alsof iemand weet wat dat betekent, terwijl de pijn die door je heen snijdt het minst abstracte ooit is. Moest jij op zoek naar manieren, buiten muziek, om hier mee om te gaan?
Het blijft zoeken, omdat rouw onvoorspelbaar is. Het komt in vlagen die je overvallen. En ik had kunnen weten dat het zou gebeuren bij Rotjoch. Bij de repetitie deed ik die verse al, en toen ik klaar was, was de hele ruimte stil. Je kon een speld horen vallen. En toen overviel het me pas.

Wat overviel je precies?
Een intens verdriet, en het besef dat hij er niet is. Dat hij niet meer naast me staat. Maar ik doe het toch, en nu is die verse er wel. Nu is het van iedereen, en kan iedereen zien dat bij de pakken neer gaan zitten geen optie is. Ik geloof daar heilig in.

Luister So So Lobi 2 hieronder. Alle opbrengsten van het project zullen in een fonds worden gestort en worden verdeeld onder organisaties die de educatie van jongens en mannen en de bescherming van zwarte meisjes en zwarte vrouwen binnen de gemeenschap als doel stellen.