Sport

Zo beleeft een Feyenoorder op de blindentribune wedstrijden in De Kuip

“Als het commentaar zegt dat het een terechte penalty is voor de tegenstander, roep ik van niet. Alles in het belang van Feyenoord.”

door Dave Aalbers
22 augustus 2018, 10:08am

Foto's door Dave Aalbers. 

Floris Ephraim (23) heeft zijn hoofd naar de tribunes rechts van hem gedraaid, terwijl Feyenoord en AS Trenčín op de speelhelft links van hem tegen elkaar voetballen. Hij heeft zijn koptelefoon net van zijn hoofd gezet. Floris geniet zichtbaar van het gezang van de fanatieke supporters van Feyenoord. “Soms zet ik die koptelefoon gewoon af en geniet ik alleen al van die geweldige supporters,” zegt hij. “Prachtig.”

Ik ben op deze avond in De Kuip om een wedstrijd te volgen met Floris, zelf ook een fanatieke Feyenoord-supporter. Er is alleen een verschil tussen deze fan en meeste andere supporters in het stadion. Floris ziet namelijk amper iets. Jarenlang zat hij in de reguliere vakken in De Kuip, maar door zijn oogziekte ging zijn netvlies en daarmee zijn zicht steeds verder achteruit. Tegenwoordig ziet hij bijna niks meer, waardoor hij sinds het kampioensjaar op de blindentribune op Vak M zit.

Op de blindentribune, gecoördineerd door Koninklijke Visio, kunnen slechtzienden de wedstrijden van Feyenoord volgen met speciaal commentaar van RTV Rijnmond. Het commentaar is extra gedetailleerd, zodat het voor blinden en slechtzienden makkelijker te visualiseren is wat er op het veld gebeurt. Zo nu en dan zet ik zelf ook de koptelefoon op om naar het commentaar te luisteren. Ik hoor dingen als “Steven Berghuis zet een actie in, recht voor jullie vak”. Floris vertelt me dat de informatie zelfs zo specifiek is, dat het soms over de kleuren van de schoenen van de spelers gaat.

Floris heeft al elf jaar een seizoenkaart. Hij heeft al op veel verschillende plaatsen gezeten in De Kuip. Maar door zijn aandoening, die binnen de verzamelgroep retinitis pigmentosa valt, is het voor Floris nu onmogelijk om de spelers op het veld goed te volgen. Ook de lijnen van het strafschopgebied ziet hij bijvoorbeeld niet meer. “Ik heb een gezichtsveld van tien graden, en kijk dus eigenlijk door een klein kokertje,” legt hij uit. “En binnen dat kokertje zie ik maar tien procent met mijn rechteroog, en met links zelfs nog minder. Van zo dichtbij kan ik jouw gezicht wel herkennen, maar je moet me niet vragen welke kleur ogen je hebt.”

Floris waarschuwt me voor de wedstrijd dat hij ontzettend fanatiek is. “Als we verliezen, dan ben ik daarna veel te chagrijnig om te praten.” Omdat Feyenoord vanavond een 4-0 achterstand weg moet poetsen, verwacht ik een niet al te vrolijke Floris na negentig minuten. De spelers van Feyenoord en Trenčín komen ondertussen het veld op. “Hand in hand, kameraden,” zingt Floris vol overtuiging. Dan gaat de bal rollen. “Come on!”, schreeuwt hij.

Terwijl de wedstrijd losbarst, legt Floris me uit dat hij regelmatig zijn eigen interpretatie loslaat op het commentaar van RTV Rijnmond. “Als ze zeggen dat het een terechte penalty is voor de tegenstander, dan roep ik alsnog dat het geen penalty is. Alles in het belang van Feyenoord natuurlijk.” Hij zingt ook alle Feyenoord-liederen uit volle borst mee. Bij een gemiste kans zwaait hij zijn arm als een propellor langs zijn lichaam. De reling voor hem heeft het ook zwaar te verduren. Als het even niet lekker loopt, deelt Floris een trap uit.

Floris onderbreekt zichzelf regelmatig midden in een zin. Dan zijn de Feyenoord-liedjes even belangrijker dan mijn vragen. Hij staat dan ineens op en begint te klappen: “I’m Feyenoord till I die!” Als hij weer gaat zitten, zegt hij alleen: “Dit is toch prachtig?” Het is aan alles te merken dat Floris blij is dat hij de wedstrijden ondanks zijn visuele handicap goed kan volgen. Dat hij de grasmat nog kan ruiken en De Kuip kan voelen trillen bij een goal. Hij is wel een keer gevallen op de tribune, vertelt hij. “Maar dan rapen andere supporters me gewoon weer op. Het is hier één grote Feyenoord-familie.”

Floris was ook in het stadion op 7 mei 2017, toen 47.000 mensen naar De Kuip kwamen om op beeldschermen te zien hoe Feyenoord uit bij Excelsior kampioen zou worden. De afloop is bekend: Feyenoord verloor met 3-0 op Woudestein. “Ik zag in De Kuip natuurlijk niks op die beeldschermen,” vertelt Floris. “Maar goed, het was toch een klotewedstrijd. Ik ben in de tachtigste minuut naar huis gegaan. Het rare was dat ik na die wedstrijd dacht dat we geen kampioen meer konden worden, terwijl we natuurlijk nog steeds bovenaan stonden.”

Een week later kwam het allemaal goed voor Feyenoord. Thuis werd gewonnen van Heracles Almelo, en na achttien jaar ging de schaal eindelijk weer naar de Rotterdammers. “Als je me nu zou vragen wat het mooiste moment uit mijn leven is, dan zeg ik zonder twijfel 14 mei 2017,” zegt Floris. “Ik kreeg gewoon tranen in mijn ogen van die hele sfeer hier. Dirk Kuijt. Na 41 seconden. Ik krijg er nu weer kippenvel van.”

Terwijl Feyenoord al snel goede mogelijkheden krijgt om op voorsprong te komen, vertelt Floris over de mindere tijden die hij meemaakte als Feyenoord-supporter. Hij zat bijvoorbeeld ook in het stadion bij de wedstrijd tegen VVV-Venlo in 2010, drie dagen na de blamage van 10-0 tegen PSV. “Ik noem de getallen van die wedstrijd tegen PSV liever niet,” zegt hij. “Je kunt wel zeggen dat ik alle hoogte- en dieptepunten heb meegemaakt. Ik heb het er allemaal voor over. Feyenoord is mijn liefde en De Kuip is mijn tweede thuis.”

Binnen acht minuten komt Feyenoord al op voorsprong door een doelpunt van Eric Botteghin. De Kuip ontploft. Floris springt op en balt zijn vuist. Hij steekt zijn armen in de lucht en geeft zijn maatje Oscar een dikke knuffel. Oscar gidst Floris wekelijks door de supportersgroepen richting Vak M. Oscar heeft een fysieke beperking, waardoor hij iets minder gemakkelijk loopt. Het duo ziet er zelf wel de humor van in. Floris: “Oscar heeft laatst een column geschreven waarin hij ons de lamme en de blinde noemde. Grappig, toch?”

Heel even gelooft iedereen in De Kuip in een Rotterdamse remontada. Maar Floris zit net weer op zijn plek als de gelijkmaker van AS Trenčín alweer in het net achter doelman Kenneth Vermeer ligt. “Nou, dan maken we er nog wel vijf,” reageert hij cynisch. Een paar seconden later beseft hij dat een magisch avondje in het water valt. “Godver, tering, kutzooi. Je moet ook bij de les blijven als je zelf een doelpunt maakt. Kom op nou!”

In de rust vraag ik Floris of ik even wat portretten van hem mag schieten in zijn Feyenoord-shirt. Hij doet zijn vest uit. “Striptease Floris!”, zegt de man twee plaatsen rechts van hem. Floris poseert voor de eerste foto’s. “Pak je stok!”, roept Oscar enthousiast. Hij heeft er allemaal weinig problemen mee en laat zich van verschillende hoeken vastleggen. Na de shoot zoekt iedereen zijn plaats weer op. Er zijn nog 45 minuten te voetballen.

Floris kijkt – niet voor het eerst deze avond – vol ongeloof om zich heen als Eric Botteghin een enorme kopkans mist. “Ik moet er bijna om lachen,” zegt hij. Hij haalt zijn pet van zijn hoofd en vraagt zich hardop af: “Hoe dan!?” De tijd tikt ondertussen weg en langzaam is er berusting voelbaar in De Kuip. Ook bij Floris. Met nog twintig minuten op de klok zegt hij met een grote grijns op zijn gezicht: “Om de vier minuten een doelpunt. Het kan nog!”

Opportunist als ik ben, vraag ik Floris of Giovanni van Bronckhorst nog wel de juiste hoofdtrainer is voor zijn club. “Geen enkele trainer gaat vijf prijzen voor je winnen in drie jaar tijd,” antwoordt hij. “Dat is echt krankzinnig. En wie moet het anders gaan doen? In de media roepen ze dan Peter Bosz, maar die heeft voor mij een gebiedsverbod hier. Hij heeft Feyenoord als technisch directeur bijna failliet laten gaan.”

Door zijn sterke mening over Feyenoord, zijn fanatisme en de scherpe blik op zijn gezicht, vergeet ik af en toe dat Floris zo weinig ziet van wat er op het veld gebeurt. Hij vraagt me aan het einde van de wedstrijd of ik het linkje van het artikel nog even naar hem wil doorsturen. Ik wil hem daarvoor zijn nummer in mijn telefoon laten zetten, zodat ik hem het linkje kan appen. Floris moet lachen om mijn onhandigheid. “Dat gaat natuurlijk niet.”

Dan slaat hij een diepe zucht, als De Kuip nog voor het laatste fluitsignaal leegstroomt. “Het had wel 15-1 kunnen zijn vandaag,” zegt hij. Floris geeft me een hand en pakt zijn blindenstok: “Ik geloof het wel.” Hij levert zijn koptelefoon in bij de begeleiding van de blindentribune en verdwijnt samen met Oscar in de mensenmassa richting de uitgang. Van zijn tweede thuis richting zijn eerste.

Je kunt je hier aanmelden voor onze nieuwsbrief om wekelijks het beste van VICE Sports Nederland in jouw mailbox te krijgen.