Provinciale Staten

Een ode aan alle provincies, omdat elke provincie bijzonder is

We vroegen schrijvende vrienden uit elke provincie van Nederland waarom zijn of haar provincie de allerbeste is.

door VICE Redactie
20 maart 2019, 3:14pm

Als je op de hoogte wil blijven van onze beste stukken zonder je suf te scrollen, schrijf je dan in voor onze wekelijkse nieuwsbrief.

Vandaag kiezen we de nieuwe afgevaardigden voor de Provinciale Staten. De kans dat je weet wat die afgevaardigden precies doen is niet zo groot, maar dat hindert niet. Je kunt ook niet alles weten. Wat zo mooi is aan deze verkiezingen, is dat het bestaan van de provincies er vandaag weer eens toe doet. Want wanneer heb je voor ‘t laatst stilgestaan bij het feit dat provincies daadwerkelijk een ding zijn? Misschien in groep 8 toen je moest leren dat Haarlem de hoofdstad is van Noord-Holland en Middelburg die van Zeeland?

Dat is best zonde, want provincies zijn hartstikke mooie dingen, met elk hun eigen unieke eigenschappen. Om dat te vieren hebben we aan twaalf collega's en vrienden uit twaalf Nederlandse provincies gevraagd om een korte ode te schrijven aan hun thuisprovincie.

Noord-Holland

Je ziet in Noord-Holland nergens Noord-Hollandse vlaggen wapperen, niemand kent de tekst van het provincielied, en niemand zou zichzelf een Noord-Hollander noemen. Als je uit Heerhugowaard komt ben je een Heerhugowaarder, als je uit Westzaan komt ben je een Zaankanter, en als je uit Purmerend komt ben je een Amsterdammer die geen zin meer had om 1100 euro neer te tellen voor een tochtig studioappartement van 21 vierkante meter in de Kolenkit. Noord-Holland heeft geen eigen taal, alleen een handjevol dialecten die er vooral op neerkomen dat je ‘huus’ in plaats van huis zegt en een babyeendje een ‘pulletje’ noemt. Noord-Hollandse tradities bestaan vooral nog op plekken waar een touringbus vol Chinese toeristen makkelijk kan parkeren. Daar worden nog oude gebruiken in ere gehouden, zoals kaasdragen, klompen maken, of met een woedende volksmenigte de enige buitenlander in het dorp in elkaar timmeren. Zonder eigen taal, cultuur of identiteit, is het niet zo gek dat Noord-Hollanders niet echt trots zijn op hun provincie. Het dichtste bij dat we bij een levendige, provinciale cultuur komen, is dat elk Noord-Hollands dorp op z’n kop staat als de kermis komt, en iedereen drie dagen vrij neemt om ladderzat te worden en in elkaars broek te graaien achter de oliebollenkraam terwijl Wolter Kroes door de boxen schalt.

Toen me gevraagd werd om iets te schrijven over waarom mijn provincie de beste is, moest ik dan ook heel lang nadenken. Na veel wikken en wegen (en wanhopig een uur na de deadline ‘leuke dingen aan Noord-Holland’ googelen) kwam ik uiteindelijk op drie dingen uit die me vervullen met een zweempje van Noord-Hollandse trots: luilakken, de bloembollenvelden in de Kop van Noord-Holland, en Zaanse mayo. O ja, en Amsterdam ligt er ook.
-Lisette van Eijk

Flevoland

Flevoland – het stuk land dat vijf meter onder de zeespiegel ligt, ook wel het Nederlandse Atlantis genoemd. Het is de allerbeste provincie. Het is de enige provincie die alle vier elementen heeft beteugeld. De Flevopolder is ontstaan uit meren en water, dat vervolgens door Flevolanders is drooggelegd. Daardoor was er aarde. Op die aarde staan tegenwoordig zeshonderd windmolens om de sterke wind afkomstig uit het noordoosten op te vangen. Geen enkele andere provincie heeft zoveel windmolens. We hebben de allergrootste en leukste festivals van Nederland in Biddinghuizen: denk aan Lowlands, Wildeburg en Defqon.1, die de polderse zomer afsluit met kneiterharde hardcore en indrukwekkende vuurwerkshows.
-Bas Jacob

Noord-Brabant

Ik ben het meest trots op Brabant als ik op een begrafenis ben. Nadat de tranen zijn gelaten is er natuurlijk koffie en cake, zoals het hoort, maar wel in een afgehuurd café in plaats van in een kil crematoriumzaaltje. Het duurt denk ik een minuut of vijf voordat het eerste rouwende familielid overstag gaat en een Jupiler bestelt. Het volgende moment sluit ‘t café en rolt iedereen ladderzat en met een bulderlach naar buiten. Oma zou trots zijn. Dat is Brabant voor mij: een kater hebben na een begrafenis.
-Sander Roks

Friesland

Zonder twijfel is Friesland de winnaar van alle provincies. Wij zijn de enige provincie met onze eigen taal: het Fries. In die taal hebben we ook een lied, genaamd Wêr Bisto. Een van de mooiste en allerbeste muziekstukken van de Nederlandse liedjesgeschiedenis. Arrogantie bestaat trouwens helemaal niet in Friesland, iets dat andere provincies – Hallo, Randstad – niet kunnen zeggen. De Friezen zijn nuchter. We eten Fryske Dúmkes en suikerbrood. Onze sores drinken we weg met Berenburg. En dan zetten we natuurlijk op Wêr Bisto op en huilen we, en daar schamen we ons niet voor. Soms houden we een Elfstedentocht – al is de laatste alweer 22 jaar geleden. We kunnen zo met de boot naar de Waddeneilanden – een stel eilanden van de tv-tas die laatste jaren steeds populairder worden door allerhande hippe festivals, zoals Oerol, Madness en Into the Great Wide Open. Maar dat hippige, dat blijft maar op die eilanden. Wij gaan liever uit onze reten op punk en metal. Dat is Frysk.
-Birthe Vossnack

Limburg

Het heeft weinig zin om hier met weetjes te bewijzen dat Limburg de beste provincie is. Statistieken maken de ene provincie volgens mij niet per se beter dan de andere.

Limburg is niet geweldig vanwege het astronomische aantal bejaarden dat André Rieu wereldwijd op en neer laat sjoenkelen. Limburg is ook niet de leukste provincie vanwege het jaarlijks aantal vlaaipunten per hoofd van de bevolking. Het zit hem in kleinere, leukere dingen.

In de hele familie-app die lacht om de prijs van een kilo asperges boven de rivieren. In de kleine ergernis die je voelt als Tom Egbers VVV - Fortuna aankondigt als derby. In de rillingen bij de gedachte aan een frikandel speciaal met ketchup. In het onvermogen om direct te zijn, wat even charmant als onhandig is. Het zit hem in pilskes drinken uit een onhandig klein kutglaasje. Het zit hem in de maïsvelden opzoeken met je nieuwe vlam. In de paracetamols die in de week na carnaval in de aanbieding gaan (twee voor de prijs van één).

Deze gemeenzaamheid bevestigt wat mij betreft de Limburgse identiteit veel meer dan een luie Hollenjer die Limburg ziet als een onverstaanbare mijnbouwkolonie vol rechtse reserve-Belgen. En juist dat maakt Limburg de beste provincie van Nederland.
-Twan Stoffels

Zuid-Holland

Als ‘Zuid-Hollander’ – dit is de eerste keer dat ik dit woord gebruik – zou er veel moeten zijn om op z’n minst een beetje provinciale trots te voelen. Toch vind ik het moeilijk om te bedenken wat dat dan zou moeten zijn. Trots zijn op Rotterdam associeer ik te veel met voetbal, de Europoort is op z’n hoogst dystopisch, Den Haag staat gelijk aan autoriteit, en het is niet de enige provincie met een schitterende zee.

Als ik iets moest kiezen om chauvinistisch over te zijn, zouden het de vele kassen zijn die het Westland en de rest van Zuid-Holland rijk zijn, mochten deze glazen reuzen niet zo slecht zijn voor het klimaat. Tijdens het tomatenplukken in de zomer kwam ik hier op zweterige ochtenden voor het eerst oog in oog te staan met de échte mens: punkers die vanuit hoogwerkers tussen de planten kakten, woedende bedrijfsleiders die met scharen op hun puberale werknemers gooiden, en sombere middelbareschool-dropouts die hier hun hele jongvolwassen leven zouden slijten. Opgroeien in Zuid-Holland gaf me donkergroene vingers, aderen vol oplossoep maar bovenal een motivatie om als jong persoon niet te lang op één plek te blijven hangen.
-Sander van Dalsum

Groningen

Groningen is een unieke plek. Niet per se vanwege die eierballen waar iedereen altijd zo vreselijk moeilijk over doet – ik vind eierballen zelf trouwens hartstikke goor. Het is vooral het feit dat het zo is afgesloten van Nederland, wat deze provincie uniek maakt. Daardoor is er een vibe van ‘als een ander het niet voor ons doet, doen wij het wel zelf – en dan vooral volgens onze eigen regels’. Op creatief en cultureel vlak, qua underground muziek en festivalletjes, gebeurt er daardoor een hoop in ‘t noorden, en heerst een bepaalde, prettige mate van anarchisme.

Iets wat ik altijd heb gewaardeerd aan de Groningse mentaliteit is dat ze liever eerlijk zijn dan dat ze je kont kussen. Er bestaat misschien een beeld van Groningers en dat ze nukkig zijn, maar als je eenmaal in het hart van een Groninger zit, zit je daar onvoorwaardelijk. Ze zullen het zelf niet snel toegeven, maar Groningers zijn eigenzinnig en bevlogen, met een heel klein hartje van goud. Alleen als onze huizen weer eens aan diggelen worden getrild om de rest van Nederland van gas te voorzien, kunnen we wat nukkig uit de hoek komen.
-Mieke Lindeman

Zeeland

Zeeland is de mooiste provincie. Dat zeg ik niet alleen, dat zegt ook het tijdschrift Quest. Dan weet je dat het waar is. Het is de plek waar zeehelden geboren zijn, waar het altijd lekker weer is (Zeeland heeft de meeste zonuren van Nederland), en waar de mensen onbewust toch telkens weer zin krijgen in mosselfeesten. Weet je hoe lekker mosselen zijn? Om over de oesters en de Oosterscheldekreeft nog maar te zwijgen. Trouwens, over Bløf gesproken: je moet echt je best doen wil je Paskal Jakobsen niet ergens tegenkomen. Als dat je ding is, zit je dus sowieso gebakken.

Overigens worden Zeeuwen vaak gezien als zuinig, maar van die zuinigheid is niks te merken in een van de zeven (!) sterrenrestaurants die de provincie rijk is. Dus kort samengevat: lekker eten, lekker zuipen, daarna met een volle buik op een mooi, schoon strand liggen, pal naast die goedlachse, kale frontman van Bløf, die altijd in is voor een kletspraatje over Michiel de Ruyter of Jacob Roggeveen. Wie dat is? Oh gewoon, de Middelburger die Paaseiland, het lijpste eiland ever, heeft ontdekt. Had ik al gezegd dat mosselen erg lekker zijn?
-Koen van Bommel

Drenthe

Jaarlijks trekken er bijna tweehonderdduizend Nederlanders naar Egypte voor het weer, de goedkope all-inclusives, en natuurlijk de piramides. Je bent er voor een euro of vierhonderd, en het is niet ver vliegen. Maar wat als ik je vertel dat er in ons eigen Drenthe maar liefst 52 graftombes te vinden zijn, net zo oud als die pyramides, waarvoor je het luchtruim niet eens hoeft te betreden?

Het voornaamste verschil tussen hunebedden en pyramides is dat wij Drenten een stuk efficiënter te werk zijn gegaan, en het niet in onze aard ligt om er zo gruwelijk mee te koketteren. Los van de hunebedden wordt er weleens gesteld dat het Drenten aan ambitie ontbreekt. Strebers worden er zodanig met de nek aangekeken dat het kan lijken alsof er een taboe heerst op trots. Dat zogeheten gebrek aan ambitie kun je zien als een karaktergebrek, maar ook als een kwaliteit. Want hoewel we nooit rijk zijn geweest, randstedelingen ons karakteriseren als primitief en dierlijk, en het de dunstbevolkte provincie is, zijn we ondertussen wel de gelukkigste mensen van het land. Dus, ruil je ambitieuze vakantieplannen in voor een tripje over de A28 richting Hunebed Highway, of dompel je in juni onder in het bezopen motorgeweld van de TT, ‘s lands grootste sportevenement. Wie weet verlaat je Drenthe verlicht, en verlost van al je dromen.
-Rik Beune

Gelderland

Gelderland is de grootste provincie van Nederland. Dat maakt haar volgens mijn berekeningen ook meteen de beste. Dit stukje zou hier dus eigenlijk kunnen eindigen.

Maar dat Gelderland zo groot is dat we Utrecht erbij zouden kunnen rekenen en niemand dat zou merken, is niet het enige dat Gelderland de beste maakt. Belangrijker is namelijk de belofte die de provincie in zich draagt – een belofte van totale zelfbeschikking en zelfontplooiing. Als je de Oost-Gelderlander vraagt waar-ie vandaan komt, is het antwoord waarschijnlijk “de Achterhoek”. De Noord-Gelderlander antwoordt “de Veluwe” op dezelfde vraag, de West-Gelderlander zal iets als “de Betuwe” zeggen, de Arnhemmer antwoordt “Arnhem”, en de Zuid-Gelderlander mompelt “Brabant”.

Daarom is Gelderland de beste: waar je van Friesland tot Limburg vóór alles Fries of Limburgs bent, voelt bijna niemand zich Gelders. Gelderland laat haar kinderen zelf bepalen wat ze zijn. Ze is een spiegel waar ze je jezelf in laat vinden. Ze beschouwt je als een onbeschreven blad, ze laat je je eigen lotsbestemming invullen. Gelderland heeft geen kern, Gelderland ís de kern. Gelderland is niks, Gelderland is alles. Niemand is Gelderland, wij allen zijn Gelderland.
-Wiegertje Postma

Utrecht

Schrijver C. C. S. Crone noemde onze provinciehoofdstad ooit een “stad van zachte idioten”. Hij is niet de enige: als ik vertel dat ik uit Utrecht kom, reageren mensen alsof ik net een ode aan vanille-ijs heb gehouden. En ik voelde me ook lang zo over de Domstad.

Voor mij stond in plaats van die kerktoren een ander bouwwerk symbool voor Utrecht: Hoog Catharijne. Die eeuwige, grauwe winkelbunker in de gemiddeldste stad van Nederland, die met al z’n middelmatige winkels toch nog iets pretendeerde. Hoog Catharijne probeerde een bestemming te zijn, maar bleef een plek waar je doorheen moest om ergens anders te komen – net als Utrecht zelf.

Toen koopmausoleum Hoog Catharijne een paar jaar geleden gerenoveerd werd, ging ik er vanuit dat het allemaal tegen beter weten in was. Maar toen ik er na de verbouwing weer eens doorheen wandelde om mijn ouders te bezoeken, voelde ik me anders. Samen met grote betonplaten van het oude Hoog Catharijne bleek ook mijn afkeer van mijn geboortestad langzaam tegen de vlakte te zijn gegaan.

Ik was ongemerkt steeds meer van de provincie gaan houden, waar ik aan het mooiste stukje Oudegracht opgroeide. Van de Soester Duinen waar ik soldaatje speelde en de Utrechtse Heuvelrug die mijn vader en ik altijd per fiets wilden beklimmen, om elke keer halverwege te stranden in een pannenkoekenhuis

Dat citaat van Crone bleek toen ik het opzocht trouwens langer te zijn dan ik dacht: “Utrecht, stad van zachte idioten – ik werd er zelf geboren.” Die woorden vatten perfect samen hoe mild ik naar mijn geboortestad – en misschien ook naar mezelf – ben gaan kijken. Ik durf nu oprecht te zeggen: ik ben trots om een Utrechter te zijn. Kom maar met die kutopmerkingen.
-David Engel

Overijssel

Hoewel er andere provincies zijn die goed hun best doen, kan er maar één provincie de mooiste en de beste zijn – en dat is Overijssel. Overijssel is de provincie van onverwacht natuurschoon – uitgestrekte bossen en akkerlanden waar wilde dieren als de vos en ree floreren, en moerassige uiterwaarden die het beste tot hun recht komen met Pasen als ze feeëriek verlicht worden door vele gloeiende paasvuren.

Overijssel is ook de provincie van noaberschap. Dat wil zeggen dat je in Overijssel niet pas de politie belt als je buurman al zo lang dood in zijn woonkamer ligt dat je last begint te krijgen van stank en beestjes, maar dat je af en toe eens vraagt hoe het met je buren gaat, de plantjes water geeft als ze met vakantie zijn, en zo’n Abraham- of Sarapop in hun tuin zetten (3x toeteren voor de jarige!!!) als ze vijftig worden. Of je ze nou aardig vindt of niet.

Maar wat Overijssel écht de beste provincie van Nederland maakt, is de onderlinge haat en nijd. De steden, dorpen en streken in Overijssel verhouden zich tot elkaar als broers en zussen in de beste families. Deventer haat Zwolle en andersom, in Enschede kijken ze neer op Almelo, en zelfs de Overijsselse streken Salland en Twente vinden zichzelf beter dan de ander. Maar als iemand anders aan één van ons komt, staan we met z’n allen op de dijk om je op te wachten. Met z’n allen tegen elkaar, maar ook met z’n allen voor één. Als de beste familie van Nederland.
-Nils de Lange