De stille tocht voor Chester Bennington leerde me omgaan met de dood van een idool
Alle foto's door de auteur.

De stille tocht voor Chester Bennington leerde me omgaan met de dood van een idool

In Utrecht liep ik mee met Linkin Park-fans die het overlijden van de zanger een plekje willen geven.
Wouter van Dijk
Amsterdam, NL
05 april 2018, 1:18pm

Deze week staat bij Noisey (bijna) volledig in het teken van fans. We zoeken de strijders op die fanclubs al jaren in stand houden, we spreken de sterren over hun omgang met cultische aanhangers, en bekijken ook de minder fraaie kanten van idolen aanbidden.

Een stille tocht met minder dan vijftig mensen is in essentie niets meer dan een hele ongezellige wandeling, denk ik lichtelijk ontmoedigd als ik klaar ben met koppen tellen, vlak voor ik begin aan de Nederlandse versie van Walk For Chester. We lopen hier ter nagedachtenis aan Chester Bennington, de leadzanger van Linkin Park. In m’n hand heb ik witte en roze heliumballonnen. Wit om het verdriet te omarmen en de dood te erkennen, roze omdat dit de favoriete kleur van Bennington was.

Het is inmiddels maanden geleden dat hij de beslissing nam om zijn eigen leven te beëindigen. Zijn geboortedag – 20 maart zou hij 42 zijn geworden – en het willen creëren van bewustzijn rondom psychische problemen, zijn genoeg reden om een handjevol mensen op de been te brengen. Samen lopen we ter ere van zijn leven een stille tocht van anderhalf uur door het centrum van Utrecht. Althans, dat was het oorspronkelijke idee. In realiteit zal de wandeling ongeveer 50 minuten duren, en wordt er gepraat over hoe koud het is en, nou ja, vooral over hoe koud het is.

Met die kou en het naderende moment waarop ik straks met een groep wildvreemden over intieme onderwerpen als de dood en verdriet moet praten, wil ik bijna omkeren en de warmte van een trein opzoeken. Vooral wanneer ik iets voor de afgesproken tijd een zo goed als verlaten Domplein aantref. Naast mij scharrelt een andere man rond, en als hij me aanspreekt zegt hij dat hij Faizal heet en bij de organisatie hoort. Had ik kunnen weten als ik uit m’n doppen had gekeken en het enorme Linkin Park-logo op z’n jas had gezien.

Hij is met een kofferbak vol paraplu’s helemaal uit Rotterdam gekomen vandaag, verre van onvoorbereid. Sterker nog: hij vertelt me dat hij de week ervoor de tocht al eens heeft gelopen. Waar hij op heeft gelet? Dat een straat niet doodloopt, bijvoorbeeld. Of dat er niet opeens een trottoir wegvalt door een plotselinge verbouwing. “Ah ja, verbouwen. Daar houden ze wel van in Utrecht,” mompel ik, simpelweg om uit spanning maar iets te zeggen, terwijl ik hem volg naar een café om de hoek, waar de rest van de groep aan de koffie zit te wachten tot we vertrekken. Ik blijk een van de laatsten, en na een mislukte poging om via een live-verbinding contact te leggen met de Walk for Chester in Engeland – het plan was om precies tegelijk de pas in te zetten – beginnen we te lopen.

Van een echte 'tocht' kunnen we met veertien mensen niet spreken, maar dat betekent niet dat er geen tijd is om even goed na te denken over het leven, en daarmee onvermijdelijk de dood. Een van m’n favoriete kenmerken van jonge mensen is dat ze slechts bij uitzondering sterven. Dat is topnieuws voor iedereen, maar voor mij in het bijzonder. Ik ben zelf namelijk nog aanzienlijke tijd jong, en hetzelfde geldt voor het gros van de mensen van wie ik houd en de meeste muzikanten naar wie ik dagelijks luister. Dat laatste stelt me vrijwel altijd in de gelegenheid om semi-verveeld m’n schouders op te halen of wat empathie te veinzen als er iemand als David Bowie of Prodigy het loodje legt.

Ik merk dat ik schrik van die laatste realisatie, terwijl een van de mensen uit het wandelgezelschap aanbiedt om alle ballonnen die ik in m’n handen heb voor het gemak aan mijn rugzak vast te binden. Het is prima voor te stellen dat het een vervelende, emotioneel ingewikkelde en zeer persoonlijke klap in je gezicht kan zijn als jouw favoriete artiest onverwacht komt te overlijden. Iedere collega of buurvrouw heeft een scala aan bemoedigende woorden voor je klaarliggen als de zeventienjarige Border Collie van je moeder na een leven lang ravotten voorgoed omvalt, maar omdat de relatie met een wereldster voor buitenstaanders behoorlijk abstract kan zijn, is het moeilijk om daarmee om te gaan. Het is je eigen probleem. Los het maar op.

Ook ik ga vroeg of laat moeten dealen met de dood van een rapper die in mijn ogen onsterfelijk lijkt. Omdat bij de gedachte aan een promethazine-overdosis van Future de tranen me spontaan in de ogen springen, kan ik me maar beter proactief voorbereiden op het onoverkomelijke. Op zoek gaan naar oplossingen voor een nog niet bestaand probleem. De mentale, vierlaagse tissues uit voorzorg alvast klaarleggen. Lotgenoten opzoeken om met hen mijn nog niet gevallen tranen preventief te drogen.

Een van deze personen is Raissa Walberg, een van de initiatiefnemers van de Walk for Chester en een van de wereldwijde ambassadeurs van Linkin Park. Een behoorlijk gewichtige functie: zij vertegenwoordigt de band richting Nederlandse fans. Bij goed nieuws, maar ook bij slecht nieuws. “Natuurlijk lees je op sites en social media dat er iets gebeurd is, maar ik wilde wachten op bevestiging vanuit Linkin Park zelf,” vertelt ze me over de eerste dagen nadat ze het nieuws hoorde. “Want ik dacht: nee, nee, nee! Het kan gewoon niet, snap je? En ik moest ook nog eens mijn koffer pakken voor een vakantie in Praag. Je moet ook door, en weggaan is ook goed. Ik wilde daarheen, mede omdat de video’s voor Numb en From The Inside daar zijn opgenomen. Stond ik daar, op een plek waar zij ook hebben gestaan, maar wel met een knagend gevoel: de zanger is er niet meer.”

Raissa

Dat Raissa direct in een fase van ontkenning schoot toen de dood van Chester werd bevestigd, verbaast me niet. In iedere rouwverwerkingsbrochure en op elke zelfhulpwebsite die ik voor aanvang heb doorgelezen, staat dat ontkenning de eerste stap is in een rouwproces. Een andere jongen die ik spreek in de optocht vertelt me ter hoogte van de Vismarkt dat hij het nieuws hoorde terwijl hij met vrienden in een restaurant zat, om vervolgens op te staan, weg te gaan en drie dagen nauwelijks meer te eten en niet buiten te komen. Waarschijnlijk om maar niet geconfronteerd te hoeven worden met de werkelijkheid.

Door de heftigheid van de verhalen om me heen vraag ik me af in hoeverre de dood van je idool te vergelijken is met het overlijden van een familielid. Ouders, broers, zussen? Lijkt me niet. Maar ik kan uit m’n hoofd zeker vijftig artiesten opnoemen wiens stem ik vaker hoor dan die van m’n ooms en tantes. “Het is niet te vergelijken,” zegt Faizal tegen me als ik aan hem vraag hoe hij hierover denkt. “Je familie kies je niet, snap je? Van een artiest hoor je iets, en op dat moment kies je ervoor om er nog eens naar te luisteren. En daarna kies je ervoor om je te verdiepen in de teksten, en ze eens live te zien. Zo werkt het niet met familie.”

Terwijl hij dat zegt besef ik me dat ik het doel van de dag een beetje uit het oog ben verloren. Verdriet is niet iets om te duiden, en zeker niet iets om te wegen. Het is iets om mee om te gaan. “Inmiddels functioneer ik wel gewoon weer, hoor. En juist opnieuw naar zijn muziek luisteren was voor mij belangrijk. Natuurlijk heb ik nog momenten dat ik heel verdrietig ben als ik het hoor, maar het lukt me – net als eerst – ook om er blij van te worden,” legt Raissa uit. “Dat is heel waardevol voor mij. Ik wilde een tijdje ook niet naar andere concerten van andere bands, maar toen ik uiteindelijk naar de Melkweg en de Ziggo Dome ging – de plekken waar ik Linkin Park heb gezien – dacht ik: ja, nieuwe herinneringen maken is ook belangrijk.”

Raissa vertelt dat het vooral helpt om te blijven praten. “Met andere fans, maar ook zeker met de mensen die dichtbij jou staan – ook als ze je verdriet niet goed begrijpen. Want als jij uitlegt waarom je steun nodig hebt, snappen zij het beter, maar jij zelf ook. Maar wees ook open tegen je collega’s als je moet werken. Zet geen masker op, want op die manier krop je je verdriet alleen maar op, en dat is nooit een oplossing. En ja: accepteer je verdriet. Accepteer dat je even niet de beste versie van jezelf bent,” vervolgt ze.

Als Raissa dit vertelt denk ik aan wat het betekent om fan te zijn. Misschien is de liefde voor de verafgoding groter dan de liefde voor het idool zelf. In dat geval kun je het verlies opvangen door op zoek te gaan naar een nieuw persoon waarop deze verlangens geprojecteerd kunnen worden. Dat lijkt haar onwaarschijnlijk. “Ik ben fan van andere bands en artiesten, maar nooit op een manier die te vergelijken is met Linkin Park. En dat gaat ook nooit gebeuren. Hopelijk is dat ook niet nodig, want de andere bandleden hebben gezegd dat ze hoe dan ook gaan kijken hoe ze met z’n allen muziek kunnen maken. Bovendien is de rapper nu ook bezig met een soloproject, dus daar kan ik ook lekker op fangirlen”.

Als de wandeling ons, zoals Faizal perfect heeft uitgestippeld, weer terugbrengt op het Domplein, wordt er opnieuw geprobeerd contact te leggen met Engeland. Deze keer met succes. We doen alsof we opnieuw vertrekken, staken die waanzin zodra de verbinding verbroken wordt, en komen dan nog een keer samen om de ballonnen die we hebben meegezeuld los te laten. “Binnen een paar dagen worden ze volledig door de natuur afgebroken,” drukt Faizal ons op het hart.

“I think he’d be smiling if he could see this,” is het algemene geluid in de groep. Lachen vanuit leedvermaak van het sympathieke soort – zo’n kleine groep met toegewijde mensen heeft iets tragikomisch – maar ook uit een gevoel van trots. Als fan vol verdriet kun je emoties opkroppen, weglachen of bestempelen als irrelevant of onterecht. Maar je kunt ook samenkomen en delen wat je voelt.