Opgroeien in Guantanamo

Niet alle gevangenen in Guantanamo Bay waren volwassen; er zaten ook een aantal tieners vast. Dit is hun verhaal.

|
18 november 2014, 9:00am

Voormalig kindgevangene Mohammed el Gharani in 2012. Foto door Mathias Braschler en Monika Fischer.

Mohammed el Gharani, geboren in Tsjaad en opgegroeid in Saudi-Arabië, was nog maar net vijftien toen hij in februari van 2002 als een mak schaap uit een vrachtvliegtuig geleid werd. Hij was geboeid, droeg een geblindeerde bril, woog minder dan zestig kilo en had zich nog nooit hoeven scheren. Vanaf dit moment wist hij maandenlang niet waar hij precies was. "Sommige broeders zeiden dat we in Europa waren," zegt hij later in een interview met de Lon​don Review of Books. Anderen dachten juist dat het Braziliaanse klimaat verantwoordelijk was voor de milde winterzon. Toen een ondervrager hem later vertelde dat hij op Cuba zat, herkende hij de naam niet. "Dat is een eiland in het midden van de oceaan," zei de ondervrager. "Niemand kan hiervandaan ontsnappen. Je bent hier voor altijd."

Omar Khadr, hier veertien jaar oud. Foto via Wikicommons.

Omar Khadr, geboren in Toronto, werd ook als puber naar Guantánamo verscheept. Toen hij zestien jaar was, maakte hij een onuitwisbare indruk op de kapelaan van de gevangenis in Guantánamo Bay. De pastoor zag hem slapen in zijn cel, opgerold met een Disney-kleurboek in zijn armen. "Hij viel zeker uit de toon," zei de kapelaan tegen Michelle Shephard, die over Omar schreef in het boek Guantánamo's Child.

Fahd Ghazy toen hij ongeveer zeventien jaar oud was. De foto is van The Center for Constitutional Rights.

Fahd Ghazy groeide op in een boerendorp in Jemen en werd gevangen genomen toen hij zeventien was. Hij had net zijn middelbare school afgerond en was één van de beste scholieren geweest. Hij zat bij de eerste lichting gevangenen van Guantánamo, waarbij de gedetineerden in met de hand gemaakte openluchtkooien zaten, Camp X-Ray. Toen hij werd overgeplaatst naar een permanente cel hoorde Ghazy dat hij een studiebeurs had gewonnen om in Sana'a te studeren, de hoofdstad van zijn thuisland. We zijn nu dertien jaar verder en Fahd zit nog steeds in diezelfde cel, zonder enige aanklacht. 

Mohammed, Omar en Fahd horen bij de ongeveer twintig gevangenen die tijdens hun puberteit en adolescentie binnen de muren van Guantánamo Bay verbleven, waar isolatie, mishandelingen en chronische stress als gevolg van een uitzichtloos gevangenschap aan de orde van de dag waren. Jarenlang verzweeg het Pentagon het aantal kindgevangenen. "Ze komen niet binnengewandeld met een geboorteakte in de hand," zei een pr-persoon tegen The New York ​Times in 2005.

"Omdat ze nog in ontwikkelende fases verkeren lopen deze jongens een veel groter risico op blijvende trauma's," zegt Dr. Stephen Xenakis, een gepensioneerde brigadier-generaal en kinderpsychiater die gediend heeft als medisch expert in verscheidene zaken omtrent Guantánamo Bay. "Ze zijn losgerukt uit hun families, hebben geen school meer gehad en worden zomaar in dat oerwoud van verknipte volwassenheid gegooid."

Ze worden zomaar in dat oerwoud van verknipte volwassenheid gegooid.

De eerste gevangene die door Xenakis werd onderzocht was Omar. Hij was voor de gevangenisdirectie niet zomaar iemand – zijn vader onderhield banden met Osama Bin Laden. Hij zat in Guantánamo omdat hij vermoedelijk een Amerikaanse soldaat had omgebracht met een handgranaat. Dit ging voor Omar echter niet zonder slag of stoot; na de confrontatie lag hij namelijk onder een stapel puin, met twee kogelgaten in zijn rug en granaatsplinters in zijn oog. Minderjarige soldaten – en dus zeker minderjarige slachtoffers op sterven na dood – behoeven volgens internationale oorlogswetgeving de hoogste prioriteit als het op medische zorg aankomt, hoe kwaad hun intenties ook zijn. Deze persoon zal eerst medische zorg moeten krijgen alvorens hij berecht wordt. Hier ging het mis bij Omar. Hij werd zonder medische zorg geëvacueerd naar Bagram (de grootste militaire Amerikaanse legerbasis in Afghanistan) en werd vrijwel meteen ondervraagd, zonder pijnstillers of medische aandacht.

Jaren later vertelde Omar aan Xenakis dat hij gebruikt werd als 'menselijke dweil' in een kamer waar de verhoren plaatsvonden. Als gevolg van een pijnlijk vraaggesprek bevuilde Omar zichzelf. De urine liep door zijn kleding heen en belandde uiteindelijk op de tegelvloer. De ondervragers waren hier absoluut niet van gediend, smeerden Omar in met dennenolie en sleepten hem herhaaldelijk door zijn eigen urine. "Laten we niet vergeten dat het om minderjarigen ging," zegt Xenakis hoofdschuddend. "Ze werden bedreigd en bruut ondervraagd. Ze waren doodsbang. Dit zou op geen enkele manier moeten stroken met de normen en waarden die we willen uitdragen als natie."

Dennis Edney is al sinds lange tijd Omars advocaat en kan zich het leed van Omar tijdens hun eerste ontmoeting nog goed herinneren. "Ik liep een cel binnen, het was zo'n kille cel zonder ramen," vertelt Edney. "Binnen zag ik een jonge gast die aan de vloer geketend was. Hij probeerde zichzelf warm te houden. Hij was blind aan één oog en zijn rechterarm was verlamd. Hij deed me denken aan een kaal vogeltje dat uit het nest is gevallen. Ik kan me de shock die door me heen ging nog goed herinneren. Ik was meteen verstijfd toen ik deze hopeloze jongen gadesloeg."

Omars proces sluimerde jaren voort als gevolg van constante bureaucratische beslommeringen en wetten die steeds aangepast werden. Mocht hij – zoals gepland – in 2010 terecht hebben gestaan, dan zou hij de eerste kindsoldaat zijn geweest sinds de Tweede Wereldoorlog. In plaats daarvan pleitte Omar dat hij schuldig was aan alle aanklachten, die hij voor een groot deel als gevolg van foltering had toegegeven. Op die manier voorkwam hij dat hij dieper wegzakte in een rechtssysteem dat er volgens hem op uit was om "gedetineerden te veroordelen, in plaats van de waarheid boven tafel te krijgen."

Omar is nu 28 jaar en zit 8 jaar cel uit in Canada. Hij onderhoudt zijn relatie met Xenakis, die hem nog steeds ondersteunt. "Als hij eenmaal vrij is zal hij voor enorme obstakels komen te staan die schuilgaan in de simpelste dingen," zegt Xenakis. "Hoe komt hij aan sociale vaardigheden buiten een gevangenisomgeving? Hoe gedraagt hij zich in een omgeving waarin hij opeens zijn eigen keuzes kan en mag maken? Het is een ijverige jongen, maar zijn persoonlijkheid wordt op los zand gebouwd. Ik houd mijn hart vast."

De meest basale dagelijkse taken zijn voor veel ex-gedetineerden haast onmogelijk. "Ze bellen me vaak voor heel simpele dingen," zegt Polly Rossdale van het Life After Gauntánamo-project dat via mensenrechtenorganisatie Reprieve is opgezet. "Ze zijn radeloos als ze contact opzoeken met me, en vragen advies over de simpelste dingen. Ze worden overrompeld door een paniekaanval in de supermarkt of weten niet meer hoe ze hun autogordel om moeten doen. Maar ze zitten ook met grotere problemen. Ze kunnen niet overweg met technologie en weten totaal niet hoe ze ooit een vrouw zullen gaan vinden."

Mohammed werd op zijn 23ste, na zeven jaar Guantánamo, overgeplaatst naar Tsjaad. Omdat zijn ouders daar vandaan kwamen was hij volgens de weten van dat land staatsburger, ook al was hij er nog nooit geweest. Zijn familie woonde in Saudi-Arabië en hij sprak noch Frans, noch de lokale taal van Tsjaad. "Je kunt je vast wel iets voorstellen wat het voor uitdagingen met zich meebrengt wanneer je in een van de armste landen van de wereld gedropt wordt," zegt Polly Rossdale, die nog regelmatig contact heeft met Mohammed. Uiteindelijk kreeg Mohammed alsnog geen Tsjaads' paspoort en moest hij weer van voor af aan beginnen.

De doorbraak kwam toen de rechter in 2009 besloot dat de beschuldigingen door de regering – dat hij meevocht in de slag om Tora Bora en op zijn elfde al gelieerd zou zijn aan Al-Qaida – mede tot stand gekomen waren door valse verklaringen van andere gevangenen. In feite was Mohammed naar Karachi in Pakistan gegaan voor computerlessen en om aan zijn Engels te werken; in Saudi-Arabië was dit bijna onmogelijk. De Pakistaanse politie viel de moskee binnen waar Mohamed in 2001 verbleef, arresteerde hem en leverde hem uit aan de VS. Aanvankelijk deed het Mohammed weinig: "Ik was er niet ongelukkig door," vertelt hij. "Ik had veel cowboyfilms gezien en dacht dat er goede mensen in Amerika woonden. Misschien kon ik wel verder studeren in de VS. Wist ik veel." 

Ik had veel cowboyfilms gezien en dacht dat er goede mensen in Amerika woonden.

Eenmaal in Guantánamo kreeg hij de volle laag van de racistische bewakers. Hij kampte met een ernstig slaaptekort, werd aan zijn polsen opgehangen en blootgesteld aan constante luide muziek en felle stroboscoopflitsen die zijn gezichtsvermogen tot op heden hebben aangetast. "Ik denk dat de psychologische folteringen nog een veel diepere impact gemaakt hebben dan de fysieke," zegt Rossdale. "Wanneer je de persoonlijke wil van een individu dusdanig naar de klote helpt, voelen ze zich machteloos en verward. Hij zal nooit meer een helemaal gezond zelfbeeld hebben." Mohammed heeft meerdere malen zelfmoord proberen te plegen. Hij probeerde zijn polsen open te halen aan een metalen deurframe en maakte een strop van zijn kleding. 

Sinds hij weer vrij is heeft Mohammed ook wat vertelt over wat hem wel op de been hield in Guantánamo. Hij en zijn celmaten leerden Engels door met zeep op de muren te kladden. Ze creëerden een piepklein tegengeluid door de bewakers te plagen met hun echte namen – gedetineerden hoorden deze niet te weten maar kwamen er vroeg of laat toch wel achter. Ze putten kracht uit de glimpen van de lucht of van voorbij rijdende auto's die ze via sleutelgaten, raampjes en kieren opvingen. "Het is belangrijk om de interacties tussen gevangenen op waarde te schatten. Ze putten hier enorm veel kracht uit, zelfs uit de meest simpele dingen." Mohammed is nu getrouwd en eerder dit jaar werd zijn tweede kindje geboren. Hij heeft het kind Shaker genoemd, naar Shaker Amper, zijn mentor in tijden van gevangenschap. Shaker zit nog steeds vast. "Shaker was een van de mannen die Mohammed onder zijn vleugel nam, omdat hij nog zo jong was," zegt Rossdale. "Dit is zijn manier om Shaker te bedanken."

Van alle 779 personen die vast hebben gezeten in Guantánamo zijn er uiteindelijk 600 vrijgelaten zonder ook maar een enkele aanklacht. Desondanks ligt er nog steeds een enorm stigma op oud-gedetineerden uit Guantánamo waardoor ze moeilijk een baan kunnen vinden, of geaccepteerd worden door gemeenschappen in het algemeen. "Mensen denken dat het allemaal oud-terroristen zijn. Dat ze een pensioen ontvangen van Al-Qaida nu ze hun duit in het zakje hebben gedaan," zegt Rossdale. "Al deze mensen worden over dezelfde, verkeerde kam geschoren. Er is bij de meesten nooit een rechtszaak geweest, dus er is ook nooit officieel onschuld bewezen. Dit is voor een heleboel mensen een reden om de ex-gedetineerden niet te accepteren. Er wordt niet gekeken naar hun eventuele onschuld voorafgaande aan de periode binnen de muren van Guantánamo. 

Iemand als Fahd behoort tot een van de meest ongelukkige Guantánamo-personen, voor zover je kunt spreken van deze groep. In 2007 weigerde de Bush-regering hem verlof, in 2009 verwierp Obama zijn aanvraag, en nu zweeft hij in een juridisch vacuüm als een van de laatste gedetineerde jongeren. Hij werd dit jaar dertig. Tijdens een verhoor in 2003 hoorde hij van zijn ondervragers dat ze hem "hongeriger, zieker en labieler dan ooit konden maken" vertelde hij aan zijn advocaat Farah. Fahd kan zich niet eens meer herinneren hoe veel van dergelijke ondervragingen hij heeft doorstaan.

Als tiener in Jemen trouwde Fahd met een meisje dat later het leven zou schenken aan hun dochter. Hij reisde na zijn eindexamen in augustus van 2001 naar Afghanistan. Hij werd gevangen gezet in Pakistan omdat hij het land ontvlucht zou zijn naar aanleiding van de bombardementen op Pakistan na 9/11. Er werd gesuggereerd dat hij onderdeel was van Bin Ladens inlichtingendienst. Regeringsdocumenten die later vrijgegeven werden door Wikileaks ontkrachtten dit.

Fahd Ghazy's familie komt bij elkaar voor het avondeten. De foto komt van The Center for Constitutional Rights.

Farah omschrijft Fahd als "intelligent en familie-minded." Dat hij zijn studiebeurs kwijt is speelt hem nog steeds parten. "Zijn familie heeft zo ontzettend veel concessies gedaan om hem te laten studeren," zegt Farah, die vorig jaar nog bij hem op bezoek ging. "Het idee was dat hij door zijn familie naar voren gekatapulteerd werd, zodat hij een baan kon krijgen die de rest van de familie uit het slob zou trekken."

Toen Fahd in 2007 hoorde dat hij misschien overgeplaatst zou worden, speelde het ouderschap al door zijn hoofd: zou hij wel een goede vader kunnen zijn? Het overplaatsingsverzoek was al ingediend, en hij was in afwachting van diplomatische goedkeuring. "Je zult wel begrijpen dat hij gek werd van ongeduld. Alleen een stempel op zijn document scheidde hem van het weerzien met zijn vrouw en jonge dochter," zegt Farah. "Voor zijn vrijlating trok hij meer met oudere gedetineerden op, zodat ze hem de fijne kneepjes van het ouderschap bij konden brengen. Uiteindelijk was het allemaal voor niets, zijn hoop spatte als een luchtbel uiteen. Het is bijna onmogelijk om te bevatten wat voor een achtbaan aan emoties het geweest moet zijn. In 2009 kreeg Fahd dezelfde valse hoop en lukte het dus weer niet om herenigd te worden met zijn familie en gezin. Sindsdien stort Fahd elke dag wel een paar keer in omdat hij zich langzaam maar zeker realiseert dat zijn leven een uitzichtloze, wrede grap is geworden."

87 van de 149 overgebleven gedetineerden komen uit Jemen, en in 58 gevallen wordt vrijlating nog steeds uitgesteld, tot op de dag van vandaag. Niet omdat ze een bedreiging voor de samenleving zouden vormen, maar omdat de diplomatieke onderhandelingen tussen de VS en Jemen op zijn zachtst gezegd nogal stroefjes verlopen. Fahd sloot zich vorig jaar nog aan bij de hongerstaking die opgezet werd onder de gevangenen omdat de bewakers oneerbiedig omgingen met de Koran.

In 2010 kon Fahd voor het eerst in acht jaar met zijn familie praten dankzij een videoverbinding die mogelijk was gemaakt door het Internationaal Comité van het Rode Kruis. "Dit verzacht de pijn aanzienlijk, maar eigenlijk is het veel te kort. Hij ziet een bekend gezicht voorbijflitsen, en dan is de volgende weer aan de beurt," zegt Farah. In plaats daarvan fantaseert Fahd oneindig vaak over een écht weerzien met zijn familie. "Ik droom vaak dat mijn moeder me in haar armen sluit. Ze huilt. Ik ook. Wanneer ben je klaar met zo een begroeting? Groet ik haar wel lang genoeg? Naar wie moet ik daarna gaan? Mijn moeder heeft er het meeste recht op, maar misschien dringen mijn vrouw en mijn dochter wel voor. Misschien stik ik wel omdat mijn hele familie me tegelijkertijd omarmt."

Bekijk de rest van de serie Behind the Bars: Guantánamo Bay'.

Meer VICE
VICE-kanalen