Advertentie
geestelijke gezondheid

Waarom ADHD’ers zich zo eng goed kunnen concentreren

Wie in een hyperfocus terechtkomt, verliest compleet uit het oog wat er in zijn omgeving gebeurt.

door Terena Bell
19 december 2017, 9:00am

Via PeopleImages / Getty Images

Mary was in de zone. Ze was al de hele dag online en zo geconcentreerd opgegaan in haar computerscherm dat ze totaal niet doorhad dat haar huis in brand stond, totdat ze opeens door een brandweerman op haar schouders werd getikt, die haar vriendelijk verzocht of ze haar huis direct wilde verlaten.

Mary bestaat niet echt – dit is een bekend, ietwat extreem verhaaltje dat wij ADHD'ers elkaar weleens vertellen, om uit te leggen hoe het is om in een hyperfocus te raken. Dat is een mentale staat waarbij je je zo goed kunt concentreren op één specifieke taak, dat je je totaal niet meer bewust bent van wat er in je omgeving gebeurt.

Wat dat betreft is de naam ADHD wat ongelukkig gekozen, zegt Elaine Taylor-Klaus, medeoprichter van het platform ImpactADHD. Dat staat namelijk voor 'Attention Deficit Hyperactivity Disorder' – en aangezien dat tweede woord 'tekort' betekent, impliceert het dat iemand met ADHD zich niet goed kan concentreren. Terwijl dat tijdens een hyperfocus juist precies omgekeerd is. "We hebben een hekel aan die naam," zegt Taylor-Klaus dan ook.

Kimberly Gordon, psychiater aan het Sheppard Pratt Health System in het Amerikaanse Baltimore, omschrijft het symptoom als 'een intense, diepe concentratie op een specifieke taak.' "Wanneer mensen met ADHD zich hyperfocussen, blokkeren ze alles wat er om hen heen gebeurt. Dan raken ze helemaal ondergedompeld in hun opdracht, en zenden hun hersenen signalen uit van activiteit, plezier en betrokkenheid."

Hoe ADHD precies wordt veroorzaakt is niet helemaal duidelijk, maar over het algemeen wordt aangenomen dat het voortkomt uit een onderproductie van twee neurotransmitters in je brein – dopamine en noradrenaline. Neurotransmitters zijn het smeersel dat de tandwielen van je hersenen soepel laat draaien. De neurotransmitters dopamine en noradrenaline richten zich vooral op je concentratievermogen. Bij bepaalde stimulaties van de hersenen komt dopamine vrij. Daarom voeren mensen met ADHD graag taken uit die deze stimulatie veroorzaken, zoals het spelen van je favoriete spel of het lezen van een interessant boek. Aangezien het door deze dopamine ook makkelijker wordt om je op zo’n taak te concentreren, gaat alle aandacht volledig op aan deze taak.

"Wanneer je er goed gebruik van maakt, is zo'n hyperfocus een zegen," zegt Taylor-Klaus. "Denk aan chirurgen, artsen op de spoedeisende hulp, maar ook acteurs. Mijn dochter – die ADHD heeft – is een ongelooflijk getalenteerde actrice, wat denk ik te maken heeft met het feit dat ze de rest van de wereld kan uitschakelen, om vervolgens volledig op te gaan in het moment. Het is fantastisch om te zien."

"Wanneer je het kunt reguleren," voegt Gordon toe, "kan een hyperfocus in veel situaties een groot voordeel opleveren. Voor kunstenaars, computerprogrammeurs, piloten, ingenieurs, dokters bijvoorbeeld – de opties zijn eindeloos. Maar het is wel belangrijk dat je ADHD ondertussen behandelt."

Dat is inderdaad essentieel. Wanneer ADHD onbehandeld blijft, kan het je leven flink verzieken – en dan doel ik niet per se op dat je huis af en toe in de fik staat zonder dat je dat doorhebt. Tieners met ADHD hebben bijvoorbeeld 36 procent meer kans om een auto-ongeluk te veroorzaken, bleek uit een onderzoek, en volwassenen hebben een twee tot vier keer grotere kans om ontslagen te worden. Beide leeftijdsgroepen zijn bovendien vatbaarder voor alcohol- en drugsverslaving. Het aantal echtscheidingen onder stellen met ADHD is bijna twee keer zo groot, en tussen de 42 en 53 procent van alle gezinnen die onder de armoedegrens leven, hebben minstens één gezinslid met ADHD – wat bij de meer welvarende huishoudens op 33 procent ligt.

"ADHD is een medische aandoening, die zonder behandeling vervelende gevolgen kan hebben," zegt Gordon. "Maar dat betekent niet dat mensen met ADHD moeten denken dat er iets mis met hen is, of dat ze zich moeten laten afschrikken om zich te laten behandelen," gaat ze verder. In plaats daarvan zou je je bewust moeten zijn van je symptomen, een diagnose laten stellen en met je artsen afspreken hoe je hier het best mee om kunt gaan. "Bewustwording is het sleutelwoord," vult Taylor-Klaus aan. "Als je niet beseft dat hyperfocus een ding is, kun je het ook niet herkennen. Laat staan dat je weet hoe je ermee moet omgaan."

Maar wanneer zit iemand in een hyperfocus, en wanneer is iemand zich gewoon erg goed aan het concentreren? Kijk naar het verschil in regelmaat. Mensen zonder ADHD kunnen opletten op een constante basis. "Hyperfocus daarentegen, houdt in dat je je op de ene taak zoveel concentreert dat je de andere negeert, en daardoor meer energie verbruikt dan nodig is om tot een productief resultaat te komen," zegt Gordon. "Mensen met ADHD kunnen niet altijd zelf bepalen waar die hyperfocus zich op richt."

Er zijn dagen waarop ik vergeet te eten omdat ik zo geconcentreerd aan het schrijven ben. Dan zeg ik om elf uur ’s ochtends tegen mezelf dat ik even moet stoppen om te eten, maar vergeet ik dat, en denk ik er pas weer aan als het inmiddels buiten donker is.

Het verschil tussen mensen zonder ADHD en mensen die een hyperfocus hebben, is ook te zien aan de intentie. Mensen zonder ADHD die simpelweg helemaal opgaan in een bepaalde handeling, nemen zelf de beslissing om op een gegeven moment ook weer door te schakelen. Wij doen dat niet. Toen ik begin twintig was, kon ik ook weleens flauwvallen als ik niks had gegeten. Niemand doet dat vrijwillig, ook niet als je een extreme workaholic bent.

"Als we gemotiveerd zijn," zegt Taylor-Klaus, "kunnen we onze aandacht redelijk reguleren, maar als iets saai of niet relevant is, tja. Dan is het een ander verhaal."

Gordon wijst erop dat de gebrekkige aandacht die ADHD'ers kunnen hebben niet gelijk hoeft te betekenen dat ze minder inspanning verrichten. "Volwassenen met ADHD zijn gewend aan negatieve kritiek, zoals 'je bent niet gemotiveerd genoeg,' 'werk eens harder,' en 'je kunt niet altijd doen wat je leuk vindt'. "Al deze opmerkingen heb ik tijdens mijn jeugd weleens gehoord. En iedere keer dat ik er eentje hoorde, deed ik mijn uiterste best – maar dat was niet genoeg.

"Kinderen en volwassenen hebben niet altijd de kans om hun volledige potentieel te bereiken, of om te leren hoe ze zich kunnen aanpassen aan de werking van hun eigen brein," voegt ze toe. "In onze samenleving wordt daar weinig rekening mee gehouden. Ouders van kinderen met ADHD moeten zelf dus zowel creatief als realistisch zijn."

Tonic is de nieuwe site over gezondheid van VICE. Volg ons op Facebook