Advertentie
Identiteit

De chille Romeinse priesters die een godin aanbaden en zichzelf castreerden

De alt-rightbeweging gebruikt het oude Rome vaak als voorbeeld van perfecte en absolute mannelijkheid, maar de verering van godin Cybele laat iets heel anders zien.

door Siobhan Ball
13 november 2017, 10:39am

Standbeeld van Cybele met Attis in het midden. Illustratie door Zing Tsjeng. Foto van het Colosseum via Pixabay, foto's van de standbeelden via Wikimedia Commons 

Op de beruchte mannenwebsite Return of Kings werden drie jaar geleden de deugden van het Romeinse Rijk geprezen in het artikel The Roots of Masculinity in Ancient Rome. “Als wij mannen onze beschaving willen vernieuwen, waarom nemen we dan niet de manier van leven aan die aan de basis ligt van onze beschaving, de manier van leven in de eens zo grote beschaving die het in het verleden was?” schrijft de auteur van het stuk.

Het is geen understatement om te zeggen dat de alt-rightbeweging dol is op de Klassieke oudheid. Hun volledig witte visie op de achterhaalde, togadragende mannelijkheid is ongeveer net zo accuraat als de representatie van Thor in de stripboeken en films van Marvel is voor de Noorse mythologie – maar het is ook geen nieuw idee. We gebruiken de Romeinen al sinds de val van hun rijk ter ondersteuning van onze verhalen over macht, en passen ons beeld van hen steeds opnieuw aan om ze te laten aansluiten bij wat het idee van autoritaire deugd op dat moment is.

In werkelijkheid was Rome een multicultureel imperium waar mensen van niet-Romeinse afkomst staatsburger konden worden en dat ook vaak werden, en waar voorheen niet-Romeinse gebruiken en goden werden geadopteerd door het hele Rijk. Hoewel de seksuele en gendernormen in het oude Rome nog steeds onderdrukkend en destructief waren, verschilden ze enorm van die van tegenwoordig – en nergens is dat beter zichtbaar dan in het priesterschap van Cybele, dat na de introductie in 204 voor Christus een integraal onderdeel werd van de Romeinse staatsreligie.

De Romeinen waren zich heel erg bewust van het feit dat hun beschaving – vergeleken met die van hun Griekse, Etruskische en Carthaagse buren – erg jong was, en dat zij veel van hun staatsgodsdienst en cultuur hadden overgenomen van de Grieken. Daarom waren ze geobsedeerd door het idee dat Rome was gesticht door overlevenden uit het mythische Troje, de nabije oostelijke stadstaat die door de Grieken in het bronzen tijdperk werd verwoest. Dat gaf de Romeinen namelijk dezelfde herkomst als de culturen om hen heen, en rechtvaardigde hun claim op de Griekse goden en de culturele aspecten van de Trojanen.

Rome adopteerde in de zoektocht om de Trojaanse roots te bewijzen, de machtige godin Cybele uit Anatolië (een deel van wat nu Turkije is). De Romeinen stonden erop dat zij de verloren moedergodin van het oude Troje was en dat zij haar met haar mensen moesten herenigen. Ze stalen haar heilige steen en brachten die met veel poeha naar Rome (zoals dat altijd gaat als je andermans culturele schatten jat).

Zelfcastratie was de laatste handeling voordat ze definitief in de cultus werden opgenomen – vervolgens kleedden ze zich aan als vrouw en presenteerden zichzelf voor de rest van hun leven als vrouw.

Cybele werd echter niet gemakkelijk geromaniseerd. In plaats daarvan veroorzaakte ze bij de Romeinen veel onrust door ze precies op hun pijnpunt te wijzen: hun fragiele en gevoelige mannelijkheid.

De Romeinse mannelijkheid leek veel op de slechtste versie van de hedendaagse giftige mannelijkheid: een Romeinse man penetreerde anderen ongeacht hun gender. Daarmee toonde hij zijn superioriteit over zijn partner (of vaker: slachtoffer) en in het verlengde daarvan de dominantie van Rome zelf over de rest van de wereld.

Het was essentieel dat Romeinse mannen zelf nooit werden gepenetreerd, vrijwillig of niet. Dat was niet alleen het falen van de mannelijkheid van het individu, maar ook een aanval op de collectieve identiteit van de staat. Hun begrip van gender was zo nauw verbonden met het lichaam, dat zelfs de onvrijwillige verwijdering van de mannelijke geslachtsdelen genoeg was om het slachtoffer uit de sociale categorie ‘man’ te zetten. Het idee dat iemand zichzelf willens en wetens uit die categorie zou verwijderen, en daarmee alle privileges het met zich meebracht zou opgeven, was onverenigbaar met de manier waarop ze dachten over gender, macht, eer en schaamte.

Cybele is misschien begonnen als een entiteit die bekendstaat als Agdistis, een machtig wezen dat zowel mannelijk als vrouwelijk was en Attis baarde, de mooiste man ter wereld. Agdistis, of Cybele, werd verliefd op hem en bestrafte zijn huwelijk met een sterfelijke vrouw door hem te dwingen om zichzelf te castreren. Cybele was overmand door spijt en de Romeinen vierden elk jaar Attis’ wederopstanding, die de lente en de hergroei van vegetatie met zich meebracht.

In een andere versie is Attis een sterfelijke priester, die door een koning als straf werd gecastreerd, omdat hij zichzelf wilde verdedigen tegen een verkrachting. Als wraak stuurde Cybele een wild zwijn om de regio te verwoesten, totdat de plaatselijke bevolking haar kalmeerde door elk jaar ritueel te rouwen om de dood van Attis. En in weer een andere versie castreert Attis zichzelf vrijwillig om de vruchtbaarheid van het land te verzekeren en wordt een bi-genderidentiteit omarmd, waardoor de Romeinen Cybele tot in de eeuwigheid als priester en minnaar kunnen dienen.

Welke versie ze ook aanhingen, alle priesters van Cybele (bekend als galli) castreerden zichzelf ter ere van Attis. Dat was de laatste handeling die ze moesten verrichten voordat ze definitief in de cultus werden opgenomen. Daarna kleedden ze zich in dameskleding en presenteerden ze zich voor de rest van hun verdere leven als vrouwen.

Het is onmogelijk om de genderidentiteit van individuen na hun dood vast te stellen, vooral als ze uit een cultuur komen die gender anders construeerde dan de onze. Het is echter redelijk om te veronderstellen dat, hoewel sommige priesters misschien wel cismannen waren die de goddelijke roeping voelden, veel anderen transvrouwelijke mensen zichzelf herkenden in het priesterschap van Cybele, en ruimte vonden om hun ware identiteit te omarmen.

Niet-burgers sloten aan bij de galli door middel van de traditionele zelfcastratie.

“De galli werden in de literatuur gepresenteerd als afschuwelijk, want een goede Romeinse man zou zichzelf nooit vrijwillig castreren. Er is echter geen bewijs dat de priesters zich deze vernedering eigen maakten,” zegt dr. Helen Morales, een classicus aan de Universiteit van Californië in Santa Barbara, tegen Broadly.

Hoewel de meeste Romeinse mannen en de staat zelf walgden van de galli, waren er genoeg burgers die bij hun geboorte het predicaat ‘man’ hadden gekregen en er eentje wilden worden. Zoveel zelfs dat de senaat de behoefte voelde om een wet aan te nemen die moest voorkomen dat burgers lid zouden worden.

Desondanks kon Rome niet toegeven dat het een fout had gemaakt en konden de Romeinen de godin niet meer naar huis sturen. Dat zou een erkenning van mislukking zijn en tot groot gezichtsverlies leiden, en ze hadden Cybele al tot integraal onderdeel gemaakt van hun claim op het Trojaanse erfgoed. Het zou betekenen dat de regerende familie hun claim op goddelijke afkomst zou moeten opgeven: ze beweerden namelijk dat zij afstamden van Aeneas, de Trojaanse zoon van Venus en een van de mythische stichters van Rome.

Hun oplossing was om de cultus in tweeën te splitsen: ze sloten de galli voor het grootste deel van jaar op in hun tempeldistrict en stelden een Romeinse functionaris aan om zorg te dragen voor de openbare feesten van Cybele, de enige momenten dat de galli de stad in mochten. Uiteindelijk werd het priesterschap zelfs opengesteld voor niet-gecastreerde mannen, waardoor de aard van het priesterschap volledig veranderde.

Toch bleven niet-burgers zich aansluiten bij de galli door middel van de traditionele zelfcastratie en leidden ze processies door de straten van Rome, tot het moment dat er een einde kwam aan de religieuze tolerantie toen de staat het christendom als officiële godsdienst aannam. Er wordt zelfs verondersteld dat de galli zich toen over het Rijk hebben uitgespreid, tot in Catterick in het noorden van Engeland.

“De galli waren een paradox,” zegt Morales. "Hun buitengewone genderexpressie maakte ze bijzonder en grensoverschrijdend, maar door de officiële incorporatie van de sekte in de Romeinse religie, werden ze belangrijk en werden ze erkend. Ze werden ontmenselijkt vanwege hun status als eunuch, maar ook als bijna goddelijk gezien vanwege de nauwe relatie met de godin.”

De Romeinse mannen vonden de galli misschien niet leuk, maar ze begrepen wel dat het Rijk hen nodig had, en het verklaart hoe een groep van niet-genderconformerende mensen zo’n integraal onderdeel werd van de politieke legitimiteit, en aanspraak maakte op macht van Rome. Rome was verre van perfect, maar het was veel interessanter en diverser dan extreemrechts wil geloven.

Tagged:
seks
castratie
seksueel misbruik
Mannelijkheid
emancipatie
godin
Mythologie
Romeins
Romeinse Rijk
Broadly Lore