De ontruiming van het Bungehuis van binnenuit

Vanochtend werd het Bungehuis ontruimd. Ik was als enige van de pers de hele nacht binnen tot de ME binnenviel.

|
feb. 24 2015, 4:23pm

Vandaag is het Bungehuis in Amsterdam, dat sinds 9 februari bezet werd door een collectief dat zich De Nieuwe Universiteit noemt, ontruimd door de ME. Ik was – als enige van de pers – de hele nacht binnen, tot en met het moment dat de ME het gebouw binnenviel. Hier is een verslag van die laatste nacht.

Eerst even een beetje achtergrond. De bezetting was een reactie op de gepresenteerde toekomstplannen van de UvA, en had als inzet een universiteit die democratischer en autonomer is. Een universiteit die dus niet bestuurd wordt door (bedrijfs)mensen die van bovenaf worden aangesteld, en die niet de hele tijd voor iedere natte flatus verantwoording moet afleggen aan de politiek, wat betreft geld, cijfers en ~efficiëntie~. Lees hier het manifest.

De bezetting trok dagenlang veel aandacht van de pers en veel mensen, waaronder docenten, wetenschappers, de FNV, Freek de Jonge en de Centrale Ondernemersraad, verklaarden zich solidair.

Desondanks weigerde het College van Bestuur van de UvA met de bezetters te praten en spande een kort geding aan, dat werd gewonnen. Er moest duizend euro boete per dag worden betaald en het pand mocht worden ontruimd. Ook sloot de UvA de verwarming af, zodat iedereen in het Bungehuis het extra koud zou hebben.

Uiteindelijk was er zondag toch een knorrig gesprek tussen het CvB, de studenten en de burgemeester (die op een bank lag omdat hij zijn hoofd niet mocht bewegen vanwege een oogoperatie). De studenten eisten het aftreden van het CvB, het CvB kwam met een nogal slappe pik van een voorstel, namelijk een niet-bindende 'debatmarathon', en nauwelijks enige toezeggingen. Een volwassen overeenkomst zat er kortom niet in, en dus zou het geëmmer moeten worden opgelost met behulp van knuppels.

Via het raam was ik het bezette Bungehuis binnengeklommen. Ik trof een hoop gespannen hoofden aan. Dit is een foto van de laatste vergadering, op maandagavond, waarin wordt besproken wat er precies moet gebeuren als de politie binnenvalt en wie waar heen moet rennen. De sfeer is niet echt gezellig. Mensen lopen druk rond met walkietalkies en bedekte gezichten. Er wordt vooral gepraat over de slechtst denkbare scenario's, gevaren, politiegeweld en intimidatie.

Alle ingangen worden gebarricadeerd en mensen staan aan verschillende kanten op de uitkijk voor naderend onheil.

Het hele gebouw wordt volgestopt met valstrikken en grapjes voor de ME. Alles wordt vol ballonnen gepropt, de vier liften worden vastgezet op verdieping 1, 3, 1 en 2 (oftewel 'ACAB', de afkorting voor 'All Cats Are Beautiful') en de themesong van Alfred Jodocus Kwak wordt op repeat gezet gedurende de hele nacht. Door de constante dreiging van een naderend peloton briesende ME'ers heeft Herman van Veen zelden luguberder geklonken.

De ME mag ook eerst nog even koekhappen voor ze de bezetters naar buiten knuppelen.

Langzamerhand slaat de stemming een beetje om van lichtelijke paranoia naar 'hey als we er morgenochtend uit moeten is het nu dus strikt genomen gewoon bonte avond, let's party!'

Sommige mensen blijven de hele nacht op, anderen proberen een beetje te slapen. Het is niet echt lekker indutten met het idee dat je ieder moment wakker kan worden gemept door een horde ME'ers. Het gekke is dat naarmate de lange, saaie uren vorderen, je juist weer gaat hopen dat het allemaal ook weer niet voor niks is en dat je in godsnaam nou eindelijk eens wakker wordt gemept door een horde ME'ers.

Tegen negen uur is iedereen weer wakker. Er was uitgegaan van een inval rond zes of zeven uur, maar er is nog steeds geen agent te zien. "Gaan ze nog een keer komen of niet? Die gasten zijn nog onbetrouwbaarder dan medewerkers van UPC," zegt iemand.

"Misschien moeten we maar gewoon even 112 bellen en vragen of het er nog van gaat komen vandaag. Ik had bedacht om op het bureau even te kunnen douchen en deze schmink van mijn gezicht af te halen, maar dat gaat niet meer gebeuren denk ik."

Na elf dagen bezetten ziet iedereen erg op tegen nog een dag langer in het Bungehuis, maar dat zit er dik in. Om negen uur klinkt door de portofoons dat de kust officieel veilig is en dat er gewoon weer pers naar binnen mag worden gelaten.

Dan wordt er opeens ergens in het gebouw geschreeuwd, en wordt het brandalarm aangezet. Iedereen stormt richting de kantine.

Dit is de gekste extreem uitbundige vrolijkheid die ik ooit heb gezien, namelijk om het feit dat het hele gebouw omsingeld is en er binnen de kortste keren overal bewapende mannen van de brand- en traangaseenheid vandaan kunnen komen die iedereen arresteren en in de gevangenis stoppen. Toch voel ik deze opluchting en blijdschap totaal ook.

Hieperdepiep ME!

Iedereen verspreidt zich in groepen in het gebouw. Mensen haken met elkaar in, niet omdat Imca Marina een lied komt zingen maar omdat de popo zo komt binnenvallen. Het is stil en iedereen wacht af. Er klinkt gebeuk in de verte. In alle eerlijkheid: dit is een van de engste moment van mijn leven. Je weet dat je ieder moment gevonden gaat worden, mogelijk door een grote groep mannen die een stormram bij zich hebben en iedereen aansluitend meedogenloos in elkaar knuppelen. Na minuten die jaren lijken klinkt er: "POLITIE! POLITIE!"